Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Noord-Nederland

ECLI:NL:RBNNE:2026:3399

2026-07-27 Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht 12071567 BU VERZ 26-136
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Uitspraakdatum
2026-07-27
Publicatiedatum
2026-08-12
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Procedure
Mondelinge uitspraak
Zaaknummer
12071567 BU VERZ 26-136
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Wahv. R536A – ‘geen goedgekeurde, goed passende of goed bevestigde helm dragen als bestuurder of passagier van een bromfiets of brommobiel’. Ongegrond beroep. Artikel 5 Wahv. Terecht op kenteken bekeurd, staandehouding niet mogelijk wegens verkeersdrukte. Geen reden voor twijfel aan zaakoverzicht.

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (4.925 tekens)
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Groningen


Bestuursrecht



beschikkingsnummer: 272671941
zaaknummer: 12071567 BU VERZ 26-136




proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 27 juli 2026


in de zaak van





[betrokkene] (de betrokkene),

die woont in [woonplaats],
gemachtigde: Appjection B.V..




Inleiding


1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: R536A – ‘geen goedgekeurde, goed passende of goed bevestigde helm dragen als bestuurder of passagier van een bromfiets of brommobiel’, verricht op 19 maart 2025, om 14:41 uur, op de Prinsesseweg in Groningen, met een tweewielige bromfiets, met kenteken [kenteken]. De opgelegde boete bedraagt € 129,00 (inclusief administratiekosten).



1.1.
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.



1.2.
De kantonrechter heeft het beroep op 27 juli 2026 op de zitting behandeld. Daarbij was mr. R. Huisjes aanwezig als vertegenwoordiger van de officier van justitie.



1.3.
Na afloop van het onderzoek op de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.




Beoordeling door de kantonrechter
Beslissing

2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep ongegrond is en legt hierna uit waarom dat het geval is.




Standpunten



3. Betrokkene stelt dat hij niet de bestuurder was ten tijde van de overtreding. Verder is in strijd met artikel 5 van de Wahv geen staandehouding verricht. Er wordt verzocht om een proceskostenvergoeding.

4. De vertegenwoordiger twijfelt niet aan de verklaring van de verbalisant en stelt onder verwijzing naar jurisprudentie dat terecht geen staandehouding heeft plaatsgevonden.



Overwegingen



5. In principe houdt de ambtenaar de bestuurder staande op het moment dat een verkeersovertreding wordt vastgesteld. Dit is alleen anders als er geen reële mogelijkheid is om betrokkene staande te houden en zijn identiteit te controleren. Dan mag de boete aan de kentekenhouder worden opgelegd.


5.1.
De verbalisanten geven in het zaakoverzicht aan dat betrokkene niet is staande gehouden vanwege verkeersdrukte, terwijl zij in een onopvallend dienstvoertuig reden dat niet was voorzien van een stoptransparant. De ambtenaar had, gelet op de door de vertegenwoordiger genoemde jurisprudentie, niet een reële mogelijkheid om betrokkene staande te houden. In dit geval mocht de ambtenaar daarom op kenteken bekeuren.

6. De kantonrechter ziet in de enkele ontkenning van de overtreding door betrokkene geen reden om te twijfelen aan hetgeen in het zaakoverzicht is aangegeven. De overtreding staat dan ook vast. Er zijn verder geen gronden aangevoerd die leiden tot een matiging van de sanctie.

7. Het beroep is ongegrond, daarom komen de proceskosten niet voor vergoeding in aanmerking.





Conclusie


De kantonrechter:




verklaart het beroep ongegrond;


wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.





Waarvan proces-verbaal,









D.W. Veenstra, griffier mr. T.F. Bruinenberg, kantonrechter











Afschrift verzonden aan partijen op:





Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.


Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.



De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.



Hof Arnhem-Leeuwarden 21 april 2021, ECLI:NL:GHARL:2021:3941.


Artikel 5 van de Wahv.