Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Rotterdam

ECLI:NL:RBROT:2026:12134

2026-09-16 Civiel recht; Verbintenissenrecht C/10/706263, HA ZA 25-734
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Uitspraakdatum
2026-09-16
Publicatiedatum
2026-09-16
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
C/10/706263, HA ZA 25-734
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Beroepsaansprakelijkheid assurantietussenpersoon voor ontbreken dekking onder landmaterieelverzekering. Tekortschieten in zorgplicht assurantietussenpersoon. Eigen schuld opdrachtgever.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (28.505 tekens)
RECHTBANK Rotterdam


Team Handel en haven



Zaaknummer: C/10/706263 / HA ZA 25-734




Vonnis van 16 september 2026




in de zaak van




HAPPYQUIPMENT MATERIEEL EN EXPLOITATIE B.V.,
gevestigd te Zoeterwoude,
eisende partij,
hierna te noemen: HappyQuipment,
advocaat: mr. G.J. de Bock,



tegen




AON NEDERLAND C.V.,
gevestigd te Rotterdam,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Aon,
advocaten: mr. M.M. Tak en [naam] .






1De procedure


1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties van 21 juli 2025- de conclusie van antwoord met producties
- de akte met aanvullende producties van HappyQuipment
- de mondelinge behandeling van 1 april 2026.






2De zaak in het kort


2.1.
HappyQuipment exploiteert onder meer elektrische hoogwerkers die via Hoogwerkt B.V. (hierna: Hoogwerkt) worden verhuurd. Aon is een assurantietussenpersoon. HappyQuipment heeft via Aon een landmateriaalverzekering afgesloten, waarbij Hoogwerkt medeverzekerde is. In 2023 is een vorkheftruck die Hoogwerkt had verhuurd verduisterd door de huurder. De verzekeraar heeft uitkering geweigerd omdat de verzekering alleen dekking biedt voor elektrische hoogwerkers, en niet voor vorkheftrucks. HappyQuipment stelt dat Aon is tekortgeschoten in haar verplichtingen als tussenpersoon omdat zij onvoldoende risicoadvies heeft gegeven, geen passende dekking heeft afgesloten en de schadeafhandeling niet voortvarend heeft verricht. HappyQuipment vordert vergoeding van de kosten van de heftruck en expertisekosten van in totaal € 34.493,09 met rente, door HappyQuipment gemaakte interne kosten van € 1.000,00 en incassokosten van € 875,00. Ook vordert zij een verklaring voor recht dat Aon toerekenbaar is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst en dientengevolge schadeplichtig is jegens HappyQuipment.



2.2.
Aon is het hier niet mee eens. Volgens Aon staat niet vast dat de afwijzing van de dekking door de verzekeraar terecht is en moet HappyQuipment daarom eerst de verzekeraar aanspreken. Daarnaast betwist Aon dat zij niet heeft voldaan aan haar verplichtingen en betwist zij de hoogte van de schade. Ook stelt zij dat sprake is van eigen schuld aan de zijde van HappyQuipment omdat HappyQuipment onvoldoende heeft gedaan om de verduistering te voorkomen.



2.3.
De rechtbank is van oordeel dat Aon niet heeft gehandeld zoals van een assurantietussenpersoon mag worden verwacht. Daarom is zij aansprakelijk voor een deel van de schade aan de zijde van HappyQuipment met rente en kosten. Een deel van de schade blijft voor rekening van HappyQuipment, omdat zij niet bij Aon aan de orde heeft gesteld dat in de polis alleen elektrische hoogwerkers waren vermeld. Aon hoeft verder geen vergoeding te betalen voor de interne kosten van HappyQuipment. Dit wordt hierna toegelicht.






3De beoordeling



Wat is er gebeurd?




3.1.
HappyQuipment drijft een onderneming gericht op het aanschaffen, beheren, onderhouden en doorontwikkelen van machines en installaties voor de bouw, waaronder hoogwerkers. Hoogwerkt verhuurt hoogwerkers en verzorgt oplossingen voor het werken op hoogte. Daarvoor maakt zij gebruik van machines en installaties die eigendom zijn van HappyQuipment of die door HappyQuipment zijn gehuurd van derden.



3.2.
HappyQuipment heeft in 2017 via IAK Verzekeringen (hierna: IAK) een landmateriaalverzekering afgesloten. In 2017 heeft Aon IAK overgenomen en is zij partij geworden bij de dienstverleningsovereenkomst met HappyQuipment. Deze dienstverleningsovereenkomst had een looptijd tot en met 2020.



3.3.
Aon heeft in 2021 een nieuwe dienstverleningsovereenkomst gesloten met HappyQuipment op grond waarvan Aon tegen betaling van een vergoeding diensten verricht op het gebied van risico-advies, bemiddeling, plaatsing en beheer van verzekeringen en schadebehandeling. In de overeenkomst zijn onder meer de volgende diensten benoemd:



“
3.1 Risico advies

(…)

 Het in kaart brengen van de activiteiten en belangen van HappyQuipment Materieel en Exploitatie en de bijbehorende verzekerbare risico’s op basis van door HappyQuipment Materieel en Exploitatie verstrekte informatie.
(…)
 Het periodiek bespreken van de ontwikkelingen bij HappyQuipment Materieel en Exploitatie en gevolgen hiervan voor de verzekerbare risico's.




3.2


Bemiddeling, plaatsing en beheer van verzekeringen

(…)

 Het in gezamenlijk overleg met HappyQuipment Materieel en Exploitatie vaststellen van de gewenste verzekeringsdekking.
(…)
 In geval van opdracht tot plaatsing, de verzekering bij verzekeraar(s) onderbrengen, het bestaan van dekking bevestigen aan HappyQuipment Materieel en Exploitatie en het opmaken en actueel houden van polisdocumenten.
(…)
 Gedurende de looptijd van de verzekering, in gezamenlijk overleg met HappyQuipment Materieel en Exploitatie nagaan of de verzekering nog steeds in overeenstemming is met het risicoprofiel van HappyQuipment Materieel en Exploitatie.



3.3


Schadebehandeling

(…)




Het in nauw overleg met HappyQuipment Materieel en Exploitatie voeren van onderhandelingen met verzekeraar(s) voor een tijdige en adequate schadeafwikkeling.




Het toezien op de voortgang van het schadebehandelingsproces.”






3.4.

Door bemiddeling van Aon heeft HappyQuipment met ingang van 1 januari
2021 voor zowel HappyQuipment als Hoogwerkt als verzekerde een nieuwe landmateriaalverzekering afgesloten bij Allianz (als leidend verzekeraar), welke verzekering na (her)onderhandeling een aantal keer is verlengd. In de polis voor de verzekeringstermijn van 1 januari 2023 tot 1 januari 2024 is onder meer het volgende opgenomen:



“Verzekerde interest




Electrische hoogwerkers zowel geplaatst als niet geplaatst op aanhangers, alsmede de aanhanger zowel gekentekend als niet gekentekend alsmede hoogwerkers op een auto-onderstel, behorende tot de bedrijfsuitvoering van verzekerde, diendende voor verhuurdoeleinden en/of eigen gebruik, waaronder promotiedoeleinden.




(…)




Eigen risico





EUR 1.500,00 per gebeurtenis.”



In de bijzondere verzekeringsvoorwaarden is onder meer het volgende opgenomen:



“CX201-906 VERMISSING EN VERDUISTERING

Voor het risico van vermissing of verduistering geldt uitdrukkelijk dat de huurder van het betreffende object niet is meeverzekerd.





CX201-907 COLLEGIALE INHUUR





Indien gelijksoortige objecten als op de polis geregistreerde objecten worden ingehuurd van een collega-verhuurbedrijf zijn de ingehuurde objecten op eenzelfde wijze verzekerd als de verzekerde objecten in eigendom van de verzekeringnemer.


Wanneer deze inhuur plaatsvindt van en collega-verhuurbedrijf zal een eventuele schade tijdens de periode van inhuur niet worden verhaald op dat collega-verhuurbedrijf, ongeacht of dat collega-verhuurbedrijf al dan niet zelf een verzekering heeft afgesloten.


Ingeval van een gedete cascoschade aan een collegiaal ingehuurd object vindt de schadevergoeding plaats op basis van herstel of dagwaarde in geval van totaal verlies.”




3.5.
Aon voerde periodiek klantgesprekken over de prolongatie van de verzekering. In het verslag van het gesprek dat op 4 januari 2023 heeft plaatsgevonden heeft Aon opgenomen:


“Hoogwerkt is een werkmaterieel verhuurder die sinds 2018 actief is op de verhuurmarkt.

Hoogwerkt verhuurt elektrische hoogwerkers, minihijskranen en heftrucks. Hoogwerkt staat voor de snelste, schoonste en veiligste ‘full option’ hoogwerkerspecialist van Nederland. Het gaat goed met de firma. Afgelopen jaar is Hoogwerkt weer gegroeid en ook voor komend jaar zijn de ambities hoog om weer verder te bouwen aan de groei van Hoogwerkt.




(…)




Verzekering 2023:

 Vlootwaarde zal volgend jaar fluctueren, waarbij Hoowerkt elk kwartaal zullen herzien wat de daadwerkelijke waarde is van de gehele vloot & waar deze gealloceerd is;
 Vlootwaarde per 1 januari zal uitkomen op € 12.868.136,06.”




3.6.
Hoogwerkt heeft in maart 2023 een vorkheftruck verhuurd aan een nieuwe klant. Deze vorkheftruck was via collegiale inhuur betrokken van Collé Rental & Sales B.V. (hierna: Collé). Hoogwerkt heeft voorafgaand aan de verhuur de gegevens van de klant opgezocht in het handelsregister. Daarnaast is het telefoonnummer van de klant gecontroleerd en een kredietcheck uitgevoerd via Graydon.



3.7.
Collé heeft de vorkheftruck op 30 maart 2023 afgeleverd bij de huurder. Begin juni 2023 constateerde Hoogwerkt dat er geen huurpenningen waren betaald en dat de huurder telefonisch niet meer bereikbaar was. Collé heeft daarop geconstateerd dat de GPS van de vorkheftruck was uitgeschakeld en dat de vorkheftruck onvindbaar was. Hoogwerkt heeft aan Aon gemeld dat de vorkheftruck vermoedelijk verduisterd was, waarop Aon melding heeft gedaan bij Allianz en een expertiserapport heeft laten opstellen. In het rapport is geconcludeerd dat de vorkheftruck is verduisterd. Ook is vermeld dat de dagwaarde van de vorkheftruck € 30.400,00 was en de aanschafkosten € 32.323,10 bedroegen. In het kader van de zakelijke relatie heeft Hoogwerkt, vooruitlopend op een uitspraak van Allianz over de dekking, de aanschafkosten en de door Collé gemaakte expertisekosten van € 1.500,00 vergoed aan Collé.



3.8.
Op 6 september 2023 heeft Aon telefonisch aan Hoogwerkt laten weten dat volgens Allianz vorkheftrucks niet onder de dekking van de verzekering vallen, en dat Aon nog zou proberen Allianz op andere gedachten te brengen.


3.9.
Naar aanleiding van de verduistering van de vorkheftruck heeft Hoogwerkt in maart 2024 in samenspraak met Aon een aanvullende verzekering afgesloten bij Allianz.



3.10.
Op 5 maart 2024 heeft Aon per e-mail aan Hoogwerkt bericht dat Allianz geen dekking verleende onder de verzekering en dat Aon het dossier zou sluiten. Op verzoek van Hoogwerkt heeft Aon daarop nog een aantal malen contact gehad met Allianz. Op 14 oktober 2024 heeft Aon aan Hoogwerkt bericht dat Allianz definitief geen dekking zou verlenen. Aon heeft daarbij aan Hoogwerkt laten weten dat zij niets meer kon doen richting verzekeraars.



3.11.
HappyQuipment heeft de overeenkomst met Aon op 30 september 2024 opgezegd. Op 19 december 2024 heeft HappyQuipment Aon aansprakelijk gesteld. Aon heeft geen aansprakelijkheid erkend. Daarop is HappyQuipment deze procedure begonnen.



HappyQuipment kan Aon aanspreken





3.12.
Het staat vast dat Allianz geweigerd heeft dekking te verlenen en dat Aon op 4 maart 2024 zelf aan Hoogwerkt heeft gemeld dat zij niets meer kon doen richting Allianz. De rechtbank zal deze feiten dan ook tot uitgangspunt nemen in deze procedure. Dit brengt met zich dat Aon zich er in redelijkheid niet op kan beroepen dat HappyQuipment zich (eerst) tot Allianz in plaats van tot Aon dient te wenden. Niet noodzakelijk is dat eerst onherroepelijk komt vast te staan dat Allianz terecht dekking heeft geweigerd, zoals Aon heeft gesteld.



Aon heeft niet voldaan aan haar verplichtingen





3.13.
In deze procedure staat de vraag centraal of Aon heeft voldaan aan haar zorgplicht als assurantietussenpersoon. De vordering van HappyQuipment is gebaseerd op het standpunt dat Aon is tekortgeschoten in haar verplichtingen ten aanzien van 1) het geven van risicoadvies, 2) het vaststellen van de gewenste verzekeringsdekking en 3) de schadeafhandeling. De rechtbank is van oordeel dat Aon haar verplichtingen ten aanzien van 1) het verstrekken van risicoadvies en 2) het vaststellen van de gewenste verzekeringsdekking heeft geschonden. Ten aanzien van haar verplichtingen ten aanzien van de schadeafhandeling is Aon naar het oordeel van de rechtbank niet tekortgeschoten. Daartoe overweegt de rechtbank als volgt.



3.14.
Tussen partijen is een overeenkomst van opdracht totstandgekomen waarin onder meer is bepaald dat Aon de activiteiten en belangen van de verzekerden in kaart moet brengen, ontwikkelingen met hen moet bespreken en samen met de verzekerden de gewenste dekking moet vaststellen. Op grond van die overeenkomst was Aon verplicht om de zorg in acht te nemen die van een redelijk handelend en redelijk bekwaam opdrachtnemer mag worden verwacht. Het is de taak van een assurantietussenpersoon te waken voor de belangen van de verzekeringnemer. Dat brengt mee dat de assurantietussenpersoon de verzekeringnemer tijdig opmerkzaam maakt op de gevolgen die hem bekende feiten voor de dekking onder die verzekeringen kunnen hebben. Ook moet de assurantietussenpersoon waken voor eventuele onderverzekering. De reikwijdte van de zorgplicht is afhankelijk van de omstandigheden van het geval, met name van de aard en inhoud van de opdracht en de belangen van de cliënt voor zover die kenbaar zijn voor de tussenpersoon.



3.15.
De diensten die Aon moest uitvoeren zijn gedetailleerd omschreven in de overeenkomst. Hierin is expliciet benoemd dat Aon niet alleen de risico’s bij de verzekerden in kaart brengt, maar deze risico’s ook actief monitort en bespreekt. Uit het verslag dat Aon heeft opgesteld naar aanleiding van het gesprek met Hoogwerkt op 4 januari 2023 blijkt dat Aon wist dat Hoogwerkt sinds 2018 is gegroeid, dat zij veel materieel met een aanzienlijke waarde in eigendom had en dat zij naast elektrische hoogwerkers ook ander materieel, waaronder vorkheftrucks, verhuurde. Zij wist ook dat in de verzekeringspolis alleen elektrische hoogwerkers als verzekerd interest waren vermeld. Naar het oordeel van de rechtbank behoorde het tot de taak van Aon om HappyQuipment erop te wijzen dat vorkheftrucks en ander materieel dan elektrische hoogwerkers niet genoemd waren in de polis, aan de orde te stellen welke risico’s dit met zich bracht en om er desgewenst voor zorg te dragen dat de verzekeringsdekking zou worden uitgebreid. Dat heeft Aon allemaal niet gedaan. Daarmee heeft Aon in strijd gehandeld met haar verplichtingen onder de overeenkomst.



3.16.
Aon heeft aangevoerd dat de informatie over de heftrucks is ontleend aan de website van Hoogwerkt en niet in het gesprek op 4 januari 2023 aan de orde is gekomen. Waar Aon deze informatie heeft betrokken kan naar het oordeel van de rechtbank echter in het midden blijven, omdat hoe dan ook vaststaat dat Aon ten tijde van het opstellen van het gespreksverslag beschikte over deze informatie en daar geen actie op heeft ondernomen. Aon had er verder van op de hoogte kunnen (en moeten) zijn dat Hoogwerkt niet alleen elektrisch maar ook dieselaangedreven vorkheftrucks verhuurde. Er was geen reden voor Aon om aan te nemen dat HappyQuipment voor die laatste categorie geen dekking zou wensen en dus valt niet in te zien dat er aanleiding zou zijn geweest om alleen elektrisch aangedreven vorkheftrucks in de polis te vermelden (en er dus hoe dan ook geen dekking onder de verzekering zou zijn geweest). Los daarvan staat vast dat vorkheftrucks helemaal niet zijn vermeld in de polis.



3.17.
Aon heeft daarnaast nog aangevoerd dat HappyQuipment nog andere verzekeringen had en Aon niet overzag wat elders was verzekerd. Naar het oordeel van de rechtbank ontslaat dit Aon niet van haar zorgplicht. Integendeel, het behoorde ook juist tot de taak van Aon om na te gaan welke verzekeringen er elders liepen en welke risico’s wel en welke risico’s niet waren gedekt.



3.18.
De rechtbank komt dan ook tot de conclusie dat Aon heeft gehandeld in strijd met haar zorgplicht en, meer in het bijzonder, dat zij haar verplichtingen ten aanzien van het geven van risico-advies en het vaststellen van de juiste verzekeringsdekking niet is nagekomen. Dat brengt mee dat Aon de schade aan de zijde van HappyQuipment die het gevolg is van deze niet-nakoming moet vergoeden (artikel 6:74 BW).



3.19.
HappyQuipment heeft haar stelling dat Aon te weinig heeft gedaan in de schadeafwikkeling en dat de afwikkeling onnodig veel tijd heeft gekost onvoldoende onderbouwd. Vaststaat dat Aon getracht heeft om Allianz te bewegen alsnog dekking te verlenen. HappyQuipment heeft geen concrete feiten en omstandigheden gesteld waaruit blijkt dat deze inspanningen te beperkt waren. Het tijdsverloop tussen de eerste melding en de definitieve dekkingsafwijzing door Allianz is daarbij naar het oordeel van de rechtbank niet onredelijk lang. Op dit punt kan daarom niet worden geconcludeerd dat Aon is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst.



De schade van HappyQuipment is € 28.900,00





3.20.
Voor vergoeding komt alleen schade in aanmerking die in causaal verband staat tot de zorgplichtschending. Met andere woorden: er moet een vergelijking gemaakt worden met de situatie zoals die zich feitelijk heeft voorgedaan (de verzekeraar heeft geen dekking verleend voor de verduisterde heftruck) en de situatie zoals die zich zou hebben voorgedaan als Aon had voldaan aan haar verplichtingen. Als Aon had voldaan aan haar verplichtingen zou HappyQuipment erop gewezen zijn dat (al dan niet collegiaal ingehuurde) vorkheftrucks niet waren genoemd in de polis en had HappyQuipment ervoor kunnen kiezen deze alsnog in de polis te laten opnemen. HappyQuipment heeft onweersproken gesteld dat zij hier dan voor zou hebben gekozen. Voor het vaststellen van de hoogte van de schade aan de zijde van HappyQuipment moet daarom worden bepaald wat de verzekeraar in dat geval zou hebben vergoed.



3.21.
Op grond van de polisvoorwaarden die golden voor de verzekering van elektrische hoogwerkers was bij collegiale inhuur de dagwaarde gedekt en betrof het eigen risico € 1.500,00. Aon heeft niet betwist dat deze voorwaarden bij dekking van ander materieel dan elektrische hoogwerkers ook zouden hebben gegolden. Daarnaast wijst niets erop dat in het geval vorkheftrucks ook zouden zijn opgenomen in de polis in geval van verduistering van een collegiaal ingehuurde vorkheftruck de verzekeraar dekking zou hebben geweigerd. Zo valt niet in te zien dat het feit dat op grond van clausule CX201-906 de huurder van de vorkheftruck niet is meeverzekerd voor het risico van vermissing of verduistering, met zich brengt dat HappyQuipment in dit geval geen aanspraak kan maken op dekking onder de verzekering.



3.22.
De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat als Aon aan haar zorgplicht zou hebben voldaan, de verzekeraar de dagwaarde van de vorkheftruck (€ 30.400,00) minus het eigen risico (€ 1.500,00), dus een bedrag van € 28.900,00, zou hebben uitgekeerd. HappyQuipment heeft onvoldoende onderbouwd dat de verzekeraar in dat geval ook de expertisekosten van Collé zou hebben vergoed omdat deze op grond van de verzekering voor vergoeding in aanmerking zouden zijn gekomen. Deze kosten kunnen daarom niet worden beschouwd als schade aan de zijde van HappyQuipment.



3.23.
De rechtbank heeft hiervoor overwogen dat Aon niet is tekortgeschoten ten aanzien van de schadeafhandeling. De interne kosten die HappyQuipment stelt te hebben moeten maken in verband met de schadeafwikkeling kunnen – nog daargelaten dat deze onvoldoende zijn gespecificeerd – daarom ook niet worden beschouwd als schade die door Aon moet worden vergoed.



3.24.
Aon heeft nog gesteld dat rekening moet worden gehouden met voordeelstoerekening (artikel 6:100 BW), omdat in het geval vorkheftrucks ook onder de dekking zouden zijn gebracht HappyQuipment een hogere premie zou hebben moeten betalen. Aon heeft deze stelling echter onvoldoende onderbouwd, waardoor dit verweer niet slaagt.



3.25.
Het voorgaande betekent dat de rechtbank de schade aan de zijde van HappyQuipment vaststelt op € 28.900,00. Zoals hierna zal worden toegelicht hoeft Aon echter niet dit volledige bedrag te betalen.



Aon hoeft niet alle schade te vergoeden





3.26.
Aon voert als verweer dat sprake is van eigen schuld aan de zijde van HappyQuipment (artikel 6:101 BW), omdat Hoogwerkt onvoldoende heeft gecheckt of de huurder betrouwbaar was en te laat heeft gehandeld nadat zij op de hoogte raakte van de vermoedelijke verduistering. De rechtbank volgt Aon hierin niet. Door Aon is niet althans onvoldoende gemotiveerd betwist dat Hoogwerkt voorafgaand aan de verhuur meerdere checks heeft uitgevoerd en ook meerdere malen contact heeft opgenomen met de huurder. Redelijkerwijs valt niet in te zien dat Hoogwerkt in dat stadium meer had moeten doen. Dat geldt ook voor de stelling van Aon dat HappyQuipment eerder had moeten handelen na het vermoeden van verduistering. Bovendien staat niet vast dat als HappyQuipment meer had gedaan of eerder had gehandeld de verduistering niet had plaatsgevonden. Daarom is in dit opzicht geen sprake van eigen schuld.



3.27.
De rechtbank is van oordeel dat op een ander punt wel sprake is van eigen schuld aan de zijde van HappyQuipment. HappyQuipment heeft namelijk ook niet zelf ter sprake gebracht dat in de verzekeringspolis alleen elektrische hoogwerkers zijn vermeld. Hoewel het primair de taak van Aon is om na te gaan of er voldoende dekking is, rust op HappyQuipment als professionele partij ook een eigen verantwoordelijkheid om de polis te lezen en vervolgens actie te ondernemen als daarin opvallende dingen zijn vermeld – of juist wezenlijke zaken ontbreken. In dit geval had het HappyQuipment moeten opvallen dat in de polis alleen elektrische hoogwerkers waren vermeld, terwijl ook ander materieel werd verhuurd. HappyQuipment was daar zelf als geen ander van op de hoogte. Zij had regelmatig contact met Aon en er was dus ook voldoende gelegenheid om dit ter sprake te brengen bij Aon. Dat is niet gebeurd. Dit brengt mee dat de schade mede een gevolg is van een omstandigheid die aan HappyQuipment moet worden toegerekend en zij een deel van haar schade dus zelf moet dragen. De rechtbank oordeelt dat het tekortschieten van Aon voor 2/3 aan de schade heeft bijgedragen. Voor het toepassen van een billijkheidscorrectie ziet de rechtbank geen gronden. Dat betekent dat Aon een bedrag van 2/3 x € 28.900,00 = € 19.266,67 aan HappyQuipment moet betalen. Omdat dit bedrag aan schadevergoeding wordt toegewezen, heeft HappyQuipment geen belang bij een afzonderlijke verklaring voor recht dat Aon is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst (artikel 3:303 BW). Dit deel van haar vordering zal dan ook worden afgewezen.



Aon moet rente betalen





3.28.
HappyQuipment heeft recht op de wettelijke rente over de hoofdsom vanaf het moment dat Aon in verzuim is (artikel 6:119 BW). HappyQuipment vordert wettelijke rente vanaf 14 mei 2025. Deze ingangsdatum is door Aon niet betwist. De rente zal daarom vanaf dat moment worden toegewezen.



Aon moet incassokosten betalen





3.29.
HappyQuipment vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten van € 875,00. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). Aan de wettelijke eisen voor een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten is voldaan. Daarom zal een bedrag van € 875,00 worden toegewezen. De gevorderde rente over de buitengerechtelijke incassokosten (met ingang van 20 juni 2025) zal eveneens worden toegewezen.



Aon moet de proceskosten betalen





3.30.
Aon is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van HappyQuipment worden begroot op:










- kosten van de dagvaarding


€


122,35







- griffierecht


€


2.995,00







- salaris advocaat


€


1.672,00


(2 punten × € 836,00)




- nakosten


€


189,00


(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)




Totaal


€


4.978,35











3.31.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.






4De beslissing


De rechtbank



4.1.
veroordeelt Aon om aan HappyQuipment te betalen een bedrag van € 19.266,67, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 14 mei 2024, tot de dag van volledige betaling,



4.2.
veroordeelt Aon om aan HappyQuipment te betalen een bedrag van € 875,00 aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW, met ingang van 20 juni 2025, tot de dag van volledige betaling,



4.3.
veroordeelt Aon in de proceskosten van € 4.978,35, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als Aon niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,



4.4.
veroordeelt Aon tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,



4.5.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,



4.6.
wijst het meer of anders gevorderde af.









Dit vonnis is gewezen door mr. K.A. Baggerman en in het openbaar uitgesproken op 16 september 2026.
4043/2537