Rechtbank Noord-Holland
ECLI:NL:RBNHO:2020:5185
2020-07-09
Civiel recht
8574289 EJ VERZ 20-174
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Erfrecht. Kanton. Artikel 4:214 lid 1 BW. Verzoek bepalen termijn waarbinnen schuldeisers hun vordering moeten indienen bij de vereffenaar.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.719 tekens)
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Handel, Kanton en Bewind
Locatie Alkmaar
Zaaknr./repnr.: 8574289 EJ VERZ 20-174
Uitspraakdatum: 9 juli 2020
Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:
[naam 1] ,
kantoorhoudende te Haarlem,
verzoekster,
verder te noemen: de vereffenaar,
inzake
de nalatenschap van [naam 2],
geboren op [naam 2] te [geboorteplaats] en overleden op 31 januari 2016 te Nong Prue, Thailand, laatstelijk gewoond hebbende te [woonplaats] ,
verder te noemen: erflater.
1Het procesverloop
1.1.
De vereffenaar heeft een verzoek ingediend, ter griffie ingekomen op 3 juni 2020, strekkende tot bepaling van een termijn ex artikel 4:214 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW).
1.2.
Gelet op de aard van het verzoek is afgezien van een behandeling ter terechtzitting. Vervolgens is beschikking bepaald.
2De beoordeling
2.1.
Bij beschikking van 21 oktober 2019 van deze rechtbank, locatie Haarlem, is verzoekster benoemd tot vereffenaar van de nalatenschap erflater en is de vereffenaar opgedragen de benoeming bekend te maken in de (elektronische versie van de) Staatscourant.
2.2.
De vereffenaar verzoekt de kantonrechter om een datum vast te stellen waarvoor de schuldeisers van de nalatenschap hun vorderingen bij haar moeten indienen.
2.3.
Nu niet is gebleken van feiten of omstandigheden die zich tegen inwilliging van het verzoek verzetten, zal de kantonrechter, mede gelet op het bepaalde in artikel 4:214 BW, het verzoek toewijzen als hieronder bepaald.
2.4.
De kantonrechter gaat ervan uit dat de oproeping van de schuldeisers van de nalatenschap onverwijld na ontvangst van deze beschikking zal geschieden en is van oordeel dat een termijn van ongeveer 3 maanden voor schuldeisers voldoende is om hun vorderingen bij de vereffenaar in te dienen. De kantonrechter zal de datum waarvoor de schuldeisers hun vorderingen moeten indienen bij de vereffenaar daarom op 1 november 2020 bepalen.
3De beslissing
De kantonrechter:
3.1.
bepaalt dat de vereffenaar de schuldeisers van de nalatenschap op zal roepen hun vorderingen bij haar in te dienen vóór 1 november 2020.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.C. van Rijn en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
Handel, Kanton en Bewind
Locatie Alkmaar
Zaaknr./repnr.: 8574289 EJ VERZ 20-174
Uitspraakdatum: 9 juli 2020
Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:
[naam 1] ,
kantoorhoudende te Haarlem,
verzoekster,
verder te noemen: de vereffenaar,
inzake
de nalatenschap van [naam 2],
geboren op [naam 2] te [geboorteplaats] en overleden op 31 januari 2016 te Nong Prue, Thailand, laatstelijk gewoond hebbende te [woonplaats] ,
verder te noemen: erflater.
1Het procesverloop
1.1.
De vereffenaar heeft een verzoek ingediend, ter griffie ingekomen op 3 juni 2020, strekkende tot bepaling van een termijn ex artikel 4:214 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW).
1.2.
Gelet op de aard van het verzoek is afgezien van een behandeling ter terechtzitting. Vervolgens is beschikking bepaald.
2De beoordeling
2.1.
Bij beschikking van 21 oktober 2019 van deze rechtbank, locatie Haarlem, is verzoekster benoemd tot vereffenaar van de nalatenschap erflater en is de vereffenaar opgedragen de benoeming bekend te maken in de (elektronische versie van de) Staatscourant.
2.2.
De vereffenaar verzoekt de kantonrechter om een datum vast te stellen waarvoor de schuldeisers van de nalatenschap hun vorderingen bij haar moeten indienen.
2.3.
Nu niet is gebleken van feiten of omstandigheden die zich tegen inwilliging van het verzoek verzetten, zal de kantonrechter, mede gelet op het bepaalde in artikel 4:214 BW, het verzoek toewijzen als hieronder bepaald.
2.4.
De kantonrechter gaat ervan uit dat de oproeping van de schuldeisers van de nalatenschap onverwijld na ontvangst van deze beschikking zal geschieden en is van oordeel dat een termijn van ongeveer 3 maanden voor schuldeisers voldoende is om hun vorderingen bij de vereffenaar in te dienen. De kantonrechter zal de datum waarvoor de schuldeisers hun vorderingen moeten indienen bij de vereffenaar daarom op 1 november 2020 bepalen.
3De beslissing
De kantonrechter:
3.1.
bepaalt dat de vereffenaar de schuldeisers van de nalatenschap op zal roepen hun vorderingen bij haar in te dienen vóór 1 november 2020.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.C. van Rijn en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.