Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof Amsterdam

ECLI:NL:GHAMS:2017:3046

2017-07-25 Civiel recht 200.149.305/01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Uitspraakdatum
2017-07-25
Publicatiedatum
2017-07-28
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
200.149.305/01
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Aanvulling van arrest 20 juni 2017.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.992 tekens)
GERECHTSHOF AMSTERDAM


afdeling civiel recht en belastingrecht, team I



zaaknummer : 200.149.305/01



zaaknummer rechtbank Amsterdam : C/13/506624 / HA ZA 11-2862




arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 25 juli 2017




inzake





1
[Appellant A],
wonend te [woonplaats], (India),
2. [Appellant B],
wonend te [woonplaats] (India),
3. [Appellant C], voorheen [naam],
wonend te [woonplaats] (Verenigde Staten van Amerika)
4. [Appellant D], voorheen [naam],

wonend te [woonplaats] (India),
appellanten,
advocaat: mr. A.C. Herweijer te Amsterdam,



tegen:





1
[geïntimeerde],

kantoorhoudend te [kantoorplaats],

2. NOTARIS [geïntimeerde],

gevestigd te [vestigingsplaats],
geïntimeerden,
advocaat: mr. T.P. Hoekstra te Amsterdam.





1Het geding in hoger beroep


Appellanten worden hierna gezamenlijk [appellanten] genoemd; geïntimeerde sub 1 wordt [geïntimeerde] genoemd.



Het hof heeft in deze zaak op 20 juni 2017 een arrest uitgesproken. Bij faxbericht van 6 juli 2017 heeft mr. Herweijer zich namens [appellanten] op het standpunt gesteld dat het hof jegens [geïntimeerde] heeft verzuimd te beslissen over een onderdeel van het gevorderde en het hof verzocht tot aanvulling van het arrest over te gaan. Bij fax van eveneens 6 juli 2017 heeft mr. Hoekstra namens [geïntimeerde] meegedeeld in te stemmen met aanvulling van het arrest overeenkomstig het verzoek van [appellanten]






2Beoordeling


In het arrest van 20 juni 2017 heeft het hof onder rov. 2.7 overwogen dat [appellanten] jegens [geïntimeerde] recht hebben op vergoeding van de door hen gemaakte buitengerechtelijke kosten à € 1.788,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 maart 2009. Het hof heeft verzuimd die vordering in het dictum van het arrest ook toe te wijzen. [appellanten] hebben verzocht zulks bij wijze van aanvulling van het arrest alsnog te doen. Gelet op het voorgaande en het feit dat [geïntimeerde] daarmee heeft ingestemd zal het hof op de voet van artikel 32 Rv tot de verzochte aanvulling overgaan als na te noemen.






3Beslissing


Het hof:



veroordeelt [geïntimeerde] tot betaling aan [appellanten] van € 1.788,- aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 13 maart 2009;



vult het op 20 juni 2017 in deze zaak uitgesproken arrest in deze zin aan;



stelt de aanvulling op de minuut van dat arrest.




Aldus gewezen door mrs. A.W.H. Vink, A.S. Arnold en G.J. Visser en in het openbaar door de rolraadsheer uitgesproken op 25 juli 2017.