Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

ECLI:NL:GHSHE:2016:418

2016-02-11 Strafrecht 000126-16
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Uitspraakdatum
2016-02-11
Publicatiedatum
2016-02-12
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
000126-16
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

De raadsman heeft met een beroep op het arrest van het gerechtshof Amsterdam, gepubliceerd onder ECLI:NL:GHAMS:2015:5307, betoogd dat de politie misbruik heeft gemaakt van de wettelijke bevoegdheden.

Citeert (1)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.966 tekens)
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
Afdeling strafrecht


Bijzondere zaak, nummer: AVNR. 000126-16
Parketnummer 1e aanleg: 01-879059-16




Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft gezien de akte van de griffier van de rechtbank Oost-Brabant van 28 januari 2016, waarbij namens:






[verdachte]


geboren [geboortedatum] te [geboorteplaats]
wonende te [adres]
thans verblijvende in HvB Grave (Unit A + B)




hoger beroep is ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant van 27 januari 2016, bij welke beschikking de gevangenhouding van [verdachte] werd bevolen.



Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep.



Het hof heeft gehoord de advocaat-generaal en verdachte, bijgestaan door zijn raadsman.



De raadsman heeft met een beroep op het arrest van het gerechtshof Amsterdam, gepubliceerd onder ECLI:NL:GHAMS:2015:5307, betoogd dat de politie misbruik heeft gemaakt van de wettelijke bevoegdheden door het stopteken te geven ingevolge de Wegenverkeerswet 1994, terwijl er sprake was van een verdenking van een strafbaar feit van de Opiumwet, en dat mitsdien de bevindingen moeten worden uitgesloten van het bewijs terzake overtreding van de Opiumwet.



Het hof is voorshands van oordeel dat op geen enkele wijze van misbruik van bevoegdheden is gebleken.



Namens verdachte is voorts een beroep gedaan op de omstandigheid, bedoeld in de bepaling van artikel 67a, derde lid van het Wetboek van Strafvordering.
Het hof is van oordeel dat deze omstandigheid zich thans niet voordoet.



Het hoger beroep moet daarom worden afgewezen.



Namens verdachte is in raadkamer een mondeling verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis gedaan. Bij afweging van de strafvorderlijke belangen en de persoonlijke belangen van verdachte acht het hof geen redenen aanwezig om tot schorsing over te gaan, zodat dit verzoek dient te worden afgewezen.




BESCHIKKENDE IN HOGER BEROEP:


Wijst af het hoger beroep.



Bevestigt de beschikking waarvan beroep.



Wijst af het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.



Aldus gedaan op 11 februari 2016
door mr. J.P.F. Rijken, voorzitter, mr. H.D. Bergkotte en mr. E.F.G.M. Gelderman,
in tegenwoordigheid van mw. B. Yazi, griffier.

































De advocaat-generaal bij dit Gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van verdachte.



's-Hertogenbosch, 11 februari 2016




Gezien d.d.
De directeur van P.I. HvB Grave (Unit A + B)