Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2024:1371
2024-10-04
Bestuursrecht; Belastingrecht
24/01108
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Raad van State: ECLI:NL:RVS:2024:1158 HR verklaart het beroep in cassatie n-o.
Citeert (1)
- ECLI:NL:RVS:2024:1158 Raad van State 20-03-2024
Geciteerd door (1)
- ECLI:NL:PHR:2026:86 Parket bij de Hoge Raad 16-01-2026
Volledige tekst
Volledige tekst (1.407 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer 24/01108
Datum 4 oktober 2024
ARREST
op het door [X], vertegenwoordigd door M.C. Neslo, ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 20 maart 2024, nr. 202305410/1/A2.
1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
Op grond van artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie neemt de Hoge Raad alleen kennis van het beroep in cassatie tegen uitspraken van de bestuursrechter voor zover dit bij wet is bepaald. Er is geen wettelijke bepaling die beroep in cassatie openstelt tegen een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het beroep in cassatie moet daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.
2Proceskosten
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
3Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren J. Wortel en M.T. Boerlage, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 4 oktober 2024.
ECLI:NL:RVS:2024:1158.
BELASTINGKAMER
Nummer 24/01108
Datum 4 oktober 2024
ARREST
op het door [X], vertegenwoordigd door M.C. Neslo, ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 20 maart 2024, nr. 202305410/1/A2.
1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
Op grond van artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie neemt de Hoge Raad alleen kennis van het beroep in cassatie tegen uitspraken van de bestuursrechter voor zover dit bij wet is bepaald. Er is geen wettelijke bepaling die beroep in cassatie openstelt tegen een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het beroep in cassatie moet daarom niet-ontvankelijk worden verklaard.
2Proceskosten
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
3Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren J. Wortel en M.T. Boerlage, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 4 oktober 2024.
ECLI:NL:RVS:2024:1158.