Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2026:22011
2026-07-07
Civiel recht; Personen- en familierecht
C/09/697708 / FA RK 26-371
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Wijziging vermelding geslacht in geboorteakte. Verzoek latere vermelding toevoeging geslacht 'X' toegewezen.
Citeert (1)
- ECLI:NL:RBDHA:2025:24053 Rechtbank Den Haag 16-12-2025
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (7.164 tekens)
Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 26-371
Zaaknummer: C/09/697708
Datum beschikking: 7 juli 2026
Wijziging vermelding geslacht in geboorteakte
Beschikking op het op 11 januari 2026 ingekomen verzoekschrift van:
[verzoeker],
verzoeker,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat mr. M. Veken te Rotterdam.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Leiden,
zetelend te Leiden,
de ambtenaar.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift;
- de brief van 24 februari 2026 van de ambtenaar;
- het F9-formulier van 3 maart 2026 van de advocaat van verzoeker, met bijlage;
- het e-mailbericht van 30 april 2026 van de ambtenaar.
Gelet op de inhoud van de stukken heeft de rechtbank aanleiding gezien om de zaak zonder mondelinge behandeling op de stukken af te doen.
Feiten
- Verzoeker heeft de Nederlandse nationaliteit.
- Op de geboorteakte van verzoeker is het mannelijk geslacht vermeld.
Verzoek
Verzoeker heeft verzocht:
- de ambtenaar te gelasten om aan de geboorteakte van verzoeker een latere vermelding toe te voegen van de wijziging van het geslacht in die zin, dat het geslacht wordt vermeld met ‘X’;
- aan de griffier van de rechtbank om niet eerder dan drie maanden na de dag van de beschikking een afschrift van deze beschikking te zenden aan de ambtenaar op voet van het bepaalde in artikel 1:20e lid 1 BW.
De ambtenaar heeft schriftelijk zijn standpunt kenbaar gemaakt.
Beoordeling
Relatieve bevoegdheid
De rechtbank Den Haag is op grond van artikel 263 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering relatief bevoegd om van het verzoek tot wijziging van de geslachtsvermelding kennis te nemen aangezien het verzoek ziet op wijziging van een akte die is ingeschreven in het arrondissement van de rechtbank Den Haag.
Wijziging geslacht op de geboorteakte
Verzoeker heeft aangegeven zich sinds ongeveer vijf jaar te identificeren als non-binair, specifiek agender. Dit zelfinzicht is het resultaat van een geleidelijk proces van persoonlijke ontwikkeling. De wens van verzoeker en het besluit om een wijziging van de geslachtsregistratie te verzoeken is niet lichtzinnig genomen en hier is een jarenlange wens aan vooraf gegaan. Verzoeker heeft aangevoerd ervan overtuigd te zijn een agender persoon te zijn. Een juiste en passende geslachtsregistratie is essentieel voor verzoekers persoonlijke waardigheid, identiteitsontwikkeling en rechtspositie. Verzoeker vindt het belangrijk dat diens geboorteakte hiermee in overeenstemming wordt gebracht.
De ambtenaar heeft gesteld dat het opnemen van een ‘X’ bij het geslacht op de geboorteakte niet past in de wettelijke voorschriften. Daarnaast zijn er andere zaken waar de uitvoering tegen aan kan lopen bij inwilliging van het verzoek. Het ligt echter in de lijn der verwachting dat de opname van een ‘X’ bij het geslacht bij wettelijke bepaling mogelijk wordt. De ambtenaar is van mening dat, zolang deze bepaling niet in werking is getreden er geen afspraken zijn gemaakt over de uitvoering van deze bepaling, het verzoek moet worden aangehouden. Verder heeft de ambtenaar geen verweer gevoerd.
De rechtbank overweegt dat de wet op dit moment geen mogelijkheid biedt om het onderhavige verzoek toe te wijzen, aangezien er geen wettelijke bepaling bestaat die het voor non-binaire personen mogelijk maakt zich als genderneutraal te registreren.
Zoals in de uitspraak van 16 december 2025 van deze rechtbank (ECLI:NL:RBDHA:2025:24053) is toegelicht levert het ontbreken van deze mogelijkheid een ongeoorloofd onderscheid op tussen transgender en genderneutrale personen en aldus een onderscheid naar geslacht, zoals bedoeld in artikel 26 van het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR) en artikel 1 lid 2 van het Protocol nummer 12 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). De rechtbank is van oordeel dat het individuele belang van verzoeker bij de mogelijkheid tot verbetering van de geboorteakte onder deze omstandigheden zwaarder weegt dan het algemene belang van strikte handhaving van de huidige wettelijke regeling.
De rechtbank zal artikel 1:28 van het Burgerlijk Wetboek (BW) daarom analoog toepassen op het verzoek van verzoeker.
Bij toewijzing van een verzoek op grond van artikel 1:28 BW is op grond van artikel 1:28a BW de verklaring van een deskundige vereist. Verzoeker heeft een brief van diens GZ-psycholoog van 24 november 2025 overgelegd, waarin de psycholoog aangeeft verbonden te zijn aan PSYTALK en aangewezen te zijn bij het besluit als bedoeld in artikel 1:28a lid 1 BW. De psycholoog verklaart dat verzoeker heeft aangegeven de overtuiging te hebben niet tot het geslacht te behoren dat is vermeld in de geboorteakte. De psycholoog heeft toegelicht dat zij verzoeker heeft voorgelicht omtrent de reikwijdte en de betekenis van niet tot het geboortegeslacht behoren en dat verzoeker heeft aangegeven de wijziging van het geslacht in de geboorteakte weloverwogen te blijven wensen.
De rechtbank is van oordeel dat verzoeker voldoende heeft aangetoond dat die de overtuiging heeft een non-binaire persoon te zijn. Uit de verklaring van de betrokken psycholoog, leidt de rechtbank af dat bij verzoeker sprake is van een weloverwogen keuze om de vermelding van het geslacht in de geboorteakte te laten wijzigen.
De rechtbank zal de ambtenaar dan ook gelasten om aan de geboorteakte een latere vermelding toe te voegen van de wijziging van het geslacht, in die zin dat het geslacht zal zijn: “X”.
Afschrift beschikking
De rechtbank zal het verzoek aan de griffier van deze rechtbank om niet eerder dan drie maanden na de dag van de beschikking een afschrift van deze beschikking te zenden aan de ambtenaar afwijzen bij gebrek aan belang, omdat deze verplichting op grond van artikel 1:20e lid 1 BW al uit de wet voortvloeit.
Beslissing
De rechtbank:
gelast de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Leiden om aan de geboorteakte, ingeschreven in de registers van geboorten van de gemeente Leiden van het jaar 1970, nummer [nummer], een latere vermelding toe te voegen van de wijziging van het geslacht, in die zin dat het geslacht zal zijn: ‘X’;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.D.A. Geleijns, rechter, in tegenwoordigheid van mr. E.X.R. Yi als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 7 juli 2026.
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 26-371
Zaaknummer: C/09/697708
Datum beschikking: 7 juli 2026
Wijziging vermelding geslacht in geboorteakte
Beschikking op het op 11 januari 2026 ingekomen verzoekschrift van:
[verzoeker],
verzoeker,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat mr. M. Veken te Rotterdam.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Leiden,
zetelend te Leiden,
de ambtenaar.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift;
- de brief van 24 februari 2026 van de ambtenaar;
- het F9-formulier van 3 maart 2026 van de advocaat van verzoeker, met bijlage;
- het e-mailbericht van 30 april 2026 van de ambtenaar.
Gelet op de inhoud van de stukken heeft de rechtbank aanleiding gezien om de zaak zonder mondelinge behandeling op de stukken af te doen.
Feiten
- Verzoeker heeft de Nederlandse nationaliteit.
- Op de geboorteakte van verzoeker is het mannelijk geslacht vermeld.
Verzoek
Verzoeker heeft verzocht:
- de ambtenaar te gelasten om aan de geboorteakte van verzoeker een latere vermelding toe te voegen van de wijziging van het geslacht in die zin, dat het geslacht wordt vermeld met ‘X’;
- aan de griffier van de rechtbank om niet eerder dan drie maanden na de dag van de beschikking een afschrift van deze beschikking te zenden aan de ambtenaar op voet van het bepaalde in artikel 1:20e lid 1 BW.
De ambtenaar heeft schriftelijk zijn standpunt kenbaar gemaakt.
Beoordeling
Relatieve bevoegdheid
De rechtbank Den Haag is op grond van artikel 263 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering relatief bevoegd om van het verzoek tot wijziging van de geslachtsvermelding kennis te nemen aangezien het verzoek ziet op wijziging van een akte die is ingeschreven in het arrondissement van de rechtbank Den Haag.
Wijziging geslacht op de geboorteakte
Verzoeker heeft aangegeven zich sinds ongeveer vijf jaar te identificeren als non-binair, specifiek agender. Dit zelfinzicht is het resultaat van een geleidelijk proces van persoonlijke ontwikkeling. De wens van verzoeker en het besluit om een wijziging van de geslachtsregistratie te verzoeken is niet lichtzinnig genomen en hier is een jarenlange wens aan vooraf gegaan. Verzoeker heeft aangevoerd ervan overtuigd te zijn een agender persoon te zijn. Een juiste en passende geslachtsregistratie is essentieel voor verzoekers persoonlijke waardigheid, identiteitsontwikkeling en rechtspositie. Verzoeker vindt het belangrijk dat diens geboorteakte hiermee in overeenstemming wordt gebracht.
De ambtenaar heeft gesteld dat het opnemen van een ‘X’ bij het geslacht op de geboorteakte niet past in de wettelijke voorschriften. Daarnaast zijn er andere zaken waar de uitvoering tegen aan kan lopen bij inwilliging van het verzoek. Het ligt echter in de lijn der verwachting dat de opname van een ‘X’ bij het geslacht bij wettelijke bepaling mogelijk wordt. De ambtenaar is van mening dat, zolang deze bepaling niet in werking is getreden er geen afspraken zijn gemaakt over de uitvoering van deze bepaling, het verzoek moet worden aangehouden. Verder heeft de ambtenaar geen verweer gevoerd.
De rechtbank overweegt dat de wet op dit moment geen mogelijkheid biedt om het onderhavige verzoek toe te wijzen, aangezien er geen wettelijke bepaling bestaat die het voor non-binaire personen mogelijk maakt zich als genderneutraal te registreren.
Zoals in de uitspraak van 16 december 2025 van deze rechtbank (ECLI:NL:RBDHA:2025:24053) is toegelicht levert het ontbreken van deze mogelijkheid een ongeoorloofd onderscheid op tussen transgender en genderneutrale personen en aldus een onderscheid naar geslacht, zoals bedoeld in artikel 26 van het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR) en artikel 1 lid 2 van het Protocol nummer 12 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). De rechtbank is van oordeel dat het individuele belang van verzoeker bij de mogelijkheid tot verbetering van de geboorteakte onder deze omstandigheden zwaarder weegt dan het algemene belang van strikte handhaving van de huidige wettelijke regeling.
De rechtbank zal artikel 1:28 van het Burgerlijk Wetboek (BW) daarom analoog toepassen op het verzoek van verzoeker.
Bij toewijzing van een verzoek op grond van artikel 1:28 BW is op grond van artikel 1:28a BW de verklaring van een deskundige vereist. Verzoeker heeft een brief van diens GZ-psycholoog van 24 november 2025 overgelegd, waarin de psycholoog aangeeft verbonden te zijn aan PSYTALK en aangewezen te zijn bij het besluit als bedoeld in artikel 1:28a lid 1 BW. De psycholoog verklaart dat verzoeker heeft aangegeven de overtuiging te hebben niet tot het geslacht te behoren dat is vermeld in de geboorteakte. De psycholoog heeft toegelicht dat zij verzoeker heeft voorgelicht omtrent de reikwijdte en de betekenis van niet tot het geboortegeslacht behoren en dat verzoeker heeft aangegeven de wijziging van het geslacht in de geboorteakte weloverwogen te blijven wensen.
De rechtbank is van oordeel dat verzoeker voldoende heeft aangetoond dat die de overtuiging heeft een non-binaire persoon te zijn. Uit de verklaring van de betrokken psycholoog, leidt de rechtbank af dat bij verzoeker sprake is van een weloverwogen keuze om de vermelding van het geslacht in de geboorteakte te laten wijzigen.
De rechtbank zal de ambtenaar dan ook gelasten om aan de geboorteakte een latere vermelding toe te voegen van de wijziging van het geslacht, in die zin dat het geslacht zal zijn: “X”.
Afschrift beschikking
De rechtbank zal het verzoek aan de griffier van deze rechtbank om niet eerder dan drie maanden na de dag van de beschikking een afschrift van deze beschikking te zenden aan de ambtenaar afwijzen bij gebrek aan belang, omdat deze verplichting op grond van artikel 1:20e lid 1 BW al uit de wet voortvloeit.
Beslissing
De rechtbank:
gelast de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Leiden om aan de geboorteakte, ingeschreven in de registers van geboorten van de gemeente Leiden van het jaar 1970, nummer [nummer], een latere vermelding toe te voegen van de wijziging van het geslacht, in die zin dat het geslacht zal zijn: ‘X’;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.D.A. Geleijns, rechter, in tegenwoordigheid van mr. E.X.R. Yi als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 7 juli 2026.