Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Midden-Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2026:5843

2026-07-27 Civiel recht; Personen- en familierecht C/16/608815 / FO RK 26-361
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Uitspraakdatum
2026-07-27
Publicatiedatum
2026-08-25
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Beschikking
Zaaknummer
C/16/608815 / FO RK 26-361
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

adoptie duomoeder, IPR

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (6.706 tekens)
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Familierecht


locatie Utrecht



zaaknummer: C/16/608815 / FO RK 26-361



Adoptie




Beschikking van 27 juli 2026




in de zaak van:





[verzoekster]
,
wonende in [woonplaats] ,
hierna te noemen: verzoekster,
advocaat mr. K.S.M. Smienk,



met als belanghebbende





[belanghebbende]
,
wonende in [woonplaats] ,
hierna te noemen: [belanghebbende] .






1De procedure


De rechtbank heeft de volgende stukken ontvangen:



het verzoekschrift, met bijlagen, binnengekomen op 20 maart 2026;


het bericht van 22 juni 2026 van verzoekster, met bijlagen.







2Waar de procedure over gaat


2.1
Verzoekster is op [Datum huwelijk] 2025 in [plaats] getrouwd met [belanghebbende] .



2.2

Tijdens dit huwelijk is geboren:


[minderjarige]
, geboren op [geboortedatum 1] 2026 in [geboorteplaats 1] .




2.3

[belanghebbende] is bevallen van [minderjarige] . De zwangerschap is tot stand gekomen met medewerking van [naam] als donor.



2.4
Verzoekster en [belanghebbende] hebben het ouderlijk gezag over [minderjarige] . Dit betekent dat zij samen de belangrijke beslissingen over [minderjarige] mogen nemen.



2.5
Verzoekster wil [minderjarige] adopteren. [belanghebbende] staat achter dit verzoek.







3De beoordeling



Bevoegdheid rechtbank en toepasselijk recht



3.1

[belanghebbende] heeft de Zweedse nationaliteit. Daarom moet de rechtbank eerst beoordelen of de Nederlandse rechter wel bevoegd is om te beslissen op het verzoek. Ook moet de rechtbank beoordelen van welk land de rechtsregels worden toegepast.



3.2
De Nederlandse rechter is op grond van artikel 3 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) bevoegd om kennis te nemen van het verzoek, omdat verzoekster, [belanghebbende] en [minderjarige] hun woonplaats in Nederland hebben.



3.3
Op grond van artikel 10:105 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) is Nederlands recht van toepassing op het verzoek tot adoptie. Volgens lid 2 van dit artikel moet de biologische moeder van de minderjarige toestemming verlenen voor adoptie volgens het recht waarvan de minderjarige de nationaliteit heeft. Dit is ook Nederlands recht.



Adoptie




3.4
De rechtbank zal het verzoek toewijzen en de adoptie van [minderjarige] door verzoekster uitspreken. Hierna legt de rechtbank uit waarom zij deze beslissing neemt.



3.5
Het verzoek tot adoptie moet worden getoetst aan de voorwaarden die zijn opgenomen in de artikelen 1:227 en 1:228 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De rechtbank is van oordeel dat hieraan is voldaan.



3.6

Volgens de rechtbank is de adoptie in het belang van [minderjarige] , want hij wordt door verzoekster en [belanghebbende] samen verzorgd en opgevoed. Vaststaat dat de donor geen ouderrol zal vervullen voor [minderjarige] .
Ook heeft verzoekster de vereiste verklaringen overgelegd, te weten:



de verklaring van 23 januari 2026 van de donor, waaruit blijkt dat hij instemt met de adoptie;


de verklaring van 18 februari 2026 van [belanghebbende] , waaruit blijkt dat zij instemt met de adoptie.





Ingangsdatum




3.7
De adoptie werkt terug tot het tijdstip van de geboorte van [minderjarige] , omdat de adoptie voor de geboorte van [minderjarige] is verzocht.



Geslachtsnaam




3.8
Verzoekster en [belanghebbende] hebben voor [minderjarige] de geslachtsnaam [naam verzoekster] gekozen. De rechtbank zal deze naamskeuze in de beslissing opnemen.












4De beslissing


De rechtbank:



4.1

spreekt uit de adoptie van de minderjarige van het mannelijke geslacht:


[minderjarige]
, geboren op [geboortedatum 1] 2026 in [geboorteplaats 1] ,
door:


[verzoekster]
, geboren op [geboortedatum 2] 1990 in [geboorteplaats 2] ;




4.2
bepaalt dat de adoptie terugwerkt tot het tijdstip van de geboorte van [minderjarige] ;



4.3

stelt vast dat verzoekster en [belanghebbende] hebben verklaard dat [minderjarige] de geslachtsnaam [naam verzoekster] zal dragen na de adoptie, zodat hij zal heten:


[minderjarige]
.











Dit is de beslissing van de rechtbank, genomen door mr. A.G. van Doorn, (kinder)rechter, in samenwerking met mr. A. Verouden, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 27 juli 2026.























Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.
















Artikel 1:230 lid 2 BW


Artikel 1:5 lid 3 BW