Rechtbank Den Haag
ECLI:NL:RBDHA:2025:210
2025-01-09
Civiel recht; Insolventierecht
F.09/24/496
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Pro forma gegrondverklaring verzet met vernietiging faillissement. Geoopposeerden verlenen definitief volledige kwijting van hun vorderingen op opposant. Ook is er zekerheid gesteld voor het salaris van de curator en de faillissementskosten.
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:2015:1473 Hoge Raad 05-06-2015
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (5.440 tekens)
vonnis
RECHTBANK
DEN HAAG
Team Insolventies
insolventienummer: C/09/24/496 F
vonnis in verzet van 9 januari 2025
[opposant] ,
geboren op [geboortedag] 1971,
woonadres: [postcode] [woonplaats] , [adres] ,
handelend onder de namen [bedrijf] zakelijkedienstverlening, Duikcentrum The Wave,
The Wave, duikcentrum en G & G Consultancy,
ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer [nummer] , opposant,advocaat: mr. M.W.J. Huyssen van Kattendijke.
Waar deze zaak over gaat
Opposant heeft verzet ingesteld tegen het vonnis waarin hij failliet is verklaard. Dit verzet wordt door de rechtbank gegrond verklaard en het faillissement wordt vernietigd. De rechtbank legt hierna uit waarom zij zo beslist. Eerst volgt een overzicht van de procedure.
1De procedure
1.1.
Opposant heeft op 7 januari 2025 verzet ingesteld tegen het vonnis van 24 december 2024, waarbij hij op verzoek van [geopposeerde 1] en [geopposeerde 2] B.V. (hierna: geopposeerden) in staat van faillissement is verklaard. Daarbij is mr. R. Cats benoemd tot rechter-commissaris en mr. K. Verheij aangesteld als curator.
1.2.
Het verzet is op verzoek van partijen zonder zitting (dus pro forma) op 9 januari 2025 behandeld.
1.3.
De rechtbank heeft in verband met de behandeling van het verzet de volgende stukken ontvangen:
- de e-mail, met bijlage, van 8 januari 2025 te 08:58 van mr. Huyssen van Kattendijke;
- de e-mail, met bijlage, van 8 januari 2025 te 10:56 mr. P.W.M. Steenbergen, advocaat van geopposeerden;
- de e-mail van 8 januari 2025 te 11:15 van mr. Huyssen van Kattendijke;
- het advies, inclusief salarisverzoek, van 8 januari 2025 te 15:43 van de curator.
2De beoordeling
2.1.
Het verzet is tijdig ingesteld met een advocaat.
2.2.
Opposant heeft aan het verzet ten grondslag gelegd dat hij een minnelijke regeling met geopposeerden heeft getroffen. Mr. Steenbergen heeft bevestigd dat geopposeerden in het kader van de vaststellingsovereenkomst definitief volledige kwijting hebben verleend van hun vorderingen op opposant, zoals vermeld in het ingediende faillissementsrekest. Tevens hebben geopposeerden opposant definitief volledige kwijting verleend van eventuele vorderingen, die niet zijn opgenomen in het faillissementsrekest en derhalve later zijn ontstaan en/of nog kunnen ontstaan uit enerzijds de huurovereenkomst tussen [geopposeerde 2] B.V. en opposant en anderzijds de lening-overeenkomst tussen oppossant en [geopposeerde 1] . Opposant heeft zekerheid gesteld voor het salaris van de curator en de faillissementskosten. Voor deze kosten is het volledige bedrag op de derdengeldrekening van de curator gestort.
2.3.
Geopposeerden hebben ingestemd met vernietiging van het faillissementsvonnis, nu zij reeds volledige kwijting van hun vorderingen, zoals genoemd onder 2.2., hebben verleend.
2.4.
Ook de curator heeft ingestemd met vernietiging van het faillissementsvonnis, nu het salaris en de faillissementskosten zullen worden voldaan.
2.5.
De rechtbank moet beoordelen of op dit moment – het moment van beoordeling van het verzet – summierlijk is gebleken van het vorderingsrecht van geopposeerde én of opposant verkeert in de toestand van hebben opgehouden te betalen (HR 5 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1473). In dat kader oordeelt de rechtbank dat voldoende is gebleken van feiten en omstandigheden waaruit volgt dat het vorderingsrecht van geopposeerden niet langer summierlijk blijkt. Dit brengt mee dat het verzet gegrond zal worden verklaard.
2.6.
De rechtbank zal het salaris van de curator en de faillissementskosten vaststellen en daarna bepalen dat deze kosten en de kosten van de faillissementsaanvraag door opposant moeten worden betaald.
3De beslissing
De rechtbank:
- verklaart het verzet gegrond;
- vernietigt het op 24 december 2024 uitgesproken faillissement van opposant;
- stelt het salaris van de curator vast op € 1.952,14 (exclusief de verschuldigde omzetbelasting);
stelt het bedrag van de faillissementskosten vast op € 78,09 (exclusief de verschuldigde omzetbelasting);
bepaalt dat het salaris van de curator en het bedrag van de faillissementskosten alsmede de kosten van de aanvraag van het faillissement ten laste komen van opposant.
Dit is een beslissing van mr. L. Mundt, rechter, in samenwerking met C.R. Cortenbach-van der Lek LL.B., griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 9 januari 2025.
Wat kunt u doen als u het niet eens bent met deze uitspraak?
Tegen deze uitspraak kan degene die dat volgens de Faillissementswet mag gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak hoger beroep instellen. Dat kan door een advocaat een verzoekschrift in te laten dienen bij de griffie van het gerechtshof in Den Haag.
RECHTBANK
DEN HAAG
Team Insolventies
insolventienummer: C/09/24/496 F
vonnis in verzet van 9 januari 2025
[opposant] ,
geboren op [geboortedag] 1971,
woonadres: [postcode] [woonplaats] , [adres] ,
handelend onder de namen [bedrijf] zakelijkedienstverlening, Duikcentrum The Wave,
The Wave, duikcentrum en G & G Consultancy,
ingeschreven bij de Kamer van Koophandel onder nummer [nummer] , opposant,advocaat: mr. M.W.J. Huyssen van Kattendijke.
Waar deze zaak over gaat
Opposant heeft verzet ingesteld tegen het vonnis waarin hij failliet is verklaard. Dit verzet wordt door de rechtbank gegrond verklaard en het faillissement wordt vernietigd. De rechtbank legt hierna uit waarom zij zo beslist. Eerst volgt een overzicht van de procedure.
1De procedure
1.1.
Opposant heeft op 7 januari 2025 verzet ingesteld tegen het vonnis van 24 december 2024, waarbij hij op verzoek van [geopposeerde 1] en [geopposeerde 2] B.V. (hierna: geopposeerden) in staat van faillissement is verklaard. Daarbij is mr. R. Cats benoemd tot rechter-commissaris en mr. K. Verheij aangesteld als curator.
1.2.
Het verzet is op verzoek van partijen zonder zitting (dus pro forma) op 9 januari 2025 behandeld.
1.3.
De rechtbank heeft in verband met de behandeling van het verzet de volgende stukken ontvangen:
- de e-mail, met bijlage, van 8 januari 2025 te 08:58 van mr. Huyssen van Kattendijke;
- de e-mail, met bijlage, van 8 januari 2025 te 10:56 mr. P.W.M. Steenbergen, advocaat van geopposeerden;
- de e-mail van 8 januari 2025 te 11:15 van mr. Huyssen van Kattendijke;
- het advies, inclusief salarisverzoek, van 8 januari 2025 te 15:43 van de curator.
2De beoordeling
2.1.
Het verzet is tijdig ingesteld met een advocaat.
2.2.
Opposant heeft aan het verzet ten grondslag gelegd dat hij een minnelijke regeling met geopposeerden heeft getroffen. Mr. Steenbergen heeft bevestigd dat geopposeerden in het kader van de vaststellingsovereenkomst definitief volledige kwijting hebben verleend van hun vorderingen op opposant, zoals vermeld in het ingediende faillissementsrekest. Tevens hebben geopposeerden opposant definitief volledige kwijting verleend van eventuele vorderingen, die niet zijn opgenomen in het faillissementsrekest en derhalve later zijn ontstaan en/of nog kunnen ontstaan uit enerzijds de huurovereenkomst tussen [geopposeerde 2] B.V. en opposant en anderzijds de lening-overeenkomst tussen oppossant en [geopposeerde 1] . Opposant heeft zekerheid gesteld voor het salaris van de curator en de faillissementskosten. Voor deze kosten is het volledige bedrag op de derdengeldrekening van de curator gestort.
2.3.
Geopposeerden hebben ingestemd met vernietiging van het faillissementsvonnis, nu zij reeds volledige kwijting van hun vorderingen, zoals genoemd onder 2.2., hebben verleend.
2.4.
Ook de curator heeft ingestemd met vernietiging van het faillissementsvonnis, nu het salaris en de faillissementskosten zullen worden voldaan.
2.5.
De rechtbank moet beoordelen of op dit moment – het moment van beoordeling van het verzet – summierlijk is gebleken van het vorderingsrecht van geopposeerde én of opposant verkeert in de toestand van hebben opgehouden te betalen (HR 5 juni 2015, ECLI:NL:HR:2015:1473). In dat kader oordeelt de rechtbank dat voldoende is gebleken van feiten en omstandigheden waaruit volgt dat het vorderingsrecht van geopposeerden niet langer summierlijk blijkt. Dit brengt mee dat het verzet gegrond zal worden verklaard.
2.6.
De rechtbank zal het salaris van de curator en de faillissementskosten vaststellen en daarna bepalen dat deze kosten en de kosten van de faillissementsaanvraag door opposant moeten worden betaald.
3De beslissing
De rechtbank:
- verklaart het verzet gegrond;
- vernietigt het op 24 december 2024 uitgesproken faillissement van opposant;
- stelt het salaris van de curator vast op € 1.952,14 (exclusief de verschuldigde omzetbelasting);
stelt het bedrag van de faillissementskosten vast op € 78,09 (exclusief de verschuldigde omzetbelasting);
bepaalt dat het salaris van de curator en het bedrag van de faillissementskosten alsmede de kosten van de aanvraag van het faillissement ten laste komen van opposant.
Dit is een beslissing van mr. L. Mundt, rechter, in samenwerking met C.R. Cortenbach-van der Lek LL.B., griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 9 januari 2025.
Wat kunt u doen als u het niet eens bent met deze uitspraak?
Tegen deze uitspraak kan degene die dat volgens de Faillissementswet mag gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak hoger beroep instellen. Dat kan door een advocaat een verzoekschrift in te laten dienen bij de griffie van het gerechtshof in Den Haag.