Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Midden-Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2026:4917

2026-04-13 Strafrecht 16/323374-20
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Uitspraakdatum
2026-04-13
Publicatiedatum
2026-07-29
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Eerste aanleg - meervoudig
Zaaknummer
16/323374-20
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Verlenging van de tbs met voorwaarden met twee jaar en wijziging van de voorwaarden

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (20.076 tekens)
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND


StrafrechtZittingsplaats Utrecht



Parketnummer: 16/323374-20 (vordering verlenging tbs en vorderingen wijziging voorwaarden)




Beslissing op grond van artikel 6:6:10 van het Wetboek van Strafvordering van de meervoudige kamer voor strafzaken van 13 april 2026




in de zaak van de officier van justitie tegen de ter beschikking gestelde:





[betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum] 1987 te [geboorteplaats] ,
thans verblijvende in FPK [locatie] , [adres] , [postcode] in [plaats 1] ,



hierna te noemen: betrokkene.



Advocaat van de betrokkene: mr. R.M. Joppen, waarnemend voor A.T. van Vulpen (hierna: de advocaat).
Officier van justitie: mr. M. de Nooij.





1Terbeschikkingstelling


De rechtbank in Utrecht heeft bij vonnis van 5 juli 2022 de betrokkene veroordeeld voor ontucht met zijn kind, tweemaal ontucht met iemand die aan zijn zorg was toevertrouwd en het bezit van kinderporno en hem (onder meer) de maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden (hierna: tbs met voorwaarden of tbs) opgelegd.



De tbs is ingegaan op 20 april 2024.





2Procedure



Vordering

De officier van justitie heeft op 5 februari 2026 gevorderd dat de tbs met twee jaar wordt verlengd en dat twee voorwaarden worden gewijzigd. Op 13 februari 2026 heeft de officier van justitie gevorderd dat nog een bijzondere voorwaarde wordt gewijzigd.




Stukken

De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken:



het vonnis in de strafzaak;


het advies van de reclassering van 23 januari 2026;


de aanvulling op het advies van de reclassering van 10 februari 2026;


de voortgangsverslagen van 4 april 2024 tot en met 5 oktober 2025;


de officiële waarschuwingen op 20 november 2025 en 16 januari 2026;


het advies van psycholoog [psycholoog] van 19 november 2025.





Zitting

Op de zitting zijn gehoord:



de officier van justitie;


de betrokkene;


de advocaat;


de deskundige S. van den Bovenkamp, reclasseringswerker.




Daarnaast hebben de ouders van de slachtoffers en mr. A.Y. Bleeker, namens de slachtoffers, de gelegenheid gekregen het woord te voeren over de voorwaarden die direct hun belangen raken. Hiervan is geen gebruik gemaakt.





3Adviezen


De reclassering adviseert om de tbs met voorwaarden te verlengen met twee jaar en de voorwaarden te wijzigen zoals gevorderd door de officier van justitie. Ook de psycholoog adviseert om de tbs met twee jaar te verlengen.




4Standpunten



Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie vindt dat de vordering moet worden toegewezen en dat de tbs met twee jaar moet worden verlengd. Daarnaast moeten de voorwaarden ‘meewerken aan een timeout’ en ‘vermijden van kinderporno’ worden geactualiseerd en moet de voorwaarde van het contactverbod met zijn dochter worden aangepast, met daarbij een interpretatie van deze voorwaarde, inhoudende dat betrokkene niet mag praten over zijn dochter met mensen die in direct contact staan met zijn dochter, zoals zijn familie, zodat daarover bij betrokkene geen misverstand kan bestaan. Dit is noodzakelijk, omdat hij al meerdere waarschuwingen heeft gehad voor de overtreding van dit verbod.




Standpunt van de advocaat

De advocaat refereert zich aan het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de verlenging van de tbs, omdat betrokkene zich realiseert dat hij nog niet klaar is met de behandeling en er tijd nodig is.



Ten aanzien van de wijzigingen van de voorwaarden ‘meewerken aan een timeout’ en het ‘vermijden van kinderporno’ refereert de advocaat zich ook aan het oordeel van de rechtbank, omdat dit formele wijzigingen betreft. Ook heeft zij geen bezwaren tegen de tekst van de voorgestelde wijziging van het contactverbod, maar wel tegen de interpretatie daarvan. Betrokkene heeft drie waarschuwingen gehad voor overtreding van dit contactverbod, waaronder in een situatie waarin hij tegen een derde over zijn dochter praatte. Dit grijpt volgens de advocaat in op de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene, omdat niet van hem kan worden verwacht dat hij niet meer met derden over het gemis van het contact met zijn dochter zal praten. De advocaat vraagt de rechtbank om zich uit te laten over de interpretatie van het contactverbod.







5Beoordeling


5.1

Verlenging tbs



De rechtbank komt op grond van de stukken en wat op de zitting is besproken tot het volgende oordeel.




Stoornis, gebrekkige ontwikkeling en herhalingsgevaar

De rechtbank stelt op basis van de hiervoor genoemde adviezen vast dat bij de betrokkene nog altijd sprake is van stoornissen, namelijk een pedofiele stoornis, in combinatie met een autismespectrumstoornis.



Uit de adviezen blijkt dat het risico op herhaling van delictgedrag binnen de huidige context als matig tot laag wordt gezien, ook omdat betrokkene geen toegang heeft tot internet. Zodra hij weer vrijheden op dit gebied krijgt, kunnen de risico’s oplopen. Bij het wegvallen van de hulpverleningscontext worden de risico’s ingeschat als matig-hoog.




Behandelverloop

Op 4 april 2024 is betrokkene opgenomen in de FPK in [plaats 1] . Na een observatie op de afdeling [afdeling 1] is hij op 28 mei 2024 overgeplaatst naar afdeling [afdeling 2] . De draagkracht voor de behandeling blijkt niet groot te zijn en betrokkene heeft het zichtbaar zwaar, waarbij sprake is van overvraging. Meer dan eens wordt er een behandelpauze ingezet om betrokkene te ondersteunen in zelfregulatie en rust. Inmiddels heeft betrokkene belangrijke en positieve stappen gezet. In die zin blijkt hij voldoende responsief te zijn voor de behandeling. Hij is actief bezig met het leren van alternatieve manieren om met spanningen en stress om te gaan. Wel heeft betrokkene waarschuwingen gehad voor het overtreden van het contactverbod met zijn dochter. Hoewel er kan worden gesteld dat er stappen zijn gezet, zijn dit kleine stappen. De inschatting is dat de klinische behandeling langer zal duren dan gemiddeld, waarbij het belangrijk is om te toetsen hoeveel begeleiding, ondersteuning en toezicht betrokkene nog nodig heeft in de toekomst. Op de langere termijn wordt beoogd de klinische behandeling te vervolgen binnen een Forensisch Psychiatrische Afdeling (FPA). Hiervoor is nog geen concrete termijn afgesproken, omdat het afhankelijk is van de ontwikkeling van betrokkene.
De rapporterend psycholoog en de reclassering verwachten dat meer dan een jaar nodig is om het tbs-traject volledig af te ronden.




Verlenging van de maatregel

Gelet op het voorgaande concludeert de rechtbank dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid van personen en goederen eist dat de tbs wordt verlengd.




Duur van de verlenging

De rechtbank verlengt de tbs met voorwaarden, overeenkomstig de vordering en de adviezen, met twee jaar.



De rechtbank heeft als uitgangspunt dat de tbs verlengd moet worden met een termijn van twee jaar, als aannemelijk is dat de behandeling en resocialisatie van de betrokkene nog langer dan een jaar duurt. Alleen in geval van bijzondere omstandigheden kan van dit uitgangspunt worden afgeweken. De rechtbank oordeelt, net als de officier van justitie en de advocaat, dat in dit geval geen sprake is van zulke bijzondere omstandigheden. Zij zal de maatregel daarom met twee jaar verlengen. Betrokkene ziet zelf ook in dat dit nodig is.







5.2

Wijziging voorwaarden



De rechtbank is, net als de officier van justitie, van oordeel dat de voorwaarden ‘meewerken aan een timeout’ en het ‘vermijden van kinderporno’ moeten worden geactualiseerd en wijzigt de voorwaarden zoals door de officier van justitie gevorderd. De advocaat van betrokkene heeft zich ook niet tegen verzet. Ook wijzigt de rechtbank het contactverbod met dochter zoals gevorderd door de officier van justitie.



De advocaat heeft aan de rechtbank gevraagd om zich uit te laten over de interpretatie van het contactverbod. De rechtbank acht het niet wenselijk dat in de toekomst verwarring/gedoe over de invulling van het contactverbod komt, waardoor de behandeling van betrokkene mogelijk stagneert. Gelet hierop zal de rechtbank tegemoet komen aan het verzoek van de advocaat om nader in te gaan op de interpretatie van het contactverbod. De rechtbank overweegt als volgt.
De voorwaarden die op grond van de artikelen 38 en 38a van het Wetboek van Strafrecht (Sr) worden verbonden aan een tbs met voorwaarden, strekken tot de bescherming van de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen. De voorwaarden die worden gesteld, dienen het gedrag van de ter beschikking gestelde te betreffen. De bedoeling is dat door gunstige gedragsbeïnvloeding recidive wordt voorkomen. Voor alle te stellen voorwaarden is in artikel 38 lid 5 Sr bereidverklaring van de ter beschikking gestelde voorgeschreven. Bovendien dienen de voorwaarden te voldoen aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit, tegen de achtergrond van het doel van de tbs met voorwaarden, te weten een doeltreffende behandeling van de terbeschikkinggestelde en het voorkomen van nieuwe strafbare feiten. Een te stellen voorwaarde dient voldoende precies het daarin vervatte gedragsvoorschrift te formuleren.



Het contactverbod van betrokkene met zijn dochter, die hij heeft misbruikt (één van de indexdelicten), voldoet gezien de (persoonlijke) problematiek van de betrokkene en het vastgestelde recidiverisico, aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. Het verbod houdt in dat de betrokkene geen contact mag (laten) leggen met zijn dochter en omvat alle vormen van direct of indirect contact, zowel fysiek als door middel van bijvoorbeeld post, telefoon, internet, sociale media of e-mail. Op grond van het contactverbod dat op dit moment voorligt, is het, anders dan de reclassering meent, betrokkene niet verboden om met derden (die al dan niet zelf in contact staan met zijn dochter) te praten over zijn dochter.



Vanuit de reclassering is aangegeven dat het met het oog op de behandeling van betrokkene van belang is dat betrokkene zich richt op zijn daderrol in plaats van op zijn vaderrol. Gelet op wat de reclassering daarover naar voren heeft gebracht, is voorstelbaar dat contact over zijn dochter met derden, zoals zijn ouders, de behandeling van betrokkene vertraagt. Het gaat de rechtbank echter te ver om op basis van wat de rechtbank nu bekend is, de voorwaarde op te leggen dat hij niet met derden mag praten over zijn dochter. Een dergelijk verbod is zeer ingrijpend en voldoet naar het oordeel van de rechtbank niet aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. De rechtbank overweegt daarbij dat in het algemeen geldt dat betrokkene zich moet houden aan de aanwijzingen van de kliniek en de reclassering. Het spreekt vanzelf dat betrokkene wel het contactverbod overtreedt, als hij al dan niet via derden in contact probeert te komen met zijn dochter.







6Beslissing
De rechtbank:


verlengt de tbs met voorwaarden van [betrokkene] met twee jaar en wijzigt de voorwaarden in die zin dat deze komen te luiden (de wijziging is vetgedrukt):


 geen strafbaar feit plegen
verdachte maakt zich niet schuldig aan een strafbaar feit;
 meewerken aan reclasseringstoezicht

verdachte werkt mee aan het reclasseringstoezicht. Deze medewerking houdt onder andere in:
o verdachte meldt zich op afspraken bij de reclassering. De reclassering bepaalt hoe vaak dat nodig is;
o verdachte houdt zich aan de aanwijzingen van de reclassering. De reclassering kan aanwijzingen geven die nodig zijn voor de uitvoering van het toezicht of om verdachte te helpen bij het naleven van de voorwaarden;
o verdachte helpt de reclassering aan een actuele foto waarop zijn gezicht herkenbaar is. Deze foto is nodig voor opsporing bij ongeoorloofde afwezigheid;
o verdachte werkt mee aan huisbezoeken;
o verdachte geeft de reclassering inzicht in de voortgang van begeleiding en/of behandeling door andere instellingen of hulpverleners;
o verdachte vestigt zich niet op een ander adres zonder toestemming van de reclassering;
o verdachte werkt mee aan het uitwisselen van informatie met personen en instanties die contact hebben met verdachte, als dat van belang is voor het toezicht;

 niet naar het buitenland
verdachte gaat niet naar het buitenland of het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden zonder toestemming van de reclassering;
 opname in een zorginstelling
verdachte laat zich opnemen in een forensisch psychiatrische kliniek of een soortgelijke zorginstelling, te bepalen door de justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. De opname start aansluitend aan detentie. De opname duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Het innemen van medicijnen kan onderdeel zijn van de behandeling. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of maatschappelijke opvang gewenst vindt, werkt verdachte mee aan de indicatiestelling en plaatsing;
 ambulante behandeling
verdachte laat zich indien noodzakelijk geacht behandelen door een forensische polikliniek of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering. De behandeling duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling. Het innemen van medicijnen kan onderdeel zijn van de behandeling;
 opname voor een time-out
Als de reclassering dat nodig vindt en de terbeschikkinggestelde daarmee instemt, kan de terbeschikkinggestelde voor een time-out worden opgenomen in een Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC) of andere instelling. Deze time-out duurt totdat de reclassering of de terbeschikkinggestelde deze beëindigt, maar maximaal zeven weken, met de mogelijkheid van verlenging met nog eens maximaal zeven weken, tot maximaal veertien weken per jaar;
 begeleid wonen of maatschappelijke opvang
verdachte verblijft indien nodig geacht na de klinische behandeling in een instelling voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld;
 contactverbod met de dochter van verdachte
verdachte heeft of zoekt op geen enkele wijze – direct of indirect – contact met zijn dochter, [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2014, zolang de reclassering dit verbod noodzakelijk acht;
 contactverbod met de overige slachtoffers

verdachte heeft of zoekt op geen enkele wijze - direct of indirect - contact met de slachtoffers
o [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum] 2014;
o [slachtoffer 2] , geboren op [geboortedatum] 2014;
o [slachtoffer 3] , geboren op [geboortedatum] 2014;
o [slachtoffer 4] , geboren op [geboortedatum] 2019;
o [slachtoffer 5] , geboren op [geboortedatum] 2017;
o [slachtoffer 6] , geboren op [geboortedatum] 2019;
en met hun ouders/familie, zolang het Openbaar Ministerie dit verbod nodig vindt;

 locatieverbod
verdachte bevindt zich niet in [plaats 2] , zolang het Openbaar Ministerie dit verbod nodig vindt. Indien in de toekomst bezoek aan familie van verdachte gewenst is, geschiedt dit in overleg met de reclassering en worden hierover concrete afspraken gemaakt. Dit zal tevens gecommuniceerd worden met de plaatselijke politie;
 vermijden contact met minderjarigen
verdachte zoekt op geen enkele wijze contact met minderjarigen. Hij vermijdt deze contacten zoveel mogelijk. Als contacten onvermijdelijk zijn, zorgt verdachte dat andere, voor de reclassering bekende en goedgekeurde contacten, hierbij aanwezig zijn;
 vermijden kinderporno
Dat de veroordeelde:



digitale omgevingen vermijdt waarin hij in aanraking kan komen met kinderpornografisch materiaal;




digitale omgevingen vermijdt waarin over seksuele handelingen met minderjarigen wordt gecommuniceerd;




geen gebruik maakt van virtuele machines, versleutelprogramma’s (zoals Bitlocker, Veracrypt) of applicaties die helpen de identiteit te verbergen (zoals een VPN), tenzij de reclassering toestemming heeft gegeven voor het gebruik (zoals voor werk of voor bankzaken);




inzicht geeft in de wijze waarop hij de omgevingen genoemd onder 1. en 2. zal vermijden en bespreekt hoe dit verloopt in gesprekken met de reclassering.






Het toezicht op de naleving van de onderdelen 1. tot en met 3. Beperkt zich tot geautomatiseerde controles van digitale apparaten (zoals computers, smart devices, USB-sticks, SD-kaarten, externe harde schijven) waarop bestanden kunnen worden opgeslagen en/of waarmee internet kan worden benaderd en die de veroordeelde in gebruik heeft. De veroordeelde werkt mee aan deze controles tijdens (on)aangekondigde huisbezoeken en verschaft toegang tot alle aanwezige digitale apparaten die de veroordeelde in gebruik heeft. Hieronder wordt begrepen het verstrekken van wachtwoorden, codes of andere wijzen van ontgrendeling of ontsluiting zoals vingerafdrukken, die nodig zijn voor toegang. Op verzoek past de veroordeelde de instellingen zodanig aan dat controle mogelijk is. De wijzigingen mogen niet leiden tot definitieve wijzigingen aan het apparaat en worden aan het einde van de controle weer teruggezet. De controles worden uitgevoerd door de reclassering. Indien en voor zover noodzakelijk mag de reclassering voor ondersteuning op technisch en digitaal gebied een specialist, niet zijnde een opsporingsambtenaar, meenemen. De controles mogen maximaal (circa) drie keer per jaar worden uitgevoerd, waarbij de persoonlijke levenssfeer van de veroordeelde zoveel mogelijk wordt geëerbiedigd. De controles strekken er in het bijzonder niet toe een min of meer volledig beeld te krijgen van het persoonlijke leven van de veroordeelde;


 verbod bepaalde werkzaamheden

Verdachte:
o werkt niet als oppas;
o werkt niet met minderjarigen,
zolang het Openbaar Ministerie dit verbod nodig vindt.




Deze beslissing is genomen door mr. N.M.H. van Ek, voorzitter, mr. I.G.C. Bij de Vaate en mr. M. Prinsen rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.M. Caruso, griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van deze rechtbank op 13 april 2026.




Mr. M. Prinsen is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.