Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

ECLI:NL:GHARL:2024:5094

2024-08-07 Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht Wahv 200.337.434/01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Uitspraakdatum
2024-08-07
Publicatiedatum
2024-08-07
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
Wahv 200.337.434/01
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Zekerheid. Een min of meer terloopse opmerking in het kader van de bezwaren tegen de sanctie is niet aan te merken als draagkrachtverweer.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (2)

Volledige tekst

Volledige tekst (4.265 tekens)
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
zittingsplaats Leeuwarden








Zaaknummer


: Wahv 200.337.434/01




CJIB-nummer


: 255078416




Uitspraak d.d.


: 7 augustus 2024









Arrest op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Amsterdam van 23 januari 2024, betreffende




[de betrokkene] (hierna: de betrokkene),
wonende te [woonplaats] .


De beslissing van de kantonrechter
De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard.




Het verloop van de procedure

De betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter.
Er is daarnaast gevraagd om de zaak op een zitting van het hof te behandelen.
De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend.
De betrokkene heeft de gelegenheid gekregen het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt.
De zaak is behandeld op de zitting van 24 juli 2024. De betrokkene is verschenen.De advocaat-generaal is vertegenwoordigd door [naam1] .





De beoordeling
1. De kantonrechter heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard, omdat niet (tijdig) zekerheid is gesteld.

2. De betrokkene betwist niet dat hij niet tijdig zekerheid heeft gesteld, maar voert aan dat hij twee keer een kopie van zijn uitkeringsspecificatie heeft gestuurd om aan te geven dat hij geen zekerheid kan stellen.

3. Artikel 11 van de Wahv verplicht de betrokkene om in de procedure bij de kantonrechter zekerheid te stellen voor de betaling van de sanctie en de administratiekosten. De officier van justitie heeft de betrokkene bij brieven d.d. 21 juni 2023 en 9 juli 2023 op juiste wijze geïnformeerd over deze verplichting.

4. Artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) waarborgt het recht op toegang tot een onafhankelijke rechter. Uitgangspunt is dat de verplichting om zekerheid te stellen de toegang tot de rechter niet belemmert. Dat is anders wanneer de betrokkene financieel niet in staat is (volledig) zekerheid te stellen. Een betrokkene zal daartoe in de procedure bij de kantonrechter tijdig een draagkrachtverweer moeten voeren.
5. Dat heeft de betrokkene niet gedaan. De betrokkene heeft op 21 juni 2023 via het Digitaal Loket Verkeer beroep ingesteld bij de kantonrechter. De betrokkene heeft daarbij onder het kopje “Zekerheid gesteld:” vermeld “Ik weet dat ik moet betalen”. Onder het kopje “Ik vind de boete onterecht en ben het niet eens met de beslissing van de officier van justitie.” heeft de betrokkene naar voren gebracht dat en waarom hij het niet eens is met de opgelegde sanctie. Hij heeft daarbij een beroep gedaan op overmacht. Tot slot heeft de betrokkene opgemerkt dat het voor hem als uitkeringsgerechtigde moeilijk is om deze extra uitgave te plegen. De kantonrechter heeft deze min of meer terloopse opmerking in het kader van de bezwaren tegen de sanctie niet als draagkrachtverweer met het oog op de zekerheidstelling hoeven aan te merken. Voorts zijn, anders dan de betrokkene stelt, geen uitkeringsspecificaties ontvangen naar aanleiding van de zekerheidsbrieven en is ook anderszins niet gereageerd op de zekerheidsbrieven.

6. De kantonrechter heeft juist beslist. Gelet op het voorgaande zal het hof de beslissing van de kantonrechter bevestigen.




De beslissing
Het gerechtshof:


bevestigt de beslissing van de kantonrechter.



Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Koldenhof-ten Kate als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.