Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Overijssel

ECLI:NL:RBOVE:2026:5727

2026-09-16 Civiel recht C/08/332072 / HA ZA 25-127
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Overijssel
Uitspraakdatum
2026-09-16
Publicatiedatum
2026-09-27
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Zaaknummer
C/08/332072 / HA ZA 25-127
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Weens Koopverdrag niet uitgesloten en van toepassing; non-conformiteit; wezenlijke tekortkoming; klacht- en keuringsplicht; gedeeltelijke ontbinding.

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (62.374 tekens)
RECHTBANK Overijssel


Civiel recht



Zittingsplaats Zwolle



Zaaknummer: C/08/332072 / HA ZA 25-127





Vonnis van 16 september 2026





in de zaak van




ZEHNDER GROUP ZWOLLE B.V.,
te Zwolle,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: Zehnder ,
advocaten: mrs. A. Haan en A. Aslan,



tegen



de rechtspersoon naar buitenlands recht

CEBI MICROMOTORS SWITZERLAND S.A.,
te CH-6855 Stabio (Zwitserland),
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: Cebi ,
advocaten: mrs. M. Mussche en J.A. Olydam.







1Samenvatting


1.1
Cebi heeft van Zehnder de opdracht gekregen om motoren te leveren voor het ComfoAir 160 ventilatiesysteem. Enige tijd na levering en installatie ontving Zehnder klachten van haar afnemers over onder meer het geluid van het ventilatiesysteem.



1.2
Zehnder stelt dat Cebi toerekenbaar tekortgeschoten is en dat de geleverde motoren niet voldoen aan hetgeen zij daarvan mocht verwachten. Cebi voert gemotiveerd verweer en heeft een reconventionele vordering tot betaling van haar facturen ingesteld.



1.3
De rechtbank is van oordeel dat de geleverde motoren niet aan de overeenkomst beantwoorden en wijst de vorderingen van Zehnder grotendeels toe. De vordering tot betaling van een voorschot op de schadevergoeding wordt afgewezen, aangezien deze vordering onvoldoende is onderbouwd. De reconventionele vordering van Cebi wordt afgewezen. Het oordeel van de rechtbank zal hierna worden toegelicht.






2De procedure


2.1
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- akte overlegging producties namens Zehnder met producties Z1 t/m Z65;
- een Italiaanse brief ingekomen bij het Openbaar Ministerie op 18 februari 2025;- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie met productie C1 t/m C26;
- de conclusie van antwoord in reconventie met producties Z66 t/m Z74;
- de akte eisvermeerdering in reconventie met producties C27 en C28;
- de akte van 17 december 2025 met producties C29 en C30 namens Cebi ;
- de akte van 7 januari 2026 met producties Z75 t/m Z85 namens Zehnder ;
- de mondelinge behandeling van 13 januari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt, de pleitaantekeningen namens Zehnder en de pleitaantekeningen namens Cebi .



2.2
Ten slotte is vonnis bepaald.






3De feiten


3.1
Zehnder is onderdeel van Zehnder Group, een organisatie die wereldwijd opereert en zich onder meer bezighoudt met het produceren van ventilatiesystemen.



3.2
Cebi is Europees leider op het gebied van temperatuursensoren en componenten voor temperatuurregeling, waaronder micro-, ventilator-, en tandwielmotoren.



3.3
Zehnder werkt bij de productie van haar ventilatoren samen met verschillende leveranciers. In 2017 was zij op zoek naar een nieuwe partner die motoren zou kunnen leveren. In februari 2018 zijn partijen in contact getreden over het leveren van een motor voor de al bestaande ComfoAir 160 ventilatieunit van Zehnder .



3.4

Op 12 februari 2018 heeft Zehnder , in de persoon van [naam 1] , aan Cebi , in de persoon van [naam 2] (keyaccountmanager van Cebi ), een e-mail gezonden met daarin onder meer de volgende tekst:

‘(…) However, as mentioned before, we would like to proceed in starting up a cooperation with CEBI . As mentioned before, the first step is to prepare CEBI as a supplier. In this process we have some steps to take.





Documents


Attached you can find the following documents, which we would like you to fill in.



- Supplier Application Form; this is needed to fill in your supplier data in our ERP (SAP) system: please fill this in and return it.

- Supplier Assessment Document: this will give us more information of your company; please fill this in, and return it.

- General Terms of Purchasing of Zehnder Group Zwolle: Can you agree on our Purchasing Terms? If so then please return a signed copy of the document. If not, then what articles do we need to discuss?

- NDA CEBI - Zehnder: please fill in the right data in the red text, and replace all XX text, by the right legal CEBI name.

(…)




Technical solution


Currently the fan we buy from the current supplier is named R3G120. The specification you can find attached, ‘Data sheet R3G120 and drawing PZW120579742AA.’


(…)





3.5
In de periode van april 2018 tot november 2020 zijn partijen met elkaar in gesprek geweest over de ontwikkeling van het ventilatiesysteem en met name de voorwaarden waaraan de motoren moesten voldoen. Door middel van een ‘action list’ werden procesafspraken bijgehouden en geüpdatet. Cebi zond proefstukken van de motoren aan Zehnder , waarna Zehnder deze testte. De opdracht aan Cebi was om motoren te ontwikkelen die overeenkwamen met de al bestaande en gebruikte motoren. Het proces zou worden afgesloten met een definitief eindproduct (hierna: de Golden Sample).



3.6
Cebi heeft op 8 februari 2019 de ingevulde Supplier Application Form en op 20 februari 2019 een document met informatie over haar motoren aan Zehnder toegezonden (hierna: informatiefolder).



3.7
Om het product te kunnen testen heeft Zehnder de behuizing van een ComfoAir 160 systeem ter beschikking gesteld aan Cebi . In de periode tussen maart 2019 en begin 2020 hebben beide partijen verschillende capaciteitstesten uitgevoerd. Op 12 februari 2020 hebben partijen overleg gehad over het kwaliteitsproces.



3.8

Op 26 februari 2020 heeft Zehnder Cebi verzocht om andere kogellagers te gebruiken, te weten 2RS-kogellagers (afgedicht met rubber) in plaats van ZZ-kogellagers (afgedicht met metaal). In de e-mail staat:

‘We are convinced that 2RS bearings have a higher protection against moisture. Since in our HR units, the relative humidity can be up to 100%. We believe that 2RS bearings will give us a more robust design.’




3.9

Op 27 maart 2020 heeft Zehnder aan Cebi de concept-specificaties voor de motoren toegezonden met de vraag of Cebi met het document kon instemmen. In het stuk is onder meer opgenomen:

‘(…) Maximal


Sound pressure level at 1 meter
dB(A) 62


(…)


Minimal lifetime of the fan in operating environment
85.000 hours (+/- 10 year)’





3.10

Op 10 juni 2020 heeft Cebi aan Zehnder bericht te kunnen instemmen met de specificaties van de motoren, zoals door Zehnder verstuurd op 27 maart 2020. Op
2 juli 2020 heeft Cebi de definitieve specificaties van de motoren ontvangen, waarin ook de 2RS-kogellagers zijn opgenomen.




3.11
In de periode van juni 2020 tot november 2020 heeft Cebi meerdere malen samples naar Zehnder gestuurd die door Zehnder zijn getest. Die motoren voldeden niet aan de specificaties omdat ze teveel energie gebruikten. Op 4 september 2020 hebben partijen hierover overleg gevoerd. Zij hebben daarbij afgesproken dat Cebi vier nieuwe monsters naar Zehnder zou sturen. Zehnder heeft deze monsters getest en zij heeft Cebi bij e-mail van 18 november 2020 laten weten dat deze monsters voldeden aan de kwaliteitseisen. Deze monsters werden daarmee als Golden Sample beschouwd.



3.12
Partijen hebben op 13 april 2021 een Service Level Agreement (hierna: SLA of overeenkomst) gesloten. In artikel 1 van de SLA is opgenomen dat de algemene inkoopvoorwaarden van Zehnder van toepassing zijn.



3.13
In artikel 5.1.2 van de SLA hebben partijen afgesproken dat Zehnder bij een klacht een Quality Notification aan Cebi zou sturen en een retourorder zou plaatsen, waarmee Zehnder het betaalde bedrag terugvorderde. Vervolgens zou een 8D-formulier worden ingevuld en tussen partijen worden uitgewisseld.



3.14
Cebi is gestart met de productie van de motoren en in mei 2021 zijn de eerste motoren geleverd aan Zehnder .



3.15
Met betrekking tot problemen aan verschillende motoren heeft Zehnder op 16 juli 2021 en 14 september 2021 Quality Notifications aan Cebi gezonden en heeft zij retourorders geplaatst.



3.16
Op 25 januari 2022 heeft Zehnder bij Cebi melding gemaakt van geretourneerde ventilatiesystemen vanwege geluidsklachten. Op 30 mei 2022 meldde Zehnder opnieuw geluidsproblemen. Deze laatstgemelde geluidsproblemen houden grotendeels verband met de ‘ball-bearing’ (kogellager) en het geluid dat daardoor wordt geproduceerd (omschreven als ‘fluting’). Een ander probleem met de motoren wordt aangeduid als een ratelend geluid (‘rattling noise’). Zehnder heeft op grond van artikel 5.1.2 SLA 8D-formulieren ingevuld en Cebi verzocht een onderzoek in te stellen.



3.17
Cebi heeft de geretourneerde motoren onderzocht. In opdracht van Cebi heeft de kogellager-leverancier, NMB Technologies Corporation, onderzoek gedaan naar de kogellagers van een motor met een geluidsafwijking. Uit de onderzoeksrapporten van 2 mei 2022 en 23 augustus 2022 volgt dat er sprake is van markeringen op de kogellager die een ‘fluting effect’ veroorzaken. NMB concludeert in het rapport van 23 augustus 2022: ‘Hence, the root cause to become the motor noisy is the fluting damage on the bearing raceways’.



3.18
Op 9 september 2022 werd naar aanleiding van een klacht van een klant van Zehnder een derde onderzoek door NBM uitgevoerd in opdracht van Cebi . Hierin concludeert NMB:



‘
Conclusion


Based on the above analysis results, it can be concluded that the reason for failing the motor in 1 minute is due to the damages occurred on bearings’ raceways (on both IR and OR) and balls. From the investigation picture it is clear that the damages are vibration marks / false brinelling. Such kind of false brinelling / vibration marks are caused due to vibration during standstill. The balls are swinging in axial direction. The failure appears often on assembled parts, which have been temporarily stored or transported without vibration damping.





Consequently, such kind of vibration marks/false brinelling leads to noise issue but the potential lifetime is not reduced significantly. Therefore, NMB suggests customer to check the handling of the motors in store and logistics.’





3.19
In september 2022 zijn partijen gestart met een wekelijks overleg om te bezien of de geluidsproblemen (rattling noise en fluting) verholpen konden worden.



3.20

In oktober 2022 heeft Cebi een oplossing aangedragen voor het ratelgeluid in de vorm van een software-update. In oktober 2022 heeft Cebi deze software update getest.
Het kogellagergeluid (fluting) kon volgens Cebi worden verholpen door keramische kogels te gebruiken.




3.21
Op 11 november 2022 heeft NMB opnieuw gerapporteerd over de motoren:Based on the above analysis, NMB confirms that de bearing are noisy because the raceway of these bearings are damaged due to fluting effect. (…)



3.22
Op 15 december 2022 heeft Cebi aan Zehnder en Wernig, de grootste afnemer van de ventilatiesystemen van Zehnder , in een powerpointpresentatie haar bevindingen ten aanzien van de geluidskwestie gedeeld.



3.23
Op 12 januari en op 7 maart 2023 heeft Cebi een aantal exemplaren van de motoren met keramische lagers aan Zehnder gestuurd. Met toestemming van Zehnder heeft Cebi in maart 2023 keramische kogellagers besteld.



3.24
Op 6 april 2023 vond een bespreking plaats tussen Cebi en Zehnder .



3.25

Op 20 juli 2023 heeft Zehnder per e-mail aan Cebi laten weten dat zij geen keramische lagers in de motoren wilde gebruiken. Bij e-mail van 28 juli 2023 heeft Zehnder de keramische kogellagers definitief afgewezen:

‘Conclusion: we will not introduce the Ceramic bearing into our fans, due to extra noise and vibration observed during the tests in Zwolle. Further investigation is needed to make a final conclusion. (…) Please proceed with the existing 2RS bearing in your application (…)’





3.26
Tijdens een bespreking op 18 september 2023 heeft Zehnder medegedeeld dat de klachten nog steeds in aantal toenemen en dat zij de samenwerking met Cebi wilde beëindigen. Zehnder heeft dit op dezelfde dag schriftelijk bevestigd. Op 19 september 2023 heeft Zehnder Cebi een brief gestuurd waarin zij melding maakt van de klachten, de schade die daardoor ontstaat en heeft zij Cebi aansprakelijk gesteld voor deze schade.



3.27
Bij brief van 28 september 2023 heeft Cebi de aansprakelijkheid afgewezen.



3.28
Partijen zijn in de periode van november 2023 tot mei 2024 met elkaar blijven corresponderen.



3.29
Op 14 mei 2024 hebben partijen elkaar gesproken op het hoofdkantoor van Zehnder . Tijdens deze bespreking heeft Zehnder Cebi onder meer geïnformeerd over de hoogte van de tot dan toe begrote schade en heeft zij geluidsopnames van motoren afgespeeld. Tijdens dezelfde bespreking heeft Cebi Zehnder verzocht om de openstaande facturen voor de EC- motoren te voldoen. Zehnder heeft zich ten aanzien van die facturen op een opschortingsrecht beroepen.



3.30

Op 9 juni 2024 heeft Ideetron B.V. in opdracht van Zehnder een rapport uitgebracht over het onderzoek naar de oorzaak van het geluid van de ComfoAir 160 ventilatiesystemen met motoren van Cebi . De conclusie van Ideetron luidt:

‘5. Conclusion


Due to the nature of the project, the conclusion is 2 folded: 1; a preliminary conclusion on the devices in the operation before the device is opened. 2; a secondary and final conclusion after the devices are opened and examined.





5.1.


Preliminary conclusion


(…)


After connection to the mains and a 0-10V driver voltage, the motor in the device started spinning and noises could be heard apart from wind noises. This noises were recorded. From these noises could be concluded that several motors/ devices make disproportional loud noises besides wind noises. It’s impossible to definitively conclude the source of the noise at this point, but it’s likely a noise emitting from the bearing in the motor. (…)





(…)




5.2.


Secondary conclusion


After more research, the most likely culprit is found. The fan motors were taken apart and the bearings were examined. From this can be concluded that the primary cause of the fails are the lubricant and/or the bearing seal, most likely due to overheating.


From this heat the lubrication failed and parts of the lubricant ran out of the bearing. The lack of lubrication is possibly substituted by water in a moist environment. (…) This loss of lubricant and/or the ingress of water is the main cause of the bearing defects and causes fluting of the raceways and after more time running, flaking of the bearing balls and a subsequent destruction of the raceways of the bearing. (…) The faulty bearing is then the cause of the noises emitting from the fan motor. (…) The most likely cause of this fluting is failed lubricant. (…)

The cause of the overheating can be further investigated.





3.31
Ook na verder overleg zijn partijen niet tot een oplossing gekomen.






4Het geschil



in conventie




4.1

Zehnder vordert – samengevat – twee verklaringen voor recht: één inhoudende dat Cebi jegens Zehnder toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen, dan wel dat zij tegenover Zehnder onrechtmatig heeft gehandeld, en één inhoudende dat Cebi gehouden is de schade te vergoeden die Zehnder heeft geleden als gevolg van de tekortkomingen/ onrechtmatig handelen. Daarbij vordert Zehnder ook dat Cebi gehouden is om Zehnder te vrijwaren voor alle vorderingen en claims van derden op Zehnder die verband houden met de tekortkomingen van Cebi .
Daarnaast vordert Zehnder de SLA tussen Zehnder en Cebi gedeeltelijk te ontbinden, waarbij de ontbinding ziet op de resterende voorraad van Cebi motoren bij Zehnder en Cebi te veroordelen tot betaling van alle kosten die voortvloeien uit de ongedaanmaking van verbintenissen, alsmede tot terugbetaling van € 106.183,36 welk bedrag zij van Zehnder heeft ontvangen voor de motoren waarop de gedeeltelijke ontbinding betrekking heeft.
Verder vordert Zehnder Cebi te veroordelen tot betaling van schadevergoeding nader op te maken bij staat met een voorschot op de schadevergoeding van € 3.250.000,-.
Tenslotte vordert Zehnder Cebi te veroordelen en te gebieden de resterende voorraad motoren en de defecte motoren bij Zehnder op eigen kosten terug te nemen, dit alles met veroordeling in de kosten van dit geding.




4.2
Cebi voert verweer. Cebi concludeert tot afwijzing van de vorderingen van Zehnder met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van Zehnder in de kosten van deze procedure.



4.3
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.



in reconventie





4.4
Cebi vordert, na vermeerdering van eis – samengevat – Zehnder te veroordelen tot betaling aan Cebi van i) € 82.200,25 uit hoofde van onbetaalde facturen, ii) € 33.000,- voor niet afgenomen keramische kogellagers en iii) € 196.998,19 voor niet afgenomen overige materialen, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente en met veroordeling van Zehnder tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten.



4.5
Zehnder voert verweer. Zehnder concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Cebi , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Cebi .



4.6
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.






5De beoordeling



Rechtsmacht




5.1
Omdat Cebi in Zwitserland is gevestigd en een rechtspersoon naar Zwitsers recht is, heeft deze zaak internationale aspecten. De rechtbank moet daarom eerst beoordelen of zij bevoegd is om deze zaak in behandeling te nemen (of de rechtbank rechtsmacht heeft) en zo ja, welk recht op deze zaak van toepassing is.



5.2
In beginsel wordt de rechtsmacht van de Nederlandse rechter in burgerlijke zaken bepaald aan de hand van de Verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 over de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (hierna: de verordening). Zwitserland is geen lidstaat van de Europese Unie. Artikel 6 lid 1 van de verordening bepaalt echter, voor zover van belang, dat indien de verweerder geen woonplaats heeft op het grondgebied van een lidstaat, de bevoegdheid in elke lidstaat wordt geregeld door de wetgeving van die lidstaat, onverminderd artikel 18 lid 1, artikel 21 lid 2 en de artikelen 24 en 25. In artikel 25 van de verordening staat opgenomen dat indien partijen een rechtsgeldig forumkeuzebeding hebben gesloten het gerecht van die lidstaat in beginsel exclusief bevoegd is van het geschil kennis te nemen.



5.3
De rechtbank stelt vast dat partijen in artikel 8 van de SLA een forumkeuzebeding zijn overeengekomen als bedoeld in artikel 25 van de verordening waarbij zij de rechtbank Overijssel, locatie Zwolle, hebben aangewezen als exclusief bevoegde rechter om van het geschil kennis te nemen. De rechtbank komt dan ook rechtsmacht toe met betrekking tot de vorderingen van partijen.



Toepasselijk recht





5.4

Het geschil betreft een koopovereenkomst met betrekking tot roerende zaken gesloten tussen contractspartijen die zijn gevestigd in staten die zich hebben verbonden aan het Verdrag der Verenigde Naties inzake internationale koopovereenkomsten betreffende roerende lichamelijke zaken, ook bekend onder de naam Convention on Contracts for the International Sale of Goods (CISG) en Weens Koopverdrag (hierna te noemen : WKV).
Het bovenstaande heeft tot gevolg dat in beginsel het WKV van toepassing is op het onderhavige geschil (artikel 1 lid 1 onder a WKV). Dit is slechts anders als partijen de toepasselijkheid van het WKV contractueel hebben uitgesloten (artikel 6 WKV).




5.5
Zehnder voert aan dat partijen de toepasselijkheid van het WKV uitdrukkelijk hebben uitgesloten in artikel 13.1. van de algemene inkoopvoorwaarden. Cebi betwist ten eerste dat de algemene inkoopvoorwaarden van Zehnder van toepassing zijn waardoor van een uitsluiting van het WKV geen sprake is. Ten tweede betwist Cebi inhoudelijk dat in de algemene voorwaarden toepasselijkheid van het WKV is uitgesloten.



Toepasselijkheid algemene inkoopvoorwaarden van Zehnder ?





5.6
De vraag of algemene voorwaarden deel zijn gaan uitmaken van de overeenkomst, wordt volgens vaste jurisprudentie beantwoord aan de hand van het WKV (Hoge Raad 28 januari 2005, ECLI:NL:HR:2005:AR4837). Dit geldt ook wanneer in de betreffende algemene voorwaarden de toepasselijkheid van het WKV wordt uitgesloten. Op grond van het WKV en de door CISG Advisory Council afgegeven Opinie nr. 13 maken algemene voorwaarden alleen deel uit van een koopovereenkomst, wanneer partijen dit tijdens of voorafgaand aan de totstandkoming van de overeenkomst, uitdrukkelijk of stilzwijgend zijn overeengekomen én de wederpartij ( Cebi ) ten tijde van het aangaan van de overeenkomst een redelijke mogelijkheid had om kennis te nemen van de algemene voorwaarden. Uit Opinie nr. 13 volgt dat daartoe de (verwijzing naar de) voorwaarden helder en begrijpelijk moeten zijn voor een redelijke persoon van een gelijke hoedanigheid als de wederpartij in dezelfde omstandigheden.



5.7
De rechtbank is ten eerste van oordeel dat de algemene inkoopvoorwaarden tussen partijen zijn overeengekomen. In artikel 1 van de SLA zijn de voorwaarden uitdrukkelijk van toepassing verklaard. Door Zehnder is onbetwist gesteld dat over de inhoud van de SLA uitvoerig is onderhandeld en dat door Cebi bij de totstandkoming van de overeenkomst verschillende wijzigingen ten aanzien van de tekst zijn voorgesteld, maar dat de toepasselijkheid en inhoud van de algemene inkoopvoorwaarden daarbij geen onderwerp van gesprek zijn geweest. Verder kan worden vastgesteld dat Cebi niet heeft gereageerd op de uitnodiging van Zehnder (bij toezending van de voorwaarden op 12 februari 2018) om over de inhoud van de voorwaarden in gesprek te gaan. Vervolgens heeft Cebi op 8 februari 2019 een ingevuld en ondertekend ‘Supplier Application Form’ aan Zehnder toegezonden, waarin wordt vermeld; ‘The supplier has received and agrees on the Zehnder Group Zwolle B.V. general terms and conditions of purchase’. Uit deze omstandigheden blijkt voldoende dat Cebi heeft ingestemd met de algemene inkoopvoorwaarden van Zehnder .



5.8
De vraag die vervolgens voorligt is of Cebi een redelijke mogelijkheid is geboden om kennis te nemen van de algemene inkoopvoorwaarden. De rechtbank is van oordeel dat dit het geval is nu Zehnder onweersproken heeft gesteld dat de algemene inkoopvoorwaarden al op 12 februari 2018 (en dus gedurende het totstandkomingsproces van de overeenkomst) per e-mail aan de heer [naam 2] zijn gezonden en de heer [naam 2] gedurende het gehele proces namens Cebi betrokken is geweest. Door de toezending heeft Cebi kennis kunnen nemen van de voorwaarden, zodat deze van toepassing zijn op de overeenkomst tussen partijen.



5.9
Cebi heeft nog aangevoerd dat de enkele toezending van de algemene inkoopvoorwaarden in een bijlage van een e-mail en op een moment gelegen drie jaar voorafgaand aan het sluiten van de SLA, niet voldoende is voor kennisname van de algemene inkoopvoorwaarden, maar dit verweer wordt verworpen. Cebi heeft door de toezending in een vroeg stadium van de onderhandelingsfase kennis kunnen nemen van de algemene inkoopvoorwaarden. Zij is door Zehnder uitdrukkelijk gewezen op de algemene inkoopvoorwaarden in de bijlage en is ook uitgenodigd op de voorwaarden te reageren. Vervolgens zijn partijen in de SLA de toepasselijkheid van de algemene inkoopvoorwaarden overeengekomen. Daarmee is voldaan aan de geldende vereisten en maken de algemene inkoopvoorwaarden deel uit van de overeenkomst.



Weens Koopverdrag uitgesloten?





5.10
Nu de algemene inkoopvoorwaarden van Zehnder van toepassing zijn op de tussen partijen gesloten SLA moet vervolgens worden beoordeeld of partijen met artikel 13.1. van de algemene inkoopvoorwaarden hebben bedoeld de toepasselijkheid van het WKV uit te sluiten (artikel 6 WKV). Partijen verschillen daarover van mening.



5.11
Artikel 13.1 van de algemene inkoopvoorwaarden bepaalt: ‘Dutch law applies exclusively to the Agreement. Other treaties, conventions or regulations are excluded.’.



5.12
De uitleg van een rechtskeuzebeding dient plaats te vinden met gebruikmaking van de in het WKV neergelegde regels van uitlegging van overeenkomsten. Volgens artikel 8 van het WKV zijn daarbij bepalend – kort gezegd – de over en weer kenbare bedoelingen van partijen, dan wel de zin die redelijke personen van gelijke hoedanigheid in dezelfde omstandigheden aan elkaars verklaringen of andere gedragingen zouden hebben toegekend. Daarbij dient rekening gehouden te worden met alle ter zake dienende omstandigheden van het geval, waaronder begrepen de onderhandelingen, eventuele handelwijzen die tussen partijen gebruikelijk zijn, gewoonten en latere gedragingen van partijen. Volgens Opinie nr. 16 van de CISG Advisory Counsil moet er sprake zijn van een ‘clear intent’ om het WKV uit te sluiten. Een enkele verwijzing naar het recht van een verdragsstaat is onvoldoende om het WKV uit te sluiten.



5.13
De rechtbank is van oordeel dat onvoldoende is gebleken dat partijen het WKV hebben willen uitsluiten. De keuze voor het Nederlandse rechtssysteem in de eerste zin van artikel 13.1 van de algemene inkoopvoorwaarden volstaat daartoe niet, aangezien het WKV deel uitmaakt van het Nederlandse recht. Als het Nederlandse recht van toepassing is, is het WKV dat ook, tenzij de toepasselijkheid van het WKV door partijen uitdrukkelijk is uitgesloten. Uit de tweede zin van artikel 13.1 volgt niet voldoende concreet dat sprake is van een uitsluiting van de WKV. Hierin wordt het WKV niet expliciet benoemd en ook overigens kan niet worden afgeleid dat partijen een duidelijke bedoeling hebben gehad om het WKV uit te sluiten. Het gebruik van het woord ‘Other’ is ten aanzien van het WKV immers niet verenigbaar met het uitgangspunt dat het WKV tot het Nederlandse recht behoort.



5.14
De door Zehnder gestelde duidelijke bedoeling van partijen kan ook niet worden afgeleid uit andere omstandigheden. Zehnder heeft verwezen naar artikel 7.5 van de algemene inkoopvoorwaarden, waarin de artikelen 6:89 en 7:23 BW (klachtplicht) worden genoemd. Zij heeft zich op het standpunt gesteld dat deze verwijzing overbodig zou zijn in het geval dat het WKV niet zou zijn uitgesloten, omdat de klachtplicht in dat geval door artikel 39 van het WVK zou worden beheerst. De rechtbank volgt Zehnder niet in dit verweer. In een geschil tussen Nederlandse partijen, waarop het WKV niet van toepassing is, heeft dit artikel immers wel degelijk gevolgen voor de rechtsverhouding tussen die partijen. Daaruit volgt dat artikel 7.5 niet kan worden aangemerkt als een loze bepaling als het WKV niet is uitgesloten.



5.15
De omstandigheid dat Cebi het WKV wel uitdrukkelijk heeft uitgesloten in haar eigen voorwaarden doet aan het bovenstaande niet af. Deze voorwaarden maken immers geen onderdeel uit van de overeenkomst. Dat partijen de bedoeling hebben gehad, of zelfs maar hebben overwogen, om het WKV op enige manier uit te sluiten is niet gesteld of gebleken. Als zij dat hadden gewild hadden zij dat uitdrukkelijk in de overeenkomst kunnen opnemen. Dat hebben zij echter nagelaten.


5.16
Uit het voorgaande volgt dat het Nederlands recht met inbegrip van het WKV op de overeenkomst tussen partijen van toepassing is. Dat betekent dat de zaak moet worden beoordeeld aan de hand van het WKV en voor onderdelen die niet in het WKV zijn geregeld het Burgerlijk Wetboek van toepassing is.



Beantwoorden de motoren van Cebi aan de overeenkomst?





5.17

Zehnder stelt dat de door Cebi geproduceerde motoren voor het ComfoAir 160 systeem niet voldoen aan de overeenkomst die partijen hebben gesloten, met name doordat de motoren een sterk storend tonaal en fluctuerend geluid maken dat door gebruikers van de ventilatie-units moeilijk te negeren is. Een dermate hinderlijk geluid mag geen eigenschap zijn van een motor. Zehnder behoefde niet te verwachten dat het geluid van de motoren in deze mate afwijkt van het geluid van de Golden Sample. Zehnder verwijst daarbij onder meer naar de garantie die is opgenomen in de algemene inkoopvoorwaarden. Volgens Zehnder is inmiddels 60% van de motoren vanwege klachten geretourneerd.
Cebi betwist dat sprake is van een tekortkoming. Het geluid voldoet volgens haar aan de specificaties die zijn overeengekomen. Dat het geluid boven de overeengekomen grens van 62 dB(a) uitkomt is volgens haar niet komen vast te staan.




5.18
Beoordeeld moet worden of Cebi is tekortgeschoten in de nakoming van de verplichtingen uit de overeenkomst. Artikel 35 WKV bepaalt dat de geleverde zaken moeten voldoen aan hetgeen tussen partijen overeengekomen is. Uit lid 2 onder c van artikel 35 WKV volgt dat zaken slechts aan de overeenkomst voldoen als zij de hoedanigheden bezitten die de verkoper als monster of model aan de koper heeft aangeboden.


5.19
Uit de standpunten van de partijen volgt dat vooral verschil van mening bestaat over de eisen die aan het geluid van de door Cebi geproduceerde motoren gesteld mogen worden. Om deze vraag te beantwoorden is de inhoud van de overeenkomst van belang. Bij de uitleg van de overeenkomst is artikel 8 WKV van toepassing, zoals ook in r.o. 5.12 al is overwogen. Kortgezegd volgt daaruit dat bij de uitleg van de overeenkomst de over en weer kenbare bedoelingen van partijen van belang zijn en dat rekening dient te worden gehouden met alle relevante omstandigheden van het geval.



De inhoud van de overeenkomst





5.20
De inhoud van de overeenkomst tussen partijen wordt bepaald door de SLA, de daarvan onderdeel uitmakende bijlagen, zoals de algemene inkoopvoorwaarden waarin een garantie is opgenomen (artikel 8.1), de op 10 juni 2020 door Cebi geaccordeerde specificaties (hierna: de specificaties) en de Golden Sample dat in november 2020 door Zehnder is goedgekeurd. Daarnaast wordt de inhoud van de overeenkomst onder meer gekleurd door de omstandigheden en correspondentie die zijn voorafgegaan aan het ondertekenen van de SLA. Daaronder valt de wijze waarop Cebi zich voorafgaand aan de overeenkomst heeft gepresenteerd, te weten als marktleider op gebied van onderzoek, ontwikkeling en fabricage van elektronische onderdelen voor onder andere de ventilatie-industrie, en de manier waarop Cebi de motor in haar informatiefolder heeft omschreven, met onder andere de kwalificatie ‘Special design for low audible and EMC-noise’ (productie Z8). Tussen partijen is verder niet in geschil dat de motoren van Cebi overeen moeten komen met de al bestaande en gebruikte motoren van een andere leverancier van Zehnder .



5.21
Naar het oordeel van de rechtbank mocht Zehnder op grond van de overeenkomst verwachten dat zij deugdelijke motoren geleverd kreeg met een minimale levensduur van 85.000 uren (ongeveer 10 jaar) en een maximale volume-uitstoot van de motoren die de grens van 62dB(a) gemeten op een afstand van 1 meter niet mag overstijgen. Gelet op het uitgebreide ontwikkelingsproces dat is uitgemond in de Golden Sample, mocht Zehnder ten aanzien van het geluid verwachten dat (de aard van) het geluid van de motoren overeenkomt met (de aard van) het geluid van de Golden Sample en dat dit niet binnen korte termijn aanzienlijk in aard, volume, differentiatie of toonhoogte zou toenemen.



5.22
Zehnder stelt zich op het standpunt dat de Golden Sample een monotoon geluid maakte dat onder de 62 dB(a) bleef. Hoewel Cebi onder verwijzing naar een testrapport van Zehnder uit 2022 heeft betwist dat het geluid van Golden Sample is getest neemt de rechtbank het testrapport van Cebi van 2 oktober 2020 (productie C7) tot uitgangspunt. Hieruit volgt dat Cebi op 2 oktober 2020 een geluidstest bij de Golden Sample heeft verricht. Onderdeel van dit testrapport zijn grafieken met het gemeten geluidsniveau. De rechtbank gaat er daarom van uit dat het geluid van de Golden Sample wel is getest en een monotoon geluid maakte dat onder de 62 dB(a) bleef.




Het geluid van de geretourneerde motoren




5.23
Ten aanzien van de geretourneerde motoren voert Zehnder aan dat deze gebrekkig zijn omdat deze binnen een korte gebruiksduur een te luid en een hinderlijk fluctuerend geluid maken. Hoewel het ratelende geluid door de software-update van Cebi is verminderd, is het hinderlijke geluid van de kogellagers volgens Zehnder onverminderd aanwezig. In het hiernavolgende zal de gestelde tekortkoming worden beoordeeld aan de hand van het geluid van de kogellagers.


5.24

Cebi betwist in deze procedure dat er sprake is van een gebrek aan de motoren. Hoewel zij niet weerspreekt dat er sprake is van een geluid dat afkomstig is van de kogellagers, stelt zij dat de motoren overeenkomen met hetgeen Zehnder daarvan mocht verwachten. De geluidslimiet van 62 dB(a) wordt volgens haar niet overschreden en een andere specificatie ten aanzien van het geluid is niet overeengekomen.
Zehnder voert in reactie daarop aan dat Cebi in de afgelopen jaren de gebreken wel heeft erkend. Zij verwijst onder meer naar de gezamenlijk opgemaakte 8d-formulieren en de presentatie die Cebi op 15 december 2022 aan Zehnder en Wernig heeft gegeven en stelt dat Cebi ook maatregelen heeft genomen om tot een oplossing te komen. Dat er gebreken waren stond, naar Zehnder stelt, in de periode voor deze procedure nooit ter discussie. Verder wijst Zehnder erop dat uit de overgelegde stukken voldoende voortvloeit dat de motoren afwijken van de Golden Sample.




5.25
Tijdens de mondelinge behandeling heeft Zehnder het gebruik gedemonstreerd van een ventilator met een nieuwe motor van Cebi die 0 uren heeft gedraaid en een ventilator met een motor van Cebi die een paar maanden is gebruikt. De rechtbank heeft daarbij vastgesteld dat de ventilator met nieuwe motor op de laagste stand nauwelijks geluid maakt. Op de hoogste stand is het geluid van de ventilator met deze motor luider maar monotoon. De ventilator met gebruikte motor maakt op de laagste stand aanzienlijk meer geluid dan de nieuwe motor. Het geluid bestaat uit verschillende tonen en klinkt enigszins ratelend. Op de hoogste stand maakt de gebruikte motor hetzelfde soort geluid, maar aanzienlijk luider. Cebi heeft het verschil in geluid niet weersproken maar heeft wel in twijfel getrokken of de tijdens de zitting gedemonstreerde motor daadwerkelijk een Cebi -motor is en, in het verlengde daarvan, aangevoerd dat aan de demonstratie van de ventilatoren geen waarde kan worden gehecht. Bij gebrek aan enige onderbouwing wordt die stelling gepasseerd. Bovendien kan ook zonder deze demonstratie uit hetgeen partijen in deze procedure hebben aangevoerd en in het geding hebben gebracht, voldoende worden opgemaakt dat bij de geretourneerde ventilatoren met motoren van Cebi sprake is van een geluid dat in negatieve zin en in relevante mate afwijkt van het geluid van de Golden Sample. Dat sprake is van een hinderlijk geluid volgt onder meer uit de aard en het aantal van de klachten van eindgebruikers, de 8d-formulieren die zijn opgesteld, de onderzoeksrapporten van NMB en Ideetron, met conclusies van deze wederzijds ingeschakelde deskundigen die concluderen dat het geluid afkomstig is van beschadigde kogellagers, en de powerpointpresentatie van Cebi die zij in december 2022 heeft gegeven. Daaruit kan worden afgeleid dat de motoren in de ventilatoren na verloop van enige tijd, ruim binnen de overeengekomen 85.000 werkuren, een hinderlijk en gedifferentieerd geluid maken. Dat dit geluid afkomstig is uit de motoren kan op grond van het voorgaande voldoende worden vastgesteld.



5.26

Gelet op de gemotiveerde stellingen van Zehnder en de documenten die in het geding zijn gebracht had van Cebi mogen worden verwacht dat zij haar betwisting verder had onderbouwd. De enkele stelling dat de specificaties een norm van 62dB(a) vermelden en dat onvoldoende is gebleken dat het geluid boven die norm uit komt, geldt echter niet als een gemotiveerde betwisting van de stelling dat de geleverde motoren niet voldoen aan de inhoud van de overeenkomst die mede wordt bepaald door de Golden Sample.
Gelet op het ontbreken van een gemotiveerde betwisting staat voldoende vast dat het geluid van de geretourneerde motoren niet overeenkomt met de Golden Sample. De vraag of dit geluid de norm uit de specificaties van 62dB overschrijdt kan daarom in het midden blijven.

Non-conformiteit





5.27
Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de geretourneerde motoren een geluid produceren dat Zehnder op grond van de overeenkomst en de Golden Sample niet behoefde te verwachten. Ook staat vast dat de kogellagers zijn beschadigd. Deze motoren voldoen daarom niet aan de overeenkomst, zodat sprake is van een tekortkoming aan de kant van Cebi .



5.28
Dat de oorzaak niet onomstotelijk is komen vast te staan betekent niet dat er geen tekortkoming kan worden vastgesteld. Het is Cebi die de motoren levert en als die motoren niet beantwoorden aan de overeenkomst is het Cebi die daarvoor in beginsel verantwoordelijk is. Dat volgt uit het WKV en dat volgt ook uit de garantie die Cebi heeft afgegeven.



5.29

Cebi voert een aantal verweren die erop neerkomen dat zij niet aansprakelijk is voor de tekortkoming. Zo stelt zij onder meer, dat indien en voor zover de conclusie van Ideetron wordt gevolgd en oververhitting de oorzaak is voor de ontstane problemen aan de kogellagers, niet kan worden vastgesteld dat deze oververhitting voor rekening van Cebi moet komen. Volgens Cebi kan oververhitting ook door andere omstandigheden worden veroorzaakt waarbij zij een aantal mogelijke oorzaken noemt (o.a. te hoge stroomtoevoer, overbelasting door geblokkeerde luchtstroom, kortsluiting, plaatsing in een te warme ruimte).
In reactie daarop wijst Zehnder op de informatiefolder waarin Cebi haar motoren onder meer aanprijst door te wijzen op de ‘over temperature protection’. De beveiliging tegen oververhitting zou moeten voorkomen dat er sprake is van oververhitting, aldus Zehnder . Het enkele feit dat oververhitting kan ontstaan is daarom ook een gebrek, aldus Zehnder .
Volgens Cebi biedt de beveiliging geen garantie op bescherming tegen iedere vorm van (externe) oververhitting. Zij wijst er verder op dat Ideetron zich ook niet over de beveiliging heeft uitgelaten. Zehnder heeft haar standpunt dat de oververhitting voor rekening van Cebi moet komen onvoldoende onderbouwd, aldus Cebi .




5.30
De rechtbank volgt Cebi niet in haar verweer. Hiervoor is al vastgesteld dat er sprake is van een tekortkoming. Cebi heeft vanaf januari 2022 de gelegenheid gehad om de oorzaak van de tekortkoming vast te stellen en is daarin niet geslaagd. Dat sprake is van een alternatieve oorzaak die niet is gelegen in de eigenschappen en onderdelen van haar motor heeft zij niet kunnen (laten) vaststellen. Het enkele opwerpen van diverse mogelijkheden zonder een deugdelijke onderbouwing volstaat niet als een onderbouwde betwisting.



5.31
Cebi voert verder aan dat de markeringen op kogellagers kunnen zijn ontstaan door het transport en verwijst daarbij naar het rapport van NMB. Na de gemotiveerde betwisting door Zehnder – waaronder haar stelling dat gelet op Incoterm DDP het risico op schade tijdens transport op Cebi rust – en de verwijzing naar het rapport van Ideetron, heeft Cebi dit standpunt, als enkele mogelijkheid, echter niet verder toegelicht of onderbouwd, zodat de rechtbank dit verweer passeert.


5.32
De omstandigheid dat Zehnder zelf heeft gekozen voor 2RS-kogellagers kan evenmin aan Zehnder worden tegengeworpen. Daargelaten dat niet is komen vast te staan dat het gebruik van de 2RS-kogellagers de oorzaak is van het geluidsprobleem, is het de verantwoordelijkheid van Cebi om de juiste materialen te gebruiken in door haar geproduceerde motoren. Indien de 2RS-kogellagers ongeschikt zouden zijn is het Cebi die Zehnder vóór toepassing daarop had moeten wijzen. Datzelfde geldt voor de stelling van Cebi dat Zehnder zelf het model van de motor heeft bepaald. Dat doet er immers niet aan af dat Cebi zich heeft verbonden motoren naar het model van de Golden Sample te leveren.


5.33
Voor zover Cebi meent dat er sprake is van een verhindering die buiten haar macht lag en een beroep heeft willen doen op artikel 79 WKV gaat dat beroep op grond van het voorgaande niet op. De conclusie luidt dat sprake is van een tekortkoming in de nakoming van de verbintenissen uit de overeenkomst en dat Cebi aansprakelijk is voor de gevolgen van die tekortkoming.



Klacht- en keuringsplicht





5.34
Cebi heeft een beroep gedaan op de klacht- en keuringsplicht die in het WKV is geregeld. Uit artikel 39 volgt dat de koper het recht verliest om zich er op te beroepen dat de zaak niet aan de overeenkomst beantwoordt als hij niet binnen een redelijke termijn nadat hij de non-conformiteit heeft ontdekt, of had behoren te ontdekken de verkoper hiervan in kennis stelt. Artikel 38 WKV bepaalt dat de koper de afgeleverde zaken binnen een zo kort mogelijke termijn moet laten keuren. Cebi voert aan dat Zehnder de in mei 2021 geleverde motoren niet heeft laten keuren voordat zij die heeft laten plaatsen. Pas in januari 2022 heeft zij de klachten over het geluid gemeld aan Cebi . Volgens Cebi had Zehnder de problemen moeten ontdekken bij keuring na ontvangst. Als Zehnder de klachten eerder had gemeld had Cebi de schade kunnen voorkomen of beperken, aldus Cebi .Zehnder heeft betwist dat de keurings- en klachtplicht is geschonden en verwijst naar de Quality Notices die zij op 16 juli 2021 en 14 september 2021 aan Cebi heeft verzonden. Nadat de problemen met betrekking tot het geluid aan het licht kwamen heeft Zehnder in januari 2022 ook hiervan voortvarend melding gemaakt. Zehnder heeft alle terugzendingen nauwkeurig gedocumenteerd en gemeld bij Cebi , aldus Zehnder .



5.35

Naar het oordeel van de rechtbank heeft Zehnder de klacht- en keuringsplicht niet geschonden. De artikelen 38 en 39 WKV moeten in samenhang worden beschouwd. Daarbij zijn alle omstandigheden van het geval van belang. In de onderhavige zaak is sprake van een lang ontwikkelingstraject dat is uitgemond in een Golden Sample dat onderdeel uitmaakt van de overeenkomst. Cebi stond in voor de eigenschappen die daaruit voortvloeien en Zehnder had bij aflevering geen aanwijzingen dat de geleverde motoren daarvan afweken. In dat licht heeft Zehnder er kennelijk voor gekozen om de motoren niet meteen te keuren na ontvangst en dat stond haar op zichzelf vrij. De keuringsplicht uit artikel 38 WKV is geen zelfstandige verplichting en op niet naleving daarvan staat geen sanctie. Het niet keuren kan onder omstandigheden wel gevolgen hebben. Het gevolg van het nalaten van een keuring is bijvoorbeeld dat de klachttermijn van artikel 39 WVK direct begint te lopen vanaf het moment dat de koper het gebrek had behoren te ontdekken (Opinie nr. 2 CISG). Cebi heeft niet gemotiveerd en onderbouwd aangevoerd dat Zehnder het gebrek aan de motoren eerder had kunnen ontdekken als zij wel tot keuring was overgegaan. Bovendien kan uit het dossier voldoende worden opgemaakt dat het gebrek, dat bestaat uit een hinderlijk fluctuerend geluid, pas na enige tijd optreedt. Dat Zehnder de gebreken bij keuring had behoren te ontdekken, zoals Cebi stelt, wordt daarom niet gevolgd.
Cebi heeft daarnaast niet gemotiveerd en gespecificeerd aangevoerd dat Zehnder is tekortgeschoten in haar verplichting om binnen een redelijke termijn melding te maken van klachten en de ontdekking van het gebrek. Dat Zehnder een te lange termijn heeft laten verstreken kan niet worden vastgesteld. Uit het procesdossier kan verder worden opgemaakt dat partijen intensief met elkaar hebben gecommuniceerd over de ontstane problemen en de wijze waarop deze zouden kunnen worden opgelost. Dat na verloop van tijd niet voor iedere vergelijkbare nieuwe klacht een 8d-formulier is opgesteld maakt het voorgaande niet anders. Tussen partijen was immers al bekend dat er sprake was van relevante problemen en gelet op de omvang en aantal van de klachten lag na enige tijd in de rede dat niet langer voor iedere klacht een 8d-formulier werd ingevuld. Gesteld noch gebleken is dat Cebi daardoor is benadeeld in haar belangen en evenmin dat zij op enig moment heeft geprotesteerd tegen het achterwege laten van 8d-formulier. Al met al is van een schending van de keurings- en klachtplicht onvoldoende gebleken.




Gevolgen van de tekortkoming





5.36
Zehnder vordert gedeeltelijke ontbinding. Beoordeeld moet worden of is voldaan aan de vereisten die het WKV daaraan stelt (artikel 49 WKV). Daaruit volgt dat sprake moet zijn van een wezenlijke tekortkoming.



5.37
Cebi voert verweer en betoogt ten eerste dat er geen sprake is van een wezenlijke tekortkoming. De rechtbank volgt dit verweer niet. Gelet op artikel 25 WKV is een tekortkoming wezenlijk indien zij leidt tot zodanige schade voor de andere partij dat haar ‘in aanmerkelijke mate wordt onthouden wat zij uit hoofde van de overeenkomst mag verwachten, tenzij de partij die tekortschiet dit niet heeft voorzien en een redelijke persoon van dezelfde hoedanigheid in dezelfde omstandigheden het evenmin zou hebben voorzien’. Zoals de rechtbank hiervoor in r.o. 5.25 heeft overwogen wijken de geretourneerde motoren in relevante mate af van de Golden Sample en behoefde Zehnder deze afwijking binnen de beperkte gebruiksduur niet te verwachten. Zehnder heeft ook voldoende onderbouwd dat zij aanmerkelijk nadeel ondervindt door de tekortkoming. Zo heeft zij onweersproken gesteld dat 60% van de uitgeleverde ventilatoren met de motoren van de Cebi retour gekomen is en dat zij sinds januari 2022 bezig is met het behandelen van klachten van haar klanten en het zoeken naar een oplossing. Het is aannemelijk dat Zehnder schade heeft geleden.



Nadeel voorzienbaar





5.38
Cebi stelt dat zij het nadeel voor Zehnder niet kon voorzien, maar dit verweer wordt door de rechtbank eveneens verworpen. Daarvoor is ten eerste bepalend dat partijen de Golden Sample juist zijn overeengekomen om discussies over het afgeleverde te voorkomen. Voor Cebi moest duidelijk zijn dat een afwijking van de Golden Sample tot non-conformiteit en schending van de garantie uit artikel 8 van de algemene inkoopvoorwaarden zou leiden. Daarnaast geldt in het algemeen dat van een motor in een ventilator wel verwacht mag worden dat deze een ruisend monotoon geluid maakt, maar niet een met de tijd verergerd gedifferentieerd geluid. Dat een, na een aantal maanden ontstaan, gedifferentieerd geluid tot klachten zou leiden van klanten van Zehnder is een voorzienbaar gevolg. Cebi had zich daarvan bewust moeten zijn, temeer nu zij in haar eigen informatiefolder melding maakt van ‘special design for low audible and EMC-noise’. Dat Cebi het nadeel voor Zehnder niet heeft voorzien, en een redelijk handelend persoon dit ook niet zou hebben voorzien, als bedoeld in artikel 25 WVK wordt daarom niet gevolgd.



Mogelijkheid tot herstel





5.39

Cebi betoogt verder dat zij de tekortkoming had kunnen herstellen als Zehnder haar die mogelijkheid zou hebben gegeven. Zij voert aan dat Zehnder ten onrechte het voorstel van Cebi heeft geweigerd om de metalen kogellagers te vervangen door keramische kogellagers. Cebi heeft daarbij onder andere verwezen naar de regeling die in artikel 5.2.1 van de SLA is opgenomen.
De rechtbank is van oordeel dat Cebi voldoende tijd heeft gekregen om de gebreken te herstellen. Zij is van januari 2022 tot medio juli 2023 in de gelegenheid geweest om de oorzaak van het probleem te achterhalen en een oplossing te vinden voor het probleem. Dat Zehnder op 28 juli 2023 het gebruik van keramische kogellagers heeft afgewezen onder opgave van redenen (‘we will not introduce the Ceramic bearing into our fans, due to extra noise and vibration observed during the tests in Zwolle’) en Cebi vervolgens – anderhalf jaar na de eerste klachten – aansprakelijk heeft gesteld, kan haar dan ook niet worden tegengeworpen. Dat geldt temeer nu Cebi niet voldoende heeft onderbouwd dat de keramische kogellagers een deugdelijke, en aan de overeenkomst beantwoordende, oplossing vormden voor de tekortkoming. Cebi heeft daarnaast niet weersproken dat zij niet bereid was om de schade en kosten van Zehnder te vergoeden. Al met al heeft Cebi niet voldaan aan de vereisten die artikel 48 WKV aan het herstel van een tekortkoming stelt.

Overige verweren




5.40
Dat Zehnder op enig moment geen 8d-formulieren meer heeft ingevuld leidt niet tot een ander oordeel. Aangezien de problemen bekend waren en door partijen al naar een oplossing werd gezocht kan het achterwege laten van de 8d-formulieren in redelijkheid niet aan Zehnder worden tegengeworpen, zoals in r.o. 5.35 al is geoordeeld.



5.41
Dat Cebi niet in verzuim zou verkeren behoeft geen verdere bespreking. Verzuim is op grond van WKV niet noodzakelijk. Hoewel de koper een aanvullende termijn kan stellen is zij daartoe op grond van het WKV niet verplicht (47 WKV).



Conclusie in conventie





5.42
Nu sprake is van een wezenlijke tekortkoming is Zehnder op grond van artikel 49 WKV gerechtigd de overeenkomst gedeeltelijk te ontbinden. De rechtbank zal de door Zehnder gevorderde gedeeltelijke ontbinding toewijzen voor zover het gaat om de resterende voorraad door Cebi geproduceerde motoren die bij Zehnder liggen. Als gevolg van de ontbinding ontstaan er ongedaanmakingsverplichtingen (artikel 81 e.v. WKV). Dat leidt tot toewijzing van de vordering tot veroordeling van Cebi om de door haar geproduceerde motoren bij Zehnder op eigen kosten terug te nemen en de vordering tot terugbetaling van het bedrag dat Zehnder voor deze motoren heeft betaald te weten € 106.183,36.



5.43
De door Zehnder gevorderde verklaringen voor recht zijn eveneens toewijsbaar, met uitzondering van de verklaring voor recht dat Cebi gehouden is Zehnder te vrijwaren voor alle vorderingen en claims van derden op Zehnder die verband houden met de tekortkoming van Cebi . Aangezien Zehnder deze vordering niet heeft toegelicht in haar processtukken heeft zij op dit punt niet aan haar stelplicht voldaan. Daarnaast is deze vordering ook onvoldoende concreet.



5.44
De vordering tot vergoeding van schade nader op te maken bij staat zal worden toegewezen. Hoewel dit wordt bestreden door Cebi is gelet op de onderbouwing van de schade voldoende aannemelijk dat Zehnder mogelijk schade heeft geleden.



5.45
Het gevorderde voorschot op de schade zal worden afgewezen. Mede gelet op de gemotiveerde betwisting door Cebi is het voorschot op de schade door Zehnder vooralsnog onvoldoende onderbouwd. Het beroep op artikel 74 WKV kan tijdens de schadestaatprocedure aan de orde komen en behoeft daarom in deze procedure geen bespreking.



5.46
Cebi wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Zehnder worden begroot op:
- explootkosten € 112,37









- griffierecht


€


10.188,00







- salaris advocaat


€


9.262,00


(2 punten × € 4.631,00)





Totaal



€



19.562,37











In reconventie





5.47
Cebi vordert ten eerste Zehnder te veroordelen tot betaling van de openstaande facturen. Zehnder voert verweer en doet primair een beroep op artikel 10 van de algemene inkoopvoorwaarden. Daaruit volgt volgens Zehnder dat de vorderingen tot betaling niet opeisbaar zijn. In het voorgaande is naar aanleiding van het verweer van Cebi al geoordeeld dat de algemene voorwaarden wel van toepassing zijn. Cebi is op de stelling van Zehnder ten aanzien van artikel 10 van de algemene voorwaarden niet concreet ingegaan en heeft haar standpunt ook niet op andere wijze gehandhaafd. De vordering zal dan ook worden afgewezen.



5.48

De tweede vordering betreft de keramische kogellagers. Cebi stelt dat zij die op verzoek van Zehnder heeft besteld en vordert betaling daarvan op grond van de artikelen 53 (plicht tot in ontvangstnemen), 62 (nakoming) en 78 WKV (rente).
Zehnder erkent dat zij op grond van een voorstel van Cebi heeft ingestemd met het bestellen van keramische kogellagers. Na tests heeft Zehnder aangegeven dat het gebruik van de keramische kogellagers geen oplossing bracht en heeft zij in juli 2023 aangegeven dat zij daarmee niet verder wilde gaan.
Naar het oordeel van de rechtbank vallen de kosten van de keramische kogellagers onder de pogingen van Cebi om de tekortkoming te herstellen. Zehnder heeft weliswaar toestemming gegeven om deze kogellagers te bestellen, maar dat deed zij in de veronderstelling dat het gebruik van keramische kogellagers een oplossing bood voor het ontstane probleem. Na onderzoek is haar gebleken dat deze oplossing niet werd bereikt. Cebi heeft weliswaar gesteld dat het gebruik van de keramische kogellagers wel een oplossing bood, maar zij heeft dat onvoldoende onderbouwd met technische gegevens. Dat mocht wel van haar worden verwacht gelet op het rapport dat Zehnder aan haar standpunt ten grondslag heeft gelegd. Dit betekent dat de rechtbank ervan uitgaat dat de toepassing van keramische kogellagers er niet toe kon leiden dat de tekortkoming is hersteld. De kosten van de aangeschafte kogellagers komen niet voor vergoeding in aanmerking.




5.49

Tot slot heeft Cebi betaling gevorderd van niet afgenomen en overgebleven materialen. Cebi beroept zich op de opzegtermijn van zes maanden die uit artikel 2.4 SLA volgt en stelt dat Zehnder gedurende die zes maanden nog bestellingen had moeten plaatsen bij Cebi , om haar in de gelegenheid te stellen de al ingekochte en/of geproduceerde materialen te verwerken in nog te leveren motoren. Zehnder voert verweer.
Zoals hiervoor geoordeeld is sprake van een wezenlijke tekortkoming en is Cebi daarvoor aansprakelijk. Zehnder heeft daarom recht op (gedeeltelijke) ontbinding en schadevergoeding. De reden dat zij na september 2023 geen motoren meer bij Cebi heeft besteld vloeit voort uit deze tekortkoming. Daargelaten of een opzegtermijn van zes maanden ook de verplichting inhoudt tot het bestellen van producten gedurende deze termijn, leidt het voorgaande ertoe dat Zehnder niet gehouden is tot afname van de materialen en voorraad die Cebi heeft ingekocht of geproduceerd. De vordering zal worden afgewezen.




5.50
Cebi wordt in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Zehnder worden begroot op € 4.631,00. Dat is het salaris van de advocaat op grond van het liquidatietarief (2 punten x 0,5 x € 4.631,00).



Nakosten in conventie en reconventie





5.51
Cebi moet ook de nakosten van Zehnder betalen. Dat komt neer op een bedrag van € 296,00 in conventie en reconventie samen.





6De beslissing



in conventie




De rechtbank



6.1
verklaart voor recht dat Cebi jegens Zehnder toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen en dat Cebi gehouden is de schade te vergoeden die Zehnder heeft geleden als gevolg van de toerekenbare tekortkomingen;



6.2
ontbindt de SLA tussen Zehnder en Cebi gedeeltelijk, in die zin dat de ontbinding betrekking heeft op de resterende voorraad Cebi motoren bij Zehnder ;



6.3
veroordeelt Cebi tot betaling van alle kosten die voortvloeien uit de ongedaanmaking van verbintenissen, alsmede tot terugbetaling van € 106.183,36 welk bedrag zij van Zehnder heeft ontvangen voor de motoren waarop de gedeeltelijke ontbinding betrekking heeft;



6.4
veroordeelt en gebiedt Cebi de resterende voorraad Cebi -motoren en de defecte Cebi -motoren bij Zehnder op eigen kosten terug te nemen;



6.5
veroordeelt Cebi tot betaling van schadevergoeding nader op te maken bij staat;



6.6
veroordeelt Cebi in de kosten van dit geding in conventie van € 19.562,37, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe;



6.7
veroordeelt Cebi tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald;



6.8
verklaart 6.2 tot en met 6.7. uitvoerbaar bij voorraad,



6.9
wijst het meer of anders gevorderde af,



in reconventie





6.10
wijst de vorderingen af,



6.11
veroordeelt Cebi in de kosten van dit geding in reconventie van € 4.631,00,



in conventie en reconventie





6.12
veroordeelt Cebi in de nakosten van € 296,00, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als Cebi niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.



Dit vonnis is gewezen door mr. J.N. Bartels, mr. D.N.R. Wegerif en mr. K. Hermsen en in het openbaar uitgesproken op 16 september 2026.




HR 8 april 2005, ECLI:NL:2005:AR7435