Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Rotterdam

ECLI:NL:RBROT:2026:7409

2026-06-12 Civiel recht; Verbintenissenrecht 11728465 CV EXPL 25-12956
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Uitspraakdatum
2026-06-12
Publicatiedatum
2026-06-25
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
11728465 CV EXPL 25-12956
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Energielevering, betalingsachterstand, vrijwaring

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (5.992 tekens)
RECHTBANK ROTTERDAM


locatie Rotterdam



zaaknummer: 11728465 CV EXPL 25-12956



datum uitspraak: 12 juni 2026




Vonnis van de kantonrechter




in de zaak van




Settel Housing B.V.,
vestigingsplaats: Rotterdam,
eiseres,
gemachtigde: mr. W.J.J. Lamers,



tegen




Nadia Beheer B.V.,
vestigingsplaats: Leiden,
gedaagde,
die niet is verschenen.



De partijen worden hierna ‘Settel’ en ‘Nadia’ genoemd.





1De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de dagvaarding van 27 mei 2025, met bijlagen.



1.2.
Op 2 juni 2026 heeft een mondelinge behandeling plaatsgevonden. Tijdens die zitting is het geschil tussen Eneco Zakelijk (hierna: ‘Eneco’) en Settel besproken. Die procedure is bij deze rechtbank bekend onder zaaknummer 11473542 CV EXPL 25-130 en zal hierna verder ‘de hoofdzaak’ worden genoemd. Op diezelfde zitting is ook het onderhavige geschil tussen Settel en Nadia besproken. Namens Settel was aanwezig [naam], die werd bijgestaan door mr. W.J.J. Lamers. Al eerder op de zitting van 3 juni 2025 waarvoor Nadia is gedagvaard, is zij niet verschenen, maar ook op de zitting van 2 juni 2026, waar Nadia in verband met de samenhang met de hoofdzaak toch voor was uitgenodigd, is namens Nadia niemand verschenen.





2De beoordeling



Wat is de kern van de zaak?




2.1.
Tussen Eneco en Settel heeft vanaf 25 januari 2023 een overeenkomst bestaan voor de levering van elektriciteit en gas op het adres [adres 1]. Deze overeenkomst is per 15 augustus 2023 beëindigd. Volgens Eneco heeft Settel niet alle facturen (waaronder de eindafrekening) betaald. Daarom heeft Eneco in de hoofdzaak van Settel geëist dat Settel die achterstand, met rente en buitengerechtelijke incassokosten, aan haar betaalt.



2.2.
Settel betwist niet dat zij de overeenkomst met Eneco heeft gesloten. Zij voert alleen aan dat het de bedoeling was dat zij voor haar klant, Nadia, het beheer zou verzorgen van het kantoorpand aan de [adres 2] en [adres 1] en Settel daarom voor en in opdracht van Nadia de overeenkomst met Eneco heeft gesloten. Settel vindt daarom dat de kosten van energielevering voor rekening van Nadia moeten komen en heeft Nadia in vrijwaring opgeroepen. Settel eist dat Nadia wordt veroordeeld tot vergoeding aan Settel van alle nadelige gevolgen van een veroordeling van Settel in de hoofdzaak.



2.3.

Tijdens de zitting van 2 juni 2026 hebben Eneco en Settel in de hoofdzaak een schikking getroffen, die – kort samengevat – inhoudt dat Settel in totaal een bedrag van
€ 8.500,- aan Eneco betaalt. Deze schikking is vastgelegd in het proces-verbaal van de zitting, waarna de hoofdzaak tot een einde is gekomen. Gelet op de getroffen schikking in de hoofdzaak heeft Settel haar eis in de vrijwaringszaak verminderd, in die zin dat – in plaats van een veroordeling van Nadia tot vergoeding van alle nadelige gevolgen van een veroordeling van Settel in de hoofdzaak – betaling door Nadia van een bedrag van
€ 8.500,- wordt gevorderd, met de proceskosten in deze vrijwaringszaak.




Tegen Nadia wordt verstek verleend





2.4.
Nadia is niet in de procedure verschenen. Bij het uitbrengen van de dagvaarding zijn alle wettelijke termijnen en formaliteiten in acht genomen, zodat tegen Nadia verstek wordt verleend.



De eis van Settel wordt toegewezen





2.5.
De kantonrechter wijst eis van Settel toe, omdat die niet onrechtmatig of ongegrond lijkt (artikel 139 Rv).



2.6.
Uit de stellingen van Settel, de overgelegde stukken (met name de gevoerde e-mailcorrespondentie) en de toelichting van Settel ter zitting is voldoende gebleken dat Settel de overeenkomst met Eneco heeft gesloten in opdracht van of in ieder geval namens Nadia. Daarmee is voldoende komen vast te staan dat er tussen Settel en Nadia een rechtsverhouding bestaat die Nadia verplicht Settel te vrijwaren van al hetgeen Settel in de hoofdzaak aan Eneco moet betalen.



2.7.
Het bovenstaande betekent dat Nadia wordt veroordeeld een bedrag van € 8.500,- aan Settel te betalen.



Nadia moet ook de proceskosten betalen





2.8.

De proceskosten komen voor rekening van Nadia, omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begroot de kosten die Nadia aan Settel moet betalen op € 122,35 aan dagvaardingskosten, € 135,- aan griffierecht, € 144,- aan salaris voor de gemachtigde
(1 punt) en € 72,- aan nakosten. Dat is in totaal € 473,35. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.




Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad





2.9.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.







3De beslissing
De kantonrechter:


3.1.
veroordeelt Nadia om aan Settel te betalen € 8.500,-;



3.2.
veroordeelt Nadia in de proceskosten, die aan de kant van Settel worden begroot op € 473,35;



3.3.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.


Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. M.C. van der Kolk en in het openbaar uitgesproken.
44487