Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Den Haag

ECLI:NL:RBDHA:2023:21377

2023-08-10 Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht NL23.17493
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Uitspraakdatum
2023-08-10
Publicatiedatum
2024-01-18
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
NL23.17493
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

bnt asiel, griekse statushouder

Citeert (2)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (4.179 tekens)
uitspraak














RECHTBANK DEN HAAG


Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL23.17493

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen




[eiser] , eiser V-nummer: [V nummer]

(gemachtigde: mr. L.M. Weber), en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.





Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend, omdat verweerder niet op tijd heeft beslist op zijn aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (hierna: aanvraag).



Overwegingen

1. De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat dat in deze zaak niet nodig is.1

2. Als een bestuursorgaan niet op tijd op een aanvraag beslist, dan kan de betrokkene daartegen in beroep gaan. Voordat hij beroep kan instellen, moet de betrokkene schriftelijk aan het bestuursorgaan laten weten dat binnen twee weken alsnog moet worden beslist op zijn aanvraag (de zogenoemde ingebrekestelling). Als er na twee weken nog steeds geen besluit is genomen, dan kan de betrokkene beroep instellen.2
Is het beroep van eiser ontvankelijk en gegrond?
3. Eiser heeft de aanvraag ingediend op 15 maart 2022. Verweerder moet uiterlijk binnen zes maanden na ontvangst van de aanvraag beslissen.3 Bij brief van 7 september 2022 heeft verweerder aan eiser meegedeeld dat hij aanleiding ziet om de termijn om te beslissen op zijn asielaanvraag met ten hoogste negen maanden te verlengen op grond van artikel 42, vierde lid, onder a, van de Vw 2000, en dat de beslistermijn uiterlijk op 13 juni 2023 eindigt. Verweerder heeft zich daarbij op het standpunt gesteld dat sprake is van complexe feitelijke of juridische kwesties. Daarbij heeft verweerder gewezen op de brief aan de Tweede Kamer van 30 september 2021 (kenmerk: 3507397) over de uitspraken van de





1. Op grond van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
2 Dit volgt uit artikel 6:2 en 6:12 van de Awb.
3 Dit staat in artikel 42 van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).



Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 28 juli 2021 over Griekse statushouders.4


4. Eiser heeft verweerder op 10 mei 2023 in gebreke gesteld. De termijn om te beslissen op zijn aanvraag was nog niet verstreken toen hij de ingebrekestelling indiende bij verweerder. De ingebrekestelling is daarmee prematuur. Dat maakt dat niet is voldaan aan de voorwaarden voor het indienen van een beroep op grond van het niet tijdig beslissen door verweerder, als bedoeld in artikel 6:12, tweede lid, van de Awb.

5. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk.

6. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.




Beslissing


De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.



Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Skerka, rechter, in aanwezigheid van D.A.M. Delger, griffier.





































4 ECLI:NL:RVS:2021:1626 en ECLI:NL:RVS:2021:1627.




De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:




10 augustus 2023



















Documentcode: [Documentcode]















Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.