Rechtbank Gelderland
ECLI:NL:RBGEL:2015:2168
2015-03-26
Strafrecht
15-73
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Een na sluiting van het onderzoek schriftelijk ingediend wrakingsverzoek is tijdig gedaan indien het voorafgaande aan de uitspraak bij het gerecht is ingekomen op een zodanig tijdstip dat de betrokken rechter(s) daarvan redelijkerwijs nog kennis konden nemen.
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:2010:BJ9926 Hoge Raad 13-04-2010
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (3.169 tekens)
beschikking
RECHTBANK GELDERLAND
144469 / KG ZA 06-51919 september 2006
Wrakingskamer
Zittingsplaats Arnhem
zaaknummer: 15-73
Beschikking van 26 maart 2015
inzake het verzoek van
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
verzoeker tot wraking,
tot wraking van
mrs. W.A. Holland, J.M. Klep en G.M.L. Tomassen,
in hun hoedanigheid van rechter van deze rechtbank in de zaak met nummer 05/980533-11.
1De procedure
1.1.
Bij schrijven gedateerd 9 januari 2015, binnengekomen bij de rechtbank per fax op 21 januari 2015, heeft verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen mrs. W.A. Holland, J.M. Klep en G.M.L. Tomassen (hierna: de gewraakte rechters).
2De beoordeling
2.1
De rechtbank zal verzoeker niet-ontvankelijk verklaren in zijn verzoek. De wet voorziet niet in de mogelijkheid om, wanneer de behandeling van een zaak is geëindigd door het wijzen van een schriftelijke uitspraak, de rechter die deze uitspraak heeft gedaan te wraken. Bij uitspraak van 22 januari 2015 hebben de gewraakte rechters uitspraak gedaan in de procedure met nummer 05/980533-11, zodat het verzoek thans niet meer toegewezen kan worden.
2.2
De rechtbank merkt hierbij nog op dat de Hoge Raad in een arrest van 13 april 2010 (ECLI:NL:HR:2010:BJ9926) heeft overwogen dat een na de sluiting van het onderzoek schriftelijk ingediend wrakingsverzoek tijdig is gedaan indien het voorafgaande aan de uitspraak bij het gerecht is ingekomen en wel op een zodanig tijdstip dat de betrokken rechter(s) daarvan redelijkerwijs nog kennis konden nemen. Het nu aan de orde zijnde wrakingsverzoek is weliswaar gedateerd op 9 januari 2015 en per fax door de rechtbank ontvangen op 21 januari 2015 om 20.34 uur, maar is eerst nadat op 22 januari 2015 om 09.00 uur uitspraak is gedaan onder ogen gekomen van de gewraakte rechters en de wrakingskamer van de rechtbank. In aanmerking genomen dat aan verzoeker reeds tijdens de zitting van 8 januari 2015 is medegedeeld dat op 22 januari 2015 om 9.00 uur uitspraak zou worden gedaan dient de omstandigheid dat een de avond daarvoor aan de rechtbank gefaxed wrakingsverzoek niet tijdig bij de betrokken rechters bekend is geworden, voor zijn rekening te blijven.
3De beslissing
De rechtbank
verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek om wraking.
Deze beschikking is gegeven door mr. R.J. Jue, als voorzitter, en mrs. H.P.M. Kester en G.A. van der Straaten als rechters in tegenwoordigheid van de griffier mr. J.M.M.B. van Eeten en in openbaar uitgesproken op 26 maart 2015. .
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
RECHTBANK GELDERLAND
144469 / KG ZA 06-51919 september 2006
Wrakingskamer
Zittingsplaats Arnhem
zaaknummer: 15-73
Beschikking van 26 maart 2015
inzake het verzoek van
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
verzoeker tot wraking,
tot wraking van
mrs. W.A. Holland, J.M. Klep en G.M.L. Tomassen,
in hun hoedanigheid van rechter van deze rechtbank in de zaak met nummer 05/980533-11.
1De procedure
1.1.
Bij schrijven gedateerd 9 januari 2015, binnengekomen bij de rechtbank per fax op 21 januari 2015, heeft verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen mrs. W.A. Holland, J.M. Klep en G.M.L. Tomassen (hierna: de gewraakte rechters).
2De beoordeling
2.1
De rechtbank zal verzoeker niet-ontvankelijk verklaren in zijn verzoek. De wet voorziet niet in de mogelijkheid om, wanneer de behandeling van een zaak is geëindigd door het wijzen van een schriftelijke uitspraak, de rechter die deze uitspraak heeft gedaan te wraken. Bij uitspraak van 22 januari 2015 hebben de gewraakte rechters uitspraak gedaan in de procedure met nummer 05/980533-11, zodat het verzoek thans niet meer toegewezen kan worden.
2.2
De rechtbank merkt hierbij nog op dat de Hoge Raad in een arrest van 13 april 2010 (ECLI:NL:HR:2010:BJ9926) heeft overwogen dat een na de sluiting van het onderzoek schriftelijk ingediend wrakingsverzoek tijdig is gedaan indien het voorafgaande aan de uitspraak bij het gerecht is ingekomen en wel op een zodanig tijdstip dat de betrokken rechter(s) daarvan redelijkerwijs nog kennis konden nemen. Het nu aan de orde zijnde wrakingsverzoek is weliswaar gedateerd op 9 januari 2015 en per fax door de rechtbank ontvangen op 21 januari 2015 om 20.34 uur, maar is eerst nadat op 22 januari 2015 om 09.00 uur uitspraak is gedaan onder ogen gekomen van de gewraakte rechters en de wrakingskamer van de rechtbank. In aanmerking genomen dat aan verzoeker reeds tijdens de zitting van 8 januari 2015 is medegedeeld dat op 22 januari 2015 om 9.00 uur uitspraak zou worden gedaan dient de omstandigheid dat een de avond daarvoor aan de rechtbank gefaxed wrakingsverzoek niet tijdig bij de betrokken rechters bekend is geworden, voor zijn rekening te blijven.
3De beslissing
De rechtbank
verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in zijn verzoek om wraking.
Deze beschikking is gegeven door mr. R.J. Jue, als voorzitter, en mrs. H.P.M. Kester en G.A. van der Straaten als rechters in tegenwoordigheid van de griffier mr. J.M.M.B. van Eeten en in openbaar uitgesproken op 26 maart 2015. .
de griffier de voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.