Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Den Haag

ECLI:NL:RBDHA:2026:21096

2026-07-30 Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht SGR 25/3360
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Uitspraakdatum
2026-07-30
Publicatiedatum
2026-07-28
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
SGR 25/3360
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Beroep ongegrond. Afwijzing aanvraag voor een scootmobiele en huishoudelijke hulp Wmo. Vergewisplicht.

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (9.468 tekens)
RECHTBANK DEN HAAG


Bestuursrecht



zaaknummer: SGR 25/3360


uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 juli 2026 in de zaak tussen

[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres
(gemachtigde: mr. A. Roozdar),


en


het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer, het college
(gemachtigde: mr. A. Chaudhry).


Samenvatting


1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de aanvraag voor een maatwerkvoorziening in de vorm van een scootmobiel en huishoudelijke hulp op grond van de Wmo 2015. Eiseres is het niet eens met de afwijzing. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de aanvraag.



1.1.
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het college de aanvraag mocht afwijzen. Eiseres krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.




Procesverloop


2. Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een scootmobiel en huishoudelijke hulp. Het college heeft met twee afzonderlijke primaire besluiten van 27 februari 2025 de aanvraag afgewezen. Met het bestreden besluit van 1 april 2025 op het bezwaar van eiseres is het college bij de afwijzing gebleven.



2.1.
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Het college heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.



2.2.
De rechtbank heeft het beroep op 23 juni 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres, M. Suleman, tolk, en de gemachtigde van het college.





Beoordeling door de rechtbank



Achtergrond


3. Eiseres, geboren [geboortedatum] 1961, is bekend met pijnklachten en bewegingsbeperkingen aan rug en knie. Als gevolg daarvan ondervindt zij beperkingen op het gebied van het voeren van de huishouding en ten aanzien van het zich verplaatsen in de woonomgeving.



Totstandkoming van het bestreden besluit


4. Eiseres heeft zich op 29 augustus 2024 gemeld met een hulpvraag bij de Wmo-afdeling van de gemeente Zoetermeer. Het college is naar aanleiding van deze melding een onderzoek gestart. In dat kader heeft op 18 november 2024 een gesprek met een Wmo-consulent plaatsgevonden. Eiseres is ook gezien door een medisch adviseur van Salude op 8 januari 2025. De uitkomsten van dit onderzoek heeft Saludep neergelegd in een rapportage van 23 januari 2025. Er zijn beperkingen met name in het lopen door pijn in het houdings- en bewegingsapparaat maar het treffen van een voorziening (scootmobiel en huishoudelijke hulp) wordt niet geadviseerd. Het college heeft het onderzoeksverslag op 11 februari 2025 aan eiseres toegezonden. Op 17 februari 2025 heeft eiseres het college laten weten dat zij het niet eens is met een deel van de conclusies zoals die zijn opgenomen in het onderzoeksverslag en heeft ze een aanvraag ingediend voor huishoudelijke hulp en een scootmobiel.


4.1.
Het college heeft bij de primaire besluiten de aanvragen van eiseres afgewezen.



4.2.
In het bestreden besluit blijft het college bij de afwijzing onder verwijzing naar het medisch advies van Salude. Het medisch advies is volgens het college logisch, duidelijk en inzichtelijk. Uit het medisch advies komt naar voren dat er beperkingen zijn bij eiseres maar ook dat het belangrijk is dat zij in beweging blijft. Toekenning van een scootmobiel zou daarom een anti-revaliderend effect hebben. Eiseres wordt verder in staat geacht om de huishoudelijke werkzaamheden, verspreid over de dagen van de week, uit te voeren.



Het standpunt van eiseres


5. Eiseres voert aan dat het medisch advies van Salude onzorgvuldig is voorbereid en feitelijke onjuistheden bevat. Omdat het college daar zonder meer van uit is gegaan, heeft het zijn vergewisplicht geschonden. Eiseres kan maximaal 350 meter afleggen met een rollator en zeker niet de 1000 meter waar Salude, zonder enige onderbouwing, van uitgaat. De conclusie dat het verstrekken van de scootmobiel en huishoudelijke hulp een anti-revaliderend effect zal hebben klopt dan ook niet.



Het oordeel van de rechtbank


6 Op grond van vaste rechtspraak mag een bestuursorgaan alleen op een medisch advies afgaan als dit advies zorgvuldig tot stand is gekomen en inzichtelijk en begrijpelijk is gemotiveerd. Als hieraan wordt voldaan, mag het college in beginsel op het uitgebrachte advies vertrouwen bij zijn besluitvorming. Dit is anders wanneer de aanvrager concrete aanknopingspunten voor twijfel aan het advies aandraagt.



6.1.
In het medisch advies van Salude wordt vermeld dat eiseres op het spreekuur is geweest en dat tijdens het spreekuur gebruik is gemaakt van een tolk via een telefoonverbinding. De arts heeft het dossier bestudeerd en oriënterend lichamelijk en psychologisch onderzoek gedaan. Ook heeft de arts de door eiseres meegebrachte medicatielijst en correspondentie van de huisarts en medisch specialist ingezien. De rechtbank is van oordeel dat het onderzoek zorgvuldig is geweest en neemt daarbij in aanmerking dat de arts de meest actuele en beschikbare medische informatie heeft betrokken en eiseres heeft gezien. Eiseres heeft niet gesteld en de rechtbank is ook niet gebleken dat er relevante medische informatie ontbreekt. Ook de pijnklachten aan onder andere de onderrug en knieën zijn door de arts meegenomen in het advies. Voorts is het advies inzichtelijk en begrijpelijk gemotiveerd.



6.2.
De arts heeft vastgesteld dat er een beperking in het lopen is ten gevolge van pijn in het houdings- en bewegingsapparaat en heeft een beperkingenlijst opgesteld. De arts heeft in het medisch advies onder het kopje “beschouwing” geschreven dat de verwachting is dat de beperkingen grotendeels blijvend en stabiel zullen zijn. Eiseres heeft geen concrete aanknopingspunten aangedragen die de rechtbank doen twijfelen aan de medische advisering. De huisarts, Excellent Klinieken en de neuroloog hebben zich niet uitgelaten over de afstand die eiseres lopend kan afleggen en hebben evenmin geconstateerd dat die (zeer) beperkt is. De arts is verder niet verplicht om de verklaring van eiseres dat zij maximaal 350 meter met de rollator kan afleggen van doorslaggevend belang te achten. Dat is immers geen objectief medisch oordeel. Het college heeft ter zitting nog toegelicht dat uit het advies niet volgt dat de opvatting van de arts is dat de klachten van eiseres door beweging verholpen kunnen worden. Dat is ook niet bedoeld met de opmerking dat toekenning van de gevraagde maatwerkvoorzieningen anti-revaliderend zou werken. De rechtbank onderstreept dit. Het betoog van eiseres dat bewegen de pijn juist erger maakt, doet niet af aan de conclusie van Salude dat eiseres medisch in staat moet worden geacht 1000 meter te lopen en dat de bewegingsmogelijkheden van eiseres achteruit zullen gaan door het gebruik van een scootmobiel. Voor zover er sprake is van een achteruitgang kan eiseres een nieuwe aanvraag indienen bij het college. Het college heeft het advies dan ook aan zijn besluitvorming ten grondslag mogen leggen.




Conclusie en gevolgen


7. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.






Beslissing


De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.






Deze uitspraak is gedaan door mr. D.A.J. Overdijk, rechter, in aanwezigheid van mr. H.J. Verspuij-Fung, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 30 juli 2026.














griffier


rechter








Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:





Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.


Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.



Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.




Wmo 2015 = Wet maatschappelijke ondersteuning 2015


Zie de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) van 26 november 2025, ECLI:NL:CRVB:2025:1726