Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Gelderland

ECLI:NL:RBGEL:2025:2786

2025-01-08 Civiel recht; Verbintenissenrecht C/05/443544 / HA ZA 24-555
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Gelderland
Uitspraakdatum
2025-01-08
Publicatiedatum
2025-04-11
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
C/05/443544 / HA ZA 24-555
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Verstekzaak met internationaal karakter. Rechtsmacht. Toepasselijk recht, Weens Koopverdrag. Duits recht. Certificaat artikel 53 Verordening 1215/2012.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (8.126 tekens)
RECHTBANK Gelderland


Civiel recht



Zittingsplaats Arnhem



Zaaknummer: C/05/443544 / HA ZA 24-555




Vonnis van 8 januari 2025




in de zaak van



de rechtspersoon naar buitenlands recht

BIBBY FINANCIAL SERVICES GMBH,
gevestigd te Düsseldorf, Duitsland,
eisende partij,
hierna te noemen: Bibby,
advocaat: mr. L.M. Ravestijn te Amsterdam,



tegen



de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ARNS TOTAAL SERVICE B.V.,
kantoorhoudende te Kootwijkerbroek, gemeente Barneveld,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Arns,
niet verschenen.






1De procedure


1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding;
- het tegen Arns verleende verstek.



1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.






2De beoordeling


2.1.
Bibby heeft gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.



2.2.
Bibby is gevestigd in Duitsland. Dat betekent dat de zaak een internationaal karakter draagt. De rechtbank moet daarom ambtshalve onderzoeken of hij rechtsmacht heeft en, als dat het geval is, naar welk materieel recht het gevorderde moet worden beoordeeld.



2.3.
Het geschil is een burgerlijke of handelszaak in de zin van artikel 1 lid 1 van Verordening (EU) Nr. 1215/2012. De rechtsmacht moet dus aan de hand van deze verordening worden beoordeeld. Ingevolge artikel 4 lid 1 van deze verordening moeten zij die woonplaats hebben op het grondgebied van een lidstaat, worden opgeroepen voor de gerechten van die lidstaat. Omdat Arns gevestigd is in Nederland heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht. Deze rechtbank is ingevolge het bepaalde in het Wetboek van rechtsvordering absoluut en relatief bevoegd.



2.4.
De vorderingen van Bibby zijn gegrond op een uit een overeenkomst van (ver)koop en levering van roerende zaken voortvloeiende betalingsverplichting van Arns jegens Bibby. Op deze vorderingen is het Verdrag der Verenigde Naties inzake internationale koopovereenkomsten betreffende roerende zaken (het Weens Koopverdrag, hierna: WKV) van toepassing. Er is immers sprake van (ver)koop van roerende zaken tussen partijen die gevestigd zijn in staten die bij dit verdrag zijn aangesloten en niet gesteld of gebleken is dat de toepasselijkheid daarvan contractueel is uitgesloten.



2.5.
Voor zover zich bij de beoordeling vragen voordoen die niet uitdrukkelijk in het WKV zijn geregeld, dienen die vragen ingevolge artikel 7 lid 2 van dit verdrag te worden beantwoord volgens het krachtens de regels van internationaal privaatrecht toepasselijke recht. Dat toepasselijke recht moet worden bepaald aan de hand van Verordening (EG) Nr. 593/2008 (hierna: de verordening). Niet gesteld of gebleken is dat partijen een rechtskeuze als bedoeld in artikel 3 van de verordening hebben gemaakt, zodat het toepasselijke recht aan de hand van artikel 4 van de verordening moet worden bepaald. De rechtbank is van oordeel dat - hoewel Bibby haar vorderingen heeft gegrond op een aantal specifieke bepalingen van Nederlands recht - Duits recht van toepassing is, omdat de overeenkomst voor de verkoop van roerende zaken wordt beheerst door het recht van het land waar de verkoper zijn gewone verblijfplaats heeft (artikel 4 lid 1 sub a van de verordening). De rechtbank zal de vorderingen dus beoordelen aan de hand van het WKV en, als het onderwerpen betreft waarover het WKV geen regels of algemene beginselen geeft, naar Duits recht. Daarnaast geldt dat op de wijze van procederen ten overstaan van de Nederlandse rechter het Nederlandse recht van toepassing is (artikel 10:3 BW).



2.6.
Op grond van artikel 62 WKV kan Bibby nakoming vorderen.



2.7.
De vorderingen komen de rechtbank niet onrechtmatig of ongegrond voor, behoudens hierna anders wordt overwogen. Het gevorderde zal als volgt worden toegewezen.



2.8.
Op grond van artikel 74 WKV komen gemaakte buitengerechtelijke kosten voor vergoeding in aanmerking. Het WKV bepaalt echter niets over de samenstelling en hoogte van de te vergoeden kosten. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten zijn toewijsbaar naar Duits recht en niet toewijsbaar voor zover deze naar Nederlands recht hoger zijn.



2.9.
Op grond van artikel 78 WKV heeft Bibby recht op rente over het achterstallige factuurbedrag, maar het WKV bepaalt niets over de hoogte van de verschuldigde rente en gesteld noch gebleken is dat door partijen een rentepercentage is overeengekomen. De gevorderde wettelijke handelsrente toewijsbaar naar Duits recht en niet toewijsbaar voor zover deze naar Nederlands recht hoger is.



2.10.
Arns is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Bibby worden begroot op:









- kosten van de dagvaarding


€


139,42







- griffierecht


€


2.889,00







- salaris advocaat


€


1.214,00


(1 punt × € 1.214,00)




- nakosten


€


178,00


(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)




Totaal


€


4.420,42.











2.11.
Bibby heeft verzocht om een certificaat betreffende een beslissing in burgerlijke en handelszaken als bedoeld in artikel 53 Verordening (EU) nr. 1215/2012. Dit verzoek is toewijsbaar. Het door de voornoemde verordening voorgeschreven formulier uit bijlage I bij die verordening wordt daarom afgegeven en aan dit vonnis gehecht.





3De beslissing


De rechtbank



3.1.
veroordeelt Arns om aan Bibby, tegen afdoende bewijs van kwijting, te betalen een bedrag van € 49.625,00, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente naar Duits recht vanaf de vervaldatum van de factuur in kwestie tot aan de dag der algehele betaling,



3.2.
veroordeelt Arns tot betaling aan Bibby van de naar Duits recht geldende buitengerechtelijke incassokosten,



3.3.
veroordeelt Arns in de proceskosten van € 4.420,42, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als Arns niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,



3.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,



3.5.
wijst het meer of anders gevorderde af.


Dit vonnis is gewezen door mr. G.F. van den Berg en in het openbaar uitgesproken op 8 januari 2025.