Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

ECLI:NL:OGEABES:2025:15

2025-01-29 Civiel recht BON202400425
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Uitspraakdatum
2025-01-29
Publicatiedatum
2025-04-14
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Zaaknummer
BON202400425
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Het gerecht spreekt de echtscheiding uit tussen partijen omdat het huwelijk duurzaam is ontwricht.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (4.821 tekens)
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire


Registratienummer: BON202400425
Datum uitspraak: 29 januari 2025




BESCHIKKING




op verzoek van:




[verzoekster],
wonende te Bonaire,hierna: de vrouw,
gemachtigde: mr. M.M.A. van Lieshout,

tegen




[verweerder],

wonende te Bonaire,hierna: de man,
in persoon.






1Het procesverloop


1.1.

Het gerecht heeft de volgende stukken ontvangen:
- het verzoekschrift met bijlage van de vrouw, ingekomen op 13 september 2024.




1.2.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 18 december 2024. Daarbij zijn verschenen de vrouw met haar gemachtigde voornoemd en de man.
Bij aanvang van de mondelinge behandeling heeft de gemachtigde van de vrouw verzocht om de zaak te behandelen buiten aanwezigheid van de in de zittingszaal aanwezige zoon van partijen. Gelet op het besloten karakter van de zitting is dat verzoek toegestaan. De zoon heeft de zaal daarop, onder protest omdat hij een schrijven wilde overhandigen, verlaten.




1.3.
De beschikking is bepaald op vandaag.






2De feiten


2.1.
Partijen zijn op 26 december 1978 te Bonaire in algehele gemeenschap van goederen met elkaar gehuwd.



2.2.
Uit dit huwelijk zijn geen thans nog minderjarige kinderen geboren.





3De verzoeken en de beoordeling.


3.1.
De vrouw heeft het gerecht verzocht om de echtscheiding tussen partijen uit te spreken en de man te veroordelen om tot scheiding en deling van de huwelijksgoederengemeenschap over te gaan.



3.2.
Op grond van artikel 1:151 BW BES wordt de echtscheiding op verzoek van één der echtgenoten uitgesproken, indien het huwelijk duurzaam ontwricht is.



3.3.
De vrouw heeft aangevoerd dat het huwelijk tussen haar en de man al langere tijd is ontwricht. Sprake is daarbij onder meer van (één of meer) buitenechtelijke relatie(s) van de man. Ondanks dat zij de man hier meermalen op heeft aangesproken en duidelijk heeft aangegeven buitenechtelijke affaires niet te kunnen accepteren binnen het huwelijk, gaat de man hiermee tot op heden nog steeds door. Reden voor de vrouw om de echtscheiding aan te vragen. De vrouw heeft verder nog verklaard ter zitting dat het schrijven dat haar zoon wilde overhandigen waarschijnlijk te maken had met de (mogelijk) beginnende dementie van de man en de medische onderzoeken die daarnaar lopen.



3.4.
De man heeft de gestelde buitenechtelijke relatie(s) tijdens de mondelinge behandeling niet betwist. De man heeft ter zitting in dat kader opgemerkt dat hij mensen die naar een ziekenhuis in Colombia moeten voor behandeling begeleidt. Ook het afgelopen jaar was hij naar Colombia. Hij is dan langere tijd van huis. In Colombia heeft hij een (affectieve) relatie gekregen dan wel gehad Desgevraagd heeft de man niet weersproken dat er medische onderzoeken naar mogelijke beginnende dementie plaatsvinden.



3.5.
Het gerecht overweegt als volgt. Voldoende is komen vast te staan dat sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 1:151 BW BES, te weten een duurzame ontwrichting van het huwelijk. De echtscheiding zal, gelet op het verzoek van de vrouw, derhalve worden uitgesproken. Dat bij de man mogelijk sprake is van beginnende dementie geeft geen aanleiding tot een ander oordeel.



3.6.
Het gerecht zal het verzoek van de vrouw toewijzen nu het van oordeel is dat het huwelijk van partijen duurzaam is ontwricht. Bevolen zal worden om over te gaan tot verdeling van de gemeenschap van goederen waarin partijen zijn gehuwd.



3.7.
Aan verzoekster zal toestemming worden verleend om kosteloos te mogen procederen.






4De beslissing


4.1.
spreekt uit de echtscheiding tussen partijen, gehuwd op 26 december 1978 te Bonaire;



4.2.
beveelt de man om, na inschrijving van deze beschikking in de registers van de burgerlijke stand, over te gaan tot verdeling van de gemeenschap van goederen waarin partijen zijn gehuwd;



4.3.
verleent de vrouw toestemming om kosteloos te procederen.



Deze beschikking is gegeven door mr. M.W. Scholte, rechter, en op 29 januari 2025 uitgesproken ter openbare terechtzitting in aanwezigheid van de griffier.