Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Rotterdam

ECLI:NL:RBROT:2024:2888

2024-04-05 Civiel recht; Arbeidsrecht 10792190
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Uitspraakdatum
2024-04-05
Publicatiedatum
2024-04-05
Rechtsgebied
Civiel recht; Arbeidsrecht
Procedure
Beschikking
Zaaknummer
10792190
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | VAAN-AR-Updates.nl 2024-0532 | AR-Updates.nl 2024-0532

Inhoudsindicatie

Arbeidszaak. Eindbeschikking. Veroordeling werkgever tot betaling aanzegvergoeding aan werknemer.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.869 tekens)
RECHTBANK ROTTERDAM


locatie Rotterdam



zaaknummer: 10792190 VZ VERZ 23-9777



datum uitspraak: 5 april 2024




Beschikking van de kantonrechter




in de zaak van





[persoon A] ,

woonplaats: [woonplaats] ,
verzoeker,
verweerder in het tegenverzoek,
gemachtigde: mr. J. Marges,



tegen




Sirini Data & Elektra B.V.,

vestigingsplaats: Hoogvliet, gemeente Rotterdam,
verweerster,
verzoekster in het tegenverzoek,
vertegenwoordigd door: mr. S. Sirini.



De partijen worden ‘Werknemer’ en ‘Werkgever’ genoemd.





1De beoordeling
Het verzoek: aanzegvergoeding

1.1.

De kantonrechter blijft bij al wat zij heeft overwogen in de tussenbeschikking van
15 februari jl. In deze beschikking is geoordeeld dat Werkgever de aanzegvergoeding van € 3.218,90 bruto in beginsel verschuldigd is. Of Werkgever de aanzegvergoeding moet uitbetalen aan Werknemer is verbonden aan het lot van het tegenverzoek van Werkgever tot betaling van een schadevergoeding.




Het tegenverzoek: schadevergoeding




1.2.
Werkgever verzoekt Werknemer te veroordelen om een schadevergoeding te betalen, omdat Werknemer zich volgens Werkgever schuldig heeft gemaakt aan diefstal/verduistering van bedrijfsmiddelen. Werkgever is in de tussenbeschikking in de gelegenheid gesteld te bewijzen dat Werknemer zich schuldig heeft gemaakt aan de gestelde diefstal/verduistering. Werkgever heeft echter niet meer gereageerd en dus ook geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om binnen één maand te laten weten hoe hij dit bewijs wil leveren.



1.3.
Bij deze stand van zaken staat niet vast en zal ook niet komen vast te staan dat Werknemer zich schuldig heeft gemaakt aan diefstal/verduistering van bedrijfsmiddelen. Er is dan ook geen grond om Werknemer te veroordelen tot betaling van schadevergoeding. Daarom wordt het tegenverzoek afgewezen.



1.4.
Dit betekent dat Werkgever zal worden veroordeeld om de aanzegvergoeding aan Werknemer te betalen, dus € 3.218,90 bruto, met rente vanaf 12 september 2023.



Proceskosten




1.5.
Werkgever moet de proceskosten betalen, omdat hij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter stelt deze kosten aan de kant van Werknemer vast op € 244,- aan griffierecht, € 543,- aan salaris voor de gemachtigde en € 135,- aan nakosten. Dat is in totaal € 922,-. Voor het verweer tegen het tegenverzoek is geen extra salaris toegekend, omdat geen schriftelijk verweer is gevoerd. Hier kan nog een bedrag bijkomen als deze beschikking wordt betekend.



Uitvoerbaarheid bij voorraad




1.6.
Deze beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 288 Rv).





2De beslissing
De kantonrechter:


2.1.
veroordeelt Werkgever tot betaling aan Werknemer van € 3.218,90 bruto aan aanzegvergoeding, met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW daarover vanaf 12 september 2023 tot de dag dat volledig is betaald;



2.2.
veroordeelt Werkgever in de proceskosten, die aan de kant van Werknemer worden vastgesteld op € 922,-;



2.3.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;



2.4.
wijst al het andere af.


Deze beschikking is gegeven door mr. C.J. Frikkee en in het openbaar uitgesproken.
465