Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:27013
2026-08-17
Civiel recht; Personen- en familierecht
C/09/709899 / FA RK 26-7714
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Wvggz - afwijzing eerste zorgmachtiging na VCM. Betrokkene is ongeoorloofd afwezig. De rechtbank kan niet vaststellen dat betrokkene afstand doet van zijn recht om gehoord te worden.
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:2024:1140 Hoge Raad 06-09-2024
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (5.173 tekens)
RECHTBANK DEN HAAG
Team Jeugd- en Zorgrecht
Zaak-/rekestnr.: C/09/709899 / FA RK 26-7714
Datum beschikking: 17 augustus 2026
Afwijzing machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
Beschikking naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 7:11 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedatum] 1986 te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
thans verblijvende in de accommodatie [accommodatie]
te [plaats]
advocaat: mr. A.J.C.W. Scholte-van de Ven te Oss.
ProcesverloopBij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 27 juli 2026, heeft de officier van justitie verzocht om een zorgmachtiging.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
- een op 23 juli 2026 ondertekende medische verklaring van [psychiater 1] , psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was;
- een niet ingevulde zorgkaart;
- een zorgplan van 15 juli 2026;
- de bevindingen van de geneesheer-directeur van 24 juli 2026;
- een uittreksel uit de justitiële documentatie;
- een afschrift van de politiemutaties.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 17 augustus 2026. Daarbij zijn gehoord:
- de advocaat van betrokkene;
- de arts in opleiding tot psychiater, [arts] ;
- de psychiater, [psychiater 2] .
Betrokkene is niet ter zitting verschenen. Betrokkene is na zijn vrijheden op 10 augustus 2026 niet teruggekeerd van zijn verlof en is op dit moment ongeoorloofd afwezig is. Betrokkene is op de hoogte van de aanvraag van de zorgmachtiging, maar weet niet dat de zitting vandaag plaatsvindt.
Omdat door de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht en het de rechtbank ter zitting is gebleken dat diens aanwezigheid ook niet noodzakelijk was om tot een inhoudelijke beslissing te kunnen komen, is de officier van justitie niet gehoord.
Standpunten ter zitting
De advocaat van betrokkene pleit voor afwijzing van het verzoek. Op dit moment kan niet vast komen te staan of betrokkene niet bereid is om zich te doen horen. Indien betrokkene opnieuw in beeld komt bij de hulpdiensten, kan er een nieuwe crisismaatregel worden aangevraagd. Tijdens een eerdere zitting heeft betrokkene betwist dat er sprake is van een stoornis en noemt zijn gedragingen een karaktereigenschap.
De arts in opleiding tot psychiater heeft naar voren gebracht dat er bij betrokkene nog altijd sprake is van een chronisch psychotisch toestandsbeeld. Betrokkene komt vanuit zijn stoornis veelvuldig in aanraking met de politie. Tijdens de opname begreep niet waarom de opname noodzakelijk was en wilde hij meermaals de afdeling verlaten.
Beoordeling
Artikel 6:1 lid 1 Wvggz bepaalt dat de rechter de betrokkene hoort na ontvangst van het verzoekschrift voor een zorgmachtiging, tenzij de rechter vaststelt dat de betrokkene niet in staat is of niet bereid is zich te doen horen. Daarbij rust op de rechter een onderzoeksplicht om na te gaan of betrokkene bereid is om te worden gehoord. Het oordeel dat die bereidheid ontbreekt, moet deugdelijk worden gemotiveerd wanneer de rechter toch besluit de behandeling buiten aanwezigheid van betrokkene voort te zetten.
De rechtbank leidt uit hetgeen ter zitting is besproken af dat onvoldoende kan worden vastgesteld dat betrokkene bewust afstand heeft gedaan van zijn recht om gehoord te worden. Betrokkene is niet op de hoogte van de tijd en datum van de zitting. De rechtbank ziet geen mogelijkheden voor aanhouding van de behandeling. Het is op dit moment onduidelijk waar betrokkene verblijft en een nieuwe oproep zal hem niet bereiken. Gelet op het voorgaande komt de rechtbank niet tot een inhoudelijke behandeling en zal het verzoek afwijzen.
Beslissing
De rechtbank:
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.M.C. Limbeek, rechter, bijgestaan door P.S.R. Nieman als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 17 augustus 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 20 augustus 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
ECLI:NL:HR:2024:1140
Team Jeugd- en Zorgrecht
Zaak-/rekestnr.: C/09/709899 / FA RK 26-7714
Datum beschikking: 17 augustus 2026
Afwijzing machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
Beschikking naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 7:11 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedatum] 1986 te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
thans verblijvende in de accommodatie [accommodatie]
te [plaats]
advocaat: mr. A.J.C.W. Scholte-van de Ven te Oss.
ProcesverloopBij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 27 juli 2026, heeft de officier van justitie verzocht om een zorgmachtiging.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
- een op 23 juli 2026 ondertekende medische verklaring van [psychiater 1] , psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was;
- een niet ingevulde zorgkaart;
- een zorgplan van 15 juli 2026;
- de bevindingen van de geneesheer-directeur van 24 juli 2026;
- een uittreksel uit de justitiële documentatie;
- een afschrift van de politiemutaties.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 17 augustus 2026. Daarbij zijn gehoord:
- de advocaat van betrokkene;
- de arts in opleiding tot psychiater, [arts] ;
- de psychiater, [psychiater 2] .
Betrokkene is niet ter zitting verschenen. Betrokkene is na zijn vrijheden op 10 augustus 2026 niet teruggekeerd van zijn verlof en is op dit moment ongeoorloofd afwezig is. Betrokkene is op de hoogte van de aanvraag van de zorgmachtiging, maar weet niet dat de zitting vandaag plaatsvindt.
Omdat door de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht en het de rechtbank ter zitting is gebleken dat diens aanwezigheid ook niet noodzakelijk was om tot een inhoudelijke beslissing te kunnen komen, is de officier van justitie niet gehoord.
Standpunten ter zitting
De advocaat van betrokkene pleit voor afwijzing van het verzoek. Op dit moment kan niet vast komen te staan of betrokkene niet bereid is om zich te doen horen. Indien betrokkene opnieuw in beeld komt bij de hulpdiensten, kan er een nieuwe crisismaatregel worden aangevraagd. Tijdens een eerdere zitting heeft betrokkene betwist dat er sprake is van een stoornis en noemt zijn gedragingen een karaktereigenschap.
De arts in opleiding tot psychiater heeft naar voren gebracht dat er bij betrokkene nog altijd sprake is van een chronisch psychotisch toestandsbeeld. Betrokkene komt vanuit zijn stoornis veelvuldig in aanraking met de politie. Tijdens de opname begreep niet waarom de opname noodzakelijk was en wilde hij meermaals de afdeling verlaten.
Beoordeling
Artikel 6:1 lid 1 Wvggz bepaalt dat de rechter de betrokkene hoort na ontvangst van het verzoekschrift voor een zorgmachtiging, tenzij de rechter vaststelt dat de betrokkene niet in staat is of niet bereid is zich te doen horen. Daarbij rust op de rechter een onderzoeksplicht om na te gaan of betrokkene bereid is om te worden gehoord. Het oordeel dat die bereidheid ontbreekt, moet deugdelijk worden gemotiveerd wanneer de rechter toch besluit de behandeling buiten aanwezigheid van betrokkene voort te zetten.
De rechtbank leidt uit hetgeen ter zitting is besproken af dat onvoldoende kan worden vastgesteld dat betrokkene bewust afstand heeft gedaan van zijn recht om gehoord te worden. Betrokkene is niet op de hoogte van de tijd en datum van de zitting. De rechtbank ziet geen mogelijkheden voor aanhouding van de behandeling. Het is op dit moment onduidelijk waar betrokkene verblijft en een nieuwe oproep zal hem niet bereiken. Gelet op het voorgaande komt de rechtbank niet tot een inhoudelijke behandeling en zal het verzoek afwijzen.
Beslissing
De rechtbank:
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.M.C. Limbeek, rechter, bijgestaan door P.S.R. Nieman als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 17 augustus 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 20 augustus 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.
ECLI:NL:HR:2024:1140