Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Den Haag

ECLI:NL:RBDHA:2019:1480

2019-02-19 Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht NL19.1546
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Den Haag
Uitspraakdatum
2019-02-19
Publicatiedatum
2019-02-20
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
NL19.1546
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

pkv, artikel 8:75a Awb

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.929 tekens)
RECHTBANK DEN HAAG


Bestuursrecht



zaaknummers: NL19.1546 en NL19.1547


uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], V-nummer: [V-nummer], eiser tevens verzoeker
(gemachtigde: mr. A.I. Engelsman),


en


de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.




Procesverloop


Bij besluit van 18 januari 2019 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag.



Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.



Bij brief van 11 februari 2019 heeft verweerder de rechtbank medegedeeld dat het bestreden besluit wordt ingetrokken en dat eisers asielaanvraag in behandeling zal worden genomen.



Bij digitaal bericht van 11 februari 2019 heeft de gemachtigde van eiser het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening ingetrokken en heeft de rechtbank verzocht om verweerder te veroordelen in de proceskosten.





Overwegingen

1. De rechtbank, tevens de voorzieningenrechter, doet op grond van artikel 8:54, in samenhang met artikel 8:75a, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

2. Artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb bepaalt dat ingeval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Een dergelijk verzoek moet tegelijk met de intrekking van het beroep gedaan worden.


Uit de wetsgeschiedenis volgt dat van tegemoetkomen in de zin van artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb sprake is indien het bestuur het door de indiener van het beroepschrift gewenste besluit geheel of gedeeltelijk neemt, tenzij dit besluit kennelijk is genomen op andere gronden dan de indiener van het beroepschrift heeft aangevoerd. De rechtbank wijst in dit verband op een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 5 oktober 2000 (ECLI:NL:RVS:2000:AB0009).

3. Verweerder heeft aan de rechtbank medegedeeld dat de reden waarom het bestreden besluit is ingetrokken gelegen is in het feit dat eiser niet binnen de termijnen zoals genoemd in artikel 29, tweede lid, van Verordening (EU) nr. 604/2013 (de Dublinverordening) is overgedragen aan de autoriteiten van Italië.
4. De rechtbank stelt vast dat verweerder niet is tegemoetgekomen zoals bedoeld in artikel 8:75a van de Awb aangezien de intrekking van het bestreden besluit op andere gronden is geschied dan de gronden die eiser in het beroepschrift heeft aangevoerd. De rechtbank ziet ook anderszins geen aanleiding verweerder te veroordelen in de proceskosten.
5. De rechtbank zal het verzoek om verweerder in de proceskosten te veroordelen afwijzen.



Beslissing


De rechtbank wijst het verzoek om verweerder in de proceskosten te veroordelen af.




Deze uitspraak is gedaan door mr. A.E. Dutrieux, rechter, in aanwezigheid van mr. C.E.B. Davis, griffier.
Deze uitspraak is in het openbaar gedaan, digitaal ondertekend en bekendgemaakt op:






Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de datum van verzending verzet worden gedaan bij de rechtbank (artikel 8:55 van de Awb). De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.