Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Gelderland

ECLI:NL:RBGEL:2026:6721

2026-08-17 Civiel recht; Personen- en familierecht C/05/469775
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Gelderland
Uitspraakdatum
2026-08-17
Publicatiedatum
2026-08-27
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
C/05/469775
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Verlenging ondertoezichtstelling ondanks dat de GI door personeelstekort en interne fout de zaak nog niet heeft opgepakt.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (7.936 tekens)
RECHTBANK GELDERLAND


Familie- en Jeugdrecht



Locatie Zutphen



Zaaknummer: C/05/469775 / ZJ RK 26-594
Datum uitspraak: 17 augustus 2026




Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling




in de zaak van



de gecertificeerde instelling Stichting Jeugdbescherming Gelderland,
gevestigd in Arnhem,
hierna te noemen de GI,



over





[minderjarige 1]
, geboren op [geboortedatum 1] in [geboorteplaats 1] ,
hierna te noemen [minderjarige 1] ,





[minderjarige 2]
, geboren op [geboortedatum 2] in [geboorteplaats 2] ,
hierna te noemen [minderjarige 2] .



De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:





[moeder]
,
hierna te noemen de moeder,
wonende in [woonplaats] ,





[vader]
,
hierna te noemen de vader,
wonende in [woonplaats] .





1Het verloop van de procedure


1.1.
De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:


het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 6 juli 2026;


het e-mailbericht van de moeder van 27 juli 2026;


het e-mailbericht van de moeder van 7 augustus 2026;


het bericht van de GI van 17 augustus 2026.





1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 17 augustus 2026. Daarbij was een vertegenwoordiger van de GI aanwezig.



1.3.
De kinderrechter heeft [minderjarige 1] en [minderjarige 2] naar hun mening gevraagd. Zij hebben geen mening gegeven.





2De feiten


2.1.
De moeder en de vader zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .



2.2.

[minderjarige 1] en [minderjarige 2] wonen bij hun moeder.



2.3.
De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 8 september 2025 [minderjarige 1] en [minderjarige 2] onder toezicht gesteld tot 8 september 2026.





3Het verzoek


3.1.
De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te verlengen voor de duur van een jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.





4De standpunten


4.1.
De moeder is het niet eens met het verzoek. Zij ervaart geen hulp vanuit de GI en heeft wel last van de beperkingen van de ondertoezichtstelling. Zij ziet daarom geen nut in een verlenging.



4.2.
De vader heeft geen standpunt aan de rechtbank bekend gemaakt. Volgens de GI is hij het eens met het verzoek omdat hij betrouwbaar contact met de kinderen wil.





5De beoordeling


5.1.
De kinderrechter is van oordeel dat nog steeds aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan. Dat betekent dat zij de ondertoezichtstelling verlengt voor de duur van een jaar. De kinderrechter legt hieronder uit waarom.



5.2.
De redenen waarom de kinderen op 8 september 2025 onder toezicht zijn gesteld zijn nog onverminderd aanwezig. Het gezin heeft bij de GI op de wachtlijst gestaan, waarna er pas in november 2025 een jeugdbeschermer aan de zaak is gekoppeld. Vervolgens heeft de GI gewacht met haar betrokkenheid in verband met de bevalling van de moeder. Eind januari 2026 is de jeugdbeschermer begonnen met het schrijven aan het gezinspatroon, maar hier niet mee verder gegaan omdat zij uitgevallen is. Door een fout binnen de GI is de zaak vervolgens niet verder opgepakt. Dat betekent dat er nog geen plan van aanpak is opgesteld, dat er geen hulpverlening is ingezet en dat er al geruime tijd ook geen vaste jeugdbeschermer meer bij de kinderen betrokken is. De kinderrechter vindt dit uitermate treurig voor de kinderen en voor de ouders. De GI heeft tijdens de zitting haar excuses gemaakt voor deze gang van zaken en heeft uitgelegd dat dit een fout is geweest die mede is ontstaan door de personeelstekorten bij de GI. Er staat inmiddels wel een jeugdbeschermer klaar om alsnog te starten met het gezin als de ondertoezichtstelling wordt verlengd.



5.3.
Het bovenstaande betekent dat, hoe treurig de oorzaak ook is, er nog niets is veranderd in de zorgen over de kinderen. Tijdens het afgelopen jaar zijn ook nieuwe zorgen binnengekomen bij de GI. Dat betekent dat nog steeds aan de wettelijke voorwaarden voor een ondertoezichtstelling is voldaan. De kinderrechter ziet daarom geen andere optie dan de ondertoezichtstelling toch te verlengen. Het is wel volstrekt noodzakelijk dat de GI op een zo kort mogelijke termijn alsnog aan haar wettelijke plicht gaat voldoen en de kinderen en de ouders de ondersteuning en de hulpverlening aanbiedt die nodig is om de ontwikkelingsbedreigingen van de kinderen weg te nemen. De kinderrechter gaat ervan uit dat de GI dit vanaf nu zal doen, conform haar toezegging hierover ter zitting. Hierbij zal het ook nodig zijn het vertrouwen van de ouders en de kinderen in haar te herstellen. De kinderrechter verwacht van de ouders dat zij alsnog mee zullen werken aan de uitvoering van de ondertoezichtstelling, ondanks de teleurstellende start, aangezien zij daartoe ook op grond van de wet verplicht zijn.



5.4.
De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.





6De beslissing


De kinderrechter:



6.1.
verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] tot 8 september 2027;


6.2.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.









Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 17 augustus 2026 door mr. A.E. Grosscurt, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. I.S. Oostland als griffier, en op schrift gesteld op 31 augustus 2026.




!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR HANDTEKENING SECRETARIS!





!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR HANDTEKENING RECHTER!


























!NIET VERWIJDEREN, PLAATS VOOR STEMPELS!







Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:



degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;


andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.





Artikel 1:260 BW.