Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Rechtbank Alkmaar

ECLI:NL:RBALK:2008:BD3894

2008-05-29 Civiel recht; Personen- en familierecht 100262 / ES RK 08-165
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Rechtbank Alkmaar
Uitspraakdatum
2008-05-29
Publicatiedatum
2013-04-05
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
100262 / ES RK 08-165
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Sinds 1 juni 2001 komt op grond van het bepaalde in artikel 1:173 lid 1 BW een scheiding van tafel en bed tot stand door inschrijving van de beschikking in het huwelijksgoederenregister. Lid 3 van artikel 1:173 BW bepaalt dat indien het verzoek om inschrijving niet is gedaan uiterlijk zes maanden na de dag waarop de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan, de beschikking haar kracht verliest. Deze rechtbank heeft bij beschikking van 4 juli 2002 de scheiding van tafel en bed uitgesproken. Gebleken is dat de beschikking van 4 juli 2002 op 15 april 2008 onder nummer 08.399 is ingeschreven in het huwelijksgoederenregister ter griffie van de rechtbank Amsterdam. Blijkens de verklaring van de griffier van deze rechtbank van 17 juli 2002 (waaruit blijkt dat verzoekers berusten in de beschikking waarbij de scheiding van tafel en bed is uitgesproken) is de termijn van zes maanden ingegaan op 17 juli 2002, zodat inschrijving niet binnen zes maanden heeft plaatsgevonden. De beschikking houdende scheiding van tafel en bed heeft daarmee haar kracht verloren. De vrouw wordt niet-ontvankelijk verklaard in het verzoek tot ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.350 tekens)
RECHTBANK TE ALKMAAR


Sector civiel recht
BB



zaak- en rekestnummer: 100262 / ES RK 08-165
datum: 29 mei 2008


Beschikking van de enkelvoudige kamer voor de behandeling van burgerlijke zaken

in de zaak van:


[naam vrouw],
wonende te Hoorn,
verzoekende partij,
procureur mr. A.J. Butter,


tegen:


[naam man],
wonende te Hoorn,
gerekwestreerde,
niet verschenen.


Partijen zullen verder ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

HET VERLOOP VAN DE PROCEDURE

Ter griffie van deze rechtbank is op 8 februari 2008 het inleidende verzoekschrift van de vrouw ingekomen waarin wordt verzocht tussen partijen, Nederlanders, ontbinding van het huwelijk uit te spreken.

De man heeft geen verweerschrift ingediend.

Er is een verklaring van de man ingekomen waaruit blijkt dat hij kennis heeft genomen van het verzoekschrift en dat hij geen verweer zal voeren.

Bij brieven van de griffier van 4 april 2008 en 8 mei 2008 is aan de procureur van de vrouw verzocht over te leggen een bewijs van inschrijving in het huwelijksgoederenregister van de beschikking van 4 juli 2002 van deze rechtbank waarbij tussen partijen de scheiding van tafel en bed is uitgesproken.

DE BEHANDELING VAN DE ZAAK

Uit de stukken is het volgende komen vast te staan.

Bij beschikking van deze rechtbank van 4 juli 2002 is op hun gemeenschappelijk verzoek tussen partijen de scheiding van tafel en bed uitgesproken. Uit een verklaring van de griffier van deze rechtbank van 17 juli 2002 blijkt dat verzoekers in die beschikking berusten. Nadat de vrouw niet had voldaan aan het verzoek van de griffier zoals gedaan bij brief van 4 april 2008, heeft zij naar aanleiding van de brief van de griffier van 8 mei 2008 bij brief van 22 mei 2008 overgelegd een bewijs dat de beschikking van 4 juli 2002 op 15 april 2008 onder nummer 08.399 is ingeschreven in het huwelijksgoederenregister ter griffie van de (arrondissements)rechtbank te Amsterdam.

De rechtbank oordeelt als volgt.

Sinds 1 juni 2001 komt op grond van het bepaalde in artikel 173 lid 1 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek een scheiding van tafel en bed tot stand door inschrijving van de beschikking in het huwelijksgoederenregister. Lid 3 van artikel 1:173 BW bepaalt dat indien het verzoek om inschrijving niet is gedaan uiterlijk zes maanden na de dag waarop de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan, de beschikking haar kracht verliest.

Blijkens de verklaring van de griffier is de termijn van zes maanden ingegaan op 17 juli 2002, zodat inschrijving niet binnen zes maanden heeft plaatsgevonden. De beschikking houdende scheiding van tafel en bed heeft daarmee haar kracht verloren.

De vrouw zal derhalve niet-ontvankelijk worden verklaard in het verzoek.

DE BESLISSING

De rechtbank :

Verklaart de vrouw niet-ontvankelijk in het verzoek tot ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed.


coll.:
Deze beschikking is gegeven door mr. H.E.C. de Wit, lid van gemelde kamer, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van DONDERDAG 29 mei 2008, in tegenwoordigheid van de griffier.