Rechtbank Midden-Nederland
ECLI:NL:RBMNE:2025:1374
2025-04-03
Civiel recht; Personen- en familierecht
C/16/587133 / FO RK 25-34
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
adoptie duomoeder
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (6.647 tekens)
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Familierecht
locatie Utrecht
zaaknummer: C/16/587133 / FO RK 25-34
adoptie
Beschikking van 3 april 2025
in de zaak van:
[verzoekster]
,
wonende in [woonplaats] ,
hierna te noemen: verzoekster,
advocaat mr. K.S.M. Smienk,
met als belanghebbende
[belanghebbende]
,
wonende in [woonplaats] ,
hierna te noemen: [belanghebbende] .
1De procedure
1.1.
De rechtbank heeft de volgende stukken ontvangen:
het verzoekschrift, met bijlagen, ingediend op 13 januari 2025;
de brief van 6 februari 2025 van de Raad voor de Kinderbescherming;
het F-formulier van 18 februari 2025 van verzoekster, met bijlage.
1.2.
Verzoekster en [belanghebbende] willen geen verwijzing naar de bevoegde rechtbank.
2Waar de procedure over gaat
2.1.
Verzoekster is op [trouwdatum] 2023 in [plaats] getrouwd met [belanghebbende] .
2.2.
Tijdens dit huwelijk is geboren:
[eerste voornaam van minderjarige] [tweede voornaam van minderjarige] [achternaam van verzoekster], geboren op [geboortedatum 1] 2025 in [geboorteplaats 1] .
2.3.
[belanghebbende] is bevallen van [eerste voornaam van minderjarige] . De zwangerschap is tot stand gekomen door middel van kunstmatige inseminatie. De donor is onbekend.
2.4.
Verzoekster en [belanghebbende] hebben het ouderlijk gezag over [eerste voornaam van minderjarige] . Dit betekent dat zij samen de belangrijke beslissingen over [eerste voornaam van minderjarige] mogen nemen.
2.5.
Verzoekster wil [eerste voornaam van minderjarige] adopteren. [belanghebbende] staat achter dit verzoek.
2.6.
De Raad voor de Kinderbescherming heeft geen aanleiding gezien om onderzoek te doen.
3De beoordeling
Adoptie
3.1.
De rechtbank zal het verzoek toewijzen en de adoptie van [eerste voornaam van minderjarige] door verzoekster uitspreken. Hierna legt de rechtbank uit waarom zij deze beslissing neemt.
3.2.
Het verzoek tot adoptie moet worden getoetst aan de voorwaarden die zijn opgenomen in de artikelen 1:227 en 1:228 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De rechtbank is van oordeel dat hieraan is voldaan.
3.3.
Volgens de rechtbank is de adoptie in het belang van [eerste voornaam van minderjarige] , want hij wordt door verzoekster en [belanghebbende] samen verzorgd en opgevoed.
Ook heeft verzoekster de vereiste verklaringen overgelegd, te weten:
de verklaring van 25 oktober 2024 van de heer [A] , MSc, namens de Stichting donorgegevens kunstmatige bevruchting, waaruit blijkt dat de zwangerschap van [belanghebbende] tot stand is gekomen door kunstmatige donorbevruchting;
de verklaring van 27 december 2024 van [belanghebbende] , waaruit blijkt dat zij instemt met de adoptie.
Ingangsdatum
3.4.
De adoptie werkt terug tot het tijdstip van de geboorte van [eerste voornaam van minderjarige] , omdat de adoptie voor de geboorte van [eerste voornaam van minderjarige] is verzocht.
Geslachtsnaam
3.5.
Verzoekster en [belanghebbende] hebben voor [eerste voornaam van minderjarige] de geslachtsnaam [achternaam van verzoekster] gekozen. De rechtbank zal deze naamskeuze in de beslissing opnemen.
4De beslissing
De rechtbank:
4.1.
spreekt uit de adoptie van de minderjarige van het mannelijke geslacht:
[eerste voornaam van minderjarige] [tweede voornaam van minderjarige] [achternaam van verzoekster], geboren op [geboortedatum 1] 2025 in [geboorteplaats 1] ,
door:
[verzoekster]
, geboren op [geboortedatum 2] 2000 in [geboorteplaats 2] ;
4.2.
bepaalt dat de adoptie terugwerkt tot het tijdstip van de geboorte van [eerste voornaam van minderjarige] ;
4.3.
stelt vast dat verzoekster en [belanghebbende] hebben verklaard dat [eerste voornaam van minderjarige] de geslachtsnaam [achternaam van verzoekster] zal dragen na de adoptie, zodat hij blijft heten: [eerste voornaam van minderjarige] [tweede voornaam van minderjarige] .
Dit is de beslissing van de rechtbank, genomen door mr. M.C. Oostendorp, (kinder)rechter, in samenwerking met mr. A. Verouden, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 april 2025.
Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.
Artikel 1:230 lid 2 BW
Artikel 1:5 lid 3 BW
Familierecht
locatie Utrecht
zaaknummer: C/16/587133 / FO RK 25-34
adoptie
Beschikking van 3 april 2025
in de zaak van:
[verzoekster]
,
wonende in [woonplaats] ,
hierna te noemen: verzoekster,
advocaat mr. K.S.M. Smienk,
met als belanghebbende
[belanghebbende]
,
wonende in [woonplaats] ,
hierna te noemen: [belanghebbende] .
1De procedure
1.1.
De rechtbank heeft de volgende stukken ontvangen:
het verzoekschrift, met bijlagen, ingediend op 13 januari 2025;
de brief van 6 februari 2025 van de Raad voor de Kinderbescherming;
het F-formulier van 18 februari 2025 van verzoekster, met bijlage.
1.2.
Verzoekster en [belanghebbende] willen geen verwijzing naar de bevoegde rechtbank.
2Waar de procedure over gaat
2.1.
Verzoekster is op [trouwdatum] 2023 in [plaats] getrouwd met [belanghebbende] .
2.2.
Tijdens dit huwelijk is geboren:
[eerste voornaam van minderjarige] [tweede voornaam van minderjarige] [achternaam van verzoekster], geboren op [geboortedatum 1] 2025 in [geboorteplaats 1] .
2.3.
[belanghebbende] is bevallen van [eerste voornaam van minderjarige] . De zwangerschap is tot stand gekomen door middel van kunstmatige inseminatie. De donor is onbekend.
2.4.
Verzoekster en [belanghebbende] hebben het ouderlijk gezag over [eerste voornaam van minderjarige] . Dit betekent dat zij samen de belangrijke beslissingen over [eerste voornaam van minderjarige] mogen nemen.
2.5.
Verzoekster wil [eerste voornaam van minderjarige] adopteren. [belanghebbende] staat achter dit verzoek.
2.6.
De Raad voor de Kinderbescherming heeft geen aanleiding gezien om onderzoek te doen.
3De beoordeling
Adoptie
3.1.
De rechtbank zal het verzoek toewijzen en de adoptie van [eerste voornaam van minderjarige] door verzoekster uitspreken. Hierna legt de rechtbank uit waarom zij deze beslissing neemt.
3.2.
Het verzoek tot adoptie moet worden getoetst aan de voorwaarden die zijn opgenomen in de artikelen 1:227 en 1:228 van het Burgerlijk Wetboek (BW). De rechtbank is van oordeel dat hieraan is voldaan.
3.3.
Volgens de rechtbank is de adoptie in het belang van [eerste voornaam van minderjarige] , want hij wordt door verzoekster en [belanghebbende] samen verzorgd en opgevoed.
Ook heeft verzoekster de vereiste verklaringen overgelegd, te weten:
de verklaring van 25 oktober 2024 van de heer [A] , MSc, namens de Stichting donorgegevens kunstmatige bevruchting, waaruit blijkt dat de zwangerschap van [belanghebbende] tot stand is gekomen door kunstmatige donorbevruchting;
de verklaring van 27 december 2024 van [belanghebbende] , waaruit blijkt dat zij instemt met de adoptie.
Ingangsdatum
3.4.
De adoptie werkt terug tot het tijdstip van de geboorte van [eerste voornaam van minderjarige] , omdat de adoptie voor de geboorte van [eerste voornaam van minderjarige] is verzocht.
Geslachtsnaam
3.5.
Verzoekster en [belanghebbende] hebben voor [eerste voornaam van minderjarige] de geslachtsnaam [achternaam van verzoekster] gekozen. De rechtbank zal deze naamskeuze in de beslissing opnemen.
4De beslissing
De rechtbank:
4.1.
spreekt uit de adoptie van de minderjarige van het mannelijke geslacht:
[eerste voornaam van minderjarige] [tweede voornaam van minderjarige] [achternaam van verzoekster], geboren op [geboortedatum 1] 2025 in [geboorteplaats 1] ,
door:
[verzoekster]
, geboren op [geboortedatum 2] 2000 in [geboorteplaats 2] ;
4.2.
bepaalt dat de adoptie terugwerkt tot het tijdstip van de geboorte van [eerste voornaam van minderjarige] ;
4.3.
stelt vast dat verzoekster en [belanghebbende] hebben verklaard dat [eerste voornaam van minderjarige] de geslachtsnaam [achternaam van verzoekster] zal dragen na de adoptie, zodat hij blijft heten: [eerste voornaam van minderjarige] [tweede voornaam van minderjarige] .
Dit is de beslissing van de rechtbank, genomen door mr. M.C. Oostendorp, (kinder)rechter, in samenwerking met mr. A. Verouden, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 april 2025.
Tegen deze beschikking kan - voor zover er definitief is beslist - door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De verzoekende partij en verschenen belanghebbenden dienen het hoger beroep binnen de termijn van drie maanden na de dag van de uitspraak in te stellen. Andere belanghebbenden dienen het beroep in te stellen binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of nadat deze hun op andere wijze bekend is geworden.
Artikel 1:230 lid 2 BW
Artikel 1:5 lid 3 BW