Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Den Haag

ECLI:NL:RBDHA:2023:15823

2023-10-19 Civiel recht; Insolventierecht insolventienummer: C/09/23/104 R
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Uitspraakdatum
2023-10-19
Publicatiedatum
2023-10-20
Rechtsgebied
Civiel recht; Insolventierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
insolventienummer: C/09/23/104 R
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Verzoek eerdere ingangsdatum WSNP afgewezen. Verzoeker ontvang een participatiewet-uitkering en heeft geen afloscapaciteit. Op spaarsaldo uit het minnelijke traject wordt geen acht geslagen.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (8.032 tekens)
vonnis

RECHTBANK
DEN HAAG



Team Insolventies



insolventienummer: C/09/23/104 R




vonnis van 19 oktober 2023




op het verzoek van:




[verzoeker],

wonende te [adres]
[postcode en woonplaats].




Waar deze zaak over gaat

De heer [verzoeker] bevindt zich in een problematische schuldensituatie. Om tot een oplossing voor zijn schulden te komen heeft de heer [verzoeker] een verzoek gedaan te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). Dit verzoek wordt toegewezen. De rechtbank legt hierna uit waarom zij zo beslist.






1De procedure

1.1.
De heer [verzoeker] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de WSNP.



1.2.

Het verzoek is behandeld op de zitting van 19 oktober 2023. Met de uitnodiging voor deze zitting is aan de heer [verzoeker] een WSNP-informatieboekje meegezonden. Op de zitting verschenen:
- De heer [verzoeker], vergezeld door:
- Mevrouw M. van der Schaliek, beschermingsbewindvoerder.
- Mevrouw [schuldhulpverlener 1], schuldhulpverlener.
- Mevrouw [schuldhulpverlener 2], schuldhulpverlener.






2De beoordeling van het verzoek

2.1.
De heer [verzoeker] kan alleen worden toegelaten tot de WSNP als hij zich in een problematische schuldensituatie bevindt en hij te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van zijn schulden. De rechtbank kijkt daarbij vooral naar de afgelopen drie jaar. Ook moet de verwachting bestaan dat de heer [verzoeker] aan de verplichtingen van de WSNP zal voldoen.



2.2.
De heer [verzoeker] voldoet aan alle eisen en wordt toegelaten tot de WSNP.



2.3.
De verplichtingen waaraan De heer [verzoeker] tijdens de WSNP moet voldoen staan in het WSNP-informatieboekje beschreven. Samengevat komt dit neer op: een informatieverplichting, een inspanningsverplichting, een verplichting geen nieuwe schulden te laten ontstaan en een afdrachtverplichting.



2.4.
De wet schrijft voor dat de eerste 13 maanden van het traject een postblokkade geldt. Gedurende deze periode zal alle post naar de bewindvoerder gaan. De bewindvoerder stuurt de post na controle weer door aan de heer [verzoeker].



2.5.
Het WSNP-traject duurt in principe achttien maanden. Als de heer [verzoeker] zich gedurende die periode houdt aan alle verplichtingen die de WSNP met zich brengt, eindigt het traject na verloop van die achttien maanden met de zogenoemde “schone lei”. Dit betekent dat schuldeisers hun vorderingen ten aanzien waarvan de WSNP werkt niet meer op de heer [verzoeker] kunnen verhalen.



De ingangsdatum





2.6.
Artikel 349a lid 1 van de Faillissementswet (Fw) bepaalt sinds 1 juli 2023 dat de termijn van de WSNP begint te lopen (ingaat) op de dag van de uitspraak tot de toepassing van de WSNP, dan wel van de dag waarop de eerste aflossing is gedaan in het kader van de buitengerechtelijke schuldregeling indien die dag eerder is gelegen.



2.7.
De schuldhulpverlener van de heer [verzoeker] heeft verzocht de looptijd van de WSNP te verkorten. De schuldhulpverlener geeft aan dat zij een ingangsdatum wenst, te weten vanaf het moment dat het schuldenbewind is gestart in juni 2022. Mede gelet op hetgeen ter terechtzitting is besproken, begrijpt de rechtbank dit als een verzoek om de ingangsdatum te bepalen op de datum 15 maanden voorafgaand aan de datum van een te wijzen toelatingsvonnis. Verzoeker zou volgens de schuldhulpverlener vanaf juni 2022 uit zijn inkomsten een bedrag van € 812,00 hebben gespaard.



2.8.
De rechtbank neemt bij de beoordeling van dit verzoek om een eerdere ingangsdatum – en daarmee bij de beoordeling van de vraag of sprake is van aflossingen in het kader van een buitengerechtelijke schuldregeling – onder meer het volgende tot uitgangspunt: (1) aflossen is maximaal aflossen, (2) de hoogte van de aflossing wordt vastgesteld aan de hand van het vrij te laten bedrag (Vtlb) zoals berekend met de Vtlb-calculator die via het internet beschikbaar is en (3) invulling van de inspanningsplicht zoals in de WSNP.



2.9.
Een eerdere ingangsdatum (een ingangsdatum vóór de dag van de WSNP-uitspraak) betekent dat vanaf die eerdere datum de WSNP-regeling met de daaraan verbonden WSNP-verplichtingen gaat gelden. Een van die WSNP-verplichtingen is de afdrachtplicht, die onder meer inhoudt dat maandelijks het verschil tussen de nettoinkomsten van een schuldenaar en het Vtlb aan de boedel moet worden afgedragen, ofwel – in termen van de wetgever – wordt afgelost. Om voor een eerdere ingangsdatum in aanmerking te komen, moet dus achtereenvolgend maandelijks sprake zijn van aflossingen die tenminste gelijk zijn aan het genoemde verschil tussen de nettoinkomsten en het Vtlb. In de situatie van de heer [verzoeker] is hiervan geen sprake. De heer [verzoeker] leeft van een Participatiewet-uitkering die lager is dan het het Vtlb, zodat geen sprake is van enige afloscapaciteit.



2.10.
Verder is onduidelijk of gedurende het minnelijke traject is voldaan aan de inspanningsverplichting. Uit het rapport van Salude van 7 juni 2023 blijkt dat de heer [verzoeker] in staat wordt geacht tot het verrichten van licht zittend werk gedurende 4 uur per dag. Tijdens de zitting is aan de orde gekomen dat de heer [verzoeker] de afgelopen periode geen betaalde arbeid heeft verricht, net uit de revalidatie komt en op dit moment 16 uur vrijwilligerswerk doet.



2.11.
Gezien het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat het verzoek om verkorting van de looptijd onvoldoende is onderbouwd. Het verzoek zal daarom worden afgewezen.



2.12.
De rechtbank merkt tenslotte in dit verband nog wel op dat indien het bedrag van de beheerrekening niet op korte termijn op de boedelrekening wordt gestort, er een boedelachterstand ontstaat en dit tot gevolg kan hebben dat de WSNP-regeling wordt verlengd of zelfs voortijdig – zonder schone lei – kan worden beëindigd. Dit kan ook het geval zijn indien komt vast te staan dat vanaf de ingangsdatum andere WSNP-verplichtingen niet (correct) zijn nagekomen.






3De beslissing
De rechtbank:

- spreekt de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:


[verzoeker],
geboren op [geboortedatum] 1972 te [geboorteplaats] (Marokko),
wonende te [adres, postcode en woonplaats],


- wijst het verzoek tot het bepalen van een ingangsdatum van de looptijd van de schuldsaneringsregeling voor de datum van de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling af.

- stelt vast dat door deze uitspraak alle gelegde beslagen komen te vervallen;

- benoemt tot rechter-commissaris mr. A.C.M. Höppener en tot bewindvoerder: N.T. van den Deijssel (Sociaal.nl Schuldsanering BV),

Postbus 845
1440 AV Purmerend;


- geeft de bewindvoerder opdracht om de komende 13 maanden, of zoveel eerder als de schuldsaneringsregeling eindigt, de post van de heer [verzoeker] in te zien;

- bepaalt dat de bewindvoerder een voorschot op de vergoeding mag nemen volgens het Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering. Dit kan alleen:

- zolang de schuldsaneringsregeling loopt en
- voor zover de boedel toereikend is.



Dit is de beslissing van mr. A.C.M. Höppener, rechter, in samenwerking met A. van Groningen Schinkel, griffier. Deze beslissing is in het openbaar uitgesproken op 19 oktober 2023.