Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Noord-Nederland

ECLI:NL:RBNNE:2026:3192

2026-04-15 Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht 11815635 BU VERZ 25-1672
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Uitspraakdatum
2026-04-15
Publicatiedatum
2026-08-03
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Procedure
Mondelinge uitspraak
Zaaknummer
11815635 BU VERZ 25-1672
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Termijnoverschrijding. Betrokkene stelt slechts dat zijn beroep bij de officier van justitie in goede orde was ontvangen, maar heeft niet toegelicht waarom hij te laat beroep heeft ingesteld. Voor de volledigheid merkt de kantonrechter op dat de mededeling dat een beroep in goede orde is ontvangen, niet betekent dat dit beroep ook inhoudelijk wordt behandeld. Niet-ontvankelijk beroep.

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (5.326 tekens)
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Groningen


Bestuursrecht



beschikkingsnummer: 268212480
zaaknummer: 11815635 BU VERZ 25-1672




proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 15 april 2026


in de zaak van





[betrokkene] (de betrokkene),
die woont in [woonplaats] .



Inleiding


1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘als bestuurder van een voertuig rijden, terwijl het voertuig scherpe delen heeft’, verricht op 13 augustus 2024, om 11:19 uur, op het Overdiep in Appingedam , met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 309,00 (inclusief administratiekosten).



1.1.
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.



1.2.
De kantonrechter heeft het beroep op 15 april 2026 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig: de vertegenwoordigster van de officier van justitie, mr. P.A. Veenstra.



1.3.
Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.




Beoordeling door de kantonrechter
Beslissing

2. De kantonrechter oordeelt dat het beroep niet-ontvankelijk is. Hij zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.



Overwegingen





De zekerheidsstelling



3. De kantonrechter stelt allereerst vast dat betrokkene geen zekerheid heeft gesteld. Betrokkene moet (tijdig) een bedrag betalen als zekerheid voor de boete en de administratiekosten. In de met stukken onderbouwde verklaring van betrokkene ziet de kantonrechter aanleiding om het te betalen bedrag aan zekerheid op nul te zetten.



De termijnoverschrijding



4. De kantonrechter stelt vast dat het beroepschrift te laat is ingediend. De termijn voor het indienen van een beroepschrift is zes weken. De termijn gaat in op de dag na de dag waarop de officier van justitie zijn beslissing heeft verstuurd.


4.1.
Het beroepschrift is op 24 februari 2025 bij de CVOM binnengekomen. Het beroepschrift had uiterlijk op 21 februari 2025 ontvangen moeten zijn.



4.2.
De vertegenwoordigster geeft op de zitting aan dat de beslissing van de officier van justitie op 10 januari 2025 is verstuurd vanuit het systeem MAPS. Gelet op de inrichting van dat proces is de kans op fouten hierbij nagenoeg uitgesloten. Doordat de beslissing van de officier is verzonden, was betrokkene op de hoogte van de geldende beroepstermijn.



4.3.
De kantonrechter ziet geen aanleiding om de termijnoverschrijding verschoonbaar te achten. Betrokkene stelt slechts dat zijn beroep bij de officier van justitie in goede orde was ontvangen, maar heeft niet toegelicht waarom hij te laat beroep heeft ingesteld. De griffie van deze rechtbank heeft daarom bij brief van 24 februari 2026 gevraagd om een uitleg over de termijnoverschrijding. Betrokkene heeft hierop niet gereageerd. De kantonrechter zal het beroepschrift daarom niet inhoudelijk behandelen. Het beroep zal niet-ontvankelijk worden verklaard. Voor de volledigheid merkt de kantonrechter daarbij op dat het feit dat de mededeling dat een beroep in goede orde is ontvangen, niet betekent dat dit beroep ook inhoudelijk wordt behandeld. Dit gebeurt slechts als de termijnoverschrijding verschoonbaar is.





Conclusie


De kantonrechter verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Waarvan proces-verbaal,



mr. R. Krikke, griffier mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter



























Afschrift verzonden aan partijen op:






Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.


Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.



De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.



Artikel 11 van de Wahv.


Artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht.


Artikel 6:8 van de Algemene wet bestuursrecht.


Hof Arnhem-Leeuwarden, 13 mei 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:2912.