Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Overijssel

ECLI:NL:RBOVE:2022:2478

2022-05-03 Civiel recht 9609518 BM VERZ 21-2125
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Overijssel
Uitspraakdatum
2022-05-03
Publicatiedatum
2022-08-31
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Beschikking
Zaaknummer
9609518 BM VERZ 21-2125
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

De kantonrechter veroordeelt de ontslagen bewindvoerder tot het betalen van 1.067,29 euro aan de rechthebbende. De ontslagen bewindvoerder heeft nagelaten om actie te ondernemen, waardoor de rechthebbende bijzondere bijstand en individuele inkomenstoeslag heeft misgelopen en te veel premie voor de zorgverzekering heeft betaald.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (5.665 tekens)
RECHTBANK OVERIJSSEL


Team Toezicht - Bewindsbureau


Zittingsplaats Zwolle


zaaknummer : 9609518 BM VERZ 21-2125
dossiernummer : BM 12557datum : 3 mei 2022


Beschikking op een verzoek tot aansprakelijkstelling


ingediend door:





[rechthebbende]
geboren op [geboortedatum] 1987hierna te noemen: rechthebbendevertegenwoordig door [naam 1] , h.o.d.n. [bewindvoerder]


[adres 1]

hierna te noemen: de bewindvoerder



tegen





[ontslagen bewindvoerder] B.V.[adres 2]hierna te noemen: [ontslagen bewindvoerder] .



De procedure


De kantonrechter heeft kennisgenomen van het verzoek van de bewindvoerder dat op 30 december 2021 bij het bewindsbureau is ingekomen. Bij brieven van 30 december 2021 en 2 februari 2022 is [ontslagen bewindvoerder] in de gelegenheid gesteld om hierop te reageren. [ontslagen bewindvoerder] heeft niet gereageerd.



Op 14 april 2022 is een zitting gehouden. Daarbij is zowel de bewindvoerder als mevrouw [naam 2] namens [ontslagen bewindvoerder] verschenen.




De beoordeling

1. Bij beschikking van 16 mei 2017 is een bewind ingesteld over het vermogen van rechthebbende met benoeming van [ontslagen bewindvoerder] tot bewindvoerder.

2. Bij beschikking van 19 juli 2021 is op verzoek van rechthebbende [ontslagen bewindvoerder] met ingang van 2 augustus 2021 ontslagen en is de huidige bewindvoerder benoemd.

3. Op grond van de wet dient de bewindvoerder jaarlijks en aan het einde van het bewind rekening en verantwoording af te leggen aan de rechthebbende, alsmede aan het einde van zijn taak aan zijn opvolger. Indien daarbij blijkt dat sprake is van slecht, tekortschietend bewind dat aan de bewindvoerder kan worden toegerekend, kan de kantonrechter op de voet van de artikelen 1:362 en 1:444 BW de schade op verzoek of ambtshalve vaststellen en de bewindvoerder tot vergoeding van die schade aan de rechthebbende veroordelen.

4. De bewindvoerder stelt [ontslagen bewindvoerder] aansprakelijk voor een totaalbedrag van € 1.452,29, zijnde € 397,69 wegens te weinig ontvangen bijzondere bijstand voor de bewindvoerderskosten, € 378,- aan misgelopen individuele inkomenstoeslag, € 448,60 aan extra premie ziektekostenverzekering en kosten eigen risico en € 228,- aan bijzondere bijstand voor de kosten van het CAK.

5. Ter zitting heeft [ontslagen bewindvoerder] de schade ten aanzien van misgelopen bijzondere bijstand voor de bewindvoerderskosten en de kosten van het CAK erkend. Deze schadeposten komen de kantonrechter niet onrechtmatig voor, zodat de kantonrechter de schade van in totaal € 625,69 (€ 397,69 + € 228,-) zal toewijzen.

6. De bewindvoerder stelt dat er ten tijde van het gevoerde bewind door [ontslagen bewindvoerder] in 2020 geen individuele inkomenstoeslag lijkt te zijn aangevraagd. De bewindvoerder stelt verder dat rechthebbende hier mogelijk wel recht op had, omdat de aanvraag voor individuele inkomenstoeslag in 2021 wel is toegekend. Ter zitting heeft [ontslagen bewindvoerder] aangevoerd dat zij in haar dossier niet heeft kunnen achterhalen of de aanvraag is gedaan. De kantonrechter zal deze schadepost van € 378,- toewijzen, nu [ontslagen bewindvoerder] de schade niet gemotiveerd heeft betwist.

7. De bewindvoerder heeft verder opgemerkt dat de rechthebbende ten tijde van het gevoerde bewind verzekerd was bij Zilveren Kruis, maar dat rechthebbende had moeten worden verzekerd bij Salland, zodat hij geen eigen risico ad € 385,- zou zijn verschuldigd en een lagere maandpremie zou betalen. De maandpremie bij Zilveren Kruis bedroeg € 187,65 per maand en bij Salland € 182,35. Dit zou rechthebbende in totaal € 63,60 hebben gescheeld.


De kantonrechter is van oordeel dat [ontslagen bewindvoerder] heeft nagelaten actie te ondernemen op dit onderdeel, zodat de rechthebbende een lagere maandpremie verschuldigd was. De kantonrechter zal de schade van € 63,60 dan ook toewijzen. De kantonrechter zal de schadepost van € 385,- afwijzen, nu de bewindvoerder niet aannemelijk heeft kunnen maken dat de rechthebbende deze kosten ook daadwerkelijk heeft gemaakt.




De beslissing


De kantonrechter:




veroordeelt [ontslagen bewindvoerder] tot betaling van een bedrag van € 1.067,29 aan rechthebbende;


wijst af het meer of anders verzochte.












Deze beschikking is gegeven door mr. A.E. Zweers, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 3 mei 2022, in tegenwoordigheid van de griffier.
















































Tegen deze beschikking kan, behoudens berusting, hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden na de dagtekening van deze eindbeschikking door indiening van een beroepschrift (door een advocaat) ter griffie van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.