Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2019:1712

2019-11-08 Bestuursrecht; Belastingrecht 19/00744
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2019-11-08
Publicatiedatum
2019-11-06
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
19/00744
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | V-N Vandaag 2019/2493 | V-N 2019/54.27 | NLF 2019/2493 | NTFR 2019/2877 met annotatie van mr. M.F. Kossen | FutD 2019-2892 | Viditax (FutD) 2019110811

Inhoudsindicatie

Vervallenverklaring arrest zie ECLI:NL:HR:2019:1437.

Citeert (1)

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.570 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN


BELASTINGKAMER



Nummer 19/00744

Datum 8 november 2019



ARREST



tot het vervallen verklaren van het arrest van de Hoge Raad van 27 september 2019, nr. 19/00744, ECLI:NL:HR:2019:1437, dat is gewezen op het door [A] te [Q] ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 januari 2019, nrs. 16/00877 en 16/00878.





1Gronden voor de vervallenverklaring

1.1
Het beroep in cassatie in deze zaak is ingesteld door [A] namens [X] B.V. te [Z] . Bij het beroepschrift is een machtiging gevoegd die is ondertekend door [B] . Bij brief van 20 februari 2019 heeft de griffier de indiener van het beroepschrift verzocht binnen een termijn van zes weken een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel over te leggen waaruit genoegzaam blijkt dat degene die de volmacht heeft ondertekend, gerechtigd was die volmacht te verstrekken.


1.2
Bij arrest van 27 september 2019, nr. 19/00744, heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard op de grond dat het beroep onbevoegdelijk is ingesteld. Dit oordeel berust op de overweging dat het hiervoor in 1.1 bedoelde uittreksel niet is overgelegd en dat daarom niet kan worden vastgesteld dat degene die de volmacht heeft ondertekend, gerechtigd was de volmacht te verstrekken.


1.3
Nadat het arrest van 27 september 2019, nr. 19/00744, was uitgesproken, is gebleken dat het hiervoor in 1.1 bedoelde uittreksel op 1 april 2019, dus binnen de in de brief van 20 februari 2019 gestelde termijn, door de Hoge Raad is ontvangen. Het arrest van 27 september 2019, nr. 19/00744, moet daarom vervallen.


1.4
De behandeling van de zaak zal worden voortgezet in de stand waarin het geding zich bevond toen het arrest van 27 september 2019, nr. 19/00744, werd gewezen.




2Beslissing

De Hoge Raad:
- verklaart het arrest van de Hoge Raad van 27 september 2019, nr. 19/00744, vervallen, en
- bepaalt dat het geding wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond toen het arrest van 27 september 2019, nr. 19/00744, werd gewezen.



Dit arrest is gewezen door de vice-president R.J. Koopman als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 8 november 2019.