Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Den Haag

ECLI:NL:RBDHA:2025:27025

2025-12-23 Civiel recht C/09/676748 / FA RK 24-8706
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Uitspraakdatum
2025-12-23
Publicatiedatum
2026-01-23
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
C/09/676748 / FA RK 24-8706
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Wijziging van de kinderalimentatie van een samengesteld gezin. De rechtbank gaat de zuivere draagkracht berekenen van de betrokkenen.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (118.446 tekens)
Rechtbank DEN HAAG


Enkelvoudige kamer


Rekestnummer: FA RK 24-8706
Zaaknummer: C/09/676748
Datum beschikking: 23 december 2025


Wijziging kinderalimentatie



Beschikking op het op 5 december 2024 ingekomen verzoek van:




[de vader] ,

de vader,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. J.L.J. Kapteijn in Alphen aan den Rijn.



Als belanghebbende wordt aangemerkt:





[de moeder] ,

de moeder,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. M. Braat in ’s-Gravenhage.




Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:


het verzoekschrift;


het verweerschrift tevens zelfstandig verzoek van de moeder;


het bericht met bijlagen van 24 november 2025 van de vader;


het bericht met bijlagen van 24 november 2025 van de moeder;


het bericht met bijlagen van 2 december 2025 van de vader.




Op 4 december 2025 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de vader bijgestaan door zijn advocaat en de moeder bijgestaan door haar advocaat.



Van de zijde van de vader zijn pleitnotities overgelegd.




Feiten


Partijen hebben een affectieve relatie met elkaar gehad.


Zij zijn de ouders van het volgende minderjarige kind:



[de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum] 2010 in [geboorteplaats] .


De vader heeft [de minderjarige 1] erkend.


Bij beschikking van 20 februari 2015 zijn de ouders gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over [de minderjarige 1] .


Bij beschikking van 29 november 2011 is een door de vader aan de moeder te betalen kinderalimentatie vastgesteld op € 150,- per maand.


Als gevolg van de wijziging van rechtswege op grond van artikel 1:402a van het Burgerlijk Wetboek bedraagt de door de vader te betalen kinderalimentatie voor [de minderjarige 1] sinds 1 januari 2025 € 198,- per maand.




Verzoek en verweer

Het verzoek van de vader luidt – met wijziging van de beschikking van 29 november 2011 van deze rechtbank – met ingang van 20 juli 2018, subsidiair 13 mei 2024, meer subsidiair: de datum van indiening van het verzoekschrift:



de kinderalimentatie ten behoeve van [de minderjarige 1] te wijzigen naar € 58,- per maand;


de moeder te veroordelen in de proceskosten;


een en ander voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad.


De moeder voert verweer, dat hierna – voor zover nodig – zal worden besproken.
Daarnaast heeft de moeder zelfstandig verzocht om de onderling afgesproken kinderalimentatie te wijzigen in die zin dat de vader aan de moeder een kinderalimentatie zal voldoen van € 324,- per maand, met als ingangsdatum 20 juli 2018 danwel 13 mei 2024, meer subsidiair datum indiening van het verzoekschrift, alsmede de vader te veroordelen in de proceskosten.




Beoordeling


Ontvankelijkheid

Een rechterlijke beslissing of overeenkomst inzake alimentatie kan worden gewijzigd op de grond dat sprake is van een wijziging van omstandigheden waardoor het aanvankelijke bedrag niet meer aan de wettelijke maatstaven voldoet (artikel 1:401 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek).



Tussen de ouders is niet in geschil dat sprake is van een wijziging van omstandigheden. De vader is op 24 augustus 2016 vader geworden van [de minderjarige 2] . De moeder heeft samen met de heer [naam] een dochter gekregen genaamd [de minderjarige 3] , die geboren is op 16 augustus 2015. Daarnaast zijn de moeder en de heer [naam] getrouwd op [datum] 2019 waardoor de heer [naam] onderhoudsplichtig is geworden voor [de minderjarige 1] .




Ingangsdatum

Om proceseconomische redenen zal de rechtbank eerst de ingangsdatum vaststellen.



De vader verzoekt wijziging van de kinderalimentatie primair vanaf 20 juli 2018, en subsidiair 13 mei 2024 (de datum eerste brief met verzoek tot overleggen financiële stukken). Meer subsidiair verzoekt de vader de kinderalimentatie te wijzigen met ingang van de datum van indiening van het verzoekschrift. De moeder is van mening dat het verzoek van de vader wat de verschillende ingangsdata gevolgd moet worden en zij verzoekt op haar beurt aan de rechtbank uit te gaan van diezelfde data, en indien blijkt dat er te weinig kinderalimentatie betaald is dit alsnog moet worden voldaan. Als een lager bedrag wordt vastgesteld moet er volgens de moeder geen terugbetalingsverplichting komen, omdat dit geld al is uitgegeven.



De rechtbank stelt voorop dat zij op grond van artikel 1:402 eerste lid BW een grote mate van vrijheid heeft bij het vaststellen van de ingangsdatum van de (gewijzigde) kinderalimentatie. Hierbij geldt dat volgens vaste jurisprudentie het uitgangspunt is dat de rechter terughoudend moet omgaan met zijn bevoegdheid tot wijziging van de kinderalimentatie met ingang van een datum gelegen voor zijn uitspraak. In het door de vader aangevoerde ziet de rechtbank te weinig om zo ver in het verleden de ingangsdatum te bepalen. De rechtbank zal aansluiting zoeken bij de datum van indiening van het verzoekschrift, te weten 5 december 2024. Beide ouders hebben vanaf dat moment rekening kunnen houden met een gewijzigde kinderalimentatie.

Samenloop

Er is sprake van een samenloop van onderhoudsverplichtingen. De ouders zijn beiden onderhoudsplichtig voor hun kind [de minderjarige 1] . De vader is daarnaast met zijn ex-partner onderhoudsplichtig voor de in 2016 geboren [de minderjarige 2] . De moeder is samen met de heer [naam] onderhoudsplichtig voor de in 2015 geboren [de minderjarige 3] . Doordat de moeder is getrouwd met de heer [naam] zijn zij samen ook onderhoudsplichtig voor [de minderjarige 1] .
De onderhoudsplicht voor [de minderjarige 1] is van gelijke rang als die voor [de minderjarige 2] en [de minderjarige 3] . Bij een samenloop moet de rechtbank beoordelen of de ouders in staat zijn om aan al hun onderhoudsverplichtingen te voldoen.



Tijdens de zitting is met de ouders besproken dat er verschillende methodes zijn ten aanzien van de verdeling van draagkracht bij samengestelde gezinnen. De rechtbank zal een andere methode hanteren dan de methode die door de ouders wordt gebruikt. De rechtbank zal de zuivere draagkracht van de vader en de moeder per gezin berekenen, in plaats van de afgeleide draagkracht op basis van de twee kinderen waarvoor zij beiden onderhoudsplichtig zijn. Dit wordt ook wel de ‘verhoudingenmethode’ genoemd. Voor zover de vader of de moeder een tekort heeft om in het totaal van de aandelen van de kinderen te kunnen voorzien, wordt dit naar rato van dit tekort over de aandelen omgeslagen.




Behoefte [de minderjarige 1]

De ouders zijn het erover eens dat de behoefte van [de minderjarige 1] € 613,- per maand bedraagt in 2024.




Behoefte [de minderjarige 2]

Omdat de vader ook onderhoudsplichtig is voor [de minderjarige 2] , zal de rechtbank zijn behoefte vaststellen.



In de door de vader overgelegde beschikking van 20 maart 2023 van deze rechtbank met zaak- en rekestnummer C/09/635902 FA RK 22-6480 is kinderalimentatie ten behoeve van [de minderjarige 2] vastgesteld. Hierbij is de behoefte van [de minderjarige 2] op basis van de inkomensgegevens van de vader en zijn ex-partner berekend. De vader stelt zich in deze procedure op het standpunt dat de behoefte van [de minderjarige 2] opnieuw moet worden berekend, en dat moet worden uitgegaan van de actuele inkomensgegevens van de vader. Zijn inkomen is immers gestegen en bij de behoefte van [de minderjarige 1] wordt ook van de actuele inkomensgegevens uitgegaan. De moeder betwist het door de vader gestelde. De behoefte van [de minderjarige 2] moet alleen opnieuw worden berekend als het inkomen van de vader boven het NBGI uit komt. Dit is niet het geval waardoor volgens de moeder moet worden uitgegaan van de reeds vastgestelde behoefte.
De rechtbank overweegt dat door de vader niet is aangetoond dat zijn huidige inkomen hoger is dan het drempelinkomen, op basis waarvan de behoefte van [de minderjarige 2] opnieuw berekend moet worden. De rechtbank zal daarom uitgaan van de behoefte van [de minderjarige 2] zoals deze is berekend in de beschikking van 20 maart 2023 van deze rechtbank. De behoefte van [de minderjarige 2] is vastgesteld op € 452,- per maand in 2023. Dit bedraag bestaat uit een tabelbedrag van € 416,- per maand, vermeerderd met € 36,- per maand aan bijzondere zorgkosten vanwege het gehoor van [de minderjarige 2] . De totale behoefte van [de minderjarige 2] bedraagt dus € 452,- per maand in 2023. Geïndexeerd naar 2024 bedraagt de behoefte van [de minderjarige 2] € 480,- per maand.








Behoefte [de minderjarige 3]

Omdat de moeder ook onderhoudsplichtig is voor [de minderjarige 3] , zal de rechtbank ook haar behoefte berekenen. Voor het bepalen van de behoefte van [de minderjarige 3] moet allereerst het netto besteedbaar gezinsinkomen (NBGI) van de moeder en de heer [naam] worden bepaald. Het NBGI bestaat uit het netto besteedbaar inkomen (NBI) van de moeder en de heer [naam] samen, inclusief eventueel kindgebonden budget. De rechtbank neemt daarbij 2024 als uitgangspunt omdat de inkomensgegevens van dit jaar zijn overgelegd.



Voor het berekenen van het inkomen van de moeder in 2024, gaat de rechtbank uit van een jaarinkomen van € 48.942,- bruto in 2024, zoals volgt uit de jaaropgave 2024.



De rechtbank gaat daarnaast uit van de volgende fiscale heffingskortingen:



de algemene heffingskorting;


de arbeidskorting;


de inkomensafhankelijke combinatiekorting.




Uitgaande van bovenstaande gegevens berekent de rechtbank het NBI van de moeder op € 3.376,- per maand in 2024.

Aan de zijde van de heer [naam] gaat de rechtbank uit van een jaarinkomen van € 61.655,- bruto in 2024, zoals volgt uit de jaaropgave 2024. De rechtbank zal conform het Rapport Alimentatienormen geen rekening houden met de fiscale bijtelling van de auto van de zaak en daarom het salaris volgens de jaaropgave corrigeren met de daarin verwerkte fiscale bijtelling zoals die blijkt uit de overgelegd salarisstroken van (12 x € 749 =) € 8.988.



Daarnaast gaat de rechtbank uit van de volgende fiscale heffingskortingen:



de algemene heffingskorting;


de arbeidskorting.




Uitgaande van bovenstaande gegevens berekent de rechtbank het NBI van de heer [naam] op € 3.285,- per maand in 2024. Het NBGI van de moeder en de heer [naam] bedraagt dan (3.376 + 3.285 =) € 6.661,- per maand. Zij hebben bij dit bedrag geen recht op een kindgebonden budget.



De rechtbank zal bij de tabel ‘Eigen Aandeel Kosten Kinderen’ uitgaan van twee kinderen, nu [de minderjarige 1] ook in dit gezin opgroeit. Dit levert een behoefte op van € 1.470,- per maand, te weten € 735,- per maand. De behoefte van [de minderjarige 3] bedraagt dus € 735,- per maand in 2024.




Draagkracht moeder

Voor de berekening van de draagkracht van de moeder gaat de rechtbank uit van een inkomen van € 3.858,- bruto per maand, te vermeerderen met € 636,- per maand aan Individueel Keuze Budget (IKB), zoals volgt uit de salarisspecificaties van augustus tot en met oktober 2025. Verder houdt de rechtbank rekening met een pensioenpremie van € 265,- per maand en een aanvullende pensioenpremie van € 5,- per maand.



De rechtbank houdt daarnaast rekening met de volgende fiscale kortingen:



de algemene heffingskorting;


de arbeidskorting;


de inkomensafhankelijke combinatiekorting.




Uit de behoefteberekening van [de minderjarige 3] volgt dat de moeder en de heer [naam] op basis van hun inkomensgegevens geen recht hebben op een kindgebonden budget. De rechtbank zal bij de draagkracht, net als bij de behoefte, hier dan ook geen rekening mee houden.



Op de zitting is door de vader gesteld dat aan de zijde van de moeder gerekend moet worden met een woonbudget van 15% omdat zij samen met de heer [naam] de woonlasten kan delen. De moeder heeft verweer gevoerd.
De rechtbank overweegt als volgt. Doordat de vader dit standpunt rijkelijk laat heeft ingenomen, is de moeder de kans ontnomen om haar woonlasten (en die van de heer [naam] ) nader te onderbouwen. De rechtbank zal daarom voorbij gaan aan het standpunt van de vader en rekening houden met een woonbudget van 30%.



Op basis van deze uitgangspunten berekent de rechtbank het huidige NBI van de moeder op € 3.448,- per maand. De draagkracht van de moeder bedraagt € 801,- per maand in 2024.




Draagkracht vader

Voor de berekening van de draagkracht van de vader houdt de rechtbank rekening met een inkomen van € 4.823,- per maand, te vermeerderen met 8% vakantiegeld, zoals volgt uit de salarisspecificatie van januari 2025. Verder houdt de rechtbank rekening met de pensioenpremie van € 168,- per maand.

De rechtbank zal conform het Rapport Alimentatienormen geen rekening houden met de fiscale bijtelling van de auto van de zaak.



De vader betaalt conform de beschikking van 20 maart 2023 van deze rechtbank een kinderalimentatie voor [de minderjarige 2] van € 110,- per maand. Geïndexeerd naar 2024 bedraagt de kinderalimentatie € 117,- per maand. Daarnaast is [de minderjarige 2] de helft van de tijd bij de vader waardoor hij recht heeft op een zorgkorting van 35% van de behoefte (het tabelbedrag, dus zonder de verhogende kosten). Dit betekent dat de zorgkorting (0,35 x 416 =) € 146,- per maand was in 2023. Geïndexeerd naar 2024 bedraagt de zorgkorting € 155,- per maand, wat leidt tot totale kosten voor [de minderjarige 2] van (117 + 115 =) € 272,- per maand, zodat de rechtbank hiermee rekening zal houden.



De rechtbank houdt daarnaast rekening met de volgende fiscale kortingen:



de algemene heffingskorting;


de arbeidskorting.




Uitgaande van bovenstaande gegevens berekent de rechtbank het huidige NBI van de vader op € 3.610,- per maand. De draagkracht van de vader bedraagt € 608,- per maand.




Draagkracht echtgenoot moeder (de heer [naam] )

Bij de berekening van de draagkracht van de heer [naam] gaat de rechtbank uit van een inkomen van € 4.744,- bruto per maand, te vermeerderen met 8% vakantiegeld, zoals volgt uit de salarisspecificatie van augustus tot en met oktober 2025. Daarnaast houdt de rechtbank rekening met een pensioenpremie van € 383,- per maand en een WGA-premie van € 15,- per maand.



De rechtbank houdt verder rekening met de volgende fiscale kortingen:



de algemene heffingskorting;


de arbeidskorting.


Net als bij de behoefte en de draagkracht van de vader houdt de rechtbank geen rekening met de fiscale bijtelling van de auto van de zaak.


Uitgaande van bovenstaande gegevens berekent de rechtbank het huidige NBI van de heer [naam] op € 3.445,- per maand. De draagkracht bedraagt € 799,- per maand.




Verdeling van de kosten

De rechtbank zal – zoals hierboven is overwogen – een draagkrachtvergelijking maken met de ‘zuivere’ draagkracht van de ouders, om zo de aandelen te bepalen. De rechtbank hanteert deze methode omdat zij het redelijk acht dat de financiële verantwoordelijkheid voor een kind met name komt te liggen bij de ouders van het desbetreffende kind.



Ten aanzien van [de minderjarige 2] zal de rechtbank geen draagkrachtvergelijking maken tussen de vader en de ex-partner, omdat bij de berekening van de draagkracht van de vader rekening is gehouden met een door hem te betalen kinderalimentatie (inclusief zorgkorting) van € 272,- per maand.



De rechtbank zal de volgende formule gebruiken: draagkracht ouder / totale draagkracht moeder en vader x behoefte van het kind.




Aandeel vader en moeder voor [de minderjarige 1]

aandeel vader: 608 / 1.409 x 613 = 265

aandeel moeder: 801 / 1.409 x 613 = 348

samen: 613




Aandeel moeder en de heer [naam] voor [de minderjarige 3]

aandeel moeder: 801 / 1.600 x 735 = 368

aandeel de heer [naam] : 799 / 1.600 x 735 = 367

samen: 735



Op basis van de bovenstaande draagkrachtvergelijkingen dient de vader voor [de minderjarige 1] € 265,- per maand bij te dragen. Hij is daartoe financieel in staat nu zijn draagkracht € 608,- per maand bedraagt.



De moeder dient voor [de minderjarige 1] en [de minderjarige 3] (348 + 368 =) € 716,- per maand bij te dragen. Daartoe is zij financieel in staat omdat haar draagkracht € 801,- per maand bedraagt.



De heer [naam] dient voor [de minderjarige 3] € 367,- per maand bij te dragen. Hij is daartoe in staat nu zijn draagkracht € 799,- per maand is.




Zorgkorting

De rechtbank zal geen rekening houden met een zorgkorting omdat er geen contact is tussen [de minderjarige 1] en de vader.




Conclusie

De rechtbank zal bepalen dat de vader aan de moeder, met ingang van 5 december 2024, een kinderalimentatie moet voldoen van € 265,- per maand.






Proceskosten
Beide ouders hebben verzocht om elkaar te veroordelen in de proceskosten.



De rechtbank overweegt dat in verzoekschriftprocedures tussen ex-partners terughoudend wordt omgegaan met een proceskostenveroordeling, om te voorkomen dat de relatie tussen partijen verder wordt belast. Als hoofdregel geldt dan ook dat de proceskosten worden gecompenseerd, in die zin dat de partij de eigen proceskosten draagt. Slechts in uitzonderlijke gevallen wordt van deze hoofdregel afgeweken.



De rechtbank ziet geen aanleiding om af te wijken van het hierboven omschreven uitgangspunt, en zal de proceskosten compenseren zoals hierna vermeld.




Beslissing
De rechtbank – met wijziging van de beschikking van 29 november 2011 van deze rechtbank – :


*
bepaalt de door de vader, met ingang van 5 december 2024, te betalen kinderalimentatie voor de minderjarige [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum] 2010 in [geboorteplaats] , op € 265,- per maand, telkens bij vooruitbetaling aan de moeder te voldoen;



*
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;



*
bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;



*
wijst af het meer of anders verzochte.










Deze beschikking is gegeven door mr. E.D.A. Geleijns, rechter, bijgestaan door mr. A.I. Knops als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 23 december 2025.
























Partij


Moeder (676748)




Zaak


Moeder (676748) / de heer [naam] (676748) (C/09/676748)




Berekening


Behoefteberekening N




Tarieven


2024-2




Datum uitdraai


17-12-2025





























Box 1 Inkomen uit werk en woning











Loon volgens jaaropgaaf











(60)





60


Loon volgens jaaropgaaf








€


48.942




































Op het bruto loon ingehouden





59


Inkomsten (transport)








€


48.942




































Belastbaar loon (61-64)










64







Belastbaar loon





















€







48.942




































Heffing box 1 (94-95)










94







Belastbaar inkomen uit werk en woning





















€







48.942







- Schijf 1a, 36,97% (19,07%) over € 0 t/m € 38.097 (€ 40.020)








€


14.084







- Schijf 1b, 36,97% over € 38.098 (€ 40.021) t/m € 75.517








€


4.009









95







Inkomensheffing box 1





















€







18.093




































Besteedbaar inkomen (113-120)





113


Inkomen voor aftrek inkomensheffing








€


48.942









114


Inkomensheffing box 1, inkomstenbelasting box 2 en 3





€


18.093







115/116


Heffingskorting en standaard heffingskorting


-


€


9.661







117


Verschuldigde inkomensheffing





-


€


8.432
















Inkomen na aftrek inkomensheffing





















€







40.510

































Specificaties voor post: 115/116













Algemene Heffingskorting





€


1.763


jaar










Arbeidskorting





€


4.948


jaar










Combinatiekorting





€


2.950


jaar













































Totale inkomsten





















€







40.510









120







Besteedbaar inkomen





















€







40.510




































120a

















Netto besteedbaar inkomen (per jaar)





















€







40.510




120a


Netto besteedbaar inkomen (per maand)








€


3.376








































Partij


de heer [naam] (676748)




Zaak


Moeder (676748) / de heer [naam] (676748) (C/09/676748)




Berekening


Behoefteberekening N




Tarieven


2024-2




Datum uitdraai


17-12-2025





























Box 1 Inkomen uit werk en woning











Loon volgens jaaropgaaf











(60)





60


Loon volgens jaaropgaaf








€


61.655




































In het loon volgens jaaropgaaf begrepen








- fiscale bijtelling voor het privé gebruik van de zakelijke auto





-


€


8.988




































Op het bruto loon ingehouden





59


Inkomsten (transport)








€


52.667




































Belastbaar loon (61-64)










64







Belastbaar loon





















€







52.667




































Heffing box 1 (94-95)










94







Belastbaar inkomen uit werk en woning





















€







52.667







- Schijf 1a, 36,97% (19,07%) over € 0 t/m € 38.097 (€ 40.020)








€


14.084







- Schijf 1b, 36,97% over € 38.098 (€ 40.021) t/m € 75.517








€


5.386









95







Inkomensheffing box 1





















€







19.470




































Besteedbaar inkomen (113-120)





113


Inkomen voor aftrek inkomensheffing








€


52.667









114


Inkomensheffing box 1, inkomstenbelasting box 2 en 3





€


19.470







115/116


Heffingskorting en standaard heffingskorting


-


€


6.221







117


Verschuldigde inkomensheffing





-


€


13.249
















Inkomen na aftrek inkomensheffing





















€







39.418

































Specificaties voor post: 115/116













Algemene Heffingskorting





€


1.516


jaar










Arbeidskorting





€


4.705


jaar













































Totale inkomsten





















€







39.418









120







Besteedbaar inkomen





















€







39.418




































120a

















Netto besteedbaar inkomen (per jaar)





















€







39.418




120a


Netto besteedbaar inkomen (per maand)








€


3.285














































































NBGI voor scheiding











Netto besteedbaar gezinsinkomen voor scheiding








NBI voor scheiding Moeder (676748)








€


3.376







NBI voor scheiding de heer [naam] (676748)








€


3.285
















Netto besteedbaar gezinsinkomen voor scheiding





















€







6.661




































Eigen aandeel kosten kinderen











Eigen aandeel kosten kinderen








Ouders hebben in gezinsverband geleefd











ja







NBGI voor scheiding








€


6.661







Tabel aantal kinderen








2



















Eigen aandeel ouders in de kosten kinderen volgens tabel





















€







1.470






























#


Indexeren











nee









































Partij


Vader (676748)




Zaak


Vader (676748) / Moeder (676748) (C/09/676748)




Berekening


Draagkrachtberekening




Tarieven


2024-2




Datum uitdraai


16-12-2025





























Box 1 Inkomen uit werk en woning











Loon (41-50)





41


Bruto arbeidsinkomen uit dienstbetrekking








€


57.876




44


Vakantietoeslag








€


4.630
















Bruto inkomsten





















€







62.506




































Premies (51-59)











Pensioenpremie





51


Ingehouden pensioenpremie





-


€


2.016




54


Loon voor de premies werknemersverzekeringen








€


60.490



































59







Inkomsten





















€







60.490




































Belastbaar loon (61-64)










64







Belastbaar loon





















€







60.490




































Heffing box 1 (94-95)










94







Belastbaar inkomen uit werk en woning





















€







60.490







- Schijf 1a, 36,97% (19,07%) over € 0 t/m € 38.097 (€ 40.020)








€


14.084







- Schijf 1b, 36,97% over € 38.098 (€ 40.021) t/m € 75.517








€


8.278









95







Inkomensheffing box 1





















€







22.362




































Besteedbaar inkomen (113-120)





113


Inkomen voor aftrek inkomensheffing








€


60.490









114


Inkomensheffing box 1, inkomstenbelasting box 2 en 3





€


22.362







115/116


Heffingskorting en standaard heffingskorting


-


€


5.193







117


Verschuldigde inkomensheffing





-


€


17.169
















Inkomen na aftrek inkomensheffing





















€







43.321

































Specificaties voor post: 115/116













Algemene Heffingskorting





€


997


jaar










Arbeidskorting





€


4.196


jaar






































120







Besteedbaar inkomen





















€







43.321




































120a

















Netto besteedbaar inkomen (per jaar)





















€







43.321




120a


Netto besteedbaar inkomen (per maand)








€


3.610




































Draagkracht tbv kinderalimentatie











Draagkracht tbv kinderalimentatie





120a


Netto besteedbaar inkomen tbv kinderalimentatie








€


3.610







Draagkracht wordt berekend op basis van








Formule







122a


Kosten van levensonderhoud





€


1.270







123a


Woonbudget





€


1.083







135a


Draagkrachtloos inkomen tbv kinderalimentatie








€


2.353




136a


Draagkrachtruimte








€


1.257




137a


Draagkrachtpercentage








%


70







Beschikbaar








€


880




138a


Af: Bijdrage aan andere kinderen





-


€


272




140a


Draagkracht tbv kinderalimentatie








€


608

































Specificaties voor post: 138a (Optellen)













Kosten [de minderjarige 2]





€


3.264


jaar

















Partij


Moeder (676748)




Zaak


Vader (676748) / Moeder (676748) (C/09/676748)




Berekening


Draagkrachtberekening




Tarieven


2024-2




Datum uitdraai


16-12-2025





























Box 1 Inkomen uit werk en woning











Loon (41-50)





41


Bruto arbeidsinkomen uit dienstbetrekking








€


46.296




49c


Individueel keuze budget (IKB/PKB)








€


7.632
















Bruto inkomsten





















€







53.928




































Premies (51-59)











Pensioenpremie





51


Ingehouden pensioenpremie





-


€


3.180




53


Aanvullende pensioenpremie / premie reparatie WAO/WIA-gat





-


€


60




54


Loon voor de premies werknemersverzekeringen








€


50.688



































59







Inkomsten





















€







50.688




































Belastbaar loon (61-64)










64







Belastbaar loon





















€







50.688




































Heffing box 1 (94-95)










94







Belastbaar inkomen uit werk en woning





















€







50.688







- Schijf 1a, 36,97% (19,07%) over € 0 t/m € 38.097 (€ 40.020)








€


14.084







- Schijf 1b, 36,97% over € 38.098 (€ 40.021) t/m € 75.517








€


4.654









95







Inkomensheffing box 1





















€







18.738




































Besteedbaar inkomen (113-120)





113


Inkomen voor aftrek inkomensheffing








€


50.688









114


Inkomensheffing box 1, inkomstenbelasting box 2 en 3





€


18.738







115/116


Heffingskorting en standaard heffingskorting


-


€


9.431







117


Verschuldigde inkomensheffing





-


€


9.307
















Inkomen na aftrek inkomensheffing





















€







41.381

































Specificaties voor post: 115/116













Algemene Heffingskorting





€


1.647


jaar










Arbeidskorting





€


4.834


jaar










Combinatiekorting





€


2.950


jaar






































120







Besteedbaar inkomen





















€







41.381




































120a

















Netto besteedbaar inkomen (per jaar)





















€







41.381




120a


Netto besteedbaar inkomen (per maand)








€


3.448




































Draagkracht tbv kinderalimentatie











Draagkracht tbv kinderalimentatie





120a


Netto besteedbaar inkomen tbv kinderalimentatie








€


3.448







Draagkracht wordt berekend op basis van








Formule







122a


Kosten van levensonderhoud





€


1.270







123a


Woonbudget





€


1.034







135a


Draagkrachtloos inkomen tbv kinderalimentatie








€


2.304




136a


Draagkrachtruimte








€


1.144




137a


Draagkrachtpercentage








%


70







Beschikbaar








€


801




140a


Draagkracht tbv kinderalimentatie








€


801








































Partij


de heer [naam]




Zaak


Vader (676748) / Moeder (676748) (C/09/676748)




Berekening


Draagkrachtberekening




Tarieven


2024-2




Datum uitdraai


16-12-2025





























Box 1 Inkomen uit werk en woning











Loon (41-50)





41


Bruto arbeidsinkomen uit dienstbetrekking








€


56.928




44


Vakantietoeslag








€


4.554
















Bruto inkomsten





















€







61.482




































Premies (51-59)











Pensioenpremie





51


Ingehouden pensioenpremie





-


€


4.596




54


Loon voor de premies werknemersverzekeringen








€


56.886



































59







Inkomsten





















€







56.886




































Belastbaar loon (61-64)










64







Belastbaar loon





















€







56.886




































Heffing box 1 (94-95)










94







Belastbaar inkomen uit werk en woning





















€







56.886







- Schijf 1a, 36,97% (19,07%) over € 0 t/m € 38.097 (€ 40.020)








€


14.084







- Schijf 1b, 36,97% over € 38.098 (€ 40.021) t/m € 75.517








€


6.946









95







Inkomensheffing box 1





















€







21.030




































Besteedbaar inkomen (113-120)





113


Inkomen voor aftrek inkomensheffing








€


56.886









114


Inkomensheffing box 1, inkomstenbelasting box 2 en 3





€


21.030







115/116


Heffingskorting en standaard heffingskorting


-


€


5.666







117


Verschuldigde inkomensheffing





-


€


15.364
















Inkomen na aftrek inkomensheffing





















€







41.522

































Specificaties voor post: 115/116













Algemene Heffingskorting





€


1.236


jaar










Arbeidskorting





€


4.430


jaar




































Af: Netto premie (WGA/WHK)





€


180












120







Besteedbaar inkomen





















€







41.342




































120a

















Netto besteedbaar inkomen (per jaar)





















€







41.342




120a


Netto besteedbaar inkomen (per maand)








€


3.445




































Draagkracht tbv kinderalimentatie











Draagkracht tbv kinderalimentatie





120a


Netto besteedbaar inkomen tbv kinderalimentatie








€


3.445







Draagkracht wordt berekend op basis van








Formule







122a


Kosten van levensonderhoud





€


1.270







123a


Woonbudget





€


1.034







135a


Draagkrachtloos inkomen tbv kinderalimentatie








€


2.304




136a


Draagkrachtruimte








€


1.141




137a


Draagkrachtpercentage








%


70







Beschikbaar








€


799




140a


Draagkracht tbv kinderalimentatie








€


799