Rechtbank Overijssel
ECLI:NL:RBOVE:2023:172
2023-01-16
Civiel recht
290538 KG KV 23-2
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
De verschoningskamer wijst het verzoek tot verschoning toe.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (4.485 tekens)
beslissing
RECHTBANK OVERIJSSEL
Verschoningskamer
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer: 290538 KG KV 23-2
Beslissing van 16 januari 2023
op het verzoek van
mr. A.H. MARGADANT,
rechter in de rechtbank Overijssel,
dat ertoe strekt zich te mogen verschonen in de zaak van:
[verzoeker] ,
wonende te [plaats 1] ,
verzoekende partij,
advocaat: mr. E.W. Stals te Almelo,
tegen
stichting
[verweerder] ,
gevestigd en kantoorhoudende te [plaats 2] ,
verwerende partij,
advocaat: mr. M. Christe te Utrecht.
1De procedure
1.1.
Bij het team kanton en handelsrecht van de rechtbank Overijssel, locatie Almelo, is onder zaaknummer C/08/286953 / HA RK 22-99 een zaak aanhangig.
1.2.
Bij beschikking van 7 november 2022 is het verzoek van [verzoeker] om een voorlopig getuigenverhoor te bevelen toegewezen. Hierbij is mr. Margadant benoemd tot rechter-commissaris, voor wie het getuigenverhoor zal worden gehouden.
1.3.
Op 5 januari 2023 heeft mr. Margadant een verzoek ingediend bij de verschoningskamer om zich te mogen verschonen.
1.4.
Een verschoningsverzoek hoeft niet ter terechtzitting te worden behandeld. Ook hoeven partijen in de hoofdzaak niet te worden gehoord. Het verzoek zal daarom schriftelijk worden afgedaan.
2Het verschoningsverzoek
2.1.
Mr. Margadant heeft aan haar verschoningsverzoek ten grondslag gelegd dat zij in haar rol als voorzitter van het College van Beroep voor de examens van [verweerder] betrokken is bij één van beide partijen. Dit kan volgens mr. Margadant leiden tot het bestaan van (de objectief gerechtvaardigde vrees voor) vooringenomenheid.
3De beoordeling
3.1.
Op grond van artikel 40 Rv kan een rechter die een zaak behandelt verzoeken zich te mogen verschonen. Daarvoor moet sprake zijn van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
3.2.
Een rechter wordt geacht onpartijdig te zijn tot het tegendeel vaststaat. Van dat laatste kan sprake zijn als uit de overtuiging of het gedrag van een rechter persoonlijke vooringenomenheid tegenover een procespartij blijkt. Daarnaast kan een procespartij de indruk krijgen dat de rechter vooringenomen is. Het gezichtspunt van de procespartij is hier van belang, maar speelt geen doorslaggevende rol. Beslissend is of de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd is. De verschoningskamer zal het verschoningsverzoek aan de hand van deze maatstaven beoordelen.
3.3.
De verschoningskamer is van oordeel dat mr. Margadant het verschoningsverzoek terecht heeft ingediend. De verschoningskamer kan zich op grond van de door mr. Margadant beschreven verwevenheid met [verweerder] goed voorstellen dat zij zich niet vrij voelt deze zaak te behandelen. Bovendien is deze werkwijze in lijn met aanbeveling 2 van de Leidraad onpartijdigheid en nevenfuncties in de rechtspraak, waarin staat dat de rechter geen zaken behandelt waarbij hij/zij via een nevenfunctie zo betrokken is dat de onpartijdigheid ter discussie kan komen te staan. Het verzoek zal daarom worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen. Zo wordt elke schijn van partijdigheid vermeden.
4De beslissing
De verschoningskamer:
4.1.
wijst het verzoek tot verschoning toe,
4.2.
beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:
- mr. Margadant,
- alle in de aanhef van deze uitspraak genoemde betrokken partijen.
Deze beslissing is gegeven door de mrs. A. van Holten, A. Smedes en H.T. Pos in tegenwoordigheid van de griffier mr. E.H. Doldersum en in openbaar uitgesproken op
16 januari 2023.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
RECHTBANK OVERIJSSEL
Verschoningskamer
Zittingsplaats Almelo
Zaaknummer: 290538 KG KV 23-2
Beslissing van 16 januari 2023
op het verzoek van
mr. A.H. MARGADANT,
rechter in de rechtbank Overijssel,
dat ertoe strekt zich te mogen verschonen in de zaak van:
[verzoeker] ,
wonende te [plaats 1] ,
verzoekende partij,
advocaat: mr. E.W. Stals te Almelo,
tegen
stichting
[verweerder] ,
gevestigd en kantoorhoudende te [plaats 2] ,
verwerende partij,
advocaat: mr. M. Christe te Utrecht.
1De procedure
1.1.
Bij het team kanton en handelsrecht van de rechtbank Overijssel, locatie Almelo, is onder zaaknummer C/08/286953 / HA RK 22-99 een zaak aanhangig.
1.2.
Bij beschikking van 7 november 2022 is het verzoek van [verzoeker] om een voorlopig getuigenverhoor te bevelen toegewezen. Hierbij is mr. Margadant benoemd tot rechter-commissaris, voor wie het getuigenverhoor zal worden gehouden.
1.3.
Op 5 januari 2023 heeft mr. Margadant een verzoek ingediend bij de verschoningskamer om zich te mogen verschonen.
1.4.
Een verschoningsverzoek hoeft niet ter terechtzitting te worden behandeld. Ook hoeven partijen in de hoofdzaak niet te worden gehoord. Het verzoek zal daarom schriftelijk worden afgedaan.
2Het verschoningsverzoek
2.1.
Mr. Margadant heeft aan haar verschoningsverzoek ten grondslag gelegd dat zij in haar rol als voorzitter van het College van Beroep voor de examens van [verweerder] betrokken is bij één van beide partijen. Dit kan volgens mr. Margadant leiden tot het bestaan van (de objectief gerechtvaardigde vrees voor) vooringenomenheid.
3De beoordeling
3.1.
Op grond van artikel 40 Rv kan een rechter die een zaak behandelt verzoeken zich te mogen verschonen. Daarvoor moet sprake zijn van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
3.2.
Een rechter wordt geacht onpartijdig te zijn tot het tegendeel vaststaat. Van dat laatste kan sprake zijn als uit de overtuiging of het gedrag van een rechter persoonlijke vooringenomenheid tegenover een procespartij blijkt. Daarnaast kan een procespartij de indruk krijgen dat de rechter vooringenomen is. Het gezichtspunt van de procespartij is hier van belang, maar speelt geen doorslaggevende rol. Beslissend is of de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd is. De verschoningskamer zal het verschoningsverzoek aan de hand van deze maatstaven beoordelen.
3.3.
De verschoningskamer is van oordeel dat mr. Margadant het verschoningsverzoek terecht heeft ingediend. De verschoningskamer kan zich op grond van de door mr. Margadant beschreven verwevenheid met [verweerder] goed voorstellen dat zij zich niet vrij voelt deze zaak te behandelen. Bovendien is deze werkwijze in lijn met aanbeveling 2 van de Leidraad onpartijdigheid en nevenfuncties in de rechtspraak, waarin staat dat de rechter geen zaken behandelt waarbij hij/zij via een nevenfunctie zo betrokken is dat de onpartijdigheid ter discussie kan komen te staan. Het verzoek zal daarom worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen. Zo wordt elke schijn van partijdigheid vermeden.
4De beslissing
De verschoningskamer:
4.1.
wijst het verzoek tot verschoning toe,
4.2.
beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan:
- mr. Margadant,
- alle in de aanhef van deze uitspraak genoemde betrokken partijen.
Deze beslissing is gegeven door de mrs. A. van Holten, A. Smedes en H.T. Pos in tegenwoordigheid van de griffier mr. E.H. Doldersum en in openbaar uitgesproken op
16 januari 2023.
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.