Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Midden-Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2022:978

2022-03-09 Civiel recht 9568814 \ MT VERZ 21-6970
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Uitspraakdatum
2022-03-09
Publicatiedatum
2022-03-16
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
9568814 \ MT VERZ 21-6970
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Handlichting

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (4.356 tekens)
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Kantonrechter


locatie Almere



zaaknummer: 9568814 \ MT VERZ 21-6970




Beschikking d.d. 9 maart 2022




Inzake het verzoek van




Pepijn Aron Braam,

geboren te Leiden op 13 april 2005,
wonende te Almere,
verzoeker.






1De procedure


1.1.
Op 16 november 2022 is ter griffie ingekomen het verzoek strekkende tot het verlenen van handlichting.



1.2.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden per (Teams-)zitting op 23 februari 2022. Daarbij zijn verschenen:


Pepijn Aron Braam (verder te noemen: Pepijn);


zijn vader Arjan Roël Braam.





1.3.
De beschikking is bepaald op heden.






2Het verzoek en de beoordeling


2.1.

Pepijn verzoekt aan de kantonrechter om hem handlichting te verlenen. Hij wenst
– na vermindering en wijziging van zijn verzoek - over de bevoegdheid te beschikken om een zakelijke rekening te openen voor het aangaan van overeenkomsten tot een bedrag van
€ 10.000,- en voor het verrichten van betalingen tot € 10.000,- .




2.2.
Ter onderbouwing van zijn verzoek stelt Pepijn – verkort en zakelijk weergegeven – dat hij het voornemen heeft een eenmanszaak op te starten, welk bedrijf zich richt op software om schoenen en computeronderdelen online te kunnen verhandelen.



2.3.
De kantonrechter stelt vast dat Pepijn de leeftijd van zestien jaar bereikt heeft en dat zijn vader en moeder, die het gezag over hem uitoefenen, met de verzochte handlichting instemmen. Op basis van het met Pepijn gevoerde gesprek heeft de kantonrechter vast kunnen stellen dat hij in voldoende mate heeft nagedacht over zijn beslissing om een eigen onderneming te starten en dat hij zich bewust is van de risico’s die hij daarbij kan lopen.




2.4.
Gelet op het verzoek, op hetgeen ter zitting is besproken en het in artikel 1:235 BW bepaalde, zal de kantonrechter Pepijn de verzochte handlichting verlenen.



2.5.
Met betrekking tot de publicatieplicht oordeelt de kantonrechter als volgt. De bij deze beschikking verleende handlichting werkt niet reeds vanaf de datum van de beschikking, maar vanaf de datum van publicatie zodat derden daarvan kennis kunnen nemen. In artikel 1:237 lid 1 BW is bepaald dat de beschikking waarbij handlichting is verleend, bekend moet worden gemaakt in de Staatscourant en twee in de beschikking aan te wijzen dagbladen. De bedoeling van de wetgever is daarbij dat op die manier zoveel mogelijk personen kennis kunnen nemen van de handlichting. Omdat tegenwoordig toegang tot het internet voor (vrijwel) iedereen beschikbaar is, geeft de publicatie van de handlichting op het internet hetzelfde, zo niet een ruimer effect dan voornoemde in de wet voorgeschreven wijzen van publicatie in twee aan te wijzen dagbladen. Omdat de Staatscourant op internet beschikbaar is en publicatie kosteloos is, kan daarmee naar het oordeel van de kantonrechter worden volstaan. Daarnaast zal er publicatie plaatsvinden van de niet geanonimiseerde beschikking op www.rechtspraak.nl.






3De beslissing


3.1.
verleent aan Pepijn Aron Braam, geboren te Leiden op 13 april 2005, handlichting om een zakelijke rekening te openen voor het aangaan van overeenkomsten tot een bedrag van € 10.000,- en voor het verrichten van betalingen tot € 10.000,-;



3.2.
draagt de griffier op deze beschikking te publiceren in de Staatscourant;



3.3.
bepaalt dat deze beschikking door de griffier van deze rechtbank niet geanonimiseerd zal worden gepubliceerd op de internetpagina www.rechtspraak.nl.













Deze beschikking is gegeven door mr. C.J. Hofman, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 9 maart 2022, in tegenwoordigheid van de griffier.