Rechtbank Midden-Nederland
ECLI:NL:RBMNE:2025:1560
2025-03-25
Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
UTR 25/1323
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang.
Citeert (1)
- ECLI:NL:RBMNE:2025:692 Rechtbank Midden-Nederland 28-01-2025
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.619 tekens)
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 25/1323
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 maart 2025 in de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] , eiser
(gemachtigde: mr. M. Görsültürk),
en
de minister van Buitenlandse Zaken, de minister
(gemachtigde: mr. L.H.T. Geuzendam).
Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend op 18 februari 2025 tegen het besluit van de minister van 7 januari 2025.
Overwegingen
1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Dit volgt uit artikel 8:54 van de Awb. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. In de uitspraak van deze rechtbank en zittingsplaats van 28 januari 2025, verzonden op 4 februari 2025, heeft de rechtbank zich al uitgelaten over het besluit van de minister van 7 januari 2025. Hetgeen eiser wilde bereiken is hiermee bereikt. In de uitspraak is ook de verwijzing naar hoger beroep opgenomen. Eiser heeft het onderhavige beroep echter niet ingetrokken, zodat de rechtbank daar nu alsnog uitspraak in doet.
3. Gelet op de eerdere uitspraak heeft eiser geen belang meer bij het onderhavige beroep (geen procesbelang). De rechtbank zal dit beroep van eiser dan ook niet-ontvankelijk verklaren.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J.M. Mol, rechter, in aanwezigheid van D.A.M. Delger, griffier.
De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 25 maart 2025.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.
ECLI:NL:RBMNE:2025:692.
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 25/1323
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 maart 2025 in de zaak tussen
[eiser] , uit [plaats] , eiser
(gemachtigde: mr. M. Görsültürk),
en
de minister van Buitenlandse Zaken, de minister
(gemachtigde: mr. L.H.T. Geuzendam).
Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend op 18 februari 2025 tegen het besluit van de minister van 7 januari 2025.
Overwegingen
1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is. Dit volgt uit artikel 8:54 van de Awb. Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.
2. In de uitspraak van deze rechtbank en zittingsplaats van 28 januari 2025, verzonden op 4 februari 2025, heeft de rechtbank zich al uitgelaten over het besluit van de minister van 7 januari 2025. Hetgeen eiser wilde bereiken is hiermee bereikt. In de uitspraak is ook de verwijzing naar hoger beroep opgenomen. Eiser heeft het onderhavige beroep echter niet ingetrokken, zodat de rechtbank daar nu alsnog uitspraak in doet.
3. Gelet op de eerdere uitspraak heeft eiser geen belang meer bij het onderhavige beroep (geen procesbelang). De rechtbank zal dit beroep van eiser dan ook niet-ontvankelijk verklaren.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J.M. Mol, rechter, in aanwezigheid van D.A.M. Delger, griffier.
De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 25 maart 2025.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.
ECLI:NL:RBMNE:2025:692.