Gerechtshof Amsterdam
ECLI:NL:GHAMS:2026:2339
2026-08-21
Civiel recht; Ondernemingsrecht
200.357.784/01 OK
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
OK; geschillenregeling; vaststelling loon deskundige
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (5.821 tekens)
beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.357.784/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 21 augustus 2026
[de vrouw] ,
wonende te [plaats] ,
VERZOEKSTER,
advocaten: mr. T. Visser en mr. S.D. van Hilten, kantoorhoudende te Amsterdam, en mr. Y.A.E. Vlassenroot, kantoorhoudende te Haarlem,
t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,
MGB VASTGOED B.V.,
gevestigd te Groningen,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
FIBER NOORD B.V.,
gevestigd te Leek,
VERWEERSTERS,
advocaat: mr. D.S.M. Wouda, kantoorhoudende te Groningen,
e n t e g e n
1 [de man] ,
wonende te [plaats] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. A.S. van Wijk, kantoorhoudende te Groningen,
2 [de broer] ,
wonende te [plaats] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. D.S.M. Wouda, voornoemd.
Hierna zullen partijen en andere (rechts)personen (ook) als volgt worden aangeduid:
[de vrouw] ;
MGB Vastgoed B.V. als MGB Vastgoed;
Fiber Noord B.V. als Fiber Noord;
[de man] ;
[de broer] ;
MGB Vastgoed, Fiber Noord en [de broer] gezamenlijk als MGB Vastgoed c.s.
1Het verloop van het geding
1.1.
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 29 oktober 2025 en 3 december 2025 in deze zaak.
1.2.
Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer – voor zover nu relevant – T.M. van Mieghem RV RAB CVA (hierna: de deskundige) benoemd tot deskundige en hem gevraagd een onderzoek te verrichten naar de waarde van de door [de vrouw] over te dragen aandelen in het geplaatste kapitaal van MGB Vastgoed. Voorts heeft de Ondernemingskamer bepaald dat MGB Vastgoed de kosten en het voorschot van het deskundigenonderzoek – en bericht draagt en dat het voorschot € 38.787,50 inclusief omzetbelasting bedraagt. Tot slot heeft de Ondernemingskamer de deskundige verzocht uiterlijk op 8 mei 2026 het deskundigenbericht aan de Ondernemingskamer te sturen.
1.3.
Bij e-mails van 8 april 2026 en 3 juni 2026 heeft de deskundige verzocht om uitstel voor de termijn om het deskundigenbericht in te dienen. De Ondernemingskamer heeft partijen beide keren gevraagd zich daarover uit te laten. Partijen hebben toen geen bezwaren aangevoerd en de Ondernemingskamer heeft de deskundige uiteindelijk verzocht om uiterlijk op 24 juli 2026 het deskundigenbericht aan de Ondernemingskamer te sturen.
1.4.
Op 16 juli 2026 heeft de deskundige het deskundigenbericht aan de Ondernemingskamer gestuurd met daarbij een urenspecificatie van zijn werkzaamheden en een kostenoverzicht van het onderzoek.
1.5.
Op 17 juli 2026 heeft de Ondernemingskamer partijen in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de kosten van het onderzoek.
1.6.
Bij afzonderlijke e-mails van 29 en 30 juli 2026 en 6 augustus 2026 hebben respectievelijk MGB Vastgoed c.s., [de man] en [de vrouw] laten weten geen bezwaren te hebben tegen de kosten van het onderzoek.
1.7.
Op 13 augustus 2026 heeft de Ondernemingskamer partijen gevraagd zich uiterlijk op 20 augustus 2026 uit te laten over de aanvullende kosten van het onderzoek vanwege de voorbereiding en aanwezigheid van de deskundige bij de toekomstige mondelinge behandeling van het deskundigenbericht.
1.8.
Op 19 en 20 augustus 2026 hebben respectievelijk MGB Vastgoed c.s. en [de man] laten weten geen bezwaar te hebben tegen de aanvullende kosten van het onderzoek. Van [de vrouw] is geen reactie ontvangen.
2De gronden van de beslissing
2.1
Op grond van artikel 191 lid 1 Rv heeft de deskundige recht op een door de rechter te begroten schadeloosstelling en loon.
2.2
In deze zaak is, op basis van een (uren)begroting met toelichting van de deskundige, een voorschot vastgesteld van € 38.787,50 inclusief omzetbelasting. Uit de (aanvullende) urenverantwoording en kostenspecificatie van de deskundige blijkt dat de uiteindelijke kosten van het onderzoek € 46.483,66, inclusief omzetbelasting, bedragen.
2.3
Er zijn geen bezwaren aangevoerd tegen de kosten van de deskundige. Dit bedrag en de bestede uren komen de Ondernemingskamer gelet op de aard en omvang van het deskundigenonderzoek ook niet onredelijk voor. De Ondernemingskamer zal het loon en de schadeloosstelling van de deskundige daarom vaststellen op € 46.483,66, inclusief omzetbelasting.
3De beslissing
De Ondernemingskamer:
stelt het loon en de schadeloosstelling van de deskundige vast op € 46.483,66, inclusief omzetbelasting.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.M. de Jongh, voorzitter, mr. C.C. Meijer en mr. A.W.H. Vink, raadsheren, en drs. G. Boon RA en mr. drs. F. Marring RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. L. van Hoof, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. J.M. de Jongh op 21 augustus 2026.
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.357.784/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 21 augustus 2026
[de vrouw] ,
wonende te [plaats] ,
VERZOEKSTER,
advocaten: mr. T. Visser en mr. S.D. van Hilten, kantoorhoudende te Amsterdam, en mr. Y.A.E. Vlassenroot, kantoorhoudende te Haarlem,
t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid,
MGB VASTGOED B.V.,
gevestigd te Groningen,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
FIBER NOORD B.V.,
gevestigd te Leek,
VERWEERSTERS,
advocaat: mr. D.S.M. Wouda, kantoorhoudende te Groningen,
e n t e g e n
1 [de man] ,
wonende te [plaats] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. A.S. van Wijk, kantoorhoudende te Groningen,
2 [de broer] ,
wonende te [plaats] ,
BELANGHEBBENDE,
advocaat: mr. D.S.M. Wouda, voornoemd.
Hierna zullen partijen en andere (rechts)personen (ook) als volgt worden aangeduid:
[de vrouw] ;
MGB Vastgoed B.V. als MGB Vastgoed;
Fiber Noord B.V. als Fiber Noord;
[de man] ;
[de broer] ;
MGB Vastgoed, Fiber Noord en [de broer] gezamenlijk als MGB Vastgoed c.s.
1Het verloop van het geding
1.1.
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 29 oktober 2025 en 3 december 2025 in deze zaak.
1.2.
Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer – voor zover nu relevant – T.M. van Mieghem RV RAB CVA (hierna: de deskundige) benoemd tot deskundige en hem gevraagd een onderzoek te verrichten naar de waarde van de door [de vrouw] over te dragen aandelen in het geplaatste kapitaal van MGB Vastgoed. Voorts heeft de Ondernemingskamer bepaald dat MGB Vastgoed de kosten en het voorschot van het deskundigenonderzoek – en bericht draagt en dat het voorschot € 38.787,50 inclusief omzetbelasting bedraagt. Tot slot heeft de Ondernemingskamer de deskundige verzocht uiterlijk op 8 mei 2026 het deskundigenbericht aan de Ondernemingskamer te sturen.
1.3.
Bij e-mails van 8 april 2026 en 3 juni 2026 heeft de deskundige verzocht om uitstel voor de termijn om het deskundigenbericht in te dienen. De Ondernemingskamer heeft partijen beide keren gevraagd zich daarover uit te laten. Partijen hebben toen geen bezwaren aangevoerd en de Ondernemingskamer heeft de deskundige uiteindelijk verzocht om uiterlijk op 24 juli 2026 het deskundigenbericht aan de Ondernemingskamer te sturen.
1.4.
Op 16 juli 2026 heeft de deskundige het deskundigenbericht aan de Ondernemingskamer gestuurd met daarbij een urenspecificatie van zijn werkzaamheden en een kostenoverzicht van het onderzoek.
1.5.
Op 17 juli 2026 heeft de Ondernemingskamer partijen in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de kosten van het onderzoek.
1.6.
Bij afzonderlijke e-mails van 29 en 30 juli 2026 en 6 augustus 2026 hebben respectievelijk MGB Vastgoed c.s., [de man] en [de vrouw] laten weten geen bezwaren te hebben tegen de kosten van het onderzoek.
1.7.
Op 13 augustus 2026 heeft de Ondernemingskamer partijen gevraagd zich uiterlijk op 20 augustus 2026 uit te laten over de aanvullende kosten van het onderzoek vanwege de voorbereiding en aanwezigheid van de deskundige bij de toekomstige mondelinge behandeling van het deskundigenbericht.
1.8.
Op 19 en 20 augustus 2026 hebben respectievelijk MGB Vastgoed c.s. en [de man] laten weten geen bezwaar te hebben tegen de aanvullende kosten van het onderzoek. Van [de vrouw] is geen reactie ontvangen.
2De gronden van de beslissing
2.1
Op grond van artikel 191 lid 1 Rv heeft de deskundige recht op een door de rechter te begroten schadeloosstelling en loon.
2.2
In deze zaak is, op basis van een (uren)begroting met toelichting van de deskundige, een voorschot vastgesteld van € 38.787,50 inclusief omzetbelasting. Uit de (aanvullende) urenverantwoording en kostenspecificatie van de deskundige blijkt dat de uiteindelijke kosten van het onderzoek € 46.483,66, inclusief omzetbelasting, bedragen.
2.3
Er zijn geen bezwaren aangevoerd tegen de kosten van de deskundige. Dit bedrag en de bestede uren komen de Ondernemingskamer gelet op de aard en omvang van het deskundigenonderzoek ook niet onredelijk voor. De Ondernemingskamer zal het loon en de schadeloosstelling van de deskundige daarom vaststellen op € 46.483,66, inclusief omzetbelasting.
3De beslissing
De Ondernemingskamer:
stelt het loon en de schadeloosstelling van de deskundige vast op € 46.483,66, inclusief omzetbelasting.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.M. de Jongh, voorzitter, mr. C.C. Meijer en mr. A.W.H. Vink, raadsheren, en drs. G. Boon RA en mr. drs. F. Marring RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. L. van Hoof, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. J.M. de Jongh op 21 augustus 2026.