Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Amsterdam

ECLI:NL:RBAMS:2024:2963

2024-05-22 Civiel recht C/13/705132 / HA ZA 21-687
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Uitspraakdatum
2024-05-22
Publicatiedatum
2024-05-27
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Tussenuitspraak
Zaaknummer
C/13/705132 / HA ZA 21-687
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Vonnis in vrijwaringsincident

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (7.700 tekens)
vonnis

RECHTBANK AMSTERDAM


Afdeling privaatrecht


zaaknummers / rolnummers: C/13/712754 / HA ZA 22-71 en C/13/712812 / HA ZA 22-72



Vonnis in incident van 22 mei 2024




in de zaak C/13/712754 / HA ZA 22-71 van



de stichting

STICHTING CAR CLAIM,
gevestigd te Rotterdam,
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
advocaat mr. P. Haas te Rotterdam,


tegen

1. de naamloze vennootschap


STELLANTIS N.V.,
gevestigd te Amsterdam,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid


STELLANTIS NEDERLAND B.V.,
gevestigd te Amsterdam,

4. de rechtspersoon naar buitenlands recht


STELLANTIS AUTO S.A.S., voorheen PSA AUTOMOBILES S.A.,
gevestigd te Poissy, Frankrijk,

5. de rechtspersoon naar buitenlands recht


AUTOMOBILES PEUGEOT S.A.,

gevestigd te Poissy, Frankrijk,

6. de rechtspersoon naar buitenlands recht


AUTOMOBILES CITROËN S.A.S.,

gevestigd te Poissy, Frankrijk,

7. de rechtspersoon naar buitenlands recht


GM DEUTSCHLAND HOLDINGS GMBH, voorheen ADAM OPEL GMBH,
gevestigd te Frankfurt am Main, Duitsland,

8. de rechtspersoon naar buitenlands recht


OPEL AUTOMOBILE GMBH,

gevestigd te Rüsselsheim am Main, Duitsland,

9. de rechtspersoon naar buitenlands recht


GENERAL MOTORS HOLDINGS LLC,

gevestigd te Detroit (Michigan), Verenigde Staten van Amerika,

10. de rechtspersoon naar buitenlands recht


GENERAL MOTORS COMPANY,

gevestigd te Detroit (Michigan), Verenigde Staten van Amerika,
gedaagden 1, 2 en 4 tot en met 10,
gedaagden in de hoofdzaak,
advocaat mr. A. Knigge te Amsterdam,


en tegen



gedaagden 11 t/m 137,
gedaagden in de hoofdzaak,
eiseressen in het incident,
advocaat mr. M.J. van Joolingen te ’s-Hertogenbosch,


en



in de zaak C/13/712812 / HA ZA 22-72 van



de stichting

STICHTING DIESEL EMISSIONS JUSTICE,
gevestigd te Amsterdam,
eiseres in de hoofdzaak,
verweerster in het incident,
advocaat mr. L.C.M. Berger te Amsterdam,


tegen de hiervoor onder 1, 2 en 4 tot en met 137 genoemde gedaagden.


Eiseressen (in de hoofdzaak) zullen hierna afzonderlijk SCC en SDEJ worden genoemd. Gedaagden 1, 2 en 4 tot en met 10 (in de hoofdzaak) zullen hierna gezamenlijk Stellantis c.s. worden genoemd. Gedaagden 11 t/m 137 (in de hoofdzaak) zullen hierna gezamenlijk de Autodealers worden genoemd.


1. De procedure in de zaken met de nummers C/13/712754 / HA ZA 22-71 en C/13/712812 / HA ZA 22-72

1.1. Het verloop van de procedures in beide zaken blijkt uit:


het tussenvonnis van 29 november 2023,


de conclusie van antwoord in fase 2 van Stellantis c.s., met producties,


de conclusie van antwoord in fase 2 van de Autodealers, met producties,


de (gelijktijdig met de conclusie van antwoord genomen) incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring ex artikel 210 Rv van de Autodealers,


de conclusie van antwoord in vrijwaringsincident van SCC,


de conclusie van antwoord in vrijwaringsincident van SDEJ.



1.2. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.



2De beoordeling in het vrijwaringsincident

2.1.
De Autodealers vorderen in beide zaken dat het hen wordt toegestaan Stellantis c.s. in vrijwaring op te roepen.



2.2.
SCC en SDEJ refereren zich aan het oordeel van de rechtbank.



2.3.
De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen, nu de aangevoerde en niet weersproken gronden die vordering kunnen dragen.



2.4.
Voor de in vrijwaring op te roepen partijen gelden verschillende minimale dagvaardingstermijnen. Uit een oogpunt van uniformiteit zal de rechtbank bepalen dat alle in vrijwaring op te roepen partijen tegen dezelfde zittingsdatum moeten worden gedagvaard. Bij het bepalen van die zittingsdatum is rekening gehouden met de voor sommige van die partijen van toepassing zijnde termijn van artikel 115 lid 2 Rv.



2.5.
Naar het oordeel van de rechtbank kan in het incident geen van partijen als de in het ongelijk gestelde partij worden beschouwd. Daarom zullen de proceskosten worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.





3Het vervolg in de hoofdzaken

3.1.
In de conclusies van antwoord hebben Stellantis c.s. en de Autodealers in de zaak C/13/712754 / HA ZA 22-71 het verzoek gedaan SCC te bevelen de financieringsovereenkomst over te leggen. In de zaak C/13/712812 / HA ZA 22-72 hebben Stellantis c.s. en de Autodealers het verzoek gedaan de eisvermeerdering van SDEJ ter zitting van 14 maart 2023 en toegestaan bij vonnis van 16 augustus 2023 alsnog te weigeren. Daarnaast hebben Stellantis c.s. en de Autodealers nadere voorstellen voor de procesorde gedaan.



3.2.
Verder is aan de rechtbank in beide zaken, alsmede in de zaak met nummer C/13/705132 / HA ZA 21-687, door de drie Stichtingen verzocht om Stellantis c.s. op de voet van artikel 22 Rv te bevelen bepaalde gegevens te verstrekken.



3.3.
Op de hiervoor genoemde verzoeken, waarop partijen inmiddels over en weer hebben gereageerd, moet nog worden beslist. Dat zal in een afzonderlijke beslissing gebeuren. Daartoe worden de hoofdzaken verwezen naar de rol van 3 juli 2024 voor vonnis.





4De beslissing
De rechtbank



in beide zaken





in het incident



4.1.
staat de Autodealers toe om in vrijwaring te doen dagvaarden tegen de terechtzitting van 25 september 2024:


Stellantis N.V., gevestigd te Amsterdam;


Stellantis Nederland B.V., gevestigd te Amsterdam;


Stellantis Auto S.A.S., voorheen P.S.A. Automobiles S.A., gevestigd te Poissy (Frankrijk);


Automobiles Peugeot S.A., gevestigd te Poissy (Frankrijk);


Automobiles Citroën S.A.S., gevestigd te Poissy (Frankrijk);


GM Deutschland Holdings GmbH, voorheen Adam Opel GmbH, gevestigd te Rüsselsheim am Main (Duitsland);


Opel Automobile GmbH, gevestigd te Rüsselsheim am Main (Duitsland);


General Motors Holdings LLC, gevestigd te Detroit, Michigan (VS);


General Motors Company, gevestigd te Detroit, Michigan (VS);





4.2.
compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,



in de hoofdzaak




4.3.
verwijst de zaak naar de rol van 3 juli 2024 voor vonnis.


Dit vonnis is gewezen door mr. J.T. Kruis, mr. N.C.H. Blankevoort en mr. M. Wouters, rechters, bijgestaan door mr. P. Palanciyan, griffier en in het openbaar uitgesproken op 22 mei 2024.




Voor de gegevens van gedaagden 11 t/m 137 wordt verwezen naar het vonnis van 29 november 2023.


Daar waar de Autodealers ‘Automobiles Citroën S.A.’ schrijven, leest de rechtbank ‘Automobiles Citroën S.A.S.’