Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Noord-Holland

ECLI:NL:RBNHO:2024:1968

2024-02-28 Civiel recht; Arbeidsrecht 10630272 \ CV EXPL 23-4835
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Uitspraakdatum
2024-02-28
Publicatiedatum
2024-02-27
Rechtsgebied
Civiel recht; Arbeidsrecht
Procedure
Bodemzaak
Zaaknummer
10630272 \ CV EXPL 23-4835
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | AR-Updates.nl 2024-0325 | VAAN-AR-Updates.nl 2024-0325

Inhoudsindicatie

Incident bevoegdheid. De kantonrechter is op grond van artikel 93 aanhef en onder c Rv bevoegd omdat de vordering verband houdt met, en niet los kan worden gezien van, de beëindigde arbeidsovereenkomst.

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (4.986 tekens)
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem


Zaaknr./rolnr.: 10630272 \ CV EXPL 23-4835
Uitspraakdatum: 28 februari 2024




Vonnis van de kantonrechter in het incident in de zaak van:






[eiseres]


wonende te [plaats]
eiseres, verweerster in het incident
verder te noemen: [eiseres]
gemachtigde: mr. P.J. Aschebrock (Stichting Achmea Rechtsbijstand)rolgemachtigde: AGIN Pranger Gerechtsdeurwaarders



tegen



de besloten vennootschap

Crown Van Gelder International B.V.

gevestigd te Velsen
gedaagde, eiseres in het incident
verder te noemen: CVGI
gemachtigde: mr. B. Westerhout





1Het procesverloop


1.1.

[eiseres] heeft bij dagvaarding van 6 juli 2023 een vordering tegen CVGI ingesteld. CVGI heeft een incidentele conclusie genomen waarin zij vordert dat de kantonrechter zich onbevoegd verklaart en de zaak verwijst naar de rechtbank, en geantwoord in de hoofdzaak. [eiseres] heeft schriftelijk gereageerd op de vordering tot onbevoegdverklaring.




2De beoordeling ten aanzien van de bevoegdheid van de kantonrechter

2.1.
CVGI stelt dat de kantonrechter niet bevoegd is om van de zaak kennis te nemen, omdat de bij dagvaarding gevorderde schadevergoeding een vordering betreft met een beloop van meer dan € 25.000,- en geen aardvordering betreft. Zij vordert dat de kantonrechter zich onbevoegd verklaart en de zaak verwijst naar de rechtbank.



2.2.

[eiseres] betwist gemotiveerd de stelling dat de kantonrechter onbevoegd is.



2.3.
De kantonrechter overweegt als volgt. Uit artikel 93 aanhef en onder c van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering volgt dat de kantonrechter beslist over zaken betreffende, onder meer, arbeidsovereenkomsten (de zogenaamde ‘aardvorderingen’). De term ‘betreffende’ moet ruim worden uitgelegd en behelst meer dan dat de vordering zijn grondslag moet hebben in één van de in dit artikel genoemde overeenkomsten. Ook vorderingen die verband houden met en niet los gezien kunnen worden van het (oorspronkelijke) bestaan van een arbeidsovereenkomst, zijn vorderingen ‘betreffende’ een arbeidsovereenkomst (zie Hoge Raad 16 november 2011, ECLI:NL:HR:2001:AD3992).


2.4.


[eiseres] vordert in de hoofdzaak schadevergoeding en legt daaraan ten grondslag dat CVGI tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst die CVGI als doorstarter heeft gesloten met de curator in het faillissement van Crown Van Gelder B.V.

[eiseres] was werkzaam bij Crown Van Gelder B.V. totdat de curator haar arbeidsovereenkomst opzegde vanwege het faillissement. [eiseres] betoogt dat CVGI, als koper van de activa uit het faillissement van Crown Van Gelder B.V., haar op basis van de overeenkomst met de curator een nieuwe arbeidsovereenkomst met minimaal gelijke voorwaarden had moeten aanbieden. Door dat niet te doen heeft zij schade geleden, aldus [eiseres].




2.5.
Gelet op de stellingen die [eiseres] aan haar vordering ten grondslag legt, is de kantonrechter van oordeel dat de vordering van [eiseres] verband houdt met, en niet los kan worden gezien van, de beëindigde arbeidsovereenkomst. Dit leidt tot de conclusie dat de kantonrechter zich op grond van artikel 93 aanhef en onder c Rv bevoegd acht om van de vordering kennis te nemen. De vordering in het incident wordt daarom afgewezen.


2.6.
De proceskosten komen voor rekening van CVGI, omdat zij ongelijk krijgt.



De hoofdzaak





2.7.
De hoofdzaak zal worden verwezen naar de rolzitting voor beraad. Partijen zullen te zijner tijd van de beraadbeslissing op de hoogte worden gesteld.



2.8.
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.





3De beslissing


De kantonrechter:




in het incident




3.1.
wijst de vordering af;



3.2.
veroordeelt CVGI in de kosten van het incident die de kantonrechter tot en met vandaag vaststelt op € 135,00 aan salaris van de gemachtigde van [eiseres];



in de hoofdzaak





3.3.
verwijst de zaak naar de rolzitting van 13 maart 2024 voor beraad;



3.4.
houdt iedere verdere beslissing aan.


Dit vonnis is gewezen door mr. M.M. Kruithof en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.



De griffier De kantonrechter