Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Gerechtshof Amsterdam

ECLI:NL:GHAMS:2017:1462

2017-04-18 Civiel recht 200.193.534/01
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Uitspraakdatum
2017-04-18
Publicatiedatum
2017-04-21
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
200.193.534/01
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | TvA 2017/46

Inhoudsindicatie

vernietiging scheidsrechtelijk vonnis in appel; artikel 1064a lid 1 Rv; bevoegdheid gerechtshof; met betrekking tot arbitrages die aanhangig zijn of waren voor 1 januari 2015 is de rechtbank bevoegd; verwijzing naar rechtbank.Zie ECLI:NL:GHAMS:2017:461.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Wetsverwijzingen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.127 tekens)
GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummer: 200.193.534/01




arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 18 april 2017


(bij vervroeging)




inzake





[X] BOUW- EN AANNEMINGSBEDRIJF B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
eiseres,
advocaat: mr. A. F.J. Jacobs te Amsterdam,



tegen




MUSEUM HOTEL B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
gedaagde,
advocaat: mr. I.M.C.A. Reinders Folmer te Amsterdam.






1Het verdere verloop van het geding in hoger beroep


Partijen worden hierna wederom [X] en Museum Hotel genoemd.



In deze zaak is door het hof op 14 februari 2017 een tussenarrest gewezen (hierna: het tussenarrest). Voor het verloop van het geding tot die datum wordt naar het tussenarrest verwezen.



Vervolgens hebben partijen gelijktijdig een akte genomen.



Ten slotte hebben partijen andermaal arrest gevraagd.






2Verdere beoordeling van de bevoegdheid


2.1
Het hof heeft in 3.3 van het tussenarrest met betrekking tot zijn bevoegdheid overwogen, samengevat, dat gelet op het feit dat [X] de in geding zijnde arbitrageprocedure aanhangig heeft gemaakt op 12 december 2013, derhalve voor 1 januari 2015, in beginsel niet het gerechtshof Amsterdam maar de rechtbank Amsterdam de bevoegde instantie is om van de vordering tot vernietiging van het scheidsrechterlijk vonnis in appel kennis te nemen. Voorts heeft het hof, alvorens te beslissen tot verwijzing naar de rechtbank Amsterdam, partijen in de gelegenheid gesteld zich gelijktijdig bij akte over de (on)bevoegdheid van dit hof uit te laten.



2.2
Elk van partijen heeft bij akte kenbaar gemaakt zich aan het oordeel van het hof te refereren.



2.3
Het hof zal zich derhalve onbevoegd verklaren van de zaak kennis te nemen en de zaak, gelet op het bepaalde in artikel 73 Rv, in de stand waarin deze zich bevindt verwijzen naar de rechtbank Amsterdam. Indien partijen de rechtbank Amsterdam niet gezamenlijk schriftelijk in kennis stellen van de dag waarop zij de zaak aldaar willen doen dienen, is het aan een der partijen om, overeenkomstig artikel 74 lid 1 Rv, de overige partij(en) op te roepen tegen de dag waarop zij de zaak aldaar ter rolle wil doen dienen.




3. De beslissing




Het hof:



verklaart zich onbevoegd van de zaak kennis te nemen;



verwijst de zaak, in de stand waarin deze zich bevindt, ter verdere behandeling en beslissing naar de rechtbank Amsterdam.




Dit arrest is gewezen door mrs. C.M. Aarts, J.C.W. Rang en E.M. Polak, en in het openbaar uitgesproken op 18 april 2017 door de rolraadsheer.