Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Rotterdam

ECLI:NL:RBROT:2023:9075

2023-09-28 Civiel recht; Verbintenissenrecht C/10/664809 / KG ZA 23-791
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Uitspraakdatum
2023-09-28
Publicatiedatum
2023-09-29
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure
Kort geding
Zaaknummer
C/10/664809 / KG ZA 23-791
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

KG. Man vordert medewerking van vrouw aan verkoop en verdeling van de woning, maar trekt ter zitting alle vorderingen in. Dan resteert een oordeel over de proceskoten. In de onderhavige omstandigheid dat deze procedure niet nodig was en de man, door deze toch door te zetten, de vrouw nodeloos op kosten heeft gejaagd, ziet de voorzieningenrechter aanleiding om de man te veroordelen in de proceskosten van de vrouw.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.550 tekens)
vonnis


RECHTBANK ROTTERDAM




Team handel en haven






zaaknummer / rolnummer: C/10/664809 / KG ZA 23-791






Vonnis in kort geding van 28 september 2023






in de zaak van






[eiser01]

,


wonende te Rotterdam,


eiser,


advocaat mr. V.T.E. Kuijpers te Capelle aan den IJssel,





tegen






[gedaagde01]

,


wonende te Spijkenisse,


gedaagde,


advocaat mr. S. Broekzitter-Nieuwland te Spijkenisse.





Partijen worden hierna de man en de vrouw genoemd.








1

De procedure



1.1.


Het verloop van de procedure blijkt uit:




de dagvaarding van 6 september 2023, met een productie;




de conclusie van antwoord, met 3 producties;




de mondelinge behandeling op 14 september 2023.







1.2.


Ten slotte is vonnis bepaald.








2

Het geschil



2.1.


De man vordert in de dagvaarding bij vonnis, uitvoer bij voorraad:




I. te bepalen dat de voormalig echtelijke woning gelegen [adres01] te [plaats01] te koop zal worden aangeboden, waarbij de taxatie- en verkoopkosten en de resterende hypothecaire schuld op de woning in mindering worden gebracht op de verkoopopbrengst, waarna de overwaarde van de woning bij helfte zal worden verdeeld tussen partijen;


II. de vrouw te veroordelen om mee te werken aan de taxatie en levering van de woning aan de koper(s) en te bepalen dat het te wijzen vonnis dezelfde kracht heeft als de benodigde rechtshandelingen welke de vrouw dient te verrichten teneinde het eigendom van haar aandeel in de woning juridisch over te dragen en te leveren aan de koper(s) en te bepalen dat het vonnis in de plaats treedt van de voor verkoop en eigendomsoverdracht noodzakelijke wilsverklaringen van de vrouw, zoals bedoeld in artikel 3:300 lid 2 BW, hierbij mede inbegrepen de verkoopopdracht aan een NVM erkende makelaar, voor zover de vrouw niet vrijwillig voldoet aan het te wijzen vonnis binnen 14 dagen na betekening;


III. de vrouw te veroordelen tot betaling van de kosten van dit geding, te vermeerderen met de nakosten en de wettelijke rente.






2.2.


De vrouw concludeert tot afwijzing van de vorderingen, met veroordeling van de man in de kosten van de procedure. Ze voert aan dat de woning enkel op haar naam staat.





2.3.


Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.








3

De beoordeling



3.1.


De man heeft ter zitting erkend dat de woning enkel op naam van de vrouw staat en heeft vervolgens verklaard zijn vorderingen in te willen trekken, althans zich te refereren aan het oordeel van de voorzieningenrechter.





3.2.


Met de intrekking van de vorderingen resteert een beslissing over de proceskosten. Uitgangspunt bij een geschil tussen ex-echtelieden is dat de proceskosten worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. In de onderhavige omstandigheid dat deze procedure niet nodig was en de man, door deze toch door te zetten, de vrouw nodeloos op kosten heeft gejaagd, ziet de voorzieningenrechter aanleiding om de man te veroordelen in de proceskosten van de vrouw.





3.3.


De kosten aan de zijde van de vrouw worden begroot op:


- griffierecht € 86,00


- salaris advocaat

€ 697,00



Totaal € 783,00








4

De beslissing


De voorzieningenrechter:




4.1.


veroordeelt de man in de proceskosten, aan de zijde van de vrouw tot op heden begroot op € 783,00;





4.2.


verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.




Dit vonnis is gewezen door mr. J. Mendlik en in het openbaar uitgesproken op 28 september 2023.


2091 / 3577