Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

ECLI:NL:GHARL:2025:1035

2025-02-25 Civiel recht; Personen- en familierecht 200.342.553
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Uitspraakdatum
2025-02-25
Publicatiedatum
2025-02-25
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
200.342.553
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Tussenbeschikking. Curatele. Benoeming deskundige.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (14.816 tekens)
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN


locatie Arnhem



afdeling civiel recht



zaaknummer gerechtshof 200.342.553
(zaaknummer rechtbank Gelderland 10826563)




beschikking van 25 februari 2025




inzake





[appellant]
,
wonende te [woonplaats] ,verzoekster in hoger beroep,
verder te noemen: [appellant] ,
advocaat: mr. J.J. Douwes,



en





[geïntimeerde1]
,
wonende te [woonplaats] ,
en


[geïntimeerde2]
,
wonende te [woonplaats] ,
verweerders in hoger beroep,
hierna samen te noemen: de curatoren,
advocaat: mr. E.E. Frenken.






1Het geding in eerste aanleg


Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de kantonrechter (rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen) van 20 februari 2024, uitgesproken onder voormeld zaaknummer (hierna ook: de bestreden beschikking).






2Het geding in hoger beroep


2.1

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld. De curatoren hebben een verweerschrift ingediend. Door beide partijen zijn nadere stukken ingediend.



2.2
De mondelinge behandeling heeft op 19 december 2024 plaatsgevonden. Hierbij waren aanwezig:



[appellant] , bijgestaan door haar advocaat; en


de curatoren, bijgestaan door hun advocaat.








3De feiten


3.1

[appellant] is geboren op 9 mei 1953. De curatoren zijn de zoons van [appellant] ( [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] ).



3.2
Bij beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Gelderland van 19 augustus 2019 zijn de goederen van [appellant] onder bewind gesteld en is er een mentorschap ingesteld ten behoeve van [appellant] . Bij beschikking van de kantonrechter van 18 november 2019 zijn het bewind en mentorschap omgezet naar curatele. Hierbij zijn de zoons van [appellant] benoemd tot curatoren.






4De omvang van het geschil


4.1

[appellant] heeft de kantonrechter verzocht om de curatele op te heffen of, als de curatele niet wordt opgeheven, de curatoren te ontslaan en een professionele curator te benoemen. De kantonrechter heeft de verzoeken van [appellant] afgewezen.



4.2

[appellant] is met drie grieven in hoger beroep gekomen van de bestreden beschikking. [appellant] verzoekt het hof – na wijziging van haar verzoek – om de bestreden beschikking te vernietigen en, opnieuw beschikkende,


primair de curatele op te heffen;


subsidiair een deskundige te benoemen die kan vaststellen of er (1) bij [appellant] (nog) sprake is van een psychische stoornis die (2) tot gevolg heeft dat zij haar (vermogensrechtelijke) belangen niet kan behartigen waardoor (3) het handhaven van de curatele noodzakelijk is;


meer subsidiair, voor zover het hof van oordeel is dat een beschermingsmaatregel nodig is, dan verzoekt [appellant] om een lichtere beschermingsmaatregel door de benoeming van (a) een professionele mentor of (b) een professionele bewindvoerder dan wel om (c) een professionele curator te benoemen in plaats van de huidige curatoren, waarbij de voorkeur van [appellant] uitgaat naar [professionele derde] , [professionele derde] of een andere door het hof te benoemen professionele derde.





4.3
De curatoren voeren verweer en zij vragen het hof [appellant] niet-ontvankelijk te verklaren in haar verzoeken dan wel haar verzoeken af te wijzen en de advocaat van [appellant] in de proceskosten te veroordelen.






5De motivering van de beslissing



Wat staat er in de wet?




5.1
Op grond van artikel 1:378 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan een meerderjarige door de kantonrechter onder curatele worden gesteld, wanneer hij tijdelijk of duurzaam zijn belangen niet behoorlijk waarneemt of zijn veiligheid of die van anderen in gevaar brengt, als gevolg van
a. zijn lichamelijke of geestelijke toestand, dan wel
b. gewoonte van drank- of drugsmisbruik,
en een voldoende behartiging van die belangen niet met een meer passende en minder verstrekkende voorziening kan worden bewerkstelligd.


5.2
Op grond van 1:383 lid 2 en lid 3 BW volgt de rechter bij de benoeming van de curator de uitdrukkelijke voorkeur van de betrokkene, tenzij gegronde redenen zich tegen zodanige benoeming verzetten.



5.3
Op grond van artikel 1:389 lid 2 BW kan de rechter, indien de noodzaak daartoe niet meer bestaat of voortzetting van de curatele niet zinvol is gebleken, de curatele opheffen op verzoek van de curator of degene die gerechtigd is de curatele te verzoeken als bedoeld in artikel 379, alsmede ambtshalve. Als de rechter van oordeel is dat aan de gronden voor curatele is voldaan, moet de rechter beoordelen of een minder verstrekkende maatregel mogelijk is, zoals bewind en/of mentorschap.



Wat vindt [appellant] ?





5.4

In 2019 zijn de bewindvoerder en de mentor benoemd (en later de curatoren), omdat [appellant] psychische problemen had, die veroorzaakt zijn door de problematische relatie met haar echtgenoot. [appellant] is destijds voor haar problemen behandeld bij [werkgever dokter] door dr. [dokter] . [appellant] is inmiddels hersteld van haar psychische problemen, waardoor de grondslag voor curatele niet meer aanwezig is. [appellant] kan haar (vermogensrechtelijke) belangen weer zelf behartigen. De curatoren willen echter niet meewerken aan de benoeming van een onafhankelijke deskundige die kan vaststellen of de curatele nog nodig is.
Al op 8 februari 2024, voor de mondelinge behandeling bij de kantonrechter, was het de curatoren bekend dat er geen sprake meer was van een psychose. In de voortgangsrapportage van die datum staat onder meer dat geen psychotische kenmerken zijn waargenomen. De curatoren hebben dit bij de kantonrechter verzwegen. Er is nu geen reden om de curatele te handhaven en al helemaal niet zolang [appellant] bereid is de voorgeschreven medicatie te blijven gebruiken en bloedcontroles laten uitvoeren.
Daarnaast is de curatele steeds meer gaan ‘knellen’. De curatoren zijn de curatele gaan
gebruiken als middel om [appellant] op ontoelaatbare wijze te controleren, aldus [appellant] . De curatoren willen bepalen met wie [appellant] wel en niet omgaat, zij hebben haar woning op Bonaire zonder dat [appellant] dat wilde verkocht, zij hebben haar testament laten wijzigen, en er zijn aanzienlijke uitkeringen van tenminste € 718.775,95 aan de curatoren zelf gedaan en aan een kleindochter van [appellant] . Voor het bewind en mentorschap leefde [appellant] een luxeleven van het door haar en haar echtgenoot opgebouwde vermogen. Nu moet zij het doen met een AOW-uitkering en weduwenpensioen, waarvan ook nog een deel door de curatoren wordt achtergehouden. (Luxere) vakanties en (luxere) kleding, passend bij haar leefstijl, worden [appellant] onthouden.
Voor zover het hof vindt dat de curatele (of een andere beschermingsmaatregel) in stand moet blijven, moet in plaats van de zoons van [appellant] een professionele derde worden benoemd. Handhaving van de huidige curatoren is niet in het belang van [appellant] , zoals dr. [dokter] ook heeft geschreven, omdat de familieverhouding is verstoord.




Wat vinden de curatoren?





5.5


[appellant] is in 2010 voor het eerst in een psychose gekomen. Sindsdien is [appellant] meerdere keren opgenomen geweest in een psychiatrisch ziekenhuis. De curatoren voeren aan dat [appellant] nooit geheel psychose-vrij is geweest. [appellant] blijft altijd beïnvloedbaar.
De relatie tussen [appellant] en haar zoons (de curatoren) was in overwegende mate goed. Er was dagelijks telefonisch contact met [geïntimeerde1] en wekelijks een bezoek. [geïntimeerde2] kwam om de week op bezoek en [appellant] ging met het gezin van [geïntimeerde2] op vakantie. Maar vanaf augustus 2023 veranderde dat, nadat [appellant] het contact met [persoon] , die net als [appellant] op de gesloten afdeling verbleef, intensiveerde. Vanaf dat moment hadden de curatoren zorgen over [appellant] : [appellant] liet [werkgever dokter] niet meer binnen, [appellant] toonde geen ziektebesef meer en zij verbrak abrupt het contact met [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] . In februari 2024 is [appellant] gedwongen opgenomen bij [werkgever dokter] .
De curatoren voeren aan dat [appellant] niet onderbouwt waarom de gronden voor curatele niet meer aanwezig zijn. Het gaat op dit moment niet goed met [appellant] . Zij kan haar belangen niet behoorlijk waarnemen en brengt ook haar veiligheid in gevaar. Wat dr. [dokter] recent heeft geschreven is enkel gebaseerd op een gesprek met [appellant] en staat haaks op de diverse medische stukken uit begin 2024 en haaks op veertien jaar medische voorgeschiedenis. De curatoren zien daarom geen aanleiding om een deskundige te benomen, ook omdat dit belastend is voor [appellant] .
De curatoren betwisten dat sprake is van continue observeren en afluisteren en dat zij uit zijn op het vermogen van [appellant] . De verkoop van de woning op Bonaire en het wijzigen van het testament is in overleg met [appellant] gebeurd. Dat de moeder nu geen luxeleven meer leidt/ kan leiden, wordt door de curatoren betwist. Voor het ontslag van de curatoren bestaat geen reden, laat staan een volgens de wet vereiste gewichtige reden, aldus de curatoren.




Het oordeel van het hof





5.6

Het hof overweegt als volgt. De curatoren hebben gesteld dat [appellant] sinds 2010 meerdere psychoses heeft gehad en in die periode meerdere malen is opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis. [appellant] heeft dat niet betwist. Daar staat echter tegenover dat [appellant] heeft gesteld dat zij al jaren psychosevrij is en trouw haar medicatie gebruikt, waardoor zij in staat is om haar (vermogensrechtelijke) belangen te behartigen. Zij verwijst daarbij onder meer naar de voortgangsrapportage van dokter [dokter] van [werkgever dokter] van 1 november 2024 die over [appellant] heeft geschreven:
“(…) Eigenlijk zou je haar in huidige toestand nooit voorzien van bewindvoering of

curatele: ze is nu handelings- en wilsbekwaam. (…)”




5.7
Curatele is een zware en vrijheidsbeperkende maatregel. Naar het oordeel van het hof is, gelet op de (recente) voortgangsrapportages, onvoldoende duidelijk of sprake is van een zodanige geestelijke stoornis bij [appellant] dat die het opleggen van curatele thans rechtvaardigt. Op basis van de standpunten van partijen en de stukken die zij aan het hof hebben overgelegd, acht het hof zich onvoldoende geïnformeerd om een beslissing te kunnen nemen. Hierin ziet het hof aanleiding een deskundige te benoemen.



5.8
Het hof zal het verzoek van [appellant] , om een deskundige te benoemen om de geestelijke gesteldheid van [appellant] te onderzoeken dan ook toewijzen.



5.9
Het hof is voornemens de volgende vragen aan de te benoemen deskundige voor te leggen:


Is [appellant] als gevolg van haar lichamelijke en/of geestelijke toestand tijdelijk of duurzaam niet in staat om haar belangen behoorlijk waar te nemen of brengt zij als gevolg daarvan haar veiligheid of die van anderen in gevaar?


Zo ja, in welke mate?


Kan een voldoende behartiging van die belangen met een meer passende en minder verstrekkende voorziening dan ondercuratelestelling worden bewerkstelligd, zoals een onderbewindstelling en/of mentorschap?


In hoeverre komen er uit het onderzoek bevindingen naar voren die niet aan de orde zijn gekomen in de onderzoeksvragen, maar die wel van belang kunnen zijn voor de beoordeling van de voorliggende verzoeken?





5.10
De deskundige dient partijen bij het onderzoek de gelegenheid te geven opmerkingen te maken en verzoeken te doen. Gelet op artikel 198 lid 3 Rv zijn partijen verplicht mee te werken aan het onderzoek.


5.11
Het hof zal bepalen dat [appellant] alle processtukken aan de deskundige ter beschikking zal stellen.



5.12
Het hof is voornemens als deskundige te benoemen [deskundige] , psychiater in de [werkgever deskundige] , die beschikbaar is om het beoogde onderzoek uit te voeren.



5.13
Het hof is voornemens het voorschot ten behoeve van de kosten van het deskundigenonderzoek te bepalen op maximaal € 5.596,25 bij een uurtarief van € 223,85 inclusief BTW. Het hof is voornemens te bepalen dat dit voorschot ten laste van [appellant] wordt gebracht.



5.14
Het hof zal partijen in de gelegenheid stellen zich uit te laten over de persoon van de te benoemen deskundige, de aan de deskundige voor te leggen vragen en de kosten van de deskundige.


5.15
De deskundige zal de opdracht uitvoeren onder leiding van een raadsheer-commissaris.



5.16
Het hof benoemt mr. R. Feunekes in deze zaak tot raadsheer-commissaris.



5.17
In afwachting van de uitlatingen van partijen over het deskundigenonderzoek zal iedere verdere beslissing worden aangehouden.






6De beslissing


Het hof, beschikkende hoger beroep:



stelt partijen in de gelegenheid zich uiterlijk op 18 maart 2025 bij brief aan de griffie van dit hof en met afschrift aan de wederpartij uit te laten over het deskundigenonderzoek als bedoeld in rechtsoverwegingen 5.8 tot en met 5.14;



houdt iedere verdere beslissing aan.



Deze beschikking is gegeven door mrs. R. Feunekes, M.P. den Hollander en S. Kuijpers, bijgestaan door de griffier, en is op 25 februari 2025 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.