Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
ECLI:NL:OGEABES:2026:191
2026-08-05
Civiel recht; Personen- en familierecht
BON202600416
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Gezamenlijk verzoek echtscheiding met nevenvoorzieningen
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (3.595 tekens)
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire
Registratienummer: BON202600416
Datum uitspraak: 5 augustus 2026
BESCHIKKING
op het gemeenschappelijk verzoek van:
1[verzoeker 1],
2. [verzoeker 2],
beiden wonende te Bonaire en verzoekers,
gemachtigde: mr. A.T.C. Nicolaas.
1Het procesverloop
1.1.
Het verzoekschrift is op 28 juli 2026 op de griffie ingediend.
1.2.
De rechter heeft bepaald dat een mondelinge behandeling van het verzoek achterwege kan blijven.
1.3.
De beschikking is bepaald op vandaag.
2De feiten
2.1.
Verzoekers zijn op [datum] 2021 te [plaats] met elkaar getrouwd.
2.2.
Uit de relatie tussen verzoekers zijn de volgende nu nog minderjarige kinderen geboren:
- [de minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] 2011 te [geboorteplaats] ([geboorteland), hierna: [de minderjarige 1];
- [de minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] 2016 te [geboorteplaats], hierna: [de minderjarige 2].
2.3.
Verzoekers hebben op 9 april 2026 een echtscheidingsconvenant met elkaar gesloten.
3De beoordeling
3.1.
Het verzoek betreft het uitspreken van de echtscheiding tussen verzoekers en tot opneming van het echtscheidingsconvenant door aanhechting aan deze beschikking.
3.2.
Als onbestreden tussen verzoekers staat vast dat hun huwelijk duurzaam is ontwricht. Het gezamenlijk verzoek tot echtscheiding zal als op de wet gegrond worden toegewezen (artikel 1:154 BW BES).
3.3.
In het echtscheidingsconvenant hebben partijen afspraken gemaakt over de voortzetting van het gezamenlijk gezag over [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2]. Uitgangspunt is dat ouders na beëindiging van het huwelijk gezamenlijk met het ouderlijk gezag belast blijven. Nu partijen in het convenant zijn overeengekomen dat zij gezamenlijk belast willen blijven met het ouderlijk gezag over [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2], zal het gerecht dienovereenkomstig beslissen.
3.4.
Het echtscheidingsconvenant zal aan deze beschikking worden gehecht en daarvan deel uitmaken (artikel 819 Rv BES).
4De beslissing
Het gerecht:
4.1.
spreekt de echtscheiding uit tussen verzoekers, getrouwd op [datum] 2021 te [plaats];
4.2.
bepaalt dat de ouders, na de beëindiging van het huwelijk, gezamenlijk belast blijven met het gezag over de nu nog minderjarige kinderen [de minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] 2011 te [geboorteplaats] ([geboorteland) en [de minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] 2016 te [geboorteplaats];
4.3.
verstaat dat de griffier de gezagsbeslissing onder 4.2. aantekent in het gezagsregister;
4.4.
bepaalt dat de getroffen onderlinge regelingen uit het aangehechte en door de griffier gewaarmerkte door verzoekers op 9 april 2026 ondertekende echtscheidingsconvenant deel uitmaken van deze beschikking;
Deze beschikking is gegeven door mr. H.L. Wattel, rechter, en op 5 augustus 2026 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.
Registratienummer: BON202600416
Datum uitspraak: 5 augustus 2026
BESCHIKKING
op het gemeenschappelijk verzoek van:
1[verzoeker 1],
2. [verzoeker 2],
beiden wonende te Bonaire en verzoekers,
gemachtigde: mr. A.T.C. Nicolaas.
1Het procesverloop
1.1.
Het verzoekschrift is op 28 juli 2026 op de griffie ingediend.
1.2.
De rechter heeft bepaald dat een mondelinge behandeling van het verzoek achterwege kan blijven.
1.3.
De beschikking is bepaald op vandaag.
2De feiten
2.1.
Verzoekers zijn op [datum] 2021 te [plaats] met elkaar getrouwd.
2.2.
Uit de relatie tussen verzoekers zijn de volgende nu nog minderjarige kinderen geboren:
- [de minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] 2011 te [geboorteplaats] ([geboorteland), hierna: [de minderjarige 1];
- [de minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] 2016 te [geboorteplaats], hierna: [de minderjarige 2].
2.3.
Verzoekers hebben op 9 april 2026 een echtscheidingsconvenant met elkaar gesloten.
3De beoordeling
3.1.
Het verzoek betreft het uitspreken van de echtscheiding tussen verzoekers en tot opneming van het echtscheidingsconvenant door aanhechting aan deze beschikking.
3.2.
Als onbestreden tussen verzoekers staat vast dat hun huwelijk duurzaam is ontwricht. Het gezamenlijk verzoek tot echtscheiding zal als op de wet gegrond worden toegewezen (artikel 1:154 BW BES).
3.3.
In het echtscheidingsconvenant hebben partijen afspraken gemaakt over de voortzetting van het gezamenlijk gezag over [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2]. Uitgangspunt is dat ouders na beëindiging van het huwelijk gezamenlijk met het ouderlijk gezag belast blijven. Nu partijen in het convenant zijn overeengekomen dat zij gezamenlijk belast willen blijven met het ouderlijk gezag over [de minderjarige 1] en [de minderjarige 2], zal het gerecht dienovereenkomstig beslissen.
3.4.
Het echtscheidingsconvenant zal aan deze beschikking worden gehecht en daarvan deel uitmaken (artikel 819 Rv BES).
4De beslissing
Het gerecht:
4.1.
spreekt de echtscheiding uit tussen verzoekers, getrouwd op [datum] 2021 te [plaats];
4.2.
bepaalt dat de ouders, na de beëindiging van het huwelijk, gezamenlijk belast blijven met het gezag over de nu nog minderjarige kinderen [de minderjarige 1], geboren op [geboortedatum] 2011 te [geboorteplaats] ([geboorteland) en [de minderjarige 2], geboren op [geboortedatum] 2016 te [geboorteplaats];
4.3.
verstaat dat de griffier de gezagsbeslissing onder 4.2. aantekent in het gezagsregister;
4.4.
bepaalt dat de getroffen onderlinge regelingen uit het aangehechte en door de griffier gewaarmerkte door verzoekers op 9 april 2026 ondertekende echtscheidingsconvenant deel uitmaken van deze beschikking;
Deze beschikking is gegeven door mr. H.L. Wattel, rechter, en op 5 augustus 2026 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.