Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Midden-Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2019:5742

2019-12-04 Civiel recht; Personen- en familierecht 8145840 UT VERZ 19-16043
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Uitspraakdatum
2019-12-04
Publicatiedatum
2019-12-04
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
8145840 UT VERZ 19-16043
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | ERF-Updates.nl 2019-0307 | JERF Actueel 2019/396

Inhoudsindicatie

Erfrecht. Toewijzing eigen verzoek ontslag testamentair bewindvoerder ex artikel 4:164 lid 1 sub e jo. lid 2 BW. Afwijzing verzoek benoeming opvolgend testamentair bewindvoerder ex artikel 4:157 lid 1 BW, nu het testament daarin voorziet.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (6.808 tekens)
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Kantonrechter


locatie Utrecht



zaaknummer: 8145840 UT VERZ 19-16043




Beschikking d.d. 4 december 2019


Inzake de verzoeken van:





[verzoekster] ,

verder te noemen: verzoekster,
woonplaats kiezende ten kantore van haar gemachtigde: mr. K.A. Boshouwers, als advocaat werkzaam bij Hanssen Spronk Familierecht te Utrecht.



Verzoekster heeft het verzoek gedaan in haar hoedanigheid van testamentair bewindvoerder over het erfdeel dat:





[A]


wonende te [postcode 1] [woonplaats 1] , [adres 1] ,
verder te noemen: [voornaam van A] ,
wettelijk vertegenwoordigers: [B] en [C] ,
gemachtigde: mr. E.A. Slappendel, als advocaat werkzaam bij Slappendel Familierecht Advocatuur en Mediation te Gouda,



en





[D] ,

wonende te [postcode 1] [woonplaats 1] , [adres 1] ,
verder te noemen: [voornaam van D] ,



hebben verkregen uit de nalatenschap van:





[E]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1944, overleden te [woonplaats 2] op [overlijdensdatum] 2017, laatst gewoond hebbende te [woonplaats 2] , verder te noemen: erflaatster.





De procedure


De kantonrechter heeft kennisgenomen van:



het verzoekschrift met bijlagen, ter griffie ingekomen op 16 oktober 2019;


de brief van mr. E.A. Slappendel met als bijlagen referteverklaringen van [voornaam van A] en [voornaam van D] , ter griffie ingekomen op 26 november 2019.







De feiten


Uit de verklaring van erfrecht van 26 maart 2018 blijkt dat erflaatster bij testament van
20 november 2017 voor het laatst over haar nalatenschap heeft beschikt. In dit testament heeft zij haar twee kinderen, verzoekster en [C] , en haar twee kleinkinderen, [voornaam van A] en [voornaam van D] , tot erfgenamen benoemd.



In voornoemd testament heeft erflaatster bepaald dat over het erfdeel van [voornaam van A] en [voornaam van D] testamentair bewind wordt ingesteld tot zij de leeftijd van 25 jaar hebben bereikt. Erflaatster heeft verzoekster tot testamentair bewindvoerder benoemd. Verzoekster heeft deze benoeming aanvaard.



In voornoemd testament heeft erflaatster tevens bepaald dat de bewindvoerder bevoegd is bij notariële akte een opvolgend bewindvoerder te benoemen en dat deze opvolgend bewindvoerder niet mag zijn haar zoon [C] , dan wel zijn echtgenote dan wel zijn bloedverwanten die niet ook erflaatsters bloedverwanten zijn.





De overwegingen van de kantonrechter


Verzoekster vraagt de kantonrechter om haar op grond van artikel 4:164 lid 1 sub e jo. lid 2 van het Burgerlijk Wetboek (BW) te ontslaan als testamentair bewindvoerder en om [F] en zijn echtgenote [G] , wonende te [postcode 2] [woonplaats 3] , [adres 2] , op grond van artikel 4:157 lid 1 BW te benoemen tot opvolgend testamentair bewindvoerders. Verzoekster voert hiertoe aan dat er sprake is van verstoorde familieverhoudingen tussen de erfgenamen van erflaatster en dat dit zich uit in wederzijds wantrouwen. Partijen hebben overleg gevoerd over een voor alle betrokkenen aanvaardbare en werkbare oplossing voor het testamentair bewind. Verzoekster heeft ter zake aangegeven dat zij bereid is om het testamentair bewind aan een derde over te dragen. [F] en [G] , de oom en tante van [voornaam van A] en [voornaam van D] aan hun moeders kant, zijn reeds bij notariële akte van 10 oktober 2019 door verzoekster aangewezen als opvolgend testamentair bewindvoerders en zij hebben deze benoeming aanvaard.




Ontslag testamentair bewindvoerder

Ingevolge artikel 4:164 BW eindigt de taak van een bewindvoerder onder andere door ontslag dat de kantonrechter hem met ingang van een bepaalde dag verleent. Het ontslag wordt de bewindvoerder verleend hetzij op eigen verzoek, hetzij wegens gewichtige redenen, zulks op verzoek van een medebewindvoerder, van de rechthebbende, van iemand in wiens belang het bewind is ingesteld of van het openbaar ministerie, dan wel ambtshalve.



Voorligt een eigen verzoek tot ontslag. Gelet op de inhoud van het verzoek en de referteverklaringen van [voornaam van A] en [voornaam van D] zal de kantonrechter het verzoek toewijzen.




Benoeming opvolgend testamentair bewindvoerders

Op grond van artikel 4:157 lid 1 BW kan de kantonrechter op verzoek een bewindvoerder aanwijzen, indien het testament daarin niet voorziet.





De kantonrechter overweegt dat erflaatster in haar testament heeft bepaald dat de bewindvoerder bevoegd is bij notariële akte een opvolgend bewindvoerder te benoemen. Dit heeft verzoekster ook al gedaan. De kantonrechter heeft hierbij geen rol en zal het verzoek tot benoeming van de opvolgend testamentair bewindvoerders daarom afwijzen.





De beslissing


De kantonrechter:


- ontslaat met ingang van de dag na deze beschikking verzoekster als testamentair bewindvoerder over het erfdeel dat [voornaam van A] en [voornaam van D] hebben verkregen uit de nalatenschap van erflaatster;

- verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

- wijst het meer of anders verzochte af.














Deze beschikking is gegeven door mr. M.J. Smit, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 4 december 2019, in tegenwoordigheid van de griffier.

















































Tegen deze beslissing kan binnen drie maanden na de dag van de uitspraak hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem. Het beroepschrift kan uitsluitend door een advocaat worden ingediend..