Rechtbank Amsterdam
ECLI:NL:RBAMS:2025:2611
2025-04-11
Strafrecht; Strafprocesrecht
C/13/767565 / HA RK 25-122
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Verzoek tot verschoning toegewezen.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.554 tekens)
RECHTBANK AMSTERDAM
Wrakingskamer
Beslissing op het onder rekestnummer C/13/767565 HA RK 25/122 ingeschreven verzoek van:
mr. S.P. Pompe, rechter bij de rechtbank Amsterdam, hierna: de rechter.
1Verloop van de procedure
1.1.
Bij de afdeling Privaatrecht, team handel van de rechtbank te Amsterdam is onder zaaknummer C/13/760528 HA RK 24/431 een zaak aanhangig die ter behandeling is toegewezen aan de rechter.
2Het verzoek
2.1.
Aan het verzoek is ten grondslag gelegd dat een bloedverwant van de rechter werkt bij het kantoor van een van de procesdeelnemers.
3De beoordeling
3.1.
Op grond van het bepaalde in artikel 40 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (hierna: Rv) dient in een verschoningsprocedure te worden beslist of er sprake is van de in artikel 36 Rv genoemde feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Uit voormelde bepaling valt af te leiden dat de behandeling van een verschoningsverzoek, anders dan de behandeling van een wrakingsverzoek, niet ter terechtzitting behoeft plaats te vinden. De rechtbank zal daarom zonder mondelinge behandeling een beslissing nemen op het verzoek.
3.2.
Verschoning is een middel ter verzekering van (het vertrouwen in) de rechterlijke onpartijdigheid.
3.3.
Gelet op hetgeen de rechter heeft aangevoerd is de Wrakingskamer van oordeel dat sprake is van zodanige omstandigheden dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Het verzoek zal daarom worden toegewezen.
4. Op grond van het vorenstaande wordt beslist als volgt.
De rechtbank:
- wijst het verzoek tot verschoning toe en bepaalt dat de hoofdzaak met zaaknummer C/13/760528 HA RK 24/431 wordt voortgezet voor een andere rechter;
- beveelt dat (een afschrift van) deze beslissing met inachtneming van het bepaalde bij artikel 41 tweede lid Rv wordt toegezonden aan:
(de advocaat van) partijen;
de rechter.
Aldus gegeven door mrs. P.B. Martens, voorzitter, N.C.H. Blankevoort en I.M. Bilderbeek, leden, op 11 april 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Wrakingskamer
Beslissing op het onder rekestnummer C/13/767565 HA RK 25/122 ingeschreven verzoek van:
mr. S.P. Pompe, rechter bij de rechtbank Amsterdam, hierna: de rechter.
1Verloop van de procedure
1.1.
Bij de afdeling Privaatrecht, team handel van de rechtbank te Amsterdam is onder zaaknummer C/13/760528 HA RK 24/431 een zaak aanhangig die ter behandeling is toegewezen aan de rechter.
2Het verzoek
2.1.
Aan het verzoek is ten grondslag gelegd dat een bloedverwant van de rechter werkt bij het kantoor van een van de procesdeelnemers.
3De beoordeling
3.1.
Op grond van het bepaalde in artikel 40 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (hierna: Rv) dient in een verschoningsprocedure te worden beslist of er sprake is van de in artikel 36 Rv genoemde feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Uit voormelde bepaling valt af te leiden dat de behandeling van een verschoningsverzoek, anders dan de behandeling van een wrakingsverzoek, niet ter terechtzitting behoeft plaats te vinden. De rechtbank zal daarom zonder mondelinge behandeling een beslissing nemen op het verzoek.
3.2.
Verschoning is een middel ter verzekering van (het vertrouwen in) de rechterlijke onpartijdigheid.
3.3.
Gelet op hetgeen de rechter heeft aangevoerd is de Wrakingskamer van oordeel dat sprake is van zodanige omstandigheden dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Het verzoek zal daarom worden toegewezen.
4. Op grond van het vorenstaande wordt beslist als volgt.
De rechtbank:
- wijst het verzoek tot verschoning toe en bepaalt dat de hoofdzaak met zaaknummer C/13/760528 HA RK 24/431 wordt voortgezet voor een andere rechter;
- beveelt dat (een afschrift van) deze beslissing met inachtneming van het bepaalde bij artikel 41 tweede lid Rv wordt toegezonden aan:
(de advocaat van) partijen;
de rechter.
Aldus gegeven door mrs. P.B. Martens, voorzitter, N.C.H. Blankevoort en I.M. Bilderbeek, leden, op 11 april 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.