Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Midden-Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2021:6293

2021-12-27 Bestuursrecht UTR 21/4355
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Uitspraakdatum
2021-12-27
Publicatiedatum
2021-12-30
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
UTR 21/4355
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

8:54 Awb, aangaan van een overeenkomst tot verkoop van grond is geen besluit, ongegrond

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.382 tekens)
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND


Zittingsplaats Utrecht



Bestuursrecht



zaaknummer: UTR 21/4355





1a
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 27 december 2021 in de zaak tussen




[eiser] en [eiseres] , uit [woonplaats] , eisers


en




het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Houten, verweerder.




Procesverloop


Deze uitspraak gaat over het beroep van eisers tegen het besluit van verweerder van 19 oktober 2021.





Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is (artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). Hieronder legt de rechtbank dat verder uit.

2. Eisers hebben op 29 juli 2021 bezwaar gemaakt tegen een brief van verweerder van 20 november 2020. Volgens verweerder was deze brief geen besluit waar bezwaar tegen kon worden gemaakt. Verweerder heeft het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.

3. Volgens de wet is er sprake van een ‘besluit’ als er een schriftelijke beslissing is van een bestuursorgaan die een publiekrechtelijke rechtshandeling inhoudt. Dit betekent dat er door het besluit iets moet veranderen in iemands rechten, verplichtingen of bevoegdheden. Dit staat in artikel 1:3 van de Awb.

4. De rechtbank oordeelt dat de brief van 20 november 2020 geen besluit is waar eisers bezwaar tegen konden maken. Zoals verweerder in de beslissing op bezwaar ook aangeeft, is het aangaan van een overeenkomst tot verkoop van grond een privaatrechtelijke aangelegenheid. Het gaat hier niet om een publiekrechtelijke rechtshandeling, zoals bedoeld is in artikel 1:3 van de Awb. Het standpunt van verweerder dat er geen sprake is van een besluit waar eisers bezwaar tegen konden maken is dus juist. Verweerder heeft het bezwaar daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard. Wat eisers hebben geschreven aan de rechtbank is geen reden om hier anders over te denken.
5. Het besluit van verweerder is juist en het beroep is kennelijk ongegrond.

6. Eisers krijgen ongelijk en daarom ook geen vergoeding van hun proceskosten.




Beslissing


De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.




Deze uitspraak is op 27 december 2021 gedaan door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van E. Mulder, griffier. De beslissing zal openbaar worden gemaakt door publicatie op rechtspraak.nl.




griffier rechter








Afschrift verzonden aan partijen op:













Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.


Uitspraak van de Afdeling bestuursrecht van de Raad van State (ABRvS) van 16 april 2014, ECLI:NL:RVS:2014:1334.