Rechtbank Rotterdam
ECLI:NL:RBROT:2026:12482
Inhoudsindicatie
Bijlbouw, een gevelbouwer, sluit een overeenkomst met Niemann, een onderneming die zich specialiseert in de tussenhandel van aluminium halffabricaten, voor het laten produceren en leveren van geanodiseerde aluminium kamprofielen voor de aluminium gevelbedekking van het Octagon vastgoedcomplex in Leiden. (Anodiseren is een elektrochemische behandeling waarbij metalen zoals aluminium worden voorzien van een oxidelaag.) Het geschil in deze zaak betreft in de kern de vraag of, zoals Bijlbouw stelt en Niemann betwist, partijen zijn overeengekomen dat de profielen zouden voldoen aan de zgn. Qualanod-eisen. De rechtbank oordeelt dat dat niet het geval is. De vorderingen van Niemann in conventie tot veroordeling van Bijlbouw tot betaling van de facturen worden toegewezen en de vorderingen van Bijlbouw in reconventie, die gebaseerd zijn op toerekenbare tekortkoming van Niemann, worden afgewezen. Het opschortingsverweer van Bijlbouw, net zoals haar verrekeningsverweer, faalt. HR 19 november 1988, ECLI:NL:HR1988:AD0206 (Droog/Bekaert)) en HR 5 december 1997, ECLI:NL:HR:1997: ZC2519, NJ 1998/169 (Kloth/Stripac)).
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (53.925 tekens)
Civiel recht
Zittingsplaats Rotterdam
Zaaknummer: C/10/689998 / HA ZA 24-1050
Vonnis van 23 september 2026
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
MANFRED J.C. NIEMANN NEDERLAND B.V.,
te Amersfoort,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: Niemann,
advocaat: mr. D. Engelen,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BIJLBOUW B.V.,
te Alblasserdam,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: Bijlbouw,
advocaat: mr. D.G. Rosenquist-Mulders.
1De zaak in het kort
2De procedure
2.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 19 november 2024, met producties 1 tot en met 21;
- de incidentele vordering ex art. 843a Rv, tevens houdende conclusie van antwoord, tevens houdende eis in reconventie, met producties 1 tot en met 31;
- de overige stukken in het incident;
- de oproepingsbrief van 14 augustus 2025;
- de conclusie van antwoord in reconventie, met producties 22 en 23;
- de mondelinge behandeling van 15 december 2025;
- de spreekaantekeningen van Niemann;
- de spreekaantekeningen van Bijlbouw.
2.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
3De feiten
3.1.
Niemann, met als handelsnaam Niemet, is een onderneming die zich specialiseert in de tussenhandel van aluminium halffabricaten voor met name de auto-industrie, gevelbouw en scheepvaart.
3.2.
Bijlbouw is gevelbouwer en houdt zich als zodanig bezig met onder meer de bekleding en visuele vormgeving van gevels voor diverse vastgoedprojecten.
3.3.
Niemann en Bijlbouw werken al 25 jaar met elkaar samen, waarbij Niemann aluminium halffabricaten levert aan Bijlbouw.
3.4.
Niemann en Bijlbouw hebben ook samengewerkt aan het project met de naam ‘Octagon’. Het Octagon-project betreft de ontwikkeling van een vastgoedcomplex in de binnenstad van Leiden. Het aannemingsbedrijf J.P. van Eesteren (hierna: Van Eesteren) is de hoofdaannemer van dit project. Bijlbouw heeft van Van Eesteren de opdracht gekregen voor de gevelbekleding van het complex. De buitenkant van de twee torens daarvan bestaat uit aluminium gevelbedekking.
3.5.
In de periode van (omstreeks) 20 september - 9 november 2022 is er onderhandeld door partijen over een overeenkomst voor het laten produceren en leveren door Niemann van geanodiseerde aluminium kamprofielen voor de aluminium gevelbedekking van het Octagon vastgoedcomplex (hierna: de profielen). Niemann had nooit eerder geanodiseerd aluminium aan Bijlbouw geleverd. Bijlbouw liet eerder namelijk de aluminium halffabricaten die Niemann leverde separaat anodiseren door een ander bedrijf, in het bijzonder door Alumet. Alumet is een Qualanod-gecertificeerd bedrijf. Anodiseren is een elektrochemische behandeling waarbij metalen zoals aluminium worden voorzien van een oxidelaag. Anodiseren wordt toegepast om corrosievorming tegen te gaan.
3.6.
[persoon A] van Bijlbouw ([functie]) enerzijds en [persoon B] en [persoon C] van Niemann anderzijds hebben in voormelde periode e-mailberichten uitgewisseld over zaken als de maatvoering, de technische specificaties, de benodigde dikte in verband met stabiliteit, de toleranties, de certificaten, de spuitmallen en of die van Bijlbouw werden, wat de meest geschikte legering zou zijn, wanneer het werk zou starten (februari 2023), de prijs, hoeveel deelleveringen zouden plaatsvinden etc.
3.6.1.
Op 11 oktober 2022 vraagt [persoon A] : “Graag willen we weten waar er geanodiseerd gaat worden en mogelijk heb je een productblad oid hiervan”. Het antwoord van [persoon C] is: “Turkije, productblad anodiseren 25 mu volgt.”
3.6.2.
Op 17 oktober 2022 vraagt [persoon C] aan [persoon A] vanwege een nieuw te geven prijsvoorstel: “Kun jij voor de garantie zo gedetailleerd als mogelijk aangeven wat de precieze toepassing zal zijn? Geef tevens s.v.p. nogmaals de vereisten aan”. [persoon A] antwoordt: “Toepassing is eind afwerking woningbouw vanaf 12 mtr tot 33 mtr hoogte. Bijgaande ook enkele details en gebouw. Ook in de bijlage nogmaals de uitgangspunten welke eerder met je gedeeld zijn.”
3.6.3.
Op 19 oktober 2022 stuurt [persoon C] informatie aan [persoon A] over het proces van anodiseren dat (direct in de Turkse fabriek) zal worden toegepast en deelt mee: “Jullie ontvangen van ons een schrijven van de fabriek die garantie afgeeft voor minimaal 10 jaar houdbaarheid.” In reactie op die procesinformatie en op de mededeling over de garantie voegt [persoon A] in rode tekst in deze zelfde mail toe: “25 mu alubrons E6/C31 volgens qualinod” en “Alumet geeft standaard 20 jaar volledige garantie bij qualinod, waarom is dit bij jullie niet het geval?”
3.6.4.
[persoon C] en [persoon A] hebben daarop telefonisch contact en [persoon C] deelt dan uitdrukkelijk mee dat de Turkse fabriek niet Qualanod-gecertificeerd is. Ook deelt [persoon C] mee dat Niemann (mede daarom) normaal gesproken tien jaar garantie afgeeft maar dat twintig jaar ook mogelijk moet zijn.
3.6.5.
Op 26 oktober 2022 bevestigt [persoon C] : “Anodiseren 25 mu alubrons E6/C31 met 20 jaar garantie;10 jaar garantie is gevraagd, maar 20 jaar is ook geen probleem; Jullie ontvangen een garantiecertificaat hiervan vergelijkbaar aan het gestuurde voorbeeld.”
Het voorbeeld dat Niemann van Bijlbouw toegestuurd had gekregen betrof de garantie die Alumet standaard verstrekte.
3.6.6.
Op 8 november 2022 stuurt [persoon C] een gedetailleerde laatste bevestiging van wat Niemann offreert op basis van de laatste wijziging van de kant van Bijlbouw.
De term Qualanod wordt daarin niet gebezigd.
3.6.7.
Op 10 november 2022 bevestigt Bijlbouw per e-mail, met bijgevoegd haar bestelformulier, “Hierbij onze bestelling voor: kamprofiel incl. transport en anodiseren.
(…)
Kleur lichtbronze; E6-alubronse C31-A25 volgens qualinot buiten toepassing”.
3.7.
Hiermee is op 10 november 2022 de zogenoemde Octagon Overeenkomst tot stand gekomen tussen partijen die in ieder geval inhoudt dat Niemann 1.000 geanodiseerde aluminium kamprofielen in de kleur lichtbrons, voor toepassing buiten, aan Bijlbouw levert voor € 172.000 excl. btw.
3.8.
De Turkse fabriek die de aluminium profielen in opdracht van Niemann produceert is P.M.S. Metal Profil Alüminyum San.Ve T|C.A.S (hierna: PMS).
3.9.
In verband met de door Bijlbouw verlangde garantietermijn van twintig jaar heeft PMS op enkele door haar geproduceerde proefprofielen een test laten uitvoeren waarmee de kwaliteit en levensduur van de proefprofielen (hierna: de proefprofielen) kon worden bevestigd. Deze test, een mass loss test, is uitgevoerd op 17 maart 2023. Een mass loss test is kortweg een meting die bepaalt hoeveel massa een materiaal verliest onder specifieke omstandigheden gedurende bepaalde tijd.
3.10.
Nadat Niemann eerst op 28 februari 2023 een conceptgarantie had gedeeld met Bijlbouw, die beperkt is aangepast op verzoek van Bijlbouw, is op 17 mei 2023 een nieuwe garantie gestuurd. Na telefonisch contact daarover, heeft Niemann op 12 juni 2023 het definitieve garantiecertificaat naar Bijlbouw gestuurd, samen met een stuk met daarin het resultaat van bovengenoemde door PMS uitgevoerde mass loss test van de proefprofielen. Deze garantie is feitelijk een kopie van de Alumet-garantie die Bijlbouw op verzoek van Niemann aan Niemann als voorbeeld had verstrekt, met dien verstande dat het woord “Qualanod” er niet in voorkomt. In het definitieve garantiecertificaat garandeert Niemann dat wordt voldaan aan de met Bijlbouw overeengekomen eisen:
“Manfred J. C. Niemann Nederland B.V. hereby declares that the E6/C31 Anodising 25 My applied on the BB25.25-125 Kampprofiel meets the agreed requirements (tested with Mass Loss (Acid dissolution) test; BS EN ISO 3210) which Bijlbouw B.V. and M.J.C. Niemann Nederland B.V. have agreed in writing. This means that the anodized parts will be free from corrosion and will not show cracks, bubbles or filiform corrosion. Corrosion on unprotected and untreated cuts will not affect adjacent anodising layers. The natural and electrolytically colored parts will also not be subject to discoloration under the influence of sunlight. If there are defects in the anodising layer applied by Manfred J. C. Niemann Nederland B.V.; they occur within the agreed warranty period and it is demonstrated by Bijlbouw B.V. that these defects are the result of a failure by Manfred J.C. Niemann Nederland B.V. in the well-executed order specification, Manfred J.C. Niemann Nederland B.V. will repair the defects in question (or have them repaired) at its expense.”
3.11.
De levering van de profielen heeft in vijf achtereenvolgende gedeeltes plaatsgevonden. Het eerste gedeelte is geleverd op 9 mei 2023, het tweede gedeelte op 13 juni 2023, het derde gedeelte op 3 augustus 2023, het vierde gedeelte op 31 augustus 2023 en het laatste gedeelte op 28 september 2023.
3.12.
In juli 2023 is Bijlbouw aangevangen met monteren van de profielen. Op 23 november 2023 waren nagenoeg alle profielen gemonteerd op de woontorens.
3.13.
Naar aanleiding van een discussie over de plus- en min-waardes (die het maximale kleurverschil aangeven) en strepen die op de profielen zichtbaar zouden zijn, heeft Bijlbouw gevraagd om de aanwezigheid van een vertegenwoordiger van Niemann tijdens een bezichtiging van het project door de architect, aan welk verzoek Niemann heeft voldaan. Niemann heeft hierop ook nieuwe plus- en min-monsters verstrekt. Na het bezoek van de opdrachtgever en de architect aan de locatie, waar op dat moment de eerste profielen gemonteerd waren, werd vastgesteld dat weliswaar sprake was van een (iets) andere kleur, maar was men toch tevreden met het resultaat. Voorwaarde was wel dat de kleur van de profielen zou blijven binnen de plus- en min-waardes van de (nieuw) afgegeven monsters.
Ten tijde van de bezichtiging heeft de opdrachtgever van Bijlbouw aan Bijlbouw gevraagd te bevestigen dat de profielen voldeden aan de Qualanod-eisen, waarop Bijlbouw deze vermelding in het door Niemann verstrekte garantiecertificaat opgenomen wilde zien. Bijlbouw had daarom niet eerder gevraagd.
3.14.
In reactie op dat verzoek stuurt Niemann per e-mail van 11 juli 2023 opnieuw een testrapport aan Bijlbouw en vermeldt daarbij: “Deze test is gedaan door de fabriek om de 20 jaar te garanderen. Het productieproces is ter info en kan niet van zichzelf volgens Qualanod genoemd worden omdat het productieproces niet door Oualanod gecertificeerd is,” Op 12 juli 2023 stuurt Niemann per e-mail: “Nog even wat background info. Maar vergeet niet, dat onze fabriek niet Qualanod gecertificeerd is. (…) De mass loss test is een ‘eis’ bij Qualanod. Desondanks stuur ik zo nog even een mail naar de fabriek of zij wellicht ook andere testen hebben gedaan (…) en zal jullie over de uitkomst informeren. (…) Zodra ik nog een terugkoppeling heb van de fabriek inzake de thickness test en of de dye spot test is uitgevoerd, horen jullie. Veel meer munitie kan ik niet meegeven.”
3.14.
Bijlbouw ontving vervolgens de derde zending van de profielen van 3 augustus 2023, de vierde zending van 31 augustus 2023 en de laatste zending op 28 september 2023, en heeft deze zendingen in ontvangst genomen, geïnspecteerd en aanvaard en is doorgegaan met het monteren van de geleverde profielen op het bouwwerk, maar heeft in de tussentijd wel de heer [persoon D] (hierna: [persoon D] ) geraadpleegd over de kwaliteit van de anodisering van de profielen. [persoon D] is een civiel ingenieur met expertise op het gebied van onder meer gevel-engineering, met specifieke kennis over kwaliteit en duurzaamheid van gevels.
3.15.
Bijlbouw heeft de laatste factuur van Niemann betreffende het Octagon-project, van 29 september 2023, ten bedrage van € 52.044,64 (incl. BTW) en met als nummer [factuurnummer] ), onbetaald gelaten. Bijlbouw weigert tot betaling over te gaan, omdat – kort samengevat – de geleverde materialen niet aan de uitgangspunten van de opdracht zouden voldoen.
3.16.
Per e-mail van 23 november 2023 schrijft Bijlbouw aan Niemann onder andere: “Sinds afgelopen zomer hebben wij jullie gevraagd aan te tonen dat de profielen aan de Qualanod specificaties voldoen. (…) [persoon D] heeft aangegeven te twijfelen aan de getoonde resultaten (…) Zodra wij de eindrapportage van [persoon D] hebben ontvangen, zullen we die aan jullie doorsturen en telefonisch contact met jullie opnemen om te bezien of – en zo ja – hoe deze problematiek richting onze opdrachtgever en de principaal mogelijk kan worden opgelost. In afwachting van een mogelijke oplossing zijn wij gerechtigd betaling op te schorten en zo nodig op een later moment te verrekenen met de schade.”
3.17.
In reactie hierop laat Niemann weten de opschorting niet te accepteren en het betalingsverzoek te handhaven.
4Het geschil
in conventie
4.1.
Niemann vordert dat de rechtbank, voor zover mogelijk bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, Bijlbouw veroordeelt tot nakoming van de betalingsverplichtingen die volgen uit:
de Octagon Overeenkomst, door binnen twee weken na het in dezen te wijzen vonnis aan Niemann € 52.044,64 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf 30 oktober 2023, althans vanaf de dag van de dagvaarding, tot de dag van volledige betaling;
de Aluminium Platen Overeenkomst, door binnen twee weken na het in dezen te wijzen vonnis aan Niemann € 1.908,96 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf l5 december 2023, althans vanaf de dag van de dagvaarding, tot de dag van volledige betaling;
de MTC Overeenkomst, door binnen twee weken na het in dezen te wijzen vonnis aan Niemann € 30.954,34 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf 17 december 2023 tot de dag van volledige betaling;
de MTC Overeenkomst, door binnen twee weken na het in dezen te wijzen vonnis aan Niemann € 14,65 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf 17 december 2023 tot de dag van volledige betaling, en
de MTC Overeenkomst, door binnen twee weken na het in dezen te wijzen vonnis aan Niemann € 14.740,34 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf 8 januari 2024 tot de dag van volledige betaling,
met veroordeling van Bijlbouw tot betaling aan Niemann van de proceskosten en
de nakosten, een en ander te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex
artikel 6:119a BW, indien voldoening van de proceskosten en de nakosten niet binnen veertien dagen na dagtekening van het in dezen te wijzen vonnis door Bijlbouw aan Niemann zijn betaald.
4.2.
Aan deze vorderingen legt Niemann – samengevat – de volgende stellingen ten grondslag:
Nadat de profielen waren afgeleverd, zijn zij door Bijlbouw geïnspecteerd en vervolgens geaccepteerd als profielen die voldeden aan de Octagon Overeenkomst. Hierna zijn de profielen bevestigd. Dit is allemaal naar tevredenheid van Van Eesteren gegaan, de opdrachtgever van Bijlbouw;
Na de aflevering van de profielen heeft Niemann deze bij Bijlbouw in rekening gebracht. Bijlbouw heeft de eerste drie facturen tijdig en volledig voldaan. De laatste factuur ter hoogte van een bedrag van € 52.044,64 (mcl. BTW) heeft Bijlbouw niet betaald. Na afloop van de betaaltermijn is Bijlbouw door Niemann meermaals in gebreke gesteld. Bijlbouw verkeert in verzuim.
Van twee andere overeenkomsten heeft Bijlbouw ook een aantal facturen onbetaald gelaten en ook dienaangaande verkeert Bijlbouw in verzuim. Het gaat om één factuur, van € 1.908,96 (incl. BTW), van de zogeheten Aluminium Platen Overeenkomst en om drie facturen, van € 30.954,34 (incl. BTW), € 14,65 (incl. BTW) en € 14.740,34 (incl. BTW) van de zogeheten MTC Overeenkomst.
4.3.
Bijlbouw voert verweer en concludeert tot:
i) Primair: niet-ontvankelijkverklaring van Niemann in haar vorderingen, althans tot afwijzing daarvan;
ii) Subsidiair, voor het geval de rechtbank oordeelt dat Bijlbouw tot enige betaling gehouden is jegens Niemann: vermindering van het door de rechtbank te bepalen bedrag met het bedrag dat door Bijlbouw namens Niemann aan MTC is voldaan;
iii) Meer subsidiair, voor het geval de rechtbank oordeelt dat Bijlbouw tot enige betaling gehouden is jegens Niemann, afwijzing althans vermindering van de vordering van Niemann met inachtneming van het beroep op opschorting en verrekening,
met veroordeling bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad van Niemann tot betaling van de proceskosten en de nakosten binnen veertien dagen na dagtekening van het vonnis, en, voor het geval dat betaling van de proceskosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt, te vermeerderen met de wettelijke rente over de proceskosten en de nakosten vanaf bedoelde termijn voor de betaling.
4.4.
Aan haar verweer legt Bijlbouw ten grondslag – kort samengevat – dat Niemann toerekenbaar tekort is geschoten in de uitvoering van de Octagon Overeenkomst vanwege non-conformiteit van de anodiseerlaag van de profielen.
in reconventie
4.5.
Bijlbouw vordert dat de rechtbank, voor zover mogelijk bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:
i) voor recht verklaart dat Niemann tekortgeschoten is in de uitvoering van de overeenkomst met Bijlbouw en dat de anodiseerlaag van de profielen non-conform is;
ii) voor recht verklaart dat Niemann gehouden is de schade die Bijlbouw als gevolg van de tekortkoming lijdt en nog zal lijden te vergoeden;
iii) voor recht verklaart dat Bijlbouw gerechtigd is ten aanzien van een eventuele vordering van Niemann een beroep te doen op opschorting en verrekening;
iv) Niemann veroordeelt tot betaling van het boetebedrag van € 20.819,32 op basis van de overeenkomst, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag;
v) Niemann veroordeelt tot betaling van de reeds verschenen schade ten bedrage van € 17.265,77 althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 september 2023 ter zake van het bedrag van € 1.231,18, vanaf 28 februari 2024 ter zake van het bedrag van € 2.302,03, vanaf 9 april 2024 ter zake van het bedrag van
€ 4.515,12, vanaf 15 mei 2024 ter zake van het bedrag van € 3.190,17, vanaf 9 augustus 2024 ter zake van het bedrag van € 3.010,48, vanaf 20 februari 2025 ter zake van het bedrag van € 3.630,--, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen moment;
vi) voor recht verklaart dat Niemann ter zake van de potentiële toekomstige schade met inachtneming van de artikelen 12 en 13 van de overeenkomst met Bijlbouw gehouden is zorg te dragen voor afdoende zekerheidsstelling (i) door garantstelling van de verzekeraar en garantstelling van Niemann zelf voor het deel dat de verzekeraar niet vergoed of (ii) door, op haar kosten, te voorzien in een alternatieve vorm van zekerheid (zoals een bankgarantie);
vii) Niemann veroordeelt tot betaling van de proceskosten en de nakosten binnen veertien dagen na de dagtekening van het vonnis, en, voor het geval dat betaling van de proceskosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf bedoelde termijn voor de betaling.
4.6.
Niemann voert verweer en concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Bijlbouw dan wel tot ontzegging aan Bijlbouw van de vorderingen, met veroordeling bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad van Bijlbouw in de proceskosten en de nakosten.
4.7.
Op de stellingen van partijen zal hierna bij de beoordeling, voor zover zij daarvoor van belang zijn, nader worden ingegaan.
5De beoordeling
in conventie
De vijf facturen van Niemann moet Bijlbouw – in beginsel – betalen
5.1.
Niemann vordert in de eerste plaats betaling van de laatste factuur die zij naar Bijlbouw heeft gestuurd voor de profielen, namelijk de factuur van 29 september 2023 met het nummer [factuurnummer] ter hoogte van € 52.044,64 (incl. BTW). Dit is de enige factuur die Bijlbouw met betrekking tot de Octagon Overeenkomst nog niet heeft betaald.
Daarnaast vordert Niemann ook nog betaling van vier onbetaald gelaten facturen inzake andere overeenkomsten dan de Octagon Overeenkomst. Drie van deze facturen, van€ 30.954,34, € 14,65 en € 14.740,34, betreffen de MTC Overeenkomst. Dit is een overeenkomst voor de koop en levering van kaderprofielen – aluminium onderdelen – voor de kozijnen voor het Octagon-project. Eén factuur, van € 1.908,96, betreft de Aluminium Platen Overeenkomst. Die overeenkomst ziet op de koop en levering van aluminium platen, 8.000 in totaal.
5.2.
Bijlbouw is niet overgegaan tot betaling van de in deze zaak gevorderde vijf factuurbedragen binnen de toepasselijke betalingstermijn van dertig dagen en zij verkeert dus in verzuim. Zij is daarom in beginsel gehouden tot betaling van deze vijf gevorderde factuurbedragen.
Bijlbouw heeft niet bevrijdend betaald aan MTC
5.3.
Vaststaat dat Niemann met MTC een prijs van € 11.951,30 is overeengekomen voor het aanbrengen door MTC van een bepaalde coating. Hoewel niet Bijlbouw maar Niemann dit bedrag verschuldigd was aan MTC, is het Bijlbouw geweest die dit bedrag voldaan heeft aan MTC. Volgens Bijlbouw heeft zij dit bedrag betaald “om te voorkomen dat MTC de dupe zou worden van de discussie tussen Bijlbouw en Niemann” (randnr. 6.2.3 van de incidentele vordering ex art. 843a Rv, tevens houdende conclusie van antwoord, tevens houdende eis in reconventie).
5.4.
Niemann betwist dat bovengenoemd bedrag van € 11.951,30 in mindering moet strekken op haar vorderingen tegen Bijlbouw.
5.5.
Gesteld noch gebleken is dat Bijlbouw van Niemann de bevoegdheid heeft gekregen om bovengenoemd door Niemann aan MTC (contractueel) verschuldigde bedrag van € 11.951,30 namens Niemann te voldoen aan MTC. Dat Bijlbouw er zonder instemming of medeweten van Niemann zélf voor heeft gekozen om dit bedrag aan MTC betalen kan dus niet leiden tot vermindering van het bedrag dat Bijlbouw in de onderhavige zaak verschuldigd is aan Niemann.
Bijlbouws beroep op opschorting en verrekening faalt
5.6.
Bijlbouw doet zowel een beroep op opschorting als op verrekening.
5.7.
Bijlbouw legt aan dit opschortings- en verrekeningsverweer – samengevat – het volgende ten grondslag.
Niemann heeft met Bijlbouw afgesproken dat de anodiseerlaag van de profielen zou voldoen aan de Qualanod-eisen. Gebleken is echter dat de profielen op cruciale onderdelen niet voldoen aan de Qualanod-eisen, namelijk waar het gaat om (i) de kwaliteit van de sealing van de anodiseerlaag en (ii) de hardheid en samenhang van de sealing inclusief de onderliggende anodiseerlaag. De corrosie- en slijtweerstand van de anodiseerlaag is daardoor onvoldoende. De gevolgen voor Bijlbouw van deze tekortkoming van Niemann worden niet afgedekt door de door Niemann afgegeven garantie van 20 jaar. Want áls voortijdig degradatie van de anodiseerlaag optreedt, heeft Bijlbouw hooguit aanspraak op reparatie van gebreken, gemaximaliseerd tot het netto order bedrag, maar de kosten van demonteren en monteren worden niet vergoed. Bijlbouw stelt “al meer dan genoeg te hebben betaald” en doet daarom een beroep op opschorting. Bijlbouw is gerechtigd tot opschorting van haar verplichtingen, omdat Niemann háár verplichtingen uit de overeenkomst niet deugdelijk is nagekomen. Aangezien Bijlbouw gerechtigd is haar betaling van de facturen op te schorten, verkeert zij niet in verzuim en is zij dus niet gehouden de handelsrente over de facturen te vergoeden. Bijlbouw doet tevens een beroep op verrekening, namelijk zowel voor de boete die Niemann aan haar verschuldigd is op grond van de overeenkomst als voor de schade die Bijlbouw nu reeds lijdt als gevolg van de tekortkoming van Niemann. Het recht van verrekening heeft Bijlbouw zowel op basis van de wet als op basis van de overeenkomst – zie artikel 15 van de algemene voorwaarden.
5.8.
De rechtbank overweegt als volgt.
5.9.
De Octagon Overeenkomst tussen Niemann en Bijlbouw is een wederkerige overeenkomst (artikel 6:261 BW). Voor een beroep op opschorting is het noodzakelijk dat het gaat om tegenover elkaar staande verplichtingen waarbij de wederpartij een opeisbare verbintenis niet nakomt (artikel 6:262 BW). De verplichtingen moeten in nauw verband staan met elkaar.
5.10.
Opschorting leidt niet tot afstel van de verplichting die op de opschortende partij rust, maar tot uitstel van nakoming (HR 19 november 1988, ECLI:NL:HR1988:AD0206 (Droog/Bekaert)). Degene die opschort moet duidelijk te kennen geven dat hij nakoming verlangt en dat hij dan op zijn beurt ook zal nakomen (HR 5 december 1997, ECLI:NL:HR:1997: ZC2519, NJ 1998/169 (Kloth/Stripac)).
5.11.
De overgelegde stukken en de stellingen van Bijlbouw maken niet duidelijk dat Bijlbouw van Niemann nakoming verlangt. Bijlbouw heeft geen nakoming gevraagd en Niemann niet in gebreke gesteld en evenmin de overeenkomst ontbonden. Zie randnummer 19 van de spreekaantekeningen van Bijlbouw – aangehaald voor zover relevant:
“Het klopt dat Bijlbouw op dit moment niet levering van nieuwe profielen eist van Niemann, hoewel Bijlbouw ter zake een opeisbare vordering heeft. Dat Bijlbouw dit thans niet eist van Niemann, is gezien de feiten en omstandigheden volkomen logisch is. Immers, Octagon is gebouwd en op dit moment is degradatie van de aluminium profielen niet zichtbaar, voor zover Bijlbouw bekend. Dat wil vervolgens natuurlijk niet zeggen dat Bijlbouw haar resterende betalingsplicht dus niet zou kunnen opschorten. Zolang niet vaststaat dat de door Niemann aan Bijlbouw profielen voldoen, wat aan Niemann is om aan te tonen, bestaat daartoe juist alle grond. Daar komt bij dat partijen ook andere afspraken hebben gemaakt die Niemann niet naleeft.”
Bijlbouw wil zich met het beroep op opschorting kennelijk permanent van haar verplichtingen bevrijden, en meent dat zij daartoe gerechtigd is, maar dat standpunt is onjuist en in strijd met het karakter van opschorting.
5.12.
Het opschortingsverweer van Bijlbouw faalt dus. Bijlbouws reconventionele vordering (iii) zal (in zoverre) worden afgewezen (zie r.o. 5.23).
5.13.
Bijlbouw doet voorts een beroep op verrekening met tegenvorderingen op Niemann. Volgens Bijlbouw is Niemann een boete van € 20.819,32 verschuldigd op grond van de Octagon Overeenkomst. Ook meent Bijlbouw dat Niemann de schade moet vergoeden die Bijlbouw nu reeds zou lijden als gevolg van de tekortkoming van Niemann in de nakoming van diens verplichtingen uit de Octagon-overeenkomst. Voor de boete beroept Bijlbouw zich op artikel 3 van haar eigen algemene inkoop- en (onder)aannemingsvoorwaarden (prod. 5 Bijlbouw). Bij de schade gaat het volgens Bijlbouw om de kosten van de deskundige [persoon D] (€ 2.920,--) en om gemaakte advocaatkosten om zich te verweren tegen de betaalverzoeken van Niemann (€ 14.345,77) en dus in totaal om een bedrag van € 17.265,77.
5.14.
Op grond van artikel 6:127 lid 2 BW zou Bijlbouw de bevoegdheid tot verrekening hebben wanneer zij een prestatie te vorderen heeft van Niemann die beantwoordt aan haar schuld jegens Niemann en zij bevoegd is zowel tot betaling van de schuld als tot het afdwingen van de betaling van de vordering. Beide verbintenissen gaan dan tot hun gemeenschappelijk beloop teniet (artikel 6:127 lid 1 BW).
5.15.
Volgens Bijlbouw is Niemann op grond van artikel 3 van bovengenoemde algemene voorwaarden van Bijlbouw een boete verschuldigd omdat Niemann niet binnen de overeengekomen levertijd profielen heeft geleverd die beantwoorden aan de overeenkomst (randnummer 6.4.2 van de incidentele vordering ex art. 843a Rv, tevens houdende conclusie van antwoord, tevens houdende eis in reconventie).
5.16.
Artikel 3 van bovengenoemde algemene voorwaarden van Bijlbouw luidt als volgt:
Artikel 3: Levertijd en boete
3.1
De overeengekomen levertijd en/of uitvoeringsperiode zijn fataal. Opdrachtnemer is door overschrijding van de levertijd en/of uitvoeringsperiode van rechtswege in verzuim. Zodra opdrachtnemer weet of behoort te weten dat de uitvoering van de overeenkomst niet, niet tijdig of niet naar behoren zal plaatsvinden, geeft hij hiervan onmiddellijk bericht aan opdrachtgever.
3.2
Opdrachtnemer is aansprakelijk voor alle schade die door opdrachtgever wordt geleden als gevolg van overschrijding van de levertijd en/of uitvoeringsperiode zoals bedoeld in artikel 3.1.
3.3
Voor elke dag vertraging in de (op)levering verbeurt opdrachtnemer aan opdrachtgever een direct opeisbare boete van 0,5% van het totale orderbedrag met een minimum van € 250 tot een maximum van 10% van het totale orderbedrag.
3.4
De in artikel 3.3 genoemde boete kan naast vervangende en aanvullende schadevergoeding op grond van de wet worden gevorderd. Opdrachtgever heeft het recht deze boete en/of schadevergoeding met aan opdrachtnemer verschuldigde bedragen te verrekenen.
5.17.
Terecht voert Niemann aan dat artikel 3 blijkens de tekst slechts ziet op boetes vanwege een vertraagde levering en niet op boetes vanwege tekortkomingen van andere aard, zoals leveringen van producten die (gesteld) niet voldoen aan de daaraan in de overeenkomst gestelde kwaliteitseisen. Bijlbouw stelt niet dat Niemann de profielen te laat heeft geleverd, maar dat de geleverde profielen niet beantwoorden aan de overeenkomst. Artikel 3 mist daarom toepassing in de onderhavige zaak, nog daargelaten of de algemene voorwaarden van Bijlbouw wel van toepassing zijn, wat Niemann betwist.
5.18.
Omdat Niemann geen boete verschuldigd is aan Bijlbouw, faalt in zoverre het verrekeningsverweer van Bijlbouw. Debetreffende reconventionele vordering (iv) van Bijlbouw wordt afgewezen (zie r.o. 5.23)
5.19.
Bijlbouw wenst voorts te verrekenen met door haar betaalde advocaatkosten en is kennelijk van mening dat zij recht heeft op de volledige advocaatkosten voor haar verweer tegen de betaalverzoeken van Niemann. Uit vaste rechtspraak volgt dat in een procedure slechts bij hoge uitzondering aanleiding bestaat voor vergoeding van de volledige advocaatkosten. Er moet dan sprake zijn van misbruik van procesrecht. Gesteld noch gebleken is dat dat zich hier voordoet. De gevorderde vergoeding voor de advocaatkosten ten bedrage van € 14.345,77 is dus niet toewijsbaar, en het verweer van Bijlbouw dat zij dat bedrag kan verrekenen faalt.
5.20.
Uit de beoordeling in reconventie volgt dat de reconventionele vordering ter zake van de kosten van de deskundige [persoon D] (€ 2.920,--) niet toewijsbaar is (zie hierna onder de beoordeling in reconventie en in het bijzonder r.o. 5.39). Bijlbouws verweer in conventie, dat zij mag verrekenen met de kosten van de deskundige [persoon D] , faalt daarom ook.
Alle verweren van Bijlbouw falen
5.21.
Alle verweren van Bijlbouw falen, zodat de vorderingen van Niemann zullen worden toegewezen.
Proceskosten
5.22.
Als de in het ongelijk gestelde partij zal Bijlbouw in de proceskosten worden veroordeeld. Deze kosten aan de zijde van Niemann worden tot aan deze uitspraak begroot op:
dagvaardingskosten € 112,37
griffierecht € 2.889,00
salaris advocaat € 4.102,00 (twee punten in liquidatietarief V)
nakosten € 189,00 (plus de verhoging vermeld in het dictum)
Totaal € 7.292,37.
Niemann vordert wettelijke handelsrente (ex artikel 6:119a BW) over de proceskosten. Dat is niet toewijsbaar; over de proceskosten is Bijlbouw wettelijke rente ex artikel 6:119 BW verschuldigd. Die rente zal worden toegewezen op de wijze als in het dictum bepaald.
in reconventie
Inleiding
5.23.
De reconventionele vorderingen (iii) en (iv) zullen worden afgewezen op grond van hetgeen is overwogen in conventie.
Ook de overige reconventionele vorderingen, (i), (ii), (v) en (vi), worden afgewezen
5.24.
Met vordering (i) wenst Bijlbouw een verklaring voor recht dat Niemann – samengevat – toerekenbaar tekort is geschoten. Met vordering (ii) wenst Bijlbouw een verklaring voor recht dat Niemann gehouden is alle schade te vergoeden die het gevolg is van deze tekortkoming, namelijk zowel reeds geleden schade als toekomstige schade. Vordering (v) ziet op de veroordeling van Niemann tot vergoeding aan Bijlbouw van € 17.265,77, vanwege ten eerste de kosten van [persoon D] ad € 2.920,-- en voorts de advocaatkosten die Bijlbouw heeft moeten maken om zich te verweren tegen de betaalverzoeken van Niemann ten bedrage van € 14.345,77. Hiervoor in conventie is al geoordeeld dat deze advocaatkosten niet toewijsbaar zijn. Op de kosten van [persoon D] wordt hierna nog ingegaan in r.o. 5.39.
Met vordering (vi) wenst Bijlbouw een verklaring voor recht dat Niemann met betrekking tot “potentiële toekomstige schade” gehouden is tot zekerheidsstelling.
5.25.
Aan al deze vorderingen van Bijlbouw ligt – direct dan wel indirect – de stelling ten grondslag dat Niemann tekort is geschoten inzake haar verbintenissen uit de Octagon overeenkomst omdat de profielen niet voldoen aan “de Qualanod-eisen”, waar het gaat om (i) de kwaliteit van de sealing van de anodiseerlaag en (ii) de hardheid en samenhang van de sealing inclusief de onderliggende anodiseerlaag. Volgens Niemann echter zijn partijen niet overeengekomen dat de profielen moesten voldoen aan “de Qualanod-eisen”. Niemann is – samengevat – van mening dat de kwaliteit van de profielen is gewaarborgd.
5.26.
In de markt zijn partijen actief die diensten aanbieden op het gebied van de certificering en controle van (de kwaliteit van) anodiseerlagen (door kwaliteitslabels of keurmerken). Qualanod is een organisatie die een dergelijk keurmerk afgeeft. Qualanod heeft voor de controle en certificering van geanodiseerd aluminium specificaties opgesteld (voor verschillende toepassingen) waaraan het anodiseerproces moet voldoen en waaraan de anodiseerlaag moet voldoen om het aluminium adequaat te beschermen en te kunnen kwalificeren als geanodiseerd aluminium van goede kwaliteit dat, bij de betreffende toepassing, voldoende bestand is tegen invloeden van buitenaf. Qualanod-certificering betekent dus dat de gecertificeerde fabriek zich zal houden aan (i) de voorwaarden die Qualanod stelt aan het anodiseerproces, (ii) de voorschriften omtrent testen die moeten worden uitgevoerd om conform de certificering te fabriceren en (iii) de voorschriften omtrent de waarden die bij die tests behaald moeten worden om een voldoende kwaliteit te bevestigen.
5.27.
Niemann heeft PMS ingeschakeld voor het produceren én anodiseren van de profielen. PMS was niet Qualanod-gecertificeerd, Bijlbouw wist dat en dat was voor Bijlbouw geen probleem. Dit is tussen partijen niet in geschil. Niemann, bij monde van [persoon C] , heeft op zitting nog toegelicht dat hij telefonisch aan [persoon A] van Bijlbouw had meegedeeld dat er óók een Turkse producent kon worden ingeschakeld die wél Qualanod-gecertificeerd was maar dat Niemann meer vertrouwen had in PMS voor het anodiseren van de profielen. Bijlbouw is op het aanbod van Niemann ingegaan om PMS óók te laten anodiseren.
5.28.
In reactie op de opmerking van [persoon C] in diens e-mailbericht van 19 oktober 2022 om 16:46 uur, dat PMS een garantie afgeeft voor 10 jaar, heeft [persoon A] vervolgens op 25 oktober 2022 in rode tekst in datzelfde e-mailbericht de opmerking geplaatst dat Alumet standaard 20 jaar volledige garantie bij qualanod afgeeft en werpt hij ook nog de vraag op waarom die garantie van 20 jaar niet ook in dit geval wordt gegeven. [persoon A] constateert hier dus zélf dat PMS standaard slechts 10 jaar garantie geeft terwijl het Qualanod-gecertificeerde Alumet standaard 20 jaar garantie geeft..
5.29.
Volgens Bijlbouw is Niemann met haar overeengekomen dat de profielen, geproduceerd en geanodiseerd door PMS,aan “de Qualanod-eisen” zouden voldoen. Bijlbouw voert daartoe het volgende aan.
In de correspondentie die gevolgd is op het prijsopgaveverzoek van Bijlbouw van 20 september 2022 en in gesprekken uit die tijd heeft Bijlbouw “benadrukt” dat de anodiseerlaag van de profielen zou moeten voldoen aan de Qualanod-eisen. Niemann heeft toen nooit kenbaar gemaakt dat zij géén profielen kon leveren die voldeden aan de Qualanod-eisen, aldus Bijlbouw.
Ook in het bestelformulier en in het begeleidende e-mailbericht van 10 november 2022 heeft Bijlbouw “benadrukt” dat de anodiseerlaag van de profielen moest voldoen aan de Qualanod-eisen. Bijlbouw heeft dit nota bene “gespecificeerd”, aldus Bijlbouw. Het moest namelijk gaan om anodiseerwerk “volgens Qualanod buiten toepassing”. Niemann heeft daar toen niet tegen geprotesteerd, aldus Bijlbouw.
5.30.
Dat de Qualanod-eisen ook in gesprekken aan de orde zijn gekomen betreft een zeer algemene stelling. Het had op de weg van Bijlbouw gelegen die stelling, op grond van de hoofdregel van artikel 150 Rv, nader te onderbouwen, bijvoorbeeld door aan te geven op welke datum deze gesprekken over de Qualanod-eisen hebben plaatsgehad en/of dat deze gesprekken hebben geleid tot overeenstemming op dit punt, en wie die gesprekken hebben gevoerd. Dat heeft Bijlbouw echter nagelaten. Hier komt nog bij dat bovengenoemde stelling van Bijlbouw dat de Qualanod-eisen in gesprekken aan de orde zijn gekomen, zich slecht verhoudt tot een andere stelling van Bijlbouw, namelijk dat de Qualanod-eisen “niet ter discussie stonden” (randnr. 6.1.3 van de incidentele vordering ex art. 843a Rv, tevens houdende conclusie van antwoord, tevens houdende eis in reconventie).
5.31.
Voorts overweegt de rechtbank het volgende.
5.32.
Uit de correspondentie blijkt dat de fabriek, PMS, voor zichzelf de mass loss test (een test die ook bij Qualanod wordt uitgevoerd) heeft uitgevoerd en dat, toen deze test voor de fabriek voldoende resultaat gaf, de fabriek bereid was de garantietermijn te verlengen van 10 naar 20 jaar. Zo is dit ook meegedeeld aan Bijlbouw.
5.33.
Verder is weliswaar gebleken dat Bijlbouw in de zomer van 2023 van Niemann vroeg om alsnog in het garantiecertificaat te vermelden dat de profielen voldeden aan de Qualanod-eisen (aan welk verzoek Niemann zei niet te kunnen voldoen), maar dat Bijlbouw dat pas vroeg van Niemann nadat de inspectie door de architect en de opdrachtgever van Bijlbouw had plaatsgevonden, waarbij de opdrachtgever (Van Eesteren) een bevestiging wilde zien van Bijlbouw dat de profielen van Qualanod-kwaliteit waren. Eerder wilde Bijlbouw die toevoeging aan het garantiecertificaat nog niet, terwijl Bijlbouw wél in een eerder stadium andere aanpassingen van het garantiecertificaat had verzocht. Uit de correspondentie blijkt ook dat Niemann slechts om Bijlbouw tegenover haar opdrachtgever Van Eesteren ‘van munitie te voorzien’ Bijlbouw zoveel mogelijk voorzag van testuitslagen, afhankelijk van of PMS testen had uitgevoerd en testuitslagen had.
5.34.
Bijlbouw moest dus, zo is gebleken, volgens de overeenkomst met háár opdrachtgever Van Eesteren geanodiseerde profielen gebruiken die van Qualanod-kwaliteit waren.
Ook staat vast dat oorspronkelijk Bijlbouw van plan was om Niemann slechts de opdracht te geven de profielen ongeanodiseerd te leveren om deze vervolgens separaat door Alumet (Qualanod-gecertificeerd) te laten anodiseren.
Verder is tussen partijen niet in geschil dat de kwaliteit van de anodiseerlaag inclusief coating niet af te zien is aan de buitenkant maar pas achteraf kan worden geconstateerd na verloop van jaren, volgens [persoon D] (ter zitting) pas na ongeveer zeven jaar. In het bijzonder dáárin is kennelijk het belang van opdrachtgevers zoals de hoofdaannemer Van Eesteren (en ook Bijlbouw zelf) gelegen om een gekwalificeerd Qualanod-bedrijf in te schakelen voor het anodiseren. Men weet dan wat men krijgt, vanwege de aan de fabriek voorgeschreven en gestandaardiseerde processen, de voorgeschreven testen en de minimaal vereiste uitslagen van die testen, en zonder de Qualanod kwalificatie moet men maar afwachten wat de kwaliteit is.
Ten slotte is van belang dat Bijlbouw een professionele partij is met meer dan 60 jaar ervaring als leverancier van gevelsystemen, en dat één van de materiaaltoepassingen waarmee Bijlbouw bekend is aluminium gevelbeplating is, zodat verondersteld mag worden dat Bijlbouw weet waarover zij afspraken maakte met Niemann.
Niettemin, ondanks al het bovenstaande, is Bijlbouw ermee akkoord gegaan, op voorstel van Niemann, dat de fabrikant die Niemann zou gaan inschakelen voor de productie van de profielen, deze profielen óók zou anodiseren, terwijl deze fabrikant niet Qualanod-gecertificeerd was. Dit vertaalde zich, zo werd op zitting bevestigd namens Bijlbouw, in een lagere prijs dan als Bijlbouw de profielen separaat had laten anodiseren door Alumet.
5.35.
Onder de hiervoor vermelde feiten en omstandigheden had het voor de hand gelegen (indien Bijlbouw zeker wilde zijn van dezelfde kwaliteit als Qualanod-kwaliteit, én die kwaliteit wilde kunnen aantonen tegenover haar opdrachtgever) dat Bijlbouw tegenover Niemann uitdrukkelijk had bedongen dát en op welke wijze de door Niemann in te schakelen fabriek nog meer en beter moest garanderen dan alleen door de af te geven garantie van 20 jaar, dat de anodiseerkwaliteit hetzelfde was als die van een gecertificeerd Qualanod bedrijf.
Het met aantoonbaar goed resultaat (laten) uitvoeren door de fabriek van bepaalde testen, op bepaalde momenten tijdens en/of na het productieproces, had in dat kader bijvoorbeeld bedongen en overeengekomen kunnen worden. Maar Bijlbouw heeft iets dergelijks helemaal niet bedongen. Bijlbouw heeft op geen enkele manier in de correspondentie met Niemann bedongen dat ze bepaalde testen uitgevoerd wilde zien worden tijdens en/of na de productie en / of dat er uitslagen op enig moment aan haar zouden moeten worden overhandigd.
In deze procedure stelt Bijlbouw dan wel dat zij met Niemann is overeengekomen dat de profielen zouden voldoen aan “de Qualanod-eisen”, maar Bijlbouw laat volledig in het midden wat zij daarmee precies bedoelt. Hoe de bewuste fabrikant voor juist deze opdracht haar productieproces had moeten inrichten om aantoonbaar geanodiseerd aluminium te leveren dat voldeed aan “de Qualanod-eisen” valt niet zomaar in te zien en heeft Bijlbouw niet toegelicht. Dat had wel op haar weg gelegen.
5.36.
De vraag is wat Bijlbouw op schrift bij Niemann bedongen (of aangeduid) heeft. Hieromtrent wordt het navolgende overwogen.
In het e-mailbericht van [persoon C] aan [persoon A] van 19 oktober 2022 heeft [persoon A] op 25 oktober 2022 direct na de tekst “Proces van anodiseren is als volgt:” de volgende tekst geplaatst: “25mu alubrons E6/C31 volgens qualinod” (lees: Qualanod). Verder is zowel in het bestelformulier van Bijlbouw als in het bijbehorende e-mailbericht van Bijlbouw de aanduiding “kleur lichtbronze; E6-alubronse C31-A25 volgens qualinot buiten toepassin[g]” geplaatst.
Welke verwachtingen Bijlbouw precies mocht hebben vanwege die aanduiding ”kleur lichtbronze; E6-alubronse C31-A25 volgens qualinot buiten toepassin[g]” heeft Bijlbouw niet nader aangeduid. Bijlbouw stelt alleen dat juist uit deze teksten zou moeten blijken dat is overeengekomen dat er geanodiseerd zou gaan worden conform “de Qualanod-eisen”.
Met de bewoordingen “buiten toepassing” werd bedoeld, dat is tussen partijen niet in geschil, dat de profielen geschikt moesten zijn voor buiten (in tegenstelling tot binnen). Ter zitting hebben partijen voorts bevestigd dat de aanduiding C31 een kleurcode betreft voor de kleur lichtbrons. 25mu betreft uiteraard de dikte.
Wat E6 en A25 betekenen, heeft Bijlbouw niet gesteld en Bijlbouw heeft er op zitting ook niet over kunnen verklaren. Het staat echter wél vermeld in de specificaties voor het Qualanod kwaliteitslabel - editie 1 januari 2024 (prod. 15 bij dagvaarding).
De aanduiding E6 betreft daarin één van de 11 mogelijke voorbewerkingen (aangeduid respectievelijk E0 t/m E10). De verschillende typen voorbewerking E0 t/m E10 resulteren in verschillende “Characteristics and comments”, vertaald: “Kenmerken en opmerkingen”.
Van voorbewerking E6 (“Etching”, vertaald: “Etsen”) wordt in de betreffende tabel opgemerkt:
*applied after degreasing; *satin of matt appearance; *mechanical suface defects reduced; *defects due to corrosion can be made visible; *defects due to corrosion can be removed by mechanical pretreatment before E 6 but it is preferable to handle and store the metal so that corrosion cannot occur; *usually followed by desmutting.
Vertaald:
*aangebracht na ontvetting; *satijn of matte uitstraling; *mechanische oppervlaktedefecten verminderd; *defecten door corrosie kunnen zichtbaar worden gemaakt; *defecten door corrosie kunnen worden verwijderd door mechanische voorbehandeling vóór E6, maar het verdient de voorkeur het metaal zodanig te behandelen en op te slaan dat corrosie niet kan optreden; *meestal gevolgd door desmutting, wat zoiets betekent als ontsmutting of smutverwijdering.
De aanduiding A25 in de correspondentie duidt kennelijk, gelet op de Qualanod-specificaties, op een “Thickness class”, te weten AA25, waarbij de “Minimum average thickness” 25mu is, en de “Minimum local thickness” 20mu is. Dit correspondeert immers met de 25 mu dikte die ook was vermeld in de correspondentie.
5.37.
De conclusie uit het voorgaande is dat Bijlbouw op schrift (in het e-mailbericht van 19 oktober 2022 van [persoon A] en in het bestelformulier en de begeleidende e-mail) heeft aangegeven, en ook niet meer dan dat, dat een gestandaardiseerde (want volgens Qualanod) kleur en type voorbewerking en dikte is gewenst. Dat de geleverde profielen daaraan niet voldoen is gesteld noch gebleken. Dat Bijlbouw méér dan de gestandaardiseerde kleur, dikte en type voorbewerking mocht verwachten, en in het bijzonder zekere resultaten uit bepaalde door Qualanod aan de fabrikant voorgeschreven testen en een aldus gewaarborgde kwaliteit, is volstrekt onvoldoende onderbouwd door Bijlbouw, en wordt, gelet op de gemotiveerde betwisting door Niemann dat “de Qualanod-eisen” zijn overeengekomen, verworpen.
Bijlbouw is kennelijk bij de overeenkomst afgegaan op Niemann. Dat is vanwege de langdurige zakelijke relatie tussen Niemann en Bijlbouw niet zo vreemd. Niemann deelde Bijlbouw namelijk mee dat de fabrikant ook kon anodiseren, dat de kwaliteit van de anodisering van de fabrikant goed zou zijn, en dat zij, Niemann, in deze fabrikant zelfs méér vertrouwen had dan in andere Turkse fabrikanten die wél Qualanod-gecertificeerd waren. Dat Bijlbouw vervolgens (nadat haar opdrachtgever Van Eesteren in de zomer van 2023 zulks aan Bijlbouw had verzocht) niet tegenover Van Eesteren kon aantonen dat daadwerkelijk van die goede kwaliteit sprake was, kan zij Niemann niet tegenwerpen. Niemann staat buiten de relatie tussen Bijlbouw en Van Eesteren.
5.38.
Voor zover de anodiseerlaag van de profielen op termijn onvoldoende blijkt te zijn, zal Bijlbouw zich slechts op de garantie kunnen beroepen. In dit stadium is niet gebleken dat de kwaliteit niet voldoet.
5.39.
Het beroep van Bijlbouw op toerekenbare tekortkoming van Niemann faalt dus, zodat haar vorderingen zullen worden afgewezen. Dat Bijlbouw zich op enig moment van deskundig advies van [persoon D] heeft voorzien blijft voor Bijlbouws rekening.
5.40.
Als de in het ongelijk gestelde partij zal Bijlbouw in de proceskosten worden veroordeeld. Deze kosten aan de zijde van Niemann worden tot aan deze uitspraak begroot op:
salaris advocaat € 1.290,00 (één punt in liquidatietarief IV)
Totaal € 1.290,00.
6De beslissing
De rechtbank
in conventie
6.1.
veroordeelt Bijlbouw tot betaling aan Niemann, binnen twee weken na betekening van dit vonnis, van € 52.044,64, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf 30 oktober 2023 tot het tijdstip van volledige betaling;
6.2.
veroordeelt Bijlbouw tot betaling aan Niemann, binnen twee weken na betekening van dit vonnis, van € 1.908,96, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf 15 december 2023 tot het tijdstip van volledige betaling;
6.3.
veroordeelt Bijlbouw tot betaling aan Niemann, binnen twee weken na betekening van dit vonnis, van € 30.954,34 en € 14,65, de som daarvan te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf 17 december 2023 tot het tijdstip van volledige betaling;
6.4.
veroordeelt Bijlbouw tot betaling aan Niemann, binnen twee weken na betekening van dit vonnis, van € 14.740,34, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW vanaf 8 januari 2024 tot het tijdstip van volledige betaling;
6.5.
veroordeelt Bijlbouw in de proceskosten van € 7.292,37, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening voor het geval het vonnis wordt betekend;
6.6.
veroordeelt Bijlbouw tot betaling van de wettelijke rente over deze proceskosten na veertien dagen na dit vonnis tot de dag van betaling;
6.7.
verklaart deze veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
6.8.
wijst het meer of anders gevorderde af;
in reconventie
6.9.
wijst de vorderingen af;
6.10.
veroordeelt Bijlbouw in de proceskosten van € 1.290,00;
6.11.
verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. de Geus en in het openbaar uitgesproken op 23 september 2026.901/638