Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
ECLI:NL:OGEABES:2026:145
2026-06-19
Civiel recht; Personen- en familierecht
BON202600228
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Verlenging ondertoezichtstelling minderjarige voor een jaar.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (4.545 tekens)
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire
Registratienummers: BON202500228
datum beslissing: 19 juni 2026
op verzoek van:
ZORG EN JEUGD CARIBISCH NEDERLAND,
gevestigd te Bonaire,hierna ook: ZJCN,
met betrekking tot de minderjarige:
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2025 te [geboorteplaats], hierna: [de minderjarige].
Als belanghebbenden worden aangemerkt:
[de moeder],
wonende te Bonaire,hierna: de moeder,
en
[de vader],
wonende te Bonaire,
hierna: de vader.
1De procedure
1.1.
Het verzoekschrift van ZJCN is met bijlagen op 22 mei 2026 ingediend op de griffie van dit gerecht.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 19 juni 2026. De moeder is verschenen. De vader is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Namens de Voogdijraad is mevrouw [medewerker voogdijraad] verschenen en namens ZJCN zijn mevrouw [medewerker ZJCN 1] en mevrouw [medewerker ZJCN 2] verschenen.
1.3.
Na de zitting heeft de rechter direct mondeling uitspraak gedaan.
2Het verzoek en de beoordeling.
Het verzoek
2.1.
ZJCN heeft verzocht de ondertoezichtstelling van [de minderjarige] met een jaar te verlengen. De ouders hebben, samen met de kinderen in het gezin, intensief met de hulpverleningsinstanties samengewerkt en er zijn positieve ontwikkelingen te zien zijn in het gezinssysteem. Zonder het gedwongen kader is het risico dat moeder zich terugtrekt wanneer het een periode goed gaat. Het gezinssysteem is nog te kwetsbaar om de ondertoezichtstelling te beëindigen.
De beoordeling
2.2.
Op grond van artikel 1:254 BW BES juncto artikel 1:258 lid 1 BW BES kan de rechter in eerste aanleg een minderjarige onder toezicht stellen als die zodanig opgroeit, dat zijn zedelijke of geestelijke belangen of zijn gezondheid ernstig worden bedreigd, en andere middelen ter afwending van deze bedreiging hebben gefaald of, naar is te voorzien, zullen falen. De termijn van de ondertoezichtstelling beslaat ten hoogste een jaar en kan telkens door de rechter in eerste aanleg verlengd worden met ten hoogste een jaar.
2.3.
Bij de beschikking van dit gerecht van 25 juni 2025 is [de minderjarige] onder toezicht gesteld van ZJCN. De andere twee kinderen uit het gezin, [kind 1] en [kind 2], zijn ook onder toezicht gesteld en uit huis geplaatst bij Stichting Project. Daar wordt in een aparte beschikking over beslist.
2.4.
In het verzoekschrift en ter zitting heeft ZJCN uiteengezet dat, hoewel in de afgelopen periode positieve ontwikkelingen in het gezinssysteem zichtbaar zijn, nog steeds sprake is van een ernstige ontwikkelingsbedreiging van de kinderen in het gezin. De moeder is bereid mee te werken en het gezin werkt daarom intensief samen met de hulpverleningsinstanties.
2.5.
Op grond van het voorgaande is het gerecht van oordeel dat de gronden voor de ondertoezichtstelling nog onverminderd aanwezig zijn. Het gezinssysteem blijkt nog te kwetsbaar om gedwongen hulpverlening los te laten. Het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling voor de duur van een jaar zal daarom worden toegewezen.
3
3. De beslissing
Het gerecht:
3.1.
verlengt de ondertoezichtstelling van de minderjarige:
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2025 te [geboorteplaats], voor de duur van een jaar, dat wil zeggen tot 25 juni 2027 en bepaalt dat ZJCN belast blijft met het toezicht;
3.2.
verstaat dat de griffier de beslissing onder 3.1 aantekent in het gezagsregister;
3.3.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gewezen door mr. R.P.P. Hoekstra, rechter, en is op 19 juni 2026 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier en op 2 juli 2026 op schrift gesteld.
Registratienummers: BON202500228
datum beslissing: 19 juni 2026
op verzoek van:
ZORG EN JEUGD CARIBISCH NEDERLAND,
gevestigd te Bonaire,hierna ook: ZJCN,
met betrekking tot de minderjarige:
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2025 te [geboorteplaats], hierna: [de minderjarige].
Als belanghebbenden worden aangemerkt:
[de moeder],
wonende te Bonaire,hierna: de moeder,
en
[de vader],
wonende te Bonaire,
hierna: de vader.
1De procedure
1.1.
Het verzoekschrift van ZJCN is met bijlagen op 22 mei 2026 ingediend op de griffie van dit gerecht.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 19 juni 2026. De moeder is verschenen. De vader is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen. Namens de Voogdijraad is mevrouw [medewerker voogdijraad] verschenen en namens ZJCN zijn mevrouw [medewerker ZJCN 1] en mevrouw [medewerker ZJCN 2] verschenen.
1.3.
Na de zitting heeft de rechter direct mondeling uitspraak gedaan.
2Het verzoek en de beoordeling.
Het verzoek
2.1.
ZJCN heeft verzocht de ondertoezichtstelling van [de minderjarige] met een jaar te verlengen. De ouders hebben, samen met de kinderen in het gezin, intensief met de hulpverleningsinstanties samengewerkt en er zijn positieve ontwikkelingen te zien zijn in het gezinssysteem. Zonder het gedwongen kader is het risico dat moeder zich terugtrekt wanneer het een periode goed gaat. Het gezinssysteem is nog te kwetsbaar om de ondertoezichtstelling te beëindigen.
De beoordeling
2.2.
Op grond van artikel 1:254 BW BES juncto artikel 1:258 lid 1 BW BES kan de rechter in eerste aanleg een minderjarige onder toezicht stellen als die zodanig opgroeit, dat zijn zedelijke of geestelijke belangen of zijn gezondheid ernstig worden bedreigd, en andere middelen ter afwending van deze bedreiging hebben gefaald of, naar is te voorzien, zullen falen. De termijn van de ondertoezichtstelling beslaat ten hoogste een jaar en kan telkens door de rechter in eerste aanleg verlengd worden met ten hoogste een jaar.
2.3.
Bij de beschikking van dit gerecht van 25 juni 2025 is [de minderjarige] onder toezicht gesteld van ZJCN. De andere twee kinderen uit het gezin, [kind 1] en [kind 2], zijn ook onder toezicht gesteld en uit huis geplaatst bij Stichting Project. Daar wordt in een aparte beschikking over beslist.
2.4.
In het verzoekschrift en ter zitting heeft ZJCN uiteengezet dat, hoewel in de afgelopen periode positieve ontwikkelingen in het gezinssysteem zichtbaar zijn, nog steeds sprake is van een ernstige ontwikkelingsbedreiging van de kinderen in het gezin. De moeder is bereid mee te werken en het gezin werkt daarom intensief samen met de hulpverleningsinstanties.
2.5.
Op grond van het voorgaande is het gerecht van oordeel dat de gronden voor de ondertoezichtstelling nog onverminderd aanwezig zijn. Het gezinssysteem blijkt nog te kwetsbaar om gedwongen hulpverlening los te laten. Het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling voor de duur van een jaar zal daarom worden toegewezen.
3
3. De beslissing
Het gerecht:
3.1.
verlengt de ondertoezichtstelling van de minderjarige:
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2025 te [geboorteplaats], voor de duur van een jaar, dat wil zeggen tot 25 juni 2027 en bepaalt dat ZJCN belast blijft met het toezicht;
3.2.
verstaat dat de griffier de beslissing onder 3.1 aantekent in het gezagsregister;
3.3.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gewezen door mr. R.P.P. Hoekstra, rechter, en is op 19 juni 2026 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier en op 2 juli 2026 op schrift gesteld.