Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2016:1349
2016-07-08
Bestuursrecht; Belastingrecht
14/00526
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Bindende tariefinlichting; post 2309 van de GN; tariefindeling van een na de bewerking van sojaschroot verkregen product (een soja-eiwitconcentraat), dat geschikt is om te worden gebruikt als bestanddeel van mengvoer voor zeer jonge kalveren; eindarrest na HvJ 3 maart 2016, Customs Support Holland B.V., C-144/15.
Citeert (2)
- ECLI:NL:HR:2015:558 Hoge Raad 13-03-2015
- ECLI:EU:C:2016:133
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.757 tekens)
8 juli 2016
nr. 14/00526bis
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 19 december 2013, nr. 12/00318, na beantwoording van de door de Hoge Raad bij een arrest aan het Hof van Justitie van de Europese Unie gestelde vragen, betreffende de bij beschikking ten aanzien van Customs Support Holland B.V. te Rotterdam (hierna: belanghebbende) gegeven bindende tariefinlichting.
1De loop van het geding in cassatie tot dusver
Voor een overzicht van het geding in cassatie tot aan het door de Hoge Raad in dit geding gewezen arrest van 13 maart 2015, nr. 14/00526, ECLI:NL:HR:2015:558, BNB 2015/83, wordt verwezen naar dat arrest, waarbij de Hoge Raad aan het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft verzocht een prejudiciële beslissing te geven over de in dat arrest geformuleerde vragen.
Bij arrest van 3 maart 2016, Customs Support Holland B.V., C-144/15, ECLI:EU:C:2016:133, BNB 2016/87, heeft het Hof van Justitie, uitspraak doende op die vragen, voor recht verklaard:
“De gecombineerde nomenclatuur die is opgenomen in bijlage I van verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijke douanetarief, zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 948/2009 van de Commissie van 30 september 2009, moet aldus worden uitgelegd dat een soja-eiwitconcentraat als in het hoofdgeding onder post 2309 van deze nomenclatuur valt.”
Zowel belanghebbende als de Staatssecretaris heeft, daartoe in de gelegenheid gesteld, schriftelijk gereageerd op dit arrest.
2Nadere beoordeling van het middel
Uit de hiervoor onder 1 weergegeven verklaring voor recht volgt dat het soja-eiwitconcentraat in de onderwerpelijke bindende tariefinlichting terecht is ingedeeld onder post 2309 van de Gecombineerde Nomenclatuur. Het middel slaagt derhalve. ’s Hofs uitspraak kan niet in stand blijven. De Hoge Raad kan de zaak afdoen.
3Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie gegrond,
vernietigt de uitspraak van het Hof alsmede de uitspraak van de Rechtbank, en
verklaart het bij de Rechtbank ingestelde beroep ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren D.G. van Vliet, E.N. Punt, P.M.F. van Loon en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2016.
nr. 14/00526bis
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 19 december 2013, nr. 12/00318, na beantwoording van de door de Hoge Raad bij een arrest aan het Hof van Justitie van de Europese Unie gestelde vragen, betreffende de bij beschikking ten aanzien van Customs Support Holland B.V. te Rotterdam (hierna: belanghebbende) gegeven bindende tariefinlichting.
1De loop van het geding in cassatie tot dusver
Voor een overzicht van het geding in cassatie tot aan het door de Hoge Raad in dit geding gewezen arrest van 13 maart 2015, nr. 14/00526, ECLI:NL:HR:2015:558, BNB 2015/83, wordt verwezen naar dat arrest, waarbij de Hoge Raad aan het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft verzocht een prejudiciële beslissing te geven over de in dat arrest geformuleerde vragen.
Bij arrest van 3 maart 2016, Customs Support Holland B.V., C-144/15, ECLI:EU:C:2016:133, BNB 2016/87, heeft het Hof van Justitie, uitspraak doende op die vragen, voor recht verklaard:
“De gecombineerde nomenclatuur die is opgenomen in bijlage I van verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijke douanetarief, zoals gewijzigd bij verordening (EG) nr. 948/2009 van de Commissie van 30 september 2009, moet aldus worden uitgelegd dat een soja-eiwitconcentraat als in het hoofdgeding onder post 2309 van deze nomenclatuur valt.”
Zowel belanghebbende als de Staatssecretaris heeft, daartoe in de gelegenheid gesteld, schriftelijk gereageerd op dit arrest.
2Nadere beoordeling van het middel
Uit de hiervoor onder 1 weergegeven verklaring voor recht volgt dat het soja-eiwitconcentraat in de onderwerpelijke bindende tariefinlichting terecht is ingedeeld onder post 2309 van de Gecombineerde Nomenclatuur. Het middel slaagt derhalve. ’s Hofs uitspraak kan niet in stand blijven. De Hoge Raad kan de zaak afdoen.
3Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie gegrond,
vernietigt de uitspraak van het Hof alsmede de uitspraak van de Rechtbank, en
verklaart het bij de Rechtbank ingestelde beroep ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren D.G. van Vliet, E.N. Punt, P.M.F. van Loon en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2016.