Rechtbank Haarlem
ECLI:NL:RBHAA:2011:BU4097
2011-10-27
Civiel recht
186303 / KG RK 11-831
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Gelet op het arrest van de Hoge Raad van 8 oktober 2010 (LJN: BN1252) is derdenbeslag onder de koper van een onroerende zaak in beginsel mogelijk is. Dit betekent echter niet dat dit verlof altijd dient te worden verleend. De voorzieningenrechter dient in ieder afzonderlijk geval een afweging te maken tussen de belangen van partijen. Een vorm van conservatoir beslag waarbij de Vormerkungsbepaling van artikel 7:3 lid 3 BW niet wordt gefrustreerd is het leggen van derdenbeslag onder de notaris voor dat deel van de koopsom dat niet bestemd is voor aflossing van hypothecaire schulden (zie Beslagsyllabus juni 2011, pag. 20, eerste alinea).
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.754 tekens)
beschikking
RECHTBANK HAARLEM
Sector civiel recht
zaaknummer / rekestnummer: 186303 / KG RK 11-831
Beschikking van 27 oktober 2011
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
KAV AUTOVERHUUR B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
verzoekster,
advocaat mr. H.W. Vis te Amsterdam
en
1. [A]
en
2. [B]
beiden wonende te [plaats],
verweerders.
1. De beoordeling
1.1. Gelet op het aangehechte verzoekschrift en gehoord (telefonisch) de advocaat van verzoeker, overweegt de voorzieningenrechter als volgt.
1.2. Verzoeker stelt een vordering te hebben op verweerder sub 1 van € 13.824,20. Verweerders hebben hun onroerende zaak, gelegen aan de [adres] te [plaats], verkocht aan [C] en [D]. De koopovereenkomst is op 25 oktober 2011 ingeschreven in het kadaster. De levering moet nog plaatsvinden. Verzoeker vraagt thans verlof om conservatoir verhaalsbeslag te leggen onder de koper op de koopsom van de onroerende zaak.
1.3. Verzoeker stelt zich op het standpunt dat de Hoge Raad in zijn arrest van 8 oktober 2010 (LJN BN 1252) uitdrukkelijk heeft bepaald dat ‘Vormerkung’ als bedoeld in artikel 7:3 lid 3 BW zich niet uitstrekt tot een derdenbeslag op de koper van een onroerende zaak. Artikel 7:3 lid 3 BW vormt dus geen belemmering om het gevraagde verlof te verlenen, aldus verzoeker.
1.4. De voorzieningenrechter is met verzoeker van oordeel dat, gelet op voornoemd arrest van de Hoge Raad, derdenbeslag onder de koper van een onroerende zaak mogelijk is. Dit betekent echter niet dat dit verlof altijd dient te worden verleend. De voorzieningenrechter dient, ook als de wederpartij niet is gehoord, in ieder afzonderlijk geval een afweging te maken tussen de belangen van partijen. Indien het verlof in het onderhavige geval zou worden verleend, zou dit beslag onder de koper de werking van artikel 7:3 lid 3 sub f BW volledig frustreren. Voorts is een andere vorm van conservatoir beslag mogelijk waarbij de Vormerkungsbepaling niet wordt gefrustreerd, te weten het leggen van derdenbeslag onder de notaris voor dat deel van de koopsom dat niet bestemd is voor aflossing van hypothecaire schulden (zie Beslagsyllabus juni 2011, pag. 20, eerste alinea). Tenslotte is het bedrag waarvoor beslag wordt gelegd relatief gering. Gelet op de voorgaande belangenafweging zal het verzoek worden afgewezen.
2. De beslissing
De voorzieningenrechter
wijst het onderhavige verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. Th.S. Röell en in het openbaar uitgesproken op 27 oktober 2011.?
RECHTBANK HAARLEM
Sector civiel recht
zaaknummer / rekestnummer: 186303 / KG RK 11-831
Beschikking van 27 oktober 2011
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
KAV AUTOVERHUUR B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
verzoekster,
advocaat mr. H.W. Vis te Amsterdam
en
1. [A]
en
2. [B]
beiden wonende te [plaats],
verweerders.
1. De beoordeling
1.1. Gelet op het aangehechte verzoekschrift en gehoord (telefonisch) de advocaat van verzoeker, overweegt de voorzieningenrechter als volgt.
1.2. Verzoeker stelt een vordering te hebben op verweerder sub 1 van € 13.824,20. Verweerders hebben hun onroerende zaak, gelegen aan de [adres] te [plaats], verkocht aan [C] en [D]. De koopovereenkomst is op 25 oktober 2011 ingeschreven in het kadaster. De levering moet nog plaatsvinden. Verzoeker vraagt thans verlof om conservatoir verhaalsbeslag te leggen onder de koper op de koopsom van de onroerende zaak.
1.3. Verzoeker stelt zich op het standpunt dat de Hoge Raad in zijn arrest van 8 oktober 2010 (LJN BN 1252) uitdrukkelijk heeft bepaald dat ‘Vormerkung’ als bedoeld in artikel 7:3 lid 3 BW zich niet uitstrekt tot een derdenbeslag op de koper van een onroerende zaak. Artikel 7:3 lid 3 BW vormt dus geen belemmering om het gevraagde verlof te verlenen, aldus verzoeker.
1.4. De voorzieningenrechter is met verzoeker van oordeel dat, gelet op voornoemd arrest van de Hoge Raad, derdenbeslag onder de koper van een onroerende zaak mogelijk is. Dit betekent echter niet dat dit verlof altijd dient te worden verleend. De voorzieningenrechter dient, ook als de wederpartij niet is gehoord, in ieder afzonderlijk geval een afweging te maken tussen de belangen van partijen. Indien het verlof in het onderhavige geval zou worden verleend, zou dit beslag onder de koper de werking van artikel 7:3 lid 3 sub f BW volledig frustreren. Voorts is een andere vorm van conservatoir beslag mogelijk waarbij de Vormerkungsbepaling niet wordt gefrustreerd, te weten het leggen van derdenbeslag onder de notaris voor dat deel van de koopsom dat niet bestemd is voor aflossing van hypothecaire schulden (zie Beslagsyllabus juni 2011, pag. 20, eerste alinea). Tenslotte is het bedrag waarvoor beslag wordt gelegd relatief gering. Gelet op de voorgaande belangenafweging zal het verzoek worden afgewezen.
2. De beslissing
De voorzieningenrechter
wijst het onderhavige verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. Th.S. Röell en in het openbaar uitgesproken op 27 oktober 2011.?