Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

ECLI:NL:RBZWB:2023:6809

2023-10-24 Bestuursrecht; Belastingrecht 22/3603
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Uitspraakdatum
2023-10-24
Publicatiedatum
2023-10-03
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
22/3603
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | V-N Vandaag 2023/2592 | NLF 2023/2536 | NDFR Nieuws 2023/1656 | Belastingadvies 2023/24.6 | NTFR 2023/2138 met annotatie van Mr. V.S. Huygen van Dyck-Jagersma

Inhoudsindicatie

Ontvankelijkheid beroep ontbonden rechtspersoon

Citeert (2)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (4.389 tekens)
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT


Zittingsplaats Breda


Belastingrecht


zaaknummer: BRE 22/3603


uitspraak van de enkelvoudige kamer van 24 oktober 2023 in de zaak tussen



[belanghebbende] BV, voorheen gevestigd in [plaats], belanghebbende,
(gemachtigde: mr. M.C.J. Schoenmakers),


en




de inspecteur van de belastingdienst, de inspecteur.




Inleiding


1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 22 juni 2022.



1.1.
De inspecteur heeft aan belanghebbende voor het tijdvak 1 november 2015 tot en met 31 december 2016 een aanslag in de vennootschapsbelasting (Vpb) opgelegd naar een belastbaar bedrag van € 50.000.



1.2.
Gelijktijdig met de vaststelling van de aanslag heeft de inspecteur belanghebbende een verzuimboete van € 2.639 opgelegd.



1.3.
De inspecteur heeft het bezwaar van belanghebbende tegen de aanslag ongegrond en het bezwaar tegen de boete gegrond verklaard. Hij heeft de aanslag gehandhaafd en de verzuimboete verminderd naar € 500.



1.4.
De rechtbank heeft het beroep op 12 september 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van belanghebbende en namens de inspecteur: mr. drs. [inspecteur 1] en mr. [inspecteur 2].





Feiten


2. Belanghebbende heeft een uittreksel uit het Handelsregister overlegd. Hieruit blijkt dat zij op 31 december 2016 is opgehouden te bestaan wegens gebrek aan baten.





Beoordeling door de rechtbank


3. De rechtbank beoordeelt eerst of het beroep ontvankelijk is. Belanghebbende is door haar ontbinding opgehouden te bestaan op grond van artikel 2:19, eerste en vierde lid, van het Burgerlijk Wetboek (BW). Van een verzoek tot heropening van de vereffening is niet gebleken, ook niet met het oog op deze procedure, zodat belanghebbende niet is herleefd op grond van artikel 2:23c, eerste lid, van het BW. Bovendien is niet gebleken dat er een bate bestaat die aan de ontbonden rechtspersoon toekomt, welke aanleiding zou kunnen zijn om de vereffening te heropenen. In dat geval staat vast dat de rechtspersoon ten name van wie de aanslag is vastgesteld, de aanslag niet zal betwisten en evenmin zal betalen. De rechtbank concludeert op grond van het voorgaande dat het procesbelang aan het beroep is komen te ontvallen door de ontbinding van belanghebbende. Daarom zal het beroep niet-ontvankelijk worden verklaard.





Conclusie en gevolgen


4. Het beroep is niet-ontvankelijk. De rechtbank beoordeelt de zaak daarom niet inhoudelijk. Belanghebbende krijgt het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.





Beslissing


De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.





Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. M.M. de Werd, rechter, in aanwezigheid van mr. F.A.J.M. Wouters, griffier, op 24 oktober 2023 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl..














griffier


rechter








Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:






Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.


Digitaal beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch (belastingkamer), Postbus 70583, 5201 CZ 's-Hertogenbosch.



Vgl. Hoge Raad, 18 december 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ4910.


Vgl. Hoge Raad, 12 mei 2017, ECLI:NL:HR:2017:844.