Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Den Haag

ECLI:NL:RBDHA:2026:26638

2026-08-14 Civiel recht; Personen- en familierecht C/09/706970 / FA RK 26-5890
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Uitspraakdatum
2026-08-14
Publicatiedatum
2026-09-14
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
C/09/706970 / FA RK 26-5890
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Wijziging voorlopige voorzieningen. Birdnesting wordt niet uitgevoerd. Uitsluitend gebruik woning en toevertrouwing kinderen nu aan vrouw toegewezen. Wijziging voorlopige zorgregeling met man. Vrouw is niet-ontvankelijk voor overige verzoeken.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (19.975 tekens)
Rechtbank DEN HAAG


Enkelvoudige kamer


Rekestnummer: FA RK 26-5890
Zaaknummer: C/09/706970
Datum beschikking: 14 augustus 2026


Wijziging voorlopige voorzieningen



Beschikking op het op 12 juni 2026 ingekomen verzoek van:




[de vrouw] ,

de vrouw,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. T.Y. Tsang in Den Haag.



Als belanghebbende wordt aangemerkt:





[de man] ,

de man,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. M.T. Wernsen in Voorburg.




Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:


het verzoekschrift, met bijlagen, namens de vrouw;


de brief van 20 juli 2026, met bijlagen, namens de vrouw;


het verweerschrift, met zelfstandige verzoeken en met bijlagen, namens de man;


het bericht van 21 juli 2026, met bijlagen, namens de man.




De minderjarige [minderjarige 2] heeft zijn mening over de verzoeken gegeven in een gesprek met de kinderrechter. De minderjarige [minderjarige 1] is in de gelegenheid gesteld om haar mening over de verzoeken te geven in een gesprek met de kinderrechter, maar heeft daar geen gebruik van gemaakt.



Op 31 juli 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de vrouw met haar advocaat en tolk H. Lotfi, de man met zijn advocaat (telefonisch aanwezig) en tolk K. Fourmon, en [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).




Feiten


De vrouw en de man zijn gehuwd op [datum] 2012 in [land] .


Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:



[minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2014 in [geboorteplaats 1] , [geboorteland 1] ;



[minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2016 in [geboorteplaats 2] , [geboorteland 2]


.


De ouders oefenen het gezamenlijk gezag uit over de kinderen.


De vrouw heeft de Franse en de Algerijnse nationaliteit. De man heeft de Franse nationaliteit. De kinderen hebben de Franse en de Algerijnse nationaliteit.


Bij de rechtbank is een echtscheidingsprocedure aanhangig bekend onder zaak- en


rekest nummer C/09/699891 en FA RK 26-1674.



Verzoek en verweer
Bij beschikking van deze rechtbank van 20 april 2026 is – voor zover hier aan de orde –:
- bepaald als voorlopige zorgregeling voor [minderjarige 1] en [minderjarige 2] dat sprake zal zijn van een birdnesting-regeling, waarbij zij om de week bij de man dan wel de vrouw in de echtelijke woning zijn met het wisselmoment op maandagochtend;
deze regeling zal ingaan op maandag 27 april 2026 en in die week zullen de kinderen in de echtelijke woning bij de vrouw zijn;
- bepaald dat de man bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke

woning aan de [adres] in [plaats] : gedurende de tijd dat de kinderen bij de man zijn volgens de voorlopige zorgregeling;
bepaald dat de vrouw bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke
woning aan de [adres] in [plaats] : gedurende de tijd dat de kinderen bij de vrouw zijn volgens de voorlopige zorgregeling



ouders bij (aangehecht) proces-verbaal van doorverwijzing zijn verwezen naar het Kenniscentrum Kind en Scheiding voor deelname aan het hulpverleningstraject Ouderschapsbemiddeling, en voor aanmelding bij de uitvoerende hulpverleningsinstantie;


bepaald dat de man aan de vrouw, met ingang van 27 april 2026 voorlopig een kinderalimentatie ten behoeve van de minderjarigen van € 702,- per maand zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen;


bepaald dat de man aan de vrouw met ingang van 27 april 2026 voorlopig een


partneralimentatie van € 198,- per maand zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen.


De vrouw verzoekt voormelde beschikking te wijzigen in die zin dat de rechtbank nu:



de vastgestelde birdnesting-regeling wijzigt, althans schorst;


bepaalt dat de kinderen voorlopig aan de vrouw worden toevertrouwd;


bepaalt dat de vrouw gerechtigd zal zijn tot het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning aan de [adres] in [plaats] , met het bevel dat de man die woning binnen 24 uur na betekening van de beschikking dient te verlaten en verder niet mag betreden;


bepaalt dat de man de bij beschikking van 20 april 2026 vastgestelde voorlopige kinder- en partneralimentatie volledig en tijdig dient te voldoen, zonder inhouding, verrekening of eigenmachtige korting;


bepaalt dat de man het reeds ten onrechte ingehouden bedrag van € 100,- binnen twee dagen na de te geven beschikking aan de vrouw dient te voldoen;


bepaalt dat de man de Algerijnse en Franse paspoorten van [minderjarige 2] binnen 24 uur na betekening van de beschikking aan de vrouw dient af te geven;


althans zodanige voorlopige voorzieningen treft als de rechtbank in goede justitie juist acht en in het belang van de minderjarigen noodzakelijk voorkomt,


voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad en kosten rechtens.


De vrouw steunt haar verzoek op de stelling dat de omstandigheden na de dagtekening van de beschikking zijn gewijzigd.



De man voert verweer, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken.



Daarnaast verzoekt de man zelfstandig voormelde beschikking te wijzigen in die zin dat de rechtbank nu bepaalt dat:



de kinderen voorlopig aan de man worden toevertrouwd;


de man gerechtigd zal zijn tot het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning aan de [adres] in [plaats] , met inbegrip van de inboedel en met het bevel dat de vrouw die woning binnen een week dient te verlaten en verder niet mag betreden, behoudens met voorafgaande instemming van de man;


de kinderen bij de vrouw zullen verblijven om de week van vrijdag 20.00 uur tot zondag 19.00 uur, alsmede de helft van de vakanties en feestdagen, dan wel bepaalt dat de kinderen bij de man zullen verblijven om de week van vrijdag 18.00 tot (naar de rechtbank begrijpt) zondag 18.00 uur, alsmede de helft van de vakanties en feestdagen;


met ingang van de datum van het verzoekschrift de vrouw gehouden is € 95,- per maand


per kind aan de man te betalen;
- althans een beschikking te geven die de rechtbank in het belang van de kinderen acht,
voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.


De vrouw heeft op de zitting mondeling verweer gevoerd tegen de zelfstandige verzoeken van de man, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken.




Beoordeling


Rechtsmacht en toepasselijk recht

In deze voorlopige voorzieningenprocedure heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht en wordt Nederlands recht toegepast.




Ontvankelijkheid

Op grond van artikel 824 lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kan een beschikking inhoudende voorlopige voorzieningen worden gewijzigd of ingetrokken indien de omstandigheden na het geven van de beschikking zijn gewijzigd of indien bij het geven van de beschikking in zodanige mate van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan dat, alle betrokken belangen in aanmerking genomen, de voorlopige voorziening niet in stand kan blijven.



Partijen stellen over en weer dat er sprake is van een wijziging van omstandigheden die ertoe leidt dat de birdnesting-regeling zoals vastgesteld in de beschikking van 20 april 2026 niet langer kan worden voortgezet. Het is de rechtbank gebleken dat er ook geen uitvoering meer wordt gegeven aan die birdnesting-regeling. De rechtbank is met partijen van mening dat, alle betrokken belangen in aanmerking genomen, de voorlopige voorziening niet in stand kan blijven. De rechtbank zal daarom partijen ontvangen in hun verzoeken.




Uitsluitend gebruik echtelijke woning en toevertrouwing kinderen

Uit de stukken en dat wat op de zitting is besproken is de rechtbank het volgende gebleken. Momenteel geven partijen geen uitvoering meer aan de birdnesting-regeling zoals is vastgesteld in de beschikking van 20 april 2026. Na de vorige beschikking heeft de man via een collega tijdelijk een kamer gehuurd, alleen voor de maanden mei en juni. Op dit moment verblijven beide partijen weer met de kinderen in de echtelijke woning en is er geen alternatieve woning geregeld. Beide partijen hebben op de zitting aangegeven dat zij het belangrijk vinden dat er voor de kinderen een stabiele situatie is en dat de kinderen daarom in de echtelijke woning moeten blijven. Partijen willen over en weer dat de kinderen aan zichzelf worden toevertrouwd en dat de ander de woning verlaat. [minderjarige 1] gaat nog steeds niet naar school en er is nog geen behandelplek voor haar beschikbaar. Via [zorginstantie] staat [minderjarige 1] nu bij [zorginstelling] op de wachtlijst voor dagbesteding, waar ze waarschijnlijk in september of oktober mee kan starten. Een week voorafgaand aan de zitting heeft er een jeugdbeschermingstafel plaatsgevonden. Daar hebben partijen aangegeven dat zij openstaan voor hulpverlening en een traject Ouderschap Blijft. De Raad heeft naar aanleiding van de jeugdbeschermingstafel besloten (nog) geen onderzoek te starten. Op 18 januari 2027 zal er een nieuwe jeugdbeschermingstafel worden georganiseerd om te kijken hoe het er dan voor staat met betrekking tot de hulpverlening, vooral voor [minderjarige 1] .



Zowel de vrouw als de man verzoeken het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning. De rechtbank stelt voorop dat beiden er belang bij hebben om met uitsluiting van de ander gebruik te kunnen maken van de echtelijke woning. Dat betekent dat de rechtbank in deze procedure een belangenafweging moet maken. De rechtbank neemt hierbij als uitgangspunt dat de kinderen in de echtelijke woning blijven, omdat partijen het daarover eens zijn en de rechtbank dat ook in het belang van de kinderen acht.



Gebleken is dat de birdnesting-regeling niet werkt, met name vanwege gebrek aan (geschikte) alternatieve woonruimte die partijen idealiter afwisselend zouden kunnen gebruiken, maar ook vanwege onenigheid tussen partijen over hoe om te gaan met [minderjarige 1] die vanwege haar autisme extra begeleiding nodig heeft en de verstoorde verstandhouding tussen partijen. De rechtbank stelt vast dat de vrouw is gestopt met haar opleiding en geen coschappen meer loopt. Zij kan hierdoor momenteel volledig voor de kinderen zorgen, zoals zij ook tot de start van haar opleiding in januari 2026 heeft gedaan. De rechtbank acht het in het belang van de kinderen dat zij in een rustige en stabiele situatie komen. Dat is naar het oordeel van de rechtbank het meest gewaarborgd als de vrouw het uitsluitend gebruik van de woning krijgt, omdat zij dan de volledige zorg voor de kinderen kan dragen en daarbij met de kinderen in de woning kan blijven. Daarbij neemt de rechtbank ook in overweging dat de vrouw geen alternatieve woonruimte tot haar beschikking heeft of een inkomen om alternatieve woonruimte te vinden. De man heeft wel een inkomen en daarom meer mogelijkheden om alternatieve woonruimte te vinden.



Gelet op het bovenstaande zal de rechtbank het uitsluitend gebruik aan de vrouw toedelen en de kinderen aan de vrouw toevertrouwen en de betreffende verzoeken van de man daartoe afwijzen. Dat laatste brengt ook mee dat de rechtbank niet meer toekomt aan het verzoek van de man om de voorlopige kinderalimentatie te wijzigen.




Voorlopige zorgregeling

De rechtbank stelt voorop dat de kinderen recht op en belang bij regelmatig contact met hun vader hebben. De vrouw staat daar ook voor open. Op de zitting heeft zij aangegeven dat in de weekenden de man overdag met de kinderen in de echtelijke woning kan zijn, waarbij de vrouw heeft toegezegd dat zij dan de echtelijke woning zal verlaten. De man kan ook buitenshuis activiteiten met de kinderen ondernemen, zoals hij nu ook doet. De rechtbank zal vaststellen dat de man voorlopig, totdat de man een geschikte alternatieve woonruimte heeft waar hij de kinderen kan ontvangen, iedere zondag van 10.00 uur tot 17.00 uur contact met de kinderen heeft in de echtelijke woning, waarbij de vrouw de echtelijke woning zal verlaten. Het staat partijen vrij om in overleg andere tijden af te spreken als hen dat beter uitkomt. De rechtbank gaat ervan uit dat de man op de zaterdagen met [minderjarige 2] naar voetbalwedstrijden zal blijven gaan, zoals hij op dit moment ook doet. Daarnaast acht de rechtbank het wenselijk, voor zover het werk van de man dat toelaat, dat de kinderen ook doordeweeks op een in overleg tussen partijen te bepalen dag, een dagdeel (of een paar uur na schooltijd) met de man doorbrengen. De rechtbank gaat ervan uit dat partijen in staat zijn om hierover in onderling overleg nadere afspraken te maken. Verder gaat de rechtbank ervan uit dat de man de gebruikelijke doordeweekse activiteiten buitenshuis met de kinderen blijft ondernemen, zoals met hen naar voetbal en zwemles gaan.




Kindbrief

De rechtbank heeft met [minderjarige 2] gesproken en zij zal aan hem een brief te sturen om uit te leggen wat de beslissing van de rechtbank is. Hieronder volgt de tekst van die brief, zodat beide ouders weten welke boodschap [minderjarige 2] heeft ontvangen. Deze brief wordt op dezelfde dag verzonden als de beschikking.




Beste [minderjarige 2] ,





Wij hebben elkaar 30 juli jl. gesproken over de rechtszaak tussen je ouders.





Je hebt me verteld dat je graag van mij wilde horen wat er zou worden beslist. Daarom stuur ik je deze brief.





Zoals je weet gaan je ouders uit elkaar en dat betekent dat er ook voor jou en [minderjarige 1] dingen gaan veranderen. Het allerbelangrijkste dat nu zal gaan veranderen is dat jij en [minderjarige 1] niet meer samen met je vader én je moeder in een huis blijven wonen. Een van jullie ouders zal het huis moeten verlaten en ergens anders moeten gaan wonen. Dat is natuurlijk heel verdrietig, maar dat is niet anders. Jij en [minderjarige 1] kunnen hier in ieder geval helemaal niets aan doen!!





Je vader en je moeder zijn het er niet over eens wie ergens anders moet gaan wonen. Daarom hebben ze mij gevraagd om daarover een beslissing te nemen.





Ik heb beslist dat je moeder, jij en [minderjarige 1] samen in de woning blijven en dat je vader ergens anders moet gaan wonen. Ik denk dat het voor je vader makkelijker is om andere woonruimte te vinden dan voor je moeder. Je moeder heeft op dit moment geen baan en kan ook niet zomaar ergens gaan logeren. Bovendien vind ik het belangrijk dat je moeder voor jullie kan blijven zorgen.





Natuurlijk is het ook belangrijk dat jij en [minderjarige 1] je vader kunnen blijven zien en dat je vader ook voor jullie kan zorgen. Hoe dit in de toekomst zal gaan, is nu nog niet duidelijk. Dit hangt ook af van waar je vader gaat wonen. Ik heb daarom nu beslist dat jij en [minderjarige 1] voorlopig iedere zondag tussen 10 en 17 uur met jullie vader kunnen doorbrengen. Als dat met het werk van je vader past, dan komt daar ook een dagdeel (bijvoorbeeld middag uit school en avondeten) op schooldagen bij. Je ouders zullen de precieze tijden van het doordeweekse contactmoment samen moeten afspreken. Zolang je vader nog geen geschikte eigen woonruimte heeft, zullen jullie je vader op zondag en die eventuele doordeweekse middag bij jullie thuis kunnen zien. Je moeder zal dan ergens anders naartoe gaan. Verder ga ik ervan uit dat je vader op de zaterdagen met jou naar voetbal gaat en dat hij ook doordeweeks met je mee gaat naar voetbal en zwemles, als hij kan.





Ik hoop dat mijn brief duidelijk voor je is. Je ouders krijgen van de rechtbank een officieel stuk (dat noemen we: een beschikking) met mijn beslissing en een toelichting daarop. Ik zal daarin ook de tekst van deze brief opnemen, zodat je ouders weten wat ik jou heb geschreven.





Ik wens je nog een paar fijne vakantieweken en veel plezier in het nieuwe schooljaar.






Met hartelijke groet,





A.M. van der Vliet


kinderrechter





Overige verzoeken

De overige door de vrouw gedane verzoeken zijn verzoeken die niet vallen onder de limitatieve opsomming van artikel 822 Rv. De rechtbank zal de vrouw daarom niet-ontvankelijk verklaren ten aanzien van deze verzoeken.




Proceskosten

Omdat het hier een procedure van familierechtelijke aard betreft, zal de rechtbank de
proceskosten compenseren als hierna vermeld.




Beslissing

De rechtbank – met wijziging in zoverre van de beschikking van deze rechtbank van
20 april 2026 – :



*
bepaalt dat de vrouw bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning aan de [adres] in [plaats] en beveelt mitsdien dat de man die woning dient te verlaten en verder niet mag betreden;



*
bepaalt dat de minderjarigen:




[minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2014 in [geboorteplaats 1] , [geboorteland 1] ;



[minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2016 in [geboorteplaats 2] , [geboorteland 2] ;


aan de vrouw zullen worden toevertrouwd;


*
bepaalt dat de man voorlopig gerechtigd is om [minderjarige 1] en [minderjarige 2] bij zich te hebben:



totdat de man een geschikte alternatieve woonruimte heeft waar hij de kinderen kan ontvangen: iedere zondag van 10.00 uur tot 17.00 uur in de echtelijke woning en voor zover mogelijk een ander dagdeel doordeweeks in onderling overleg af te spreken, waarbij de vrouw de echtelijke woning zal verlaten;


zodra de man een geschikte alternatieve woonruimte heeft waar hij de kinderen kan ontvangen: iedere zondag van 10.00 uur tot 17.00 uur en voor zover mogelijk een ander dagdeel doordeweeks in onderling overleg af te spreken;




*
verklaart de vrouw niet-ontvankelijk in haar verzoeken ten aanzien van de voorlopige kinder- en partneralimentatie en afgifte van de paspoorten van [minderjarige 2] ;



*
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;



*
bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;



*
wijst af het meer of anders verzochte.










Deze beschikking is gegeven door mr. A.M. van der Vliet, rechter, ook kinderrechter, bijgestaan door mr. P.M.A. van Oosten als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 14 augustus 2026.