Rechtbank Noord-Holland
ECLI:NL:RBNHO:2020:8908
2020-11-04
Civiel recht
8639974 CV EXPL 20-3168
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Bevoegdheid kantonrechter ogv 96 Rv
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.302 tekens)
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Afdeling Privaatrecht
Sectie Kanton - locatie Alkmaar
zaaknr/rolnr.: 8630074/CV EXPL 20-3168
uitspraakdatum: 4 november 2020
Vonnis in de zaak van:
[eiser]
wonende te [woonplaats]
eisende partij
verder ook te noemen: [eiser]
gemachtigde: Stichting Univé Rechtshulp
tegen
[gedaagde]
wonende te [woonplaats]
gedaagde partij
verder ook te noemen: [gedaagde]
gemachtigde: mr. A.E. Koster
Het verdere procesverloop
Na het tussenvonnis van 16 september 2020 hebben beide partijen een akte genomen waarin zij zich hebben uitgelaten over de bevoegdheid van de kantonrechter.
De beoordeling
Ondanks de toelichting die partijen op het punt van de bevoegdheid hebben gegeven, acht de kantonrechter zich als uitgangspunt niet bevoegd om van het geschil kennis te nemen, omdat de vordering voor een deel bestaat uit een vordering van onbepaalde waarde, zonder dat er duidelijke aanwijzingen bestaan dat de vordering geen hogere waarde vertegenwoordigt dan EUR 25.000,-. Integendeel, de vordering tot ontbinding van de koopovereenkomst, betreft de verkochte woning die op 27 december 2019 is verkocht voor EUR 175.000,-. Nu partijen echter gezamenlijk op de voet van artikel 96 Rv wensen dat de kantonrechter deze zaak beslist en het gaat om rechtsgevolgen die ter vrije bepaling van partijen staan, acht de kantonrechter zich toch bevoegd.
De zaak wordt verwezen naar de rol voor conclusie van re- en dupliek. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
De beslissing
De kantonrechter:
Verwijst de zaak naar de rolzitting van 2 december 2020 voor conclusie van repliek aan de zijde van [eiser] ;
Houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Flipse kantonrechter, bijgestaan door de griffier en op 4 november 2020 in het openbaar uitgesproken.
De griffier
De kantonrechter
Afdeling Privaatrecht
Sectie Kanton - locatie Alkmaar
zaaknr/rolnr.: 8630074/CV EXPL 20-3168
uitspraakdatum: 4 november 2020
Vonnis in de zaak van:
[eiser]
wonende te [woonplaats]
eisende partij
verder ook te noemen: [eiser]
gemachtigde: Stichting Univé Rechtshulp
tegen
[gedaagde]
wonende te [woonplaats]
gedaagde partij
verder ook te noemen: [gedaagde]
gemachtigde: mr. A.E. Koster
Het verdere procesverloop
Na het tussenvonnis van 16 september 2020 hebben beide partijen een akte genomen waarin zij zich hebben uitgelaten over de bevoegdheid van de kantonrechter.
De beoordeling
Ondanks de toelichting die partijen op het punt van de bevoegdheid hebben gegeven, acht de kantonrechter zich als uitgangspunt niet bevoegd om van het geschil kennis te nemen, omdat de vordering voor een deel bestaat uit een vordering van onbepaalde waarde, zonder dat er duidelijke aanwijzingen bestaan dat de vordering geen hogere waarde vertegenwoordigt dan EUR 25.000,-. Integendeel, de vordering tot ontbinding van de koopovereenkomst, betreft de verkochte woning die op 27 december 2019 is verkocht voor EUR 175.000,-. Nu partijen echter gezamenlijk op de voet van artikel 96 Rv wensen dat de kantonrechter deze zaak beslist en het gaat om rechtsgevolgen die ter vrije bepaling van partijen staan, acht de kantonrechter zich toch bevoegd.
De zaak wordt verwezen naar de rol voor conclusie van re- en dupliek. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
De beslissing
De kantonrechter:
Verwijst de zaak naar de rolzitting van 2 december 2020 voor conclusie van repliek aan de zijde van [eiser] ;
Houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Flipse kantonrechter, bijgestaan door de griffier en op 4 november 2020 in het openbaar uitgesproken.
De griffier
De kantonrechter