Rechtbank Amsterdam
ECLI:NL:RBAMS:2023:7058
2023-11-08
Civiel recht; Verbintenissenrecht
C/13/732635 / HA ZA 23-379
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Eiser vordert de contractuele boete onder de koopovereenkomst nadat koper de woning niet heeft afgenomen en eiser de koopovereenkomst daarom heeft ontbonden. Gedaagde heeft een beroep gedaan op overmacht. Dat gaat niet op. De boete wordt gematigd vanwege persoonlijke omstandigheden (matiging boete, artikel 6:94 BW).
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:2007:AZ6638 Hoge Raad 27-04-2007
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (17.280 tekens)
RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht
Zaaknummer: C/13/732635 / HA ZA 23-379
Vonnis van 8 november 2023
in de zaak van
[eiseres]
,
wonende te [woonplaats] ,
eiseres,
advocaat: mr. V.N. Gijlstra te Amsterdam,
tegen
[gedaagde]
,
gedaagde,
advocaat: mr. W.J. Tielemans te Amsterdam.
Partijen worden hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd.
1De procedure
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 13 januari 2023, met producties,
- de conclusie van antwoord,
- het tussenvonnis van 9 augustus 2023, waarin de mondelinge behandeling is bepaald,
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 27 september 2023 en de daarin genoemde stukken.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2De feiten
2.1.
[eiseres] heeft de woning van haar moeder aan de [adres] in het najaar van 2022 op basis van een volmacht via een makelaar te koop gezet.
2.2.
Op 24 oktober 2022 stuurde [gedaagde] de volgende e-mail aan de makelaar:
‘(…) Ik wil graag een bod van 542.000 aanbregen.
Mijn situatie is de volgende: ik heb het geld van het verkoop van een andere huis, het staat al op mijn rekening, en als het akkord is Kan ik direct aan de slag. Ik heb geen haast, omdat ik ook een atelier in [stadsdeel] heb, en daar woon ik tijdelijk voodat ik een huis koop. Ik hoor het graag van jullie.’
2.3.
De volgende dag heeft [eiseres] het bod van [gedaagde] aanvaard. Haar makelaar stuurde [gedaagde] die dag een e-mail met de volgende tekst:
‘(…) Bij deze kan ik onze overeenkomst inzake de koop van [adres] bevestigen. Onder de volgende voorwaarden hebben wij deze overeenkomst bereikt:- koopprijs € 542.000,- kk- geen voorbehoud verkrijging financiering- oplevering eind december 2022-koopakte zal getekend worden bij een [plaatselijke] notaris naar keuze van koopster(…)
We hebben afgesproken dat jij vandaag de keuze voor de notaris aan ons laat weten. Dan kunnen we de koopakte gaan inplannen. (…)
Zou je mij een kopie paspoort of ID-kaart kunnen sturen? (…)’
2.4.
[gedaagde] stuurde dezelfde dag nog de volgende e-mails aan de makelaar:
‘Hallo [makelaar] !
Heel bedankt!
ik zal vandaag tot 17.00 laten weten over de keuze van notaris.
Hier is mijn passpoort. (…)’
‘dag, [makelaar]
ik heb een voorkeur aan notaris [naam] (…)
bespreking van de koopakte kan via Zoom dinsdag 1 november 11.00 (…)
als we met [naam] aan de slag gaan, dan kunt u alle stuken naar haar doorsturen, en mij in de cc plaatsen? (…)’
‘Dag, [makelaar] !
Ik heb nog een vraag.
Wat kan in het appartement blijven en wat moet weg?
Kan b.v.b. de laminaat en de lampen blijven?
en misschien willen ze meubels achterlaten als ze het niet nodig hebben?. bvb de bank en de kledingkast in de slaapkamer?.
laat me aub weten.
ik heb zelf geen meubels, dus ik accepteer graag wat zie niet willen meeslepen. (…)’
2.5.
Op 4 november 2022 hebben partijen het koopcontract getekend. [gedaagde] verplichtte zich daarin om de koopsom en de waarborgsom van 10% uiterlijk op de leveringsdatum van 1 december 2022 onder de notaris te storten. Volgens artikel VI onder 3. van de Algemene Bepalingen bij de koopovereenkomst verbeurt bij ontbinding van de koop op grond van toerekenbare tekortkoming de tekortschietende partij ten behoeve van de wederpartij een zonder rechterlijke tussenkomst terstond opeisbare boete van tien procent van de koopprijs, onverminderd het recht op verdere schadevergoeding.
2.6.
Vervolgens was [gedaagde] enige tijd slecht bereikbaar voor [eiseres] . Op 30 november 2022 zei ze aan de telefoon tegen [eiseres] dat ze problemen had met het overboeken van geld van Rusland naar Nederland.
2.7.
[gedaagde] heeft de koopsom en de waarborgsom niet gestort onder de notaris. Zij is daar op 1 december 2022 niet verschenen.
2.8.
Bij deurwaardersexploot van 5 december 2022 heeft [eiseres] [gedaagde] in gebreke gesteld en haar een termijn van 8 dagen gegeven om alsnog na te komen.
2.9.
Bij brief van 6 december 2022 van haar toenmalige advocaat heeft [gedaagde] zich op overmacht beroepen. Er zouden voldoende financiële middelen beschikbaar zijn op bankrekeningen in Rusland, maar door recente regelgeving kon zij geen betalingen uit Rusland uitvoeren.
2.10.
Bij brief van haar advocaat van 15 december 2022 heeft [eiseres] de koopovereenkomst ontbonden en aanspraak gemaakt op de contractuele boete van 10%. [gedaagde] heeft de boete niet betaald.
2.11.
Op 30 december 2022 heeft [eiseres] ten laste van [gedaagde] conservatoir beslag doen leggen onder de Triodos Bank, na daartoe verkregen verlof van de voorzieningenrechter van deze rechtbank.
3Het geschil
3.1.
[eiseres] vordert - samengevat – dat [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van:
€ 54.200,- aan hoofdsom,
€ 1.593,57 aan buitengerechtelijke incassokosten,
€ 1.877,29 aan beslagkosten en de proceskosten met de nakosten,
te vermeerderen met de wettelijke rente over deze bedragen.
3.2.
[eiseres] legt aan haar vorderingen ten grondslag dat [gedaagde] verplicht is om de contractuele boete van 10% te betalen, omdat zij ook na ingebrekestelling de koopsom niet onder de notaris heeft gestort en de woning niet heeft afgenomen, waardoor [eiseres] de koopovereenkomst heeft moeten ontbinden.
3.3.
[gedaagde] heeft aangevoerd dat zij er psychisch slecht aan toe was toen zij het huis kocht. Op zo’n moment schat zij situaties te optimistisch in. Haar Nederlands was bovendien niet goed genoeg om het koopcontract volledig te kunnen begrijpen. Niemand heeft gecontroleerd of zij het wel snapte. Ook heeft niemand zich ervan vergewist of zij het geld wel had om die woning te kopen. Dat geld moest komen uit de verkoop van het huis van haar oma in Rusland en van spaargeld dat zij had verdiend met crypto. Het spaargeld heeft zij verloren op de beurs. Vanwege de sancties bleek het niet mogelijk geld vanuit Rusland naar haar Nederlandse rekening over te boeken. Begin november blokkeerde de Triodos Bank die Nederlandse rekening. De opbrengst van het huis van haar oma moest zij delen met neven en nichten. Met hen had zij afgesproken dat zij een voorschot zou ontvangen om te gebruiken voor de koop van een woning in [plaats] . Uiteindelijk is de verkoop van het huis van haar oma niet doorgegaan en wilden de neven en nichten niet meer meewerken. Als [gedaagde] de gevorderde boete moet betalen dan zou dat desastreuze gevolgen hebben voor haar leven. Ze heeft het geld niet en kan het mentaal allemaal niet meer aan. Zij lijdt aan schizofrenie en depressie en heeft last van suïcidale gedachten. [gedaagde] concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [eiseres] , met haar veroordeling in de kosten van deze procedure.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
4De beoordeling
4.1.
[gedaagde] schreef haar e-mails in vlot, zij het niet foutloos, Nederlands en maakte daarin een ‘ingeburgerde’ indruk. Zij stuurde een Nederlands paspoort toe, koos weloverwogen een notaris en zei bij het tekenen van de koopakte, zoals [eiseres] onweersproken heeft gesteld, dat zij geen tolk nodig had. [gedaagde] had gelegenheid om de inhoud van die koopakte met ‘haar’ notaris door te nemen.Bij het uitbrengen van haar bod schreef ze dat ze het geld van de verkoop van een ander huis had en dat dit al op haar rekening stond. Het is niet ongebruikelijk dat iemand een woning koopt van de opbrengst van een eerdere verkoop. Bij [eiseres] had dat dan ook geen vragen moeten oproepen. Er was voor haar ook verder geen aanleiding om te onderzoeken of het verhaal van [gedaagde] wel klopte. Al met al kon [eiseres] de verklaringen van [gedaagde] opvatten overeenkomstig de zin die zij daaraan in de gegeven omstandigheden redelijkerwijze mocht toekennen, namelijk als strekkende tot het aangaan van de koopovereenkomst van 4 november 2022.
4.2.
Alleen [gedaagde] wist dat het geld niet op haar Nederlandse bankrekening stond, maar nog uit Rusland moest komen. Toen zij de woning kocht was de oorlog in Oekraïne al maanden aan de gang en waren al de nodige sancties tegen Rusland uitgevaardigd. Die maakten het voor iemand als [gedaagde] , die niet op een sanctielijst stond, niet onmogelijk om geld uit Rusland over te laten boeken, maar het betalingsverkeer met Rusland werd er wellicht wel door bemoeilijkt. Dat had voor haar reden kunnen zijn om een ontbindende voorwaarde op te nemen of een langere termijn te bedingen, maar dat heeft zij niet gedaan.
4.3.
In werkelijkheid stond het geld nog niet eens op de Russische rekening van [gedaagde] , maar moest daartoe eerst het huis van haar oma worden verkocht en moest van haar neven en nichten, met wie zij de opbrengst moest delen, een voorschot daarop worden verkregen. De blokkering van de rekening bij de Triodos Bank – waarvan de reden overigens niet vaststaat – was er dus niet alleen de oorzaak van dat zij niet tijdig kon nakomen. Daar komt bij dat het geld eventueel ook vanuit Rusland naar de rekening van de notaris had kunnen worden overgeboekt. Het beroep op overmacht gaat dan ook niet op.
4.4.
Resteert het beroep op matiging van de boete. Artikel 6:94 BW staat matiging toe indien de billijkheid dit klaarblijkelijk eist. Het komt erop neer dat alleen plaats is voor matiging als toepassing van het boetebeding in de gegeven omstandigheden tot een buitensporig en daarom onaanvaardbaar resultaat leidt (Hoge Raad 27 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ6638).
4.5.
[eiseres] had de koopprijs nodig om een dag na de overeengekomen datum van levering een nieuw door haar gekochte woning te kunnen afnemen. Dankzij de hulp van haar familie in Japan heeft zij alsnog het geld bijeen kunnen brengen om die levering door te laten gaan. Dat heeft haar veel stress bezorgd. Op 30 december 2022 heeft zij de woning aan de [adres] kunnen verkopen aan een derde voor dezelfde prijs als [gedaagde] daarvoor had moeten betalen. Koersverschillen tussen de euro en de yen hebben haar enkele duizenden euro’s schade berokkend. Ook had zij enige tijd dubbele lasten.
4.6.
[gedaagde] was achteraf gezien duidelijk niet in orde toen zij pardoes en zonder voorbehoud een woning kocht, ofschoon zij op dat moment geen enkele zekerheid had dat ze tijdig over de daarvoor benodigde middelen kon beschikken. De gevorderde boete kan zij met geen mogelijkheid betalen. Het beslag heeft niet meer dan een kleine achtduizend euro getroffen. [gedaagde] slaapt in een atelier waarvan zij de huur niet meer kan betalen of op een boot. Of het huis van haar oma nog zal worden verkocht en hoeveel gedevalueerde roebels zij daaraan dan zal overhouden is volstrekt ongewis. Belangrijkste is echter haar mentale gesteldheid, die niet alleen tot deze onverantwoorde aankoop heeft geleid, maar haar ook enige tijd in een kliniek in Rusland heeft doen belanden en die suïcidale aspecten heeft.
4.7.
Onder deze omstandigheden zou onverkorte toepassing van het boetebeding inderdaad tot een buitensporig en daarom onaanvaardbaar resultaat leiden. De boete zal daarom worden gematigd tot € 15.000,00.
4.8.
De gevorderde beslagkosten zijn gelet op het bepaalde in artikel 706 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering toewijsbaar. Deze worden begroot op:
- verschotten € 763,29
- salaris advocaat € 1.183,00 (1 punt x € 1.183,00)
Totaal € 1.946,29
4.9.
[eiseres] maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. Op die vordering is het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van toepassing. [eiseres] heeft aan [gedaagde] een aanmaning gestuurd die voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW.Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en zal worden toegewezen.
4.10.
[gedaagde] is de partij die op hoofdpunten ongelijk krijgt en zij zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. Tot aan dit vonnis worden de proceskosten aan de zijde van [eiseres] als volgt vastgesteld:
- kosten van de dagvaarding
€
130,67
- griffierecht
€
987,00
- salaris advocaat
€
1.196,00
(2 punten × € 598,00)
Totaal
€
2.313,67
4.11.
De gevorderde veroordeling in de nakosten is toewijsbaar voor zover deze kosten op dit moment kunnen worden begroot. De nakosten zullen dan ook worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing vermeld.
4.12.
De gevorderde wettelijke rente over de kosten zal als onweersproken worden toegewezen.
5De beslissing
De rechtbank
5.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 15.000,00 (vijftienduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 15 december 2022 tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 1.946,29 (negentienhonderdzesenveertig euro en negenentwintig eurocent) aan beslagkosten, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover als bedoeld in artikel 6:119 BW met ingang van de vijftiende dag na betekening van deze uitspraak, tot de dag van volledige betaling,
5.3.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 1.593,57 (vijftienhonderddrieënnegentig euro en zevenenvijftig eurocent) aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 13 januari 2023 tot aan de dag van volledige betaling,
5.4.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van [eiseres] tot dit vonnis vastgesteld op € 2.313,67 (drieëntwintighonderddertien euro en zevenenzestig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover als bedoeld in artikel 6:119 BW met ingang van de vijftiende dag na betekening van deze uitspraak tot de dag van volledige betaling,
5.5.
veroordeelt [gedaagde] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op:
- € 173,00 aan salaris advocaat,
- te vermeerderen met € 90,00 aan salaris advocaat en met de explootkosten als [gedaagde] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden,
- en te vermeerderen met de wettelijke rente daarover als bedoeld in artikel 6:119 BW met ingang van de vijftiende dag na betekening van deze uitspraak tot de dag van volledige betaling,
5.6.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
5.7.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. Beukenhorst, rechter in deze rechtbank, bijgestaan door T. Kok als griffier, en in het openbaar uitgesproken op 8 november 2023.
Civiel recht
Zaaknummer: C/13/732635 / HA ZA 23-379
Vonnis van 8 november 2023
in de zaak van
[eiseres]
,
wonende te [woonplaats] ,
eiseres,
advocaat: mr. V.N. Gijlstra te Amsterdam,
tegen
[gedaagde]
,
gedaagde,
advocaat: mr. W.J. Tielemans te Amsterdam.
Partijen worden hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd.
1De procedure
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 13 januari 2023, met producties,
- de conclusie van antwoord,
- het tussenvonnis van 9 augustus 2023, waarin de mondelinge behandeling is bepaald,
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 27 september 2023 en de daarin genoemde stukken.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2De feiten
2.1.
[eiseres] heeft de woning van haar moeder aan de [adres] in het najaar van 2022 op basis van een volmacht via een makelaar te koop gezet.
2.2.
Op 24 oktober 2022 stuurde [gedaagde] de volgende e-mail aan de makelaar:
‘(…) Ik wil graag een bod van 542.000 aanbregen.
Mijn situatie is de volgende: ik heb het geld van het verkoop van een andere huis, het staat al op mijn rekening, en als het akkord is Kan ik direct aan de slag. Ik heb geen haast, omdat ik ook een atelier in [stadsdeel] heb, en daar woon ik tijdelijk voodat ik een huis koop. Ik hoor het graag van jullie.’
2.3.
De volgende dag heeft [eiseres] het bod van [gedaagde] aanvaard. Haar makelaar stuurde [gedaagde] die dag een e-mail met de volgende tekst:
‘(…) Bij deze kan ik onze overeenkomst inzake de koop van [adres] bevestigen. Onder de volgende voorwaarden hebben wij deze overeenkomst bereikt:- koopprijs € 542.000,- kk- geen voorbehoud verkrijging financiering- oplevering eind december 2022-koopakte zal getekend worden bij een [plaatselijke] notaris naar keuze van koopster(…)
We hebben afgesproken dat jij vandaag de keuze voor de notaris aan ons laat weten. Dan kunnen we de koopakte gaan inplannen. (…)
Zou je mij een kopie paspoort of ID-kaart kunnen sturen? (…)’
2.4.
[gedaagde] stuurde dezelfde dag nog de volgende e-mails aan de makelaar:
‘Hallo [makelaar] !
Heel bedankt!
ik zal vandaag tot 17.00 laten weten over de keuze van notaris.
Hier is mijn passpoort. (…)’
‘dag, [makelaar]
ik heb een voorkeur aan notaris [naam] (…)
bespreking van de koopakte kan via Zoom dinsdag 1 november 11.00 (…)
als we met [naam] aan de slag gaan, dan kunt u alle stuken naar haar doorsturen, en mij in de cc plaatsen? (…)’
‘Dag, [makelaar] !
Ik heb nog een vraag.
Wat kan in het appartement blijven en wat moet weg?
Kan b.v.b. de laminaat en de lampen blijven?
en misschien willen ze meubels achterlaten als ze het niet nodig hebben?. bvb de bank en de kledingkast in de slaapkamer?.
laat me aub weten.
ik heb zelf geen meubels, dus ik accepteer graag wat zie niet willen meeslepen. (…)’
2.5.
Op 4 november 2022 hebben partijen het koopcontract getekend. [gedaagde] verplichtte zich daarin om de koopsom en de waarborgsom van 10% uiterlijk op de leveringsdatum van 1 december 2022 onder de notaris te storten. Volgens artikel VI onder 3. van de Algemene Bepalingen bij de koopovereenkomst verbeurt bij ontbinding van de koop op grond van toerekenbare tekortkoming de tekortschietende partij ten behoeve van de wederpartij een zonder rechterlijke tussenkomst terstond opeisbare boete van tien procent van de koopprijs, onverminderd het recht op verdere schadevergoeding.
2.6.
Vervolgens was [gedaagde] enige tijd slecht bereikbaar voor [eiseres] . Op 30 november 2022 zei ze aan de telefoon tegen [eiseres] dat ze problemen had met het overboeken van geld van Rusland naar Nederland.
2.7.
[gedaagde] heeft de koopsom en de waarborgsom niet gestort onder de notaris. Zij is daar op 1 december 2022 niet verschenen.
2.8.
Bij deurwaardersexploot van 5 december 2022 heeft [eiseres] [gedaagde] in gebreke gesteld en haar een termijn van 8 dagen gegeven om alsnog na te komen.
2.9.
Bij brief van 6 december 2022 van haar toenmalige advocaat heeft [gedaagde] zich op overmacht beroepen. Er zouden voldoende financiële middelen beschikbaar zijn op bankrekeningen in Rusland, maar door recente regelgeving kon zij geen betalingen uit Rusland uitvoeren.
2.10.
Bij brief van haar advocaat van 15 december 2022 heeft [eiseres] de koopovereenkomst ontbonden en aanspraak gemaakt op de contractuele boete van 10%. [gedaagde] heeft de boete niet betaald.
2.11.
Op 30 december 2022 heeft [eiseres] ten laste van [gedaagde] conservatoir beslag doen leggen onder de Triodos Bank, na daartoe verkregen verlof van de voorzieningenrechter van deze rechtbank.
3Het geschil
3.1.
[eiseres] vordert - samengevat – dat [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van:
€ 54.200,- aan hoofdsom,
€ 1.593,57 aan buitengerechtelijke incassokosten,
€ 1.877,29 aan beslagkosten en de proceskosten met de nakosten,
te vermeerderen met de wettelijke rente over deze bedragen.
3.2.
[eiseres] legt aan haar vorderingen ten grondslag dat [gedaagde] verplicht is om de contractuele boete van 10% te betalen, omdat zij ook na ingebrekestelling de koopsom niet onder de notaris heeft gestort en de woning niet heeft afgenomen, waardoor [eiseres] de koopovereenkomst heeft moeten ontbinden.
3.3.
[gedaagde] heeft aangevoerd dat zij er psychisch slecht aan toe was toen zij het huis kocht. Op zo’n moment schat zij situaties te optimistisch in. Haar Nederlands was bovendien niet goed genoeg om het koopcontract volledig te kunnen begrijpen. Niemand heeft gecontroleerd of zij het wel snapte. Ook heeft niemand zich ervan vergewist of zij het geld wel had om die woning te kopen. Dat geld moest komen uit de verkoop van het huis van haar oma in Rusland en van spaargeld dat zij had verdiend met crypto. Het spaargeld heeft zij verloren op de beurs. Vanwege de sancties bleek het niet mogelijk geld vanuit Rusland naar haar Nederlandse rekening over te boeken. Begin november blokkeerde de Triodos Bank die Nederlandse rekening. De opbrengst van het huis van haar oma moest zij delen met neven en nichten. Met hen had zij afgesproken dat zij een voorschot zou ontvangen om te gebruiken voor de koop van een woning in [plaats] . Uiteindelijk is de verkoop van het huis van haar oma niet doorgegaan en wilden de neven en nichten niet meer meewerken. Als [gedaagde] de gevorderde boete moet betalen dan zou dat desastreuze gevolgen hebben voor haar leven. Ze heeft het geld niet en kan het mentaal allemaal niet meer aan. Zij lijdt aan schizofrenie en depressie en heeft last van suïcidale gedachten. [gedaagde] concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [eiseres] , met haar veroordeling in de kosten van deze procedure.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
4De beoordeling
4.1.
[gedaagde] schreef haar e-mails in vlot, zij het niet foutloos, Nederlands en maakte daarin een ‘ingeburgerde’ indruk. Zij stuurde een Nederlands paspoort toe, koos weloverwogen een notaris en zei bij het tekenen van de koopakte, zoals [eiseres] onweersproken heeft gesteld, dat zij geen tolk nodig had. [gedaagde] had gelegenheid om de inhoud van die koopakte met ‘haar’ notaris door te nemen.Bij het uitbrengen van haar bod schreef ze dat ze het geld van de verkoop van een ander huis had en dat dit al op haar rekening stond. Het is niet ongebruikelijk dat iemand een woning koopt van de opbrengst van een eerdere verkoop. Bij [eiseres] had dat dan ook geen vragen moeten oproepen. Er was voor haar ook verder geen aanleiding om te onderzoeken of het verhaal van [gedaagde] wel klopte. Al met al kon [eiseres] de verklaringen van [gedaagde] opvatten overeenkomstig de zin die zij daaraan in de gegeven omstandigheden redelijkerwijze mocht toekennen, namelijk als strekkende tot het aangaan van de koopovereenkomst van 4 november 2022.
4.2.
Alleen [gedaagde] wist dat het geld niet op haar Nederlandse bankrekening stond, maar nog uit Rusland moest komen. Toen zij de woning kocht was de oorlog in Oekraïne al maanden aan de gang en waren al de nodige sancties tegen Rusland uitgevaardigd. Die maakten het voor iemand als [gedaagde] , die niet op een sanctielijst stond, niet onmogelijk om geld uit Rusland over te laten boeken, maar het betalingsverkeer met Rusland werd er wellicht wel door bemoeilijkt. Dat had voor haar reden kunnen zijn om een ontbindende voorwaarde op te nemen of een langere termijn te bedingen, maar dat heeft zij niet gedaan.
4.3.
In werkelijkheid stond het geld nog niet eens op de Russische rekening van [gedaagde] , maar moest daartoe eerst het huis van haar oma worden verkocht en moest van haar neven en nichten, met wie zij de opbrengst moest delen, een voorschot daarop worden verkregen. De blokkering van de rekening bij de Triodos Bank – waarvan de reden overigens niet vaststaat – was er dus niet alleen de oorzaak van dat zij niet tijdig kon nakomen. Daar komt bij dat het geld eventueel ook vanuit Rusland naar de rekening van de notaris had kunnen worden overgeboekt. Het beroep op overmacht gaat dan ook niet op.
4.4.
Resteert het beroep op matiging van de boete. Artikel 6:94 BW staat matiging toe indien de billijkheid dit klaarblijkelijk eist. Het komt erop neer dat alleen plaats is voor matiging als toepassing van het boetebeding in de gegeven omstandigheden tot een buitensporig en daarom onaanvaardbaar resultaat leidt (Hoge Raad 27 april 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ6638).
4.5.
[eiseres] had de koopprijs nodig om een dag na de overeengekomen datum van levering een nieuw door haar gekochte woning te kunnen afnemen. Dankzij de hulp van haar familie in Japan heeft zij alsnog het geld bijeen kunnen brengen om die levering door te laten gaan. Dat heeft haar veel stress bezorgd. Op 30 december 2022 heeft zij de woning aan de [adres] kunnen verkopen aan een derde voor dezelfde prijs als [gedaagde] daarvoor had moeten betalen. Koersverschillen tussen de euro en de yen hebben haar enkele duizenden euro’s schade berokkend. Ook had zij enige tijd dubbele lasten.
4.6.
[gedaagde] was achteraf gezien duidelijk niet in orde toen zij pardoes en zonder voorbehoud een woning kocht, ofschoon zij op dat moment geen enkele zekerheid had dat ze tijdig over de daarvoor benodigde middelen kon beschikken. De gevorderde boete kan zij met geen mogelijkheid betalen. Het beslag heeft niet meer dan een kleine achtduizend euro getroffen. [gedaagde] slaapt in een atelier waarvan zij de huur niet meer kan betalen of op een boot. Of het huis van haar oma nog zal worden verkocht en hoeveel gedevalueerde roebels zij daaraan dan zal overhouden is volstrekt ongewis. Belangrijkste is echter haar mentale gesteldheid, die niet alleen tot deze onverantwoorde aankoop heeft geleid, maar haar ook enige tijd in een kliniek in Rusland heeft doen belanden en die suïcidale aspecten heeft.
4.7.
Onder deze omstandigheden zou onverkorte toepassing van het boetebeding inderdaad tot een buitensporig en daarom onaanvaardbaar resultaat leiden. De boete zal daarom worden gematigd tot € 15.000,00.
4.8.
De gevorderde beslagkosten zijn gelet op het bepaalde in artikel 706 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering toewijsbaar. Deze worden begroot op:
- verschotten € 763,29
- salaris advocaat € 1.183,00 (1 punt x € 1.183,00)
Totaal € 1.946,29
4.9.
[eiseres] maakt aanspraak op de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. Op die vordering is het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten van toepassing. [eiseres] heeft aan [gedaagde] een aanmaning gestuurd die voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW.Het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten komt overeen met het in het Besluit bepaalde tarief en zal worden toegewezen.
4.10.
[gedaagde] is de partij die op hoofdpunten ongelijk krijgt en zij zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. Tot aan dit vonnis worden de proceskosten aan de zijde van [eiseres] als volgt vastgesteld:
- kosten van de dagvaarding
€
130,67
- griffierecht
€
987,00
- salaris advocaat
€
1.196,00
(2 punten × € 598,00)
Totaal
€
2.313,67
4.11.
De gevorderde veroordeling in de nakosten is toewijsbaar voor zover deze kosten op dit moment kunnen worden begroot. De nakosten zullen dan ook worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing vermeld.
4.12.
De gevorderde wettelijke rente over de kosten zal als onweersproken worden toegewezen.
5De beslissing
De rechtbank
5.1.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 15.000,00 (vijftienduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 15 december 2022 tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 1.946,29 (negentienhonderdzesenveertig euro en negenentwintig eurocent) aan beslagkosten, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover als bedoeld in artikel 6:119 BW met ingang van de vijftiende dag na betekening van deze uitspraak, tot de dag van volledige betaling,
5.3.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 1.593,57 (vijftienhonderddrieënnegentig euro en zevenenvijftig eurocent) aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf 13 januari 2023 tot aan de dag van volledige betaling,
5.4.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van [eiseres] tot dit vonnis vastgesteld op € 2.313,67 (drieëntwintighonderddertien euro en zevenenzestig eurocent), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover als bedoeld in artikel 6:119 BW met ingang van de vijftiende dag na betekening van deze uitspraak tot de dag van volledige betaling,
5.5.
veroordeelt [gedaagde] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op:
- € 173,00 aan salaris advocaat,
- te vermeerderen met € 90,00 aan salaris advocaat en met de explootkosten als [gedaagde] niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden,
- en te vermeerderen met de wettelijke rente daarover als bedoeld in artikel 6:119 BW met ingang van de vijftiende dag na betekening van deze uitspraak tot de dag van volledige betaling,
5.6.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
5.7.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. Beukenhorst, rechter in deze rechtbank, bijgestaan door T. Kok als griffier, en in het openbaar uitgesproken op 8 november 2023.